HOOFDSTUK 15
KANKER, ONGECONTROLEERDE
CELDELING
1
, inleiding
• In een gezond lichaam:
→ Celdeling wordt goed gereguleerd: Er zijn systemen die controleren hoe vaak en hoe snel cellen
zich delen.
o Voorbeelden van normale versnelde celdeling:
1. Het baarmoederslijmvlies dat groeit tijdens de menstruatiecyclus.
2. Wondgenezing, waarbij cellen zich sneller delen om het weefsel te herstellen.
→ Cellen blijven op hun plaats: Ze migreren niet naar andere delen van het lichaam.
DEEL 1: TUMOREN KUNNEN GOEDAARDIG OF KWAADAARDIG ZIJN
1. ABNORMALE SITUATIE BIJ KANKER
• Bij kanker:
→ De celdeling raakt ontregeld, meestal door genetische veranderingen. Die veranderingen
kunnen te maken hebben met:
o DNA-replicatie (fouten bij het kopiëren van DNA)
o Celcyclus (de stappen die een cel doorloopt om zich te delen)
o Apoptose (geprogrammeerde celdood – deze wordt soms uitgeschakeld bij kanker)
o Differentiatie (normaal ontwikkelen tot een specifieke soort cel – bij kanker gebeurt
dat vaak niet goed)
→ Cellen migreren ongecontroleerd: Ze kunnen zich verplaatsen naar andere delen van het
lichaam en daar binnendringen in ander weefsel (dit is typisch voor kwaadaardige kanker).
1.1 HYPERPLASIE EN TUMOREN
• Hyperplasie = een sterke toename van de snelheid waarmee cellen zich delen.
→ Soms gebeurt dit normaal (zoals bij menstruatie of zwangerschap).
→ Maar in het geval van kanker kan hyperplasie wijzen op verlies van controle over de celdeling.
→ Als dit blijft doorgaan, kan zich een tumor vormen: een zichtbare massa van snel delende
cellen.
1.2 GOEDAARDIGE TUMOREN
• Niet alle tumoren zijn kanker:
→ Goedaardige tumor = blijft op één plek, zonder in andere weefsels te groeien.
→ De cellen lijken nog steeds op normale cellen.
→ Ze blijven samen en worden vaak omringd door een laagje bindweefsel dat hen goed omsluit.
• Goedaardige tumoren zijn meestal niet gevaarlijk, tenzij ze:
→ Druk uitoefenen op omliggende structuren, zoals bloedvaten of organen.
→ Omdat ze goed omsloten zijn, kunnen ze meestal gemakkelijk verwijderd worden via een
operatie.
2
KANKER, ONGECONTROLEERDE
CELDELING
1
, inleiding
• In een gezond lichaam:
→ Celdeling wordt goed gereguleerd: Er zijn systemen die controleren hoe vaak en hoe snel cellen
zich delen.
o Voorbeelden van normale versnelde celdeling:
1. Het baarmoederslijmvlies dat groeit tijdens de menstruatiecyclus.
2. Wondgenezing, waarbij cellen zich sneller delen om het weefsel te herstellen.
→ Cellen blijven op hun plaats: Ze migreren niet naar andere delen van het lichaam.
DEEL 1: TUMOREN KUNNEN GOEDAARDIG OF KWAADAARDIG ZIJN
1. ABNORMALE SITUATIE BIJ KANKER
• Bij kanker:
→ De celdeling raakt ontregeld, meestal door genetische veranderingen. Die veranderingen
kunnen te maken hebben met:
o DNA-replicatie (fouten bij het kopiëren van DNA)
o Celcyclus (de stappen die een cel doorloopt om zich te delen)
o Apoptose (geprogrammeerde celdood – deze wordt soms uitgeschakeld bij kanker)
o Differentiatie (normaal ontwikkelen tot een specifieke soort cel – bij kanker gebeurt
dat vaak niet goed)
→ Cellen migreren ongecontroleerd: Ze kunnen zich verplaatsen naar andere delen van het
lichaam en daar binnendringen in ander weefsel (dit is typisch voor kwaadaardige kanker).
1.1 HYPERPLASIE EN TUMOREN
• Hyperplasie = een sterke toename van de snelheid waarmee cellen zich delen.
→ Soms gebeurt dit normaal (zoals bij menstruatie of zwangerschap).
→ Maar in het geval van kanker kan hyperplasie wijzen op verlies van controle over de celdeling.
→ Als dit blijft doorgaan, kan zich een tumor vormen: een zichtbare massa van snel delende
cellen.
1.2 GOEDAARDIGE TUMOREN
• Niet alle tumoren zijn kanker:
→ Goedaardige tumor = blijft op één plek, zonder in andere weefsels te groeien.
→ De cellen lijken nog steeds op normale cellen.
→ Ze blijven samen en worden vaak omringd door een laagje bindweefsel dat hen goed omsluit.
• Goedaardige tumoren zijn meestal niet gevaarlijk, tenzij ze:
→ Druk uitoefenen op omliggende structuren, zoals bloedvaten of organen.
→ Omdat ze goed omsloten zijn, kunnen ze meestal gemakkelijk verwijderd worden via een
operatie.
2