Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 5 out of 77 pages
Summary

Samenvatting Rechtssociologie (UAntwerpen, opleiding Rechten)

Document preview thumbnail
Preview 5 out of 77 pages

Geslaagd in eerste zit!!! Samenvattingen voor het opleidingsonderdeel rechtssociologie, gegeven door professor Jonathan Bernaerts. De samenvatting bevat de powerpoint + lesnotities en eventuele aanvullingen vanuit de syllabus. Ook bevat het examenvragen van vorige jaren & de antwoorden hierop.

Content preview

samenvatting rechtssociologie
Prof. dr. Jonathan Bernaerts


HOOFDSTUK 1
1. Wat is rechtssociologie?
2. Welk proces kenmerkt, zeker na 1950, de relatie tussen het recht en de samenleving?
3. Welke kijk op het recht ligt er ten grondslag aan dit maatschappelijke proces?


1.1
rechtswetenschappen
= onderzoeker staat in het recht


doctrinaire methode
= omvat meerdere methodes & technieken om te kijken naar inhoud v wet, decreet, …
= gaat vaak over bevoegdheid & strafbaarheid v/e daad → feiten onder regel brengen
= law in the books
= centrale vragen: hoe zou het recht moet luiden? hoe luidt het recht? wat is het toepasselijk recht?
1.​ juridische feiten verzamelen
2.​ toepasselijke regel vinden
3.​ regels met vage/open normen interpreteren volgens juridische technieken
4.​ geldigheid v/e norm controleren adhv formeel-juridische criteria
5.​ afwegen welke grondwet meer v toepassing is als er meerdere v toepassing zijn
6.​ verbeteren v/e bestaande regel met gebreken → voorschrijven hoe het zou moeten zijn
→ bewaken & versterken v/d coherentie v/h recht
= noodzakelijk voor een jurist → definieert de ID v/e jurist
= toepassing hiervan gaat gepaard met inzicht i/d voordelen & tekortkomingen v/h intern perspectief


interne perspectief
= deelnemersperspectief = “deelnemer aan het recht” (advocaat, rechter, …)
= rolmodel v/d rechter staat centraal: hoe moet de rechter obv het recht een beslissing nemen?
= kijken naar interne logica v/h recht → rechtszekerheid & rechtseenheid
= is = ought → het recht is ook hoe het zal zijn ​ ​ ⤷ er is geen tegenspraak binnen het recht
= recht maakt praktische ≠ i/d S → is effectief
= structureel gericht op bewaken & versterken v/d coherentie v/h recht
= sterk gericht op rechtspraktijk → kijkt hard op concrete situaties
= monodisciplinair: er geldt 1 discipline (doctrine)
= vooral de “casus-methode” & een belang aan argumentatie



- Océane Kets - 1

,rechtssociologie ! examen !
= de studie van de relatie tussen recht en samenleving vanuit een empirisch en extern perspectief
→ socioloog staat buiten het recht


empirische methode ! komt zeker op het examen !
= op een wetenschappelijke & systematische manier (geen common sense!!) data verzamelen i/d praktijk
= law in action = recht i/d regelgeving ≠ recht i/d praktijk → voorspellen wat regelgeving gaat doen in S
= centrale vragen: hoe is het recht ontstaan? hoe werkt het recht?
= 2 onderzoeksstrategieën + criteria = 1. consistentie 2. waarheid 3. toepasbaarheid 4. neutraliteit


1. kwantitatief
= de realiteit dmv meetbare variabelen in cijfers proberen vatten → obv deze cijfers op zoek gaan
naar patronen/trends
= gebaseerd op cijfers
= technieken: surveys, experimenten, …
1.​ betrouwbaarheid & repliceerbaarheid = het resultaat zal elke keer hetzelfde zijn
2.​ interne validiteit = volgt het resultaat uit het onderzoek dat ik gevoerd heb?
3.​ externe validiteit & representativiteit = is de groep die wordt onderzocht juist gekozen
voor het onderwerp?
4.​ objectiviteit v/d data = de mening v/d onderzoeker heeft geen invloed op de data


2. kwalitatief
= begrijpen v houdingen, ervaringen, interpretaties, … = dieper graven → wat ligt er achter de cijfers?
→ begrijpen ≠ begrip hebben → proberen de normatieve logica v iemand te vatten
= gebaseerd op betekenis/ervaring
= technieken: interviews, focusgroepen, observaties, veldwerk, …
1.​ afhankelijkheid = is het onderzoek logisch opgebouwd? zijn de resultaten consistent of is er
tegenspraak?
2.​ geloofwaardigheid = zijn de resultaten geloofwaardig?
3.​ overdraagbaarheid = is data/resultaten toepasselijk in een andere setting?
4.​ overtuigingskracht = onderzoeker maakt deel uit v/d data → manier waarop vragen worden
gesteld worden zal invloed hebben op antwoorden die de onderzoeker zal verkrijgen


vb.: online scheiden
1.​ kwantitatief = cijfers zoeken → welke categorie v personen opteert hiervoor? wat is de
tevredenheid v/d mensen?
2.​ kwalitatief → wat was de ervaring v/d procedure? hoe is de procedure tot stand gekomen?
- Océane Kets - 2

,extern perspectief ! komt zeker op het examen !
= toeschouwersperspectief = rechtssocioloog neemt stap achteruit & bekijkt recht i/d S → hoe wordt dit
toegepast & hoe is het aan-/afwezig?
= onderzoeken welke rol rechter, wetgever, handhaver, … vervult i/d S
= relatie v/h recht t.o. mts context
= constructief subversief: zien of er tegenspraak is i/h recht op constructieve manier → zijn er oplossingen?
hoe kan dit verbeterd worden?
= is ≠ ought → het is niet omdat het recht iets zegt, dat dat noodzakelijk zo zal gebeuren i/d praktijk
= toetsing v/d effectiviteit v/h recht → wordt er bereikt wat het recht bedoeld of wordt het genegeerd?
= sterk gericht op beleid/wetenschap → hoe ziet relatie R & S eruit?
= interdisciplinair → ≠ aanvullende disciplines gebruiken (empirisch & normatief)


vb. 1: naleving v/h rookverbod
= waarom werd het wettelijk vastgelegde rookverbod perfect nageleefd in Californië maar slechts
gedeeltelijk in België?
= mts context is hier van belang: in californië = verbod in gezondheids context (niet zo in België)


vb. 2: achterstand i/d rechtbank
= hoe kan de achterstand v/d rechtbanken in 1ste aanleg worden weggewerkt?
= kijken naar effectiviteit v regelgeving → wat werkt er wel vs. wat werkt er niet


voorbeelden
vb. 1: genitale verminking in Senegal
→ onderzoeksprobleem = we kunnen dit onderzoeken en daar vragen over stellen
1.​ doctrinaire methode: 1) welke juridische instrumenten zijn v belang voor deze regelgeving?
2) wat zegt het recht over genitale verminking in senegal?
= zeer strikt & uitgebreid juridisch kader
2.​ empirische methode: 1) maakt regelgeving echt ≠ in praktijk?
2) wordt dit nageleefd & hoe komt dat?
= in praktijk gaan kijken en kijken of dit adhv kenmerken kan worden verklaard


vb. 2: vrijwillige zwangerschapsafbreking in België
1.​ doctrinaire methode: 1) wat zegt regelgeving over vrijwillig afbreking v zwangerschap?
​ ​ ​ 2) wat zegt grondwettelijke bepaling
→ dit vergelijken met nederlandse wetgeving
2.​ empirische methode: wat is het effect v/h ≠ in regelgeving w.b.d. abortuswetgeving in
Nederland & België → staat niet in wetgeving dus empirisch onderzoeken
- Océane Kets - 3

,waarom rechtssociologie?
1. academisering v/d rechtenstudie
= discussie over wetenschappelijk karakter v/d rechten
= sociaal-wetenschappelijke disciplines zijn academische studies → theorieën vormen
= niet direct op beroep gericht
= wetenschappelijke studie v effecten v/h recht & samenlevingsproblemen


2. mts ontwikkeling v/h R
= toenemende complexiteit v/h reguleren v mts domeinen → vb.: diversiteit i/e S
= mondige burgers willen meer inspraak & verantwoording hebben
= OH-middelen zijn beperkt → zo effectief mogelijk inzetten voor wetgeving & geschilbeslechting
= meer aandacht voor performante handhaving, uitvoering & naleving v regels
= belang v digitale ontwikkelingen (vooral AI) op ontwikkeling v/h R → zorgt voor nieuwe juridische
problemen & uitdagingen


3. professionele ontwikkelingen
= als rechter/jurist nuttig om kennis te hebben over ≠ onderwerpen → ook niet-juridische complexe
problemen kunnen begrijpen
→ I-shaped → T-shaped: iemand met diepe juridische kennis & vaardigheden + daarbovenop andere
kennis & vaardigheden op andere terreinen (d.m.v communicatie met experten uit andere disciplines)
= ADR = wat zijn hier de voordelen van? → introduceert inzichten uit de psychologie


4. meerwaarde voor rechtspraktijk
advocaat
= nuttig om als advocaat inzicht te hebben over voor- & nadelen van geschilbeslechting
→ conflict wordt opgelost & relatie wordt in stand gehouden = geen “verzuring”


rechtshulp
= willen inzichten bieden om toegang tot R te verbeteren aangezien deze voor # groepen i/d S niet zo
eenvoudig is
= juristen i/d eerstelijnsbijstand moeten een open houding hebben
= rechtzoekenden moeten ontvangen worden aan een tafel waar zowel juristen als sociale werkers zetelen




- Océane Kets - 4

, rechter
= kijken naar de belangen v/d cultuur die hierop betrekking heeft & goed inzicht hebben op de mts
verhouding & S
= eerwraak: de eer v/e persoon of groep is geschonden → hier wordt naar gehandeld
vb.: ontrouw → persoon waarop is “vreemdgegaan” neemt wraak omdat zijn/haar eer is geraakt, wat kan leiden tot
een misdrijf


ambtenaar justitieel beleid
= rechtssociologische kennis is nuttig voor het bepalen/hervormen v/h justitieel beleid


bedrijfsjurist
= sociologische kennis hebben op culturele gebruiken → contract kan bij sommigen overkomen als
wantrouwen
= juridische kennis hebben op inhoud v/e contract


wetgever
= dubbele institutionalisering → sociale normen omvormen naar een wet
= timing v/h ingrijpen v/e wetgever is cruciaal: via rechtssociologisch onderzoek de mts steun voor een
wet meten & factoren die bijdragen tot de naleving v deze wet onderzoeken


→ DUS: rechtssociologie versterkt het recht als opleiding & als maatschappelijke praktijk (groei v
evidence-based beleid & wetgeving, het recht & haar professionals i/d S plaatsen, ... )


situering rechtssociologie
= 1950: rechtssociologie als autonome discipline met meerdere benaderingen t.a.v/h recht
= na 2005: er zijn andere gerelateerde benaderingen/empirische onderzoeken naar het recht door
juridische onderzoekers


1.2 - het belang v/d sociologie voor de beoefening v/h recht - K. Raes
pleinvrees juristen - L. Huyse & H. Sabbe
= juristen oefenen waakhondfunctie in rechtsstaat te weinig uit → blijven weg v publiek debat
⤷ = zowel de burger & OH zijn aan R verbonden
→ zouden zich met bepaalde missies moeten vereenzelvigen & verantwoordelijkheid moeten opnemen
= juristen bekijken het R als een middel om bepaalde individuele doelen te bereiken, niet als het
doel op zich
vb.: Marc Dutroux = voor de ontwikkeling v/h recht in belang → woede i/d S was gericht naar persoon,
daarna ook naar politie, politiek, recht, …. = mts onvrede
- Océane Kets - 5

Document information

Study
Uploaded on
February 18, 2026
Number of pages
77
Written in
2025/2026
Type
Summary
$18.52

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
oceane_k2007
3.0
(1)
Sold
3
Followers
0
Items
3
Last sold
1 month ago


Reviews from verified buyers




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions