Preventie en maatschappelijke aspecten
Hoofdstuk 10: individueel aangepaste strategie
10.1 Individueel aangepaste preventie strategie
Klassieke aanpak = drill & fill, gaatje wordt gevuld en klaar. De symptomen
verdwijnen maar de oorzaak blijft. Hierdoor restauratieve spiraal.
Nieuwe aanpak = cradle to grave, zorg stopt niet na 1 behandelsessie. Er wordt
steeds een follow-up gepland, men richt meer op preventie.
Beoordeling van huidig en toekomstig risico op cariës:
1. Visueel onderzoek met inschatting van de laesie-activiteit
Hierbij worden de aantal actieve laesies genoteerd
Noteren welke vlakken en regio in de mond
Kijken naar recente activiteit (nieuwe laesies, hoe hard
gevorderd)
2. Medische en tandheelkundige anamnese om
risicofactoren voor nieuwe laesies te onderzoeken
Zo wordt de cariësactiviteit en risico bepaald en daarnaast een persoonlijk
preventieplan
- Men spreekt van hoge progressiesnelheid bij 2 nieuwe actieve laesies per
jaar
- Plaats ook belangrijk (vb. onder snijtanden heel uitzonderlijk)
Per leeftijdsgroep andere hot spots
Leeftijdsgroep Plaats
Kinderen Occlusale vlakken van definitieve
molaren
Adolescenten Approximale vlakken
- Distaal 2e premolaar
- Distaal 1e ondermolaar
- Mesiaal 2e bovenmolaar
Volwassenen en ouderen - Wortelvlakken
- Coronale cariës
Start van detectieve werk
Medische anamnese Tandheelkundige anamnese
Hyposalivatie = groot cariësrisico Vragen naar frequentie van
Mogelijke oorzaken: medicatie, tandenpoetsen, type borstel en
diabetes, radiotherapie,… interdentale middelen, tandpasta,
Patiënten klagen er niet altijd van mondspoeling, dieet
Klinische tekenen zijn plakkerige
mucosa, schuimig speeksel
Speekselmeting mogelijk
In bepaalde medicatie kunnen ook verbogen suikerbronnen zitten die het risico
nog kunnen verhogen
Gebruik van tests en computerprogramma’s:
Hoofdstuk 10: individueel aangepaste strategie
10.1 Individueel aangepaste preventie strategie
Klassieke aanpak = drill & fill, gaatje wordt gevuld en klaar. De symptomen
verdwijnen maar de oorzaak blijft. Hierdoor restauratieve spiraal.
Nieuwe aanpak = cradle to grave, zorg stopt niet na 1 behandelsessie. Er wordt
steeds een follow-up gepland, men richt meer op preventie.
Beoordeling van huidig en toekomstig risico op cariës:
1. Visueel onderzoek met inschatting van de laesie-activiteit
Hierbij worden de aantal actieve laesies genoteerd
Noteren welke vlakken en regio in de mond
Kijken naar recente activiteit (nieuwe laesies, hoe hard
gevorderd)
2. Medische en tandheelkundige anamnese om
risicofactoren voor nieuwe laesies te onderzoeken
Zo wordt de cariësactiviteit en risico bepaald en daarnaast een persoonlijk
preventieplan
- Men spreekt van hoge progressiesnelheid bij 2 nieuwe actieve laesies per
jaar
- Plaats ook belangrijk (vb. onder snijtanden heel uitzonderlijk)
Per leeftijdsgroep andere hot spots
Leeftijdsgroep Plaats
Kinderen Occlusale vlakken van definitieve
molaren
Adolescenten Approximale vlakken
- Distaal 2e premolaar
- Distaal 1e ondermolaar
- Mesiaal 2e bovenmolaar
Volwassenen en ouderen - Wortelvlakken
- Coronale cariës
Start van detectieve werk
Medische anamnese Tandheelkundige anamnese
Hyposalivatie = groot cariësrisico Vragen naar frequentie van
Mogelijke oorzaken: medicatie, tandenpoetsen, type borstel en
diabetes, radiotherapie,… interdentale middelen, tandpasta,
Patiënten klagen er niet altijd van mondspoeling, dieet
Klinische tekenen zijn plakkerige
mucosa, schuimig speeksel
Speekselmeting mogelijk
In bepaalde medicatie kunnen ook verbogen suikerbronnen zitten die het risico
nog kunnen verhogen
Gebruik van tests en computerprogramma’s: