Sociologie fase 1
Inhoud
H1: Een ontdekkingstocht door een bekend gebied.....................................2
H2:De samenleving is een veld van tegengestelde krachten...................8
H3: Waarmee zijn sociologen bezig?.......................................................15
H4: De ene bril is de andere niet............................................................20
H5: Blokken uit de sociologische blokkendoos........................................26
H7: Moderne samenleving zijn altijd multicultureel................................35
H8: Levenslang leren – om in het gareel te lopen...................................43
H10: Ongelijkheid is van alles tijden: Over de gelaagdheid van de
samenleving............................................................................................54
H13 : Ook een film is een opeenvolging van ‘stills’................................63
H15 : Eenheid in verscheidenheid, verscheidenheid in eenheid.............70
1
,H1: Een ontdekkingstocht door een bekend gebied
1. Een beeld van een titel
Metafoor van een spel
- Sociale verbanden V interactiekaders
- Positie, rollen, status, prestige
Verhouding tussen:
o SL (speelveld)
o Maatschappelijke spelers (mensen, organisaties, instituties)
Spelers die mogen deelnemen
Bekleden bp posities -> taakverdeling (arbeidsdeling)
Bij posities horen rollen
Posities hebben een bp status
Bv. Aanvallers > verdedigers MR toch ied nodig om het spel te spelen
Hiërarchie tussen posities
Formele & informele leiders
Bv. De kapitein heeft hogerhand MR is drm ni de beste speler
Spelers die worden ‘buitengesloten’/op de bank zitten
naast regels volgen ook nuttig maken, doel=winnen (ni productief = werkloos)
o Sociale spelregels (wetten & gedragsregels) -> zekerheid & voorspelbaarheid
Regelement: ni buitenspel
Op eigen helft kan je ni buitenspelspelen (andere regels vr publieke & particuliere
ruimtes)
Informele regels: iemand gewond = spel stop zetten
o Het spel (interacties & achter,onder en naastliggende interacties)
Interageren & communiceren
Bv. Anticiperen op elkaars acties
Naast winnen ook andere doelen (politieke partijen willen politieke macht veroveren)
Bv. Winstpremie
Trainers, supporters … beïnvloeden het spel ook (politici, modeontwerpers … sturen
de SL)
Tribune = socioloog
o Hoofdrolspelers (“sociale feiten1” – Durkheim)
2. Het dagelijkse leven door de bril van de socioloog (C. Wright Mills, 1959)
- Er zn allerlei regelmatigheden achter 1e wrneming
-> sociologische bril: structuur v/d zichtbare werk.
o MR gn nut zndr sociologische verbeelding: betekenis geven aan wat we wrnemen
Socius, Societas, … Logos/Charles Wright Mills (1916-1962)
- The vivid awareness of the relationship between experience and the wider society.
= afstand nemen v/d actuele toestand & alternatief standpunt in nemen
= sociological thinking (een manier van denken)
o Verbonden sociale feiten – wisselwerking (≠ deterministisch)
Sociological thinking maakt sociale feiten zichtbaar &
bespreekbaar
Mooie mensen -> + bevoordeeld
~ schoonheid in cultuur & context
Bv. Vroeger bruinere huid = minderwaardig (altijd buiten werken-
Nu bruinere huid = schoonheidsideaal
- 3 componenten v/d sociologische verbeelding: The sociological imagination necessitates above
all, being able to think ourselves, away from the familiar routines of our daily lives in order to
look anew.
= persoonlijke problemen verbinden met maatschappelijke kwesties
o Rollen bestuderen zndr specifiek die persoon die de rol vervult
1
Manier van denken, handelen & voelen
2
, 1) Geschiedenis: Neither the life of an individual nor the history of a society can be
understood without understanding both.
Via historiek bestuderen hoe sociale situaties/verhoudingen tot stand komen
Bv. Nu veggie menu in restaurants & vroeger ni
2) Biografie (welke is de levensloop van mensen als leden van samenlevingsverbanden?):
The ability to see things socially and how things interact and influence each other.
= persoonlijke ervaringen, keuzes & problemen
3) Sociale structuur (dominante maatschappelijke instituties, welke processen en
mechanismen zorgen voor de maatschappelijke orde?):
Seeing the strange in the familiar and the general in the particular, linking our
behaviors to broader social forces.
Interactie sociale feiten & hoe individu hun leven verloopt
Bv. Bp groepen doen andere activiteiten (bv sport) dan andere groepen
Dagelijks werk moet in context geplaatst wrdn, dr afstand te nemen vn
vanzelfsprekendheden/routines
Alledaagse fenomeen = contigent MR niet-arbitrair
2.1 over eten en drinken
- eten & drinken = primaire behoeften
toch overal op andere wijze: ingebed in sociale & culturele context
bv. Mes & vork VS eetstokjes
o binnen 1 SL ook versch
bv. Hogere klasse: brunchen, laat eten
dr naar de wijze van eten te kijken wrdn sociale patronen zichtbaar (Mennell)
- verandering in sociale patronen zichtbaar in nieuwe uitgaven van kookboeken
o laatste editie: wereldkeuken -> toegenomen reislust v/d Vlaming & multiculturele SL vn
Vlaanderen
Mestdag: komst Italiaanse gastarbeiders -> pizza & pasta -> maaltijdstructuur +
gevarieerd
o Kookboek heeft concurrenten gekregen
- gehuwd -> - doorgegeven v/d mama nr dochter
Mannenkookclubs
Massamedia
Koken ≠ enkel primaire behoeften MR ook vrijetijdsbesteding
- Koffie drinken ook meer dan primaire behoefte
o Samenzitten om te praten
Bv. Politiek bespreken & roddelen over vrienden
o Koffie als ‘drug’:cafeïne = sociaal aanvaarde drug bij ons MR ni in alle culturen
o Koffie in sociaal & economisch netwerk: geproduceerd, geëxporteerd, geïmporteerd via
groothandel
- Sociological imagination enables us to grasp history & biography & the relations between the 2
within society (C. Wright Mills)
o Voorbeeld
Sociologische imaginatie en ‘Tea Drinking’
Soms een voorbeeld of signaal van goede gezondheid.
Kan een traditie of ritueel zijn waarbij mensen uit traditie elke dag op bepaalde
momenten thee drinken.
Kan gezien worden als een type ‘drug’ waarbij koffie cafeïne bevat en de theedrinker
geen cafeïne wenst te gebruiken.
Het kan eveneens een sociale activiteit omvatten: ‘meeting for tea’
De focus ligt minder op het drinken als consumptie en meer op het mekaar
ontmoeten (‘de’ gezelligheid).
3
, Ritueel: henna bij de trouw ~ cultuur
Spanje: siësta ~ traditie (gaat ook door zndr hoge temperaturen)
2.2 over sport
- Reusel: vrijetijdsactiviteiten zijn sociaal gekleurd
o Sport drager vn symbolische codes
Bv. Tennis > worstelen
Hogere status -> distance & finesse
Lichaamscontact vermijden dr gebruik vn hulpmiddelen
Bv. Rackets, golfclubs V hockey sticks
Lagere status/arbeidsklasse
Lijf-aan-lijfgevechten
Evolutie in blood sports: handschoenen bij boksen = deel v/d algemene
disciplinering v/d arbeidersklasse
o Goedkopere & dure sporten
2.3 Over lifestyle & lijfstijl
- Lifestylebladen geven richting voor imago v/d moderne, vrije mens
o Ni wat men is MR wat men lijkt = !
o Ondanks diverse lifestyles, 1 beeld vn lijfstijl = ideaal
-> Mannequinmodel kan elke lifestyle aan (voortduren gevecht tegen rimpels & gewicht)
- ‘look’ gedeeld & gedragen dr welomschreven (bovenmodaal inkomen, verdiend in sectoren v/d
look-&lifestyle-industrie)
o Via massamedia verspreid nr de provincialen
-> mode overgenomen dr bredere lagen
-> verliest haar trendy karakter
-> signaal voor smaakmakende om nieuwe look (= democratisering v/e item
vernietigd zijn distinctiewaarde)
2.3.1 over liefde
- keuze v/e partner ≠ willekeurig
o mensen huwen binnen = milieu (religie, herkomst, opleiding …)
= groep -> makkelijk mee praten, veel gemeenschappelijk & - kans conflict
Sociale druk
Bv. Via afkeur, roddels, gerangeerd huwelijk
Eigen groep wordt groter -> + kans daarbinnen iemand ontmoeten
2.3.2 contingent maar niet arbitrair?
- Contingent = het had anders kunnen zijn dan het nu is
- Arbitrair = willekeurig
o Niet-arbitrair => pad afhankelijkheid = gebeurtenissen uit het verleden zijn van invloed op
latere toestanden & ontwikkelingen
- Alles is contingent, maar niet arbitrair.
o Contingent: dominante instituties kunnen ook ander zijn
Bv. Geen siësta in Spanje
o Niet-arbitrair: historische achtergrond die verklaard wrm dominante instituties zijn hoe ze
zijn
Bv. Siesta is er door de hoge temperaturen
IR -> massaproductie ~> ied toegang geven onderwijs (democratisering
onderwijs) -> massa in aula
Dominante instituties kunnen anders mr zijn niet zo door historische context
3. Een stap verder
- Gezond verstand = kennis obv dagelijkse ervaringen waarmee we zin geven aan situaties
o Snelle antwoorden op concrete prob > achterhalen wrm die problemen/ontwikkelen regels
op die toestanden
MR wet. Streeft nr ‘waarom’ v/d verschijnselen
Sociologie: verklaringen achter zichtbare fenomenen zoeken
4
Inhoud
H1: Een ontdekkingstocht door een bekend gebied.....................................2
H2:De samenleving is een veld van tegengestelde krachten...................8
H3: Waarmee zijn sociologen bezig?.......................................................15
H4: De ene bril is de andere niet............................................................20
H5: Blokken uit de sociologische blokkendoos........................................26
H7: Moderne samenleving zijn altijd multicultureel................................35
H8: Levenslang leren – om in het gareel te lopen...................................43
H10: Ongelijkheid is van alles tijden: Over de gelaagdheid van de
samenleving............................................................................................54
H13 : Ook een film is een opeenvolging van ‘stills’................................63
H15 : Eenheid in verscheidenheid, verscheidenheid in eenheid.............70
1
,H1: Een ontdekkingstocht door een bekend gebied
1. Een beeld van een titel
Metafoor van een spel
- Sociale verbanden V interactiekaders
- Positie, rollen, status, prestige
Verhouding tussen:
o SL (speelveld)
o Maatschappelijke spelers (mensen, organisaties, instituties)
Spelers die mogen deelnemen
Bekleden bp posities -> taakverdeling (arbeidsdeling)
Bij posities horen rollen
Posities hebben een bp status
Bv. Aanvallers > verdedigers MR toch ied nodig om het spel te spelen
Hiërarchie tussen posities
Formele & informele leiders
Bv. De kapitein heeft hogerhand MR is drm ni de beste speler
Spelers die worden ‘buitengesloten’/op de bank zitten
naast regels volgen ook nuttig maken, doel=winnen (ni productief = werkloos)
o Sociale spelregels (wetten & gedragsregels) -> zekerheid & voorspelbaarheid
Regelement: ni buitenspel
Op eigen helft kan je ni buitenspelspelen (andere regels vr publieke & particuliere
ruimtes)
Informele regels: iemand gewond = spel stop zetten
o Het spel (interacties & achter,onder en naastliggende interacties)
Interageren & communiceren
Bv. Anticiperen op elkaars acties
Naast winnen ook andere doelen (politieke partijen willen politieke macht veroveren)
Bv. Winstpremie
Trainers, supporters … beïnvloeden het spel ook (politici, modeontwerpers … sturen
de SL)
Tribune = socioloog
o Hoofdrolspelers (“sociale feiten1” – Durkheim)
2. Het dagelijkse leven door de bril van de socioloog (C. Wright Mills, 1959)
- Er zn allerlei regelmatigheden achter 1e wrneming
-> sociologische bril: structuur v/d zichtbare werk.
o MR gn nut zndr sociologische verbeelding: betekenis geven aan wat we wrnemen
Socius, Societas, … Logos/Charles Wright Mills (1916-1962)
- The vivid awareness of the relationship between experience and the wider society.
= afstand nemen v/d actuele toestand & alternatief standpunt in nemen
= sociological thinking (een manier van denken)
o Verbonden sociale feiten – wisselwerking (≠ deterministisch)
Sociological thinking maakt sociale feiten zichtbaar &
bespreekbaar
Mooie mensen -> + bevoordeeld
~ schoonheid in cultuur & context
Bv. Vroeger bruinere huid = minderwaardig (altijd buiten werken-
Nu bruinere huid = schoonheidsideaal
- 3 componenten v/d sociologische verbeelding: The sociological imagination necessitates above
all, being able to think ourselves, away from the familiar routines of our daily lives in order to
look anew.
= persoonlijke problemen verbinden met maatschappelijke kwesties
o Rollen bestuderen zndr specifiek die persoon die de rol vervult
1
Manier van denken, handelen & voelen
2
, 1) Geschiedenis: Neither the life of an individual nor the history of a society can be
understood without understanding both.
Via historiek bestuderen hoe sociale situaties/verhoudingen tot stand komen
Bv. Nu veggie menu in restaurants & vroeger ni
2) Biografie (welke is de levensloop van mensen als leden van samenlevingsverbanden?):
The ability to see things socially and how things interact and influence each other.
= persoonlijke ervaringen, keuzes & problemen
3) Sociale structuur (dominante maatschappelijke instituties, welke processen en
mechanismen zorgen voor de maatschappelijke orde?):
Seeing the strange in the familiar and the general in the particular, linking our
behaviors to broader social forces.
Interactie sociale feiten & hoe individu hun leven verloopt
Bv. Bp groepen doen andere activiteiten (bv sport) dan andere groepen
Dagelijks werk moet in context geplaatst wrdn, dr afstand te nemen vn
vanzelfsprekendheden/routines
Alledaagse fenomeen = contigent MR niet-arbitrair
2.1 over eten en drinken
- eten & drinken = primaire behoeften
toch overal op andere wijze: ingebed in sociale & culturele context
bv. Mes & vork VS eetstokjes
o binnen 1 SL ook versch
bv. Hogere klasse: brunchen, laat eten
dr naar de wijze van eten te kijken wrdn sociale patronen zichtbaar (Mennell)
- verandering in sociale patronen zichtbaar in nieuwe uitgaven van kookboeken
o laatste editie: wereldkeuken -> toegenomen reislust v/d Vlaming & multiculturele SL vn
Vlaanderen
Mestdag: komst Italiaanse gastarbeiders -> pizza & pasta -> maaltijdstructuur +
gevarieerd
o Kookboek heeft concurrenten gekregen
- gehuwd -> - doorgegeven v/d mama nr dochter
Mannenkookclubs
Massamedia
Koken ≠ enkel primaire behoeften MR ook vrijetijdsbesteding
- Koffie drinken ook meer dan primaire behoefte
o Samenzitten om te praten
Bv. Politiek bespreken & roddelen over vrienden
o Koffie als ‘drug’:cafeïne = sociaal aanvaarde drug bij ons MR ni in alle culturen
o Koffie in sociaal & economisch netwerk: geproduceerd, geëxporteerd, geïmporteerd via
groothandel
- Sociological imagination enables us to grasp history & biography & the relations between the 2
within society (C. Wright Mills)
o Voorbeeld
Sociologische imaginatie en ‘Tea Drinking’
Soms een voorbeeld of signaal van goede gezondheid.
Kan een traditie of ritueel zijn waarbij mensen uit traditie elke dag op bepaalde
momenten thee drinken.
Kan gezien worden als een type ‘drug’ waarbij koffie cafeïne bevat en de theedrinker
geen cafeïne wenst te gebruiken.
Het kan eveneens een sociale activiteit omvatten: ‘meeting for tea’
De focus ligt minder op het drinken als consumptie en meer op het mekaar
ontmoeten (‘de’ gezelligheid).
3
, Ritueel: henna bij de trouw ~ cultuur
Spanje: siësta ~ traditie (gaat ook door zndr hoge temperaturen)
2.2 over sport
- Reusel: vrijetijdsactiviteiten zijn sociaal gekleurd
o Sport drager vn symbolische codes
Bv. Tennis > worstelen
Hogere status -> distance & finesse
Lichaamscontact vermijden dr gebruik vn hulpmiddelen
Bv. Rackets, golfclubs V hockey sticks
Lagere status/arbeidsklasse
Lijf-aan-lijfgevechten
Evolutie in blood sports: handschoenen bij boksen = deel v/d algemene
disciplinering v/d arbeidersklasse
o Goedkopere & dure sporten
2.3 Over lifestyle & lijfstijl
- Lifestylebladen geven richting voor imago v/d moderne, vrije mens
o Ni wat men is MR wat men lijkt = !
o Ondanks diverse lifestyles, 1 beeld vn lijfstijl = ideaal
-> Mannequinmodel kan elke lifestyle aan (voortduren gevecht tegen rimpels & gewicht)
- ‘look’ gedeeld & gedragen dr welomschreven (bovenmodaal inkomen, verdiend in sectoren v/d
look-&lifestyle-industrie)
o Via massamedia verspreid nr de provincialen
-> mode overgenomen dr bredere lagen
-> verliest haar trendy karakter
-> signaal voor smaakmakende om nieuwe look (= democratisering v/e item
vernietigd zijn distinctiewaarde)
2.3.1 over liefde
- keuze v/e partner ≠ willekeurig
o mensen huwen binnen = milieu (religie, herkomst, opleiding …)
= groep -> makkelijk mee praten, veel gemeenschappelijk & - kans conflict
Sociale druk
Bv. Via afkeur, roddels, gerangeerd huwelijk
Eigen groep wordt groter -> + kans daarbinnen iemand ontmoeten
2.3.2 contingent maar niet arbitrair?
- Contingent = het had anders kunnen zijn dan het nu is
- Arbitrair = willekeurig
o Niet-arbitrair => pad afhankelijkheid = gebeurtenissen uit het verleden zijn van invloed op
latere toestanden & ontwikkelingen
- Alles is contingent, maar niet arbitrair.
o Contingent: dominante instituties kunnen ook ander zijn
Bv. Geen siësta in Spanje
o Niet-arbitrair: historische achtergrond die verklaard wrm dominante instituties zijn hoe ze
zijn
Bv. Siesta is er door de hoge temperaturen
IR -> massaproductie ~> ied toegang geven onderwijs (democratisering
onderwijs) -> massa in aula
Dominante instituties kunnen anders mr zijn niet zo door historische context
3. Een stap verder
- Gezond verstand = kennis obv dagelijkse ervaringen waarmee we zin geven aan situaties
o Snelle antwoorden op concrete prob > achterhalen wrm die problemen/ontwikkelen regels
op die toestanden
MR wet. Streeft nr ‘waarom’ v/d verschijnselen
Sociologie: verklaringen achter zichtbare fenomenen zoeken
4