Publieke Financiën
Omvat:
T0.3: zowel leerstof als tekst
T1.1: zowel leerstof als tekst
T1.2: zowel leerstof als tekst
T1.3: leerstof
T1.4: zowel leerstof als tekst
T1.5: zowel leerstof als tekst
T2.1: zowel leerstof als tekst
T2.2: zowel leerstof als tekst
T3.1: zowel leerstof als tekst
T3.2: zowel leerstof als tekst
T3.34: leerstof
T4.1: leerstof
T4.2: leerstof
T5.2: leerstof
,Topic 0.3: Waarover gaat Publieke Financiën
0. Inleiding
Lectuur
Twee soorten
Verplicht = V
T0.3 01
T0.3 02: Par. 1 en Par. 4
Aanvullend = A
Quote:
‘Greedy of facts’
→ Waarover spreken we
‘Facts in themselves teach nothing’
→ Hoe spreken we over feiten (= theorie)
1. Omvang overheid
Overheid als belangrijke speler, verschillende maatstaven:
Uitgaven als % van bbp
Nationale Rekeningen: bevat ‘overheid’ als ‘institutionele sector’
Deelt economie op in ‘institutionele’ sectoren
Toegevoegde waarde: in Productie-rekening
S1: het bbp = toegevoegde waarde
S13: het deel van toegevoegde waarde gerealiseerd in
overheidssector
Overheid:
Toegevoegde waarde:
Volgt uit productie ‘publieke’ goederen en diensten
Maar slechts één van de taken
Uitgaven
Bovenstaande toegevoegde waarde te creëren (lonen, wedden, …)
Uitgaven gerelateerd aan herverdeling
Andere uitgaven
Gevolg: totale uitgaven groter dan toegevoegde waarde
Worden vaak ‘overheidsbeslag’ genoemd
B.1g_S13 (B = balancing, g = gross)
Uitgaven gezamenlijke overheid
Uitgaven vind je in begroting (ook in NR)
2. Uitgaven in overheid
, De drie taken (volgend Richard Musgrave)
Allocatieve functie (corrigeren marktfalen)
bv. uitstoot CO2 door accijnzen
Herverdelingsfunctie
Macro-economische stabilisatie-functie
bv. inflatie, ontwikkelingsgroei, …
Uitdaging: taken linken aan uitgavenposten
Beloning werknemers → allocatie
Sociale uitkeringen → herverdeling (deels)
Corona-uitgaven → stabilisatie
Grootste kosten:
Sociale uitkeringen
Pensioenen, vergrijzing!
Werkloosheid
Gezondheidszorg
Beloning werknemers + intermediaire uitgaven
Straatverlichting (IU)
Kapitaaluitgaven
Overheidsinvesteringen
Rentelasten
3. Inkomsten
Inkomsten:
Bron: hoofdzaak uit belastingen, maar niet uitsluitend
Soorten belastingen
Sociale bijdragen
Personenbelasting
Indirecte belastingen
Vennootschapsbelastingen
Vermogen (inkomen, transacties, …)
Verschillen naar belastbare grondslag en tariefstructuur
Inkomen → personenbelasting
Winst vennootschappen → vennootschapsbelasting
Consumptie → BTW, accijnzen, …
Arbeidsinkomen → sociale bijdragen (‘parafiscaliteit’)
Transactie → registratierechten,
erfenisbelasting, …
Belastingdruk:
Omvang belastingen vaak uitgedrukt als ‘belastingdruk’
Meerdere maatstaven:
, Alle inkomsten gedeeld door bbp
Specifieke belasting gedeeld door bijhorende belastbare basis
Macro (uit NR)
Micro (voor één belastingplichtige)
4. Uitgaven minus inkomsten = tekort/overschot
Tekort/overschot:
Verschil tussen inkomen en uitgaven
Indien negatief: tekort/deficit
Indien positief: overschot
Rol van economische groei:
Macro-economische prognose: taak van Federaal Plan Bureau (FPB)
Eén van updates: voor opstellen begroting in oktober
Zie: ‘T0.3 03 (A) FPB 2025-09 Econ. begroting, Econ. vooruitzichten
2025-2026.pdf’
5. Spelers
Lagen van overheid:
Centrale overheid (federale)
Regionale overheden (gewesten, gemeenschappen)
Lokale overheden (gemeente, provincies)
Supra-nationale overheden (EU, Eurozone, …)
‘Fiscal Federalism’ of (Begrotingsfederalisme’) bestudeert
Welke bevoegdheden bij welke overheden
Hoe die te financieren
FOD
Twee soorten
FOD ‘Begroting’
FOD ‘Financiën’
Met tegenhangers op gewestelijk en gemeenschapsniveau
Beleid & ondersteuning – BOSA
Vroeger: Ministerie Begroting; sinds 2017: Beleid & Ondersteuning –
Stratégie & Appuie
Federaal Planbureau:
Maakt economische begroting op o.b.v. projecties met macro-modellen
Korte en middellange termijn (6 jaar)
Lange termijn
Publiceert analyses en onderzoeksrapporten
Secretariaat van Studiecommissie vergrijzing
6. Hoe overheid bestuderen
Vak studeren
Combinatie van empirie + theorie
Omvat:
T0.3: zowel leerstof als tekst
T1.1: zowel leerstof als tekst
T1.2: zowel leerstof als tekst
T1.3: leerstof
T1.4: zowel leerstof als tekst
T1.5: zowel leerstof als tekst
T2.1: zowel leerstof als tekst
T2.2: zowel leerstof als tekst
T3.1: zowel leerstof als tekst
T3.2: zowel leerstof als tekst
T3.34: leerstof
T4.1: leerstof
T4.2: leerstof
T5.2: leerstof
,Topic 0.3: Waarover gaat Publieke Financiën
0. Inleiding
Lectuur
Twee soorten
Verplicht = V
T0.3 01
T0.3 02: Par. 1 en Par. 4
Aanvullend = A
Quote:
‘Greedy of facts’
→ Waarover spreken we
‘Facts in themselves teach nothing’
→ Hoe spreken we over feiten (= theorie)
1. Omvang overheid
Overheid als belangrijke speler, verschillende maatstaven:
Uitgaven als % van bbp
Nationale Rekeningen: bevat ‘overheid’ als ‘institutionele sector’
Deelt economie op in ‘institutionele’ sectoren
Toegevoegde waarde: in Productie-rekening
S1: het bbp = toegevoegde waarde
S13: het deel van toegevoegde waarde gerealiseerd in
overheidssector
Overheid:
Toegevoegde waarde:
Volgt uit productie ‘publieke’ goederen en diensten
Maar slechts één van de taken
Uitgaven
Bovenstaande toegevoegde waarde te creëren (lonen, wedden, …)
Uitgaven gerelateerd aan herverdeling
Andere uitgaven
Gevolg: totale uitgaven groter dan toegevoegde waarde
Worden vaak ‘overheidsbeslag’ genoemd
B.1g_S13 (B = balancing, g = gross)
Uitgaven gezamenlijke overheid
Uitgaven vind je in begroting (ook in NR)
2. Uitgaven in overheid
, De drie taken (volgend Richard Musgrave)
Allocatieve functie (corrigeren marktfalen)
bv. uitstoot CO2 door accijnzen
Herverdelingsfunctie
Macro-economische stabilisatie-functie
bv. inflatie, ontwikkelingsgroei, …
Uitdaging: taken linken aan uitgavenposten
Beloning werknemers → allocatie
Sociale uitkeringen → herverdeling (deels)
Corona-uitgaven → stabilisatie
Grootste kosten:
Sociale uitkeringen
Pensioenen, vergrijzing!
Werkloosheid
Gezondheidszorg
Beloning werknemers + intermediaire uitgaven
Straatverlichting (IU)
Kapitaaluitgaven
Overheidsinvesteringen
Rentelasten
3. Inkomsten
Inkomsten:
Bron: hoofdzaak uit belastingen, maar niet uitsluitend
Soorten belastingen
Sociale bijdragen
Personenbelasting
Indirecte belastingen
Vennootschapsbelastingen
Vermogen (inkomen, transacties, …)
Verschillen naar belastbare grondslag en tariefstructuur
Inkomen → personenbelasting
Winst vennootschappen → vennootschapsbelasting
Consumptie → BTW, accijnzen, …
Arbeidsinkomen → sociale bijdragen (‘parafiscaliteit’)
Transactie → registratierechten,
erfenisbelasting, …
Belastingdruk:
Omvang belastingen vaak uitgedrukt als ‘belastingdruk’
Meerdere maatstaven:
, Alle inkomsten gedeeld door bbp
Specifieke belasting gedeeld door bijhorende belastbare basis
Macro (uit NR)
Micro (voor één belastingplichtige)
4. Uitgaven minus inkomsten = tekort/overschot
Tekort/overschot:
Verschil tussen inkomen en uitgaven
Indien negatief: tekort/deficit
Indien positief: overschot
Rol van economische groei:
Macro-economische prognose: taak van Federaal Plan Bureau (FPB)
Eén van updates: voor opstellen begroting in oktober
Zie: ‘T0.3 03 (A) FPB 2025-09 Econ. begroting, Econ. vooruitzichten
2025-2026.pdf’
5. Spelers
Lagen van overheid:
Centrale overheid (federale)
Regionale overheden (gewesten, gemeenschappen)
Lokale overheden (gemeente, provincies)
Supra-nationale overheden (EU, Eurozone, …)
‘Fiscal Federalism’ of (Begrotingsfederalisme’) bestudeert
Welke bevoegdheden bij welke overheden
Hoe die te financieren
FOD
Twee soorten
FOD ‘Begroting’
FOD ‘Financiën’
Met tegenhangers op gewestelijk en gemeenschapsniveau
Beleid & ondersteuning – BOSA
Vroeger: Ministerie Begroting; sinds 2017: Beleid & Ondersteuning –
Stratégie & Appuie
Federaal Planbureau:
Maakt economische begroting op o.b.v. projecties met macro-modellen
Korte en middellange termijn (6 jaar)
Lange termijn
Publiceert analyses en onderzoeksrapporten
Secretariaat van Studiecommissie vergrijzing
6. Hoe overheid bestuderen
Vak studeren
Combinatie van empirie + theorie