• Verkeerd document? Gratis ruilen
  • Geschreven door studenten die geslaagd zijn
  • Direct beschikbaar na je betaling
  • Online lezen of als PDF
Verkopen
Kies je studieland
Kies je taal
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 65 pagina's
Samenvatting

samenvatting kwalitatieve methoden & technieken 14/20

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 65 pagina's

Eerste zit geslaagd met 14/20

Voorbeeld van de inhoud

H0 THEORETISCHE PARADIGMA’S

Theoretisch paradigma = is een overkoepelend denkkader of perspectief waaruit wetenschappers
naar de werkelijkheid kijken. Het bepaalt:
● Welke vragen relevant zijn,
● Welke methoden geschikt zijn,
● Hoe data worden geïnterpreteerd

Analyse van een kwantitatieve vraag
● Representativiteit stijgt, indien er meer antwoorden bijkomen
● Visie op werkelijkheid & manier hoe we kennis kunnen verwerken invloed op methode die we gaan gebruiken = paradigma

Kwalitatief onderzoek = verstehen = actorperspectief leren begrijpen
● Emic-perspectief = welke betekenis geeft de actor zelf aan zijn handelen?
● Volwaardige autonome methodologie om een probleem te benaderen
● Multimethode design met kwalitatief onderzoek als
○ Voorbereiding op kwantitatief onderzoek
○ Om tegemoet te komen aan fundamentele tekortkomingen van kwantitatief onderzoek
● A-theoretisch emperisme = door zelf data te verzamelen kom je eerder op inzichten die politie en justitie nog niet hebben
dan wanneer je je alleen op hun gegevens baseert
○ Volgens Christie doen criminologen dat te weinig

Waarom stilstaan bij paradigma’s?
● Theorie een bepaalde manier van kijken naar de werkelijkheid waar je hypothesen uit kunt afleiden en die je helpt om
conclusies te kunnen trekken uit onderzoeksgegevens
○ Wisselwerking theorie en onderzoek
● Kan de context van een onderzoek objectief zijn?
○ Daarom moeten we het hebben over
theoretische paradigma’s die ons onderzoek
vormgeven

The research onion
● Wat is de realiteit van die meningen = ontologie
● Time horizon = hoeveel tijd heb je om dat onderzoek uit
te voeren?
De research onion (Saunders et al.) is een model dat de
stappen van een onderzoeksopzet in lagen weergeeft, als een ui.
Van buiten naar binnen:

1. Onderzoeksfilosofie (bijv. positivisme),

2. Benadering (deductief/inductief),

3. Onderzoeksstrategie (bijv. case study, survey),

4. Keuze van methode (mono-/mixed-/multi-methode),

5. Tijdshorizon (cross-sectioneel of longitudinaal),

6. Dataverzamelings- en analysemethoden.

Elke laag helpt bij het maken van bewuste keuzes in je onderzoek

● Epistemologie = ik geloof dat ik de wereld op deze manier kan kennen
● Ontologie = ik geloof dat de wereld er op deze manier uitziet

,Paradigma = ontologie, epistemologie & methodologie - Kuhn
● Bepaalt hoe wetenschappers de wereld waarnemen en interpreteren
● Beïnvloedt welke onderzoeksmethoden als geschikt worden beschouwd
● Paradigma = een normatief model van wetenschapsbeoefening dat bepaalt wat als wetenschap geldt en hoe wetenschap
moet worden bestreden
● Kuhn’s paradigma theorie bevat 3 dimensies
1) Methodologie = studie en kritische analyse van de wetenschappelijke methoden en werkwijzen waarmee kennis
wordt verworven
a) Hoe kan de onderzoeker iets te weten komen over hoe hij of zij de realiteit ziet?
b) Ontwerp: strategie, plan van aanpak, proces dat keuze van onderzoeksmethoden ondersteunt
c) Methoden zijn specifieke middelen om gegevens te verzamelen en te analyseren
2) Epistemologie = kennisleer = hoe weten we wat we weten? = wat is de relatie tussen onderzoeker en realiteit?
a) Een manier om te begrijpen en uit te leggen hoe we weten wat we weten
b) Relatie tussen kenner en kennis
i) Wat is kennis? Hoe kunnen we kennis verkrijgen?
c) Sociale reactiebenadering = theorieën die verklaren welke functies de criminaliteitsbestrijding heeft en
welke bedoeld of onbedoeld effect zij heeft op de aard en omvang van de criminaliteit
d) Iets dat op macroniveau zo is, moet op microniveau niet zo zijn & vice versa
3) Ontologie = zijnsleer = studie van het aard zijn
a) Wat bestaat er werkelijk en wat is de aard van het bestaande?

Young - kwalitatieve onderzoekers construeren door een sterk accent op methodologie te leggen een coherentie in hun data die er
in de werkelijkheid helemaal niet is




Drie voorbeeld paradigma’s
Filosofische paradigma’s
● Logisch positivisme
○ We gaan ervan uit dat de werkelijkheid bestaat, er is een werkelijkheid en die is te kennen, die kan je observeren,
dat is het domein van de wetenschap = realisme
○ Dualistische wereldbeeld: werkelijkheid staat los
van mij, 2 verschillende dingen, je eigen mening niet
te veel doordringen, kan je je kennis wel
uitschakelen als onderzoeker?
● Constructivisme
○ Relativisme: het enige wat bestaat in de realiteit is
hetgeen we uit onze waarneming kunnen
construeren
○ Subjectieve stroming, waarin belang van mening &
ervaring ook belangrijk is

De onderzoeker als een mijnwerker = positivisme

, ● Relevante informatie verborgen in hoofd van respondent(en)
● Een goed onderzoeker kan naar die informatie ‘graven’ door het goed uitvoeren van onderzoek
● ‘Vanachter het bureau’ – afstandelijke waarnemer

De onderzoeker als een ontdekkingsreiziger = constructivisme
● De relevante informatie wordt geconstrueerd door de interacties tussen de onderzoeker en de respondenten
● Subjectieve, persoonlijke ervaringen en inzichten zijn essentiële gereedschappen in het begrijpen van het onderzochte
fenomeen
● Een goed onderzoeker kan gedeeltelijk het productieproces van kennis reconstrueren
● Insiders perspectief - ‘on the field’
Constructivisme
● Ontologie: dé realiteit bestaat niet, die wordt geconstrueerd
tijdens observatie, beschrijving e.d.
● Epistemologie: dialectische verhouding onderzoeker en
onderzoeksobject
● Methodologie: gedeelde sociale constructies van realiteiten,
worden ontwikkeld door:
○ Het continue interpreteren en vergelijken van
verschillende geconstrueerde realiteiten (bv. tussen
verschillende respondenten).
○ De sociale context en de doelstellingen van
individuen in het construeren van (hun) realiteiten in
rekening te brengen.
● Ethisch: normatieve waarheden zijn geconstrueerd in
rationele processen. Ethische claims worden alleen bekrachtigd door rationele deliberatie,

Positivisme
● Ontologie: realiteit als een concrete structuur: ‘er bestaat een realiteit’
● Epistemologie: de mens als een antwoorder (dualisme)
● Methodologie: een positivistische wetenschap construeren
○ Kwantificeerbare onderzoeksmethoden: labo experimenten, surveys, …
○ Dominant tot begin 20ste eeuw, postpositivisme nu dominante wetenschapsopvatting in exacte wetenschappen
● Ethisch: een strikte scheiding dus feitelijke en waarde geladen statements, waarde geladen satements behoren dus niet
tot de te analyseren werkelijkheid
○ Behoren niet tot de werkelijkheid indien ze niet mogelijks te onderzoeken zijn

Een tussenpositie: kritisch realisme - Bashkar
● De werkelijkheid bestaat, maar het wordt genuanceerd
● Onderscheid tussen hetgeen we empirisch kunnen waarnemen, het werkelijke en de werkelijkheid die we niet kunnen
waarnemen
● Ontologisch realisme:
○ Een groot deel van de werkelijkheid bestaat en functioneert onafhankelijk van ons bewustzijn of onze kennis
ervan. Onderscheid tussen het empirische, het werkelijke, de werkelijkheid.
● Epistemisch relativisme:
○ Onze kennis van de werkelijkheid is beperkt en feilbaar (we kunnen onderzoek doen, maar zal altijd beperkt zijn)
○ Nastreven van rationaliteit: Het is mogelijk om te evalueren en vast te stellen dat sommige beschrijvingen van de
sociale werkelijkheid beter zijn dan andere.
● Methodologie:
○ Multi methodisch onderzoek moet kennis naar de drie domeinen nastreven.
○ Trianguleren als wijze om observaties, onderliggende structuren én causale mechanismen te begrijpen.
○ Integratie van structuur en agency
● Ethisch:
○ Normatieve waarheden bestaan in de werkelijkheid.
● De ‘is-zou’ drogredenering (Hume, 1739) wordt vermeden doordat morele argumenten ten minste één normatieve
premisse moeten bevatten die de kloof tussen feiten en waarden overbrugt

Tussenbesluit
● Het methodologische proces wordt geleid door premissen over de aard van de realiteit en kennisverwerving

, ● Bepaalde paradigma’s worden geassocieerd met bepaalde methodologieën, maar er bestaan erg veel tussenposities
● Er is niet slechts één correct paradigmatisch of theoretisch kader
● Van belang dat je keuze maakt, kan combo zijn, maar wel meestgepaste paradigma om je vraag te kunnen beantwoorden
● De keuze voor een paradigma is gebaseerd op zowel het wereldbeeld van de onderzoeker, diens kennis van paradigma’s
en inschatting van hoe de onderzoeksvraag best kan worden beantwoord

These - antithese - synthese
● Je hebt een these & die these is een omlijnde groep aan ideeën en begrippen & je gaat waarnemen dat in die these
contradicties zitten (dingen die niet helemaal kloppen, die niet logisch aansluiten) & dat is al dialectiek
● Om dat als methode te gebruiken, ga je een antithese creëren & die antithese resulteert in een synthese (hogerliggende
groep aan ideeën die de these en antithese gaan samenbrengen)


Kwalitatieve criminologie als dialectisch proces
● Er is een dominante criminologie & dan zijn er alternatieven, reactie daarop
● Conflictmodel: overheid is helemaal niet neutraal
● Metavragen: ook andere dingen in vraag stellen die niet centraal staan
● Alternatief: reacties op dominante criminologie

Dominante criminologie Alternatief

Etiologie, oorzaken van criminaliteit Sociale reactie benadering, wat is de aard

Vertrekt vanuit consensusmodel (overheid = neutraal) Conflictmodel, criminaliteit als verzet (overheid = belangen,
subjectief)

Beheersingscultuur, handhaving Metavraagstukken

Bestaande data analyseren Nieuwe data vergaren




Kwalitatieve criminologie – samenvattend
overzicht
Algemene visie

● Kwalitatieve criminologie is een dialectisch
proces: tegenstellingen (structuur vs. agency,
individu vs. maatschappij) worden overstegen en
geïntegreerd op een hoger niveau.

● Zookeeping verwijst naar een afstandelijke
benadering die ‘de ander’ statisch en ondergeschikt
beschrijft – geen dynamisch begrijpen van context of
betekenis.

● Grondslag van culturele criminologie: focus op betekenisgeving, cultuur én structuur. Criminaliteit is niet alleen
sociaal bepaald, maar ook expressief en symbolisch geladen.



Historische ontwikkeling

● Elke stroming draagt bij aan de ontwikkeling van de criminologie:

Documentinformatie

Studie
Geüpload op
10 februari 2026
Aantal pagina's
65
Geschreven in
2024/2025
Type
Samenvatting
$8.04

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
3
Volgers
0
Items
15
Laatst verkocht
4 dagen geleden




Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen