LES 1: MEDIAGEBRUIK BIJ KINDEREN EN ADOLESCENTEN –
een ontwikkelingsperspectief
Waarom focus op kinderen?
• Kinderen zijn niet meer een passieve groep zonder eigen keuzes
• Ze zijn snel weg met nieuwe media
• We moeten kinderen als een aparte groep bekijken
“Kinderen en jongeren vormen een eigen, onderscheidende en betekenisvolle culturele
groep – een aanzienlijk marktaandeel, zelfs een subcultuur, en een groep die vaak
‘vooroploopt’ in het gebruik van nieuwe media.”
“Children and young people are a distinctive and significant cultural grouping in their own right – a
sizeable market share, a subculture even, and one which often “leads the way” in the use of new
media.” (Professor Sonia Livingston)
Mediagebruik bij kinderen en jongeren vandaag
Publiek discours tav mediagebruik bij kinderen is veelal negatief
• Media zou seksualiserend zijn
• Media zou gewelddadig/gevaarlijk zijn (bv. school shootings in de VS)
• Impact op cognitieve & sociale ontwikkeling, kunnen obesitas krijgen (bv. kinderen
zouden dommer en asocialer worden)
• Geld uitgeven aan/in media (bv. in-game aankopen)
• Toegang tot ‘dark’ activities (bv. gokken)
Sociale context heeft invloed op het al dan niet tolereren van bepaalde mediacontent
Bv. Spongebob – problematische scenes volgens Indonesische omroepvereniging KPI:
• Voedselgevecht & vechtende konijnen
• Zet kinderen aan tot geweld in dagelijkse leven volgens
statement omroep
• Indonesische regels “tekenfilms mogen kinderen niet aanzetten
om iets te vernemen of leren over ‘ongepast gedrag’ over hun
leeftijdscategorie”.
Tendensen binnen medialandschap
1. Sterke toename in aanbod technologie
• Convergentie van mediatechnologie
o Vroeger: tv om tv te kijken, radio om radio te luisteren
o Nu: alles komt samen in één medium (alles kan via/op smartphone)
o Ook convergentie in platformen
Vroeger: facebook om te chatten, instagram voor vaste posts,
snapchat voor snelle foto’s naar elkaar te sturen
Nu: zowel chatten als vaste posts als snelle foto’s op instagram
• Concentratie in ownership
o Niet zo dat elk bedrijf maar 1 kanaal gaat hebben
Bv. disney heeft disney channel, national geographic
• Toename in commercialisatie
o Bv. samsonsworst, plopkoeken zijn gerelateerd aan bepaalde
mediacontent 1
o Via kinderen ouders overtuigen/aansporen om een aankoop te doen
, 2. Kinderen als doelpubliek
• Gebruik van figuurtjes “Wetenschappelijk onderzoek toont aan dat (bekende)
figuurtjes wel degelijk een grote impact hebben op het consumptiepatroon van
kinderen.
3. Digitalisering biedt intense media-ervaringen
• Kort samengevat: als zoon- of dochterlief Kabouter Plop of een van de K3'tjes ziet,
zal hij of zij bij papa of mama gaan jengelen om dat product. In marketingtermen
heet dat 'Pester Power' - of de kracht van het gezeur.”
Zeer snel veranderend medialandschap:
• Bv. Moore´s Law: hoeveelheid transistoren (en dus kracht van processoren)
verdubbelt elke 2 jaar
o Computers & andere elektronische apparaten worden steeds krachtiger,
sneller, goedkoper
• Introductie van nieuwe technologieën en verdwijnen van oudere (bv. tiktok & video
cassettes)
• Media-effecten = domein dat steeds die veranderingen en hun impact dient bij te
benen
Mediabezit Vlaanderen (Apestaartjaren, 2024)
Kinderen hebben steeds vaker een eigen smartphone, tablet en spelconsole (toenemende
tendens)
Leeftijd waarop kinderen hun eerste smartphone krijgen wordt steeds jonger (gemiddeld 8
jaar en 1 maand) + leeftijd blijft naar beneden gaan
Als we kijken naar 1e grafiek zien we dat ongeveer 48% van de kinderen een smartphone
heeft, dit is best veel als weten dat ze op gemiddeld 8 jarige leeftijd een smartphone krijgen 2
,3e graad secundair onderwijs maakt het meest gebruik van sociale media waarbij snapchat
het meest gebruikte platform is samen met instagram
3e graad lagere school maken voornamelijk gebruik van youtube (wss om filmpjes te kijken)
maar ook al 42% snapchat
1. Persoonlijk bezit van smartphone stijgt
Bij kinderen (8-12 jaar)
• 1ste middelbaar was sleutelmoment, maar nu al 5de-6de leerjaar
• Op 4 jaar tijd is de gemiddelde leeftijd voor bezit smartphone met vier jaar
gezakt (van 12 naar 8 jaar)! (Apestaartjaren, 2022)
2. Mobiele communicatie enorm prominent:
• Smartphone is toegangspoort tot de wereld geworden (bv. nieuws,
communicatie met vrienden, maar ook mensen die ze niet kennen,…)
• Weinig restricties: 73% van kinderen mag zelf apps installeren (8-12 jaar)
3. Schermtijd enorm hoog
Kinderen tussen de 5 en de 8 jaar spenderen gemiddeld 3 uur/dag aan schermen
Taartdiagram: voornamelijk schermtijd aan tv en video viewing (klopt met grafiek bovenaan
→ 3e graad lager onderwijs gebruikt youtube het vaakst (dus tv en video viewing)
3
, Samenvatting tot nu toe:
• Persoonlijk bezit neemt toe
• Mobiele media en vooral smartphone transformeren
mediabeleving
o Van passief naar (inter)actief
• Schermtijd enorm gestegen
• Schermtijd begint erg vroeg
• Weinig restricties door ouders
Kinderen als mediaconsument: een apart doelpubliek
Kinderen versus volwassenen
Third person effect:
• Perceptie dat anderen kwetsbaarder zijn voor invloed media dan jezelf
• Effect neemt toe indien ''de andere'' jonger is
• Bv. ik ken als volwassene de intentie achter reclame, kinderen niet
Morele paniek = overdreven angst dat iets nieuw (bv. medium) onze normen en vooral
jongeren/kinderen schaadt, aangewakkerd door media/autoriteiten terwijl het bewijs
beperkt is (bv. “videogames maken kinderen gewelddadig – moeten bannen”)
Twee verschillende standpunten
1. Verschil in technologische expertise
• Potentiële risico’s moeilijk in te schatten door ouders (= onwetend)
• Gevolgen voor ouderlijke begeleiding
→ “Kinderen moeten zelf controle krijgen over hun eigen mediagebruik” (autonomie)
We moeten ze laten doen en het zal wel goedkomen
VS
2. “Kinderen zijn kwetsbaar en hebben bescherming nodig” (paniekreactie)
→ Media moral panics
Loslaten vs. beschermen
Waarheid ligt in het midden: we moeten kinderen wel ergens gaan beschermen tegen
bepaalde risico’s van de media maar we mogen niet ontkennen dat ze een unieke groep
zijn die veel kennis hebben over bepaalde media en daar vaak ook goed mee kunnen
omgaan
Kenmerken kinderen vs. volwassenen
1. Beperkte achtergrondkennis over de wereld heeft impact op:
• Begrip mediaboodschap
o Filmpje van de ideale wereld: een kind heeft deze
kennis niet, ze begrijpen satire niet omdat ze de
achtergrond niet kennen (ouders kennen deze wel)
van het liedje ‘altijd is kortjakje ziek’ → denken dat
kortjakje effectief ziek is midden in de week maar op
zondag niet enz.
• Beoordeling waarachtigheid mediaboodschap
o Moeilijk voor kinderen om waarachtigheid van een boodschap in te schatten
o Soms voor ouders ook → dat ze ‘weg met iets zijn’ dat niet waar is, maar
vaker bij kinderen
4