Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 39 pages
Summary

Samenvatting Immunologie: hoofdstuk 8-16

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 39 pages

Prof. De Somer, Prof. Poesen, Prof. Schrijvers Hoofdstuk 8-16

Content preview

HOOFDSTUK 8: DE ADAPTIEVE IMMUUNRESPONS IN TIJD EN RUIMTE

1/ Homeostasis: gedrag van immuuncellen VOORaleer ze in contact komen met hun cognate Ag

Naieve lymfocyten vinden hun specifiek Ag doordat ze circuleren tussen secundaire en tertiaire lymfoide weefsels:

• Vanuit bloed naar weefsel migreren : constant scannen naar Ag
• Organisatie van secundair lymfoide organen doen kans ↑
• Circulatie bloed-lymfeknoop-perifere weefsel en terug = 1-2x/dag

Circulatie van lymfocyten in een ‘rustende lymfeknoop’




Lymfocyten verlaten het bloed door extravasatie thv HEVs (high-endotheliale venulen) → geregeld door
adhesiemoleculen:

• L-selectine (CD62L) op naieve lymfocyten herkennen adressines van HEVs
• Contact : vertragen van de cellen + rollen langs de vaatwanden
• verder interacties met adhesiemoleculen: stoppen lymfocyten en persen zich door tussen de cellen = extravasatie

Extravasatie gestuurd door opeenvolgende activering van oppervlakte moleculen:

1. rollen/vertragen: CD62L-GlyCAM
2. activatie door chemokines op endotheelcellen-CCR7
3. arrest en adhesie door interactie integrines-Ig family members (ICAM) → autotaxin
4. diapedese

T-dependente B cel respons: chemokine geleide B cel migratie




Milt: extravasatie gestuurd door opeenvolgende activatie van opp-moleculen:

• lymfocyten via verschillende homing-mechanismen binnen in witte pulpa vd milt
• milt heeft geen HEVs en selectines spelen geen rol
• via arteriolen komen immuuncellen rechtstreeks in de marginale sinus

Naieve lymfocyten zoeken naar cognate Ag binnen reticulaire netwerken vd lymfeklier (en ook milt) → verschillen in
expressie van chemokine/ chemokinereceptoren resulteren in migratie van cellen

• T-cel zone : CCL21 en CCL19 tot expressie → naieve CCR7+ T cellen worden aangetrokken

, o Paracortex-LN, PALS-milt
• Folliculaire DC-netwerken: CXCL13 tot expressie → naieve CXCR5+ B cellen
o B cel follikels

Als lymfocyten hun cognate Ag niet in lymfeklieren kunnen vinden → S1P1-receptor → verlaten medullaire sinus via
efferente lymfevaten → terug naar bloedsomloop

2/ Immuunrespons bij contact met een Ag

Ag wordt herkend door cellen vh AANGEBOREN immuunsysteem:

• Aangeboren immuuncellen (oa monocyten, macrofagen, …) bindenpathogenen via PPRs (patroon-recognitie-
receptoren vb TLR)
• PRR-binding genereert signalen die resulteren in secretie van ontstekingssignalen (chemokines en cytokines)
o Type TLR bepaald verdere immuunrespons
• Chemokines trekken innate immuuncellen aan naar plaats van infectie
• Neutrofielen reageren als eerste op chemokine-aantrekking en produceren meer chemokinen die APCs en DCs
aantrekken

Ag komen in 2 verschillende vormen aan in secundair lymfoide weefsel via afferente lymfevaten:

1. APC op de plaats van infectie nemen Ag op → presenteren een verwerkt peptide in een MHC molecule
Upregulatie van chemokinereceptoren die drainerende LN brengen = start adaptieve immuunrespons
2. Ag gaan direct naar de lymfeknoop → worden herkent en verwerkt door APC in de lymfeknoop




Hoe vinden APC die Ag hebben verwerkt hun weg naar plaats van circulerende T cellen (= T cel zone in lymfeknoop/milt)

• Geactiveerde APC verwerken Ag en upreguleren CCR7
o Endotheelcellen in lymfevaten brengen CCL21 tot expressie
o Lymfeknoop: APC nestelt langs FRC circuits in paracortex (stromale cellen bron van CCL21)
• APC gaat op zoek naar T cellen met juiste TCR in de paracortex

Hoe vinden onverwerkte Ag hun weg naar de plaats van circulerende B cellen (= B cel zone)

• Lymfeklier:
o Oplosbaar Ag kan lymfeklier binnendringen vanuit bloed of via afferente lymfevaten
o Kleine en grote Ag eindigen in subcapsulaire sinus

, o CD169+ macrofagen in subcapsulaire sinus transfereren met complement geopsoniseerde Ag of Ag-Ab-
complexen naar cellen in lymfeklier (nonAg specifieke B cellen, macrofagen → FDC)
• Milt:
o Blood-borne Ag worden gevangen door gespecialiseerde APC in marginale zone vd milt
o Ag komt rechtstreeks vanuit bloed
o Onverwerkt Ag doorgegeven aan follikels door macrofagen die de sinus van de marginale zone bekleden
o Verwerkt Ag wordt door APC naar de T cel zone gebracht

Primaire immuunrespons in de lymfeklier: gedrag van T cel, B cel en APC tijdens de eerste 50u

• Naieve CD4+ cellen stoppen hun bewegingen na binding van hun cognate Ag: T-cel activatie en differentiatie
• CD8+ T cellen geactiveerd in lymfeklieren via een meercellige interactie (CD4-APC-CD8)
o Binding met MHC klasse 1-Ag op een APC → partiele activatie van CD8+ T cel
o Nood aan CD4+ T cel hulp voor optimale differentiatie + voor generatie van geheugencellen
• B cellen zoeken hulp van CD4+ T cellen op de grens tussen follikel en paracortex vd lymfeklier
o Na binding van Ag zullen B cellen CCR7 upreguleren : chemotactische signalen volgen naar paracortex
o T helper cellen aangetrokken naar follikelrand (upregulatie van CCR5 na activatie)
o T cel/B cel interacties aan follikelgrens




Gedrag van immuuncellen tijdens de ADAPTIEVE immuunrespons:

B cel activatie → B cel proliferatie en differentiatie naar plasmacellen, geheugen B cellen en vorming van germinale centra

• Lichte zone: beperkte aantal B cellen, TFH en folliculaire DCs → plaats waar affiniteit van BCR voor Ag getest wordt
→ plasma- en geheugenceldifferentiatie
• Donkere zone: plaats van proliferatie en SHM (somatische hypermutatie)
• GC TFH zijn mobiel en verlenen hulp binnen verschillende GC
• Hoogste affiniteit voor Ag B cellen domineren de GC




EINDE van de immuunrespons: contraheert na 10-14 dagen: nadat Ag is verwijderd, zijn meeste lymfocyten niet langer
nodig en zullen ze afsterven door apoptose:

, 1. Aan einde van infectie is er minder Ag en zijn er bijgevolg minder stimulerende cytokines (IL-2, IL-7, IL-15) →
apoptose van immuuncellen
2. T cellen en sommige APC brengen Fas tot expressie + geactiveerde T cellen brengen FasL tot expressie → AICD =
activation induced cell death → T-cel expansie wordt gelimiteerd
3. Late fase van immuunrespons zullen geactiveerde lymfocyten ook negatieve co-stimulatoire eiwitten upreguleren
(CTLA-4 en PD-1)
4. Regulatoire cellen kunnen ook helpen om reacties te onderdrukken door secretie van inhiberende cytokines

Geactiveerde lymfocyten (= effectorcellen) verlaten de lymfeklier en recirculeren door verschillende weefsels

• Plasmacellen naar verschillende locaties:
o Vroege IgM-producerende plasmacellen: naar medulla van lymfeklier (release van Ab in efferente
lymfevaten)
o IgG-producerende: naar beenmerg
o IgA-producerende: naar MALT (mucosal-associated lymphoid tissue) vooral in darm
• Effector en geheugen T cellen naar organen en infectieplaatsen
o Volgen chemokine-gradiënten die worden gegenereerd door innate immuunreactis in die gebieden
• Memory cellen scheiden zich van effectorcellen na 9-10 delingen
o Centraal geheugen T cellen = TCM = blijven in secundair lymfoide weefsel
o Effector geheugen T cellen = TEM = circuleren tussen perifere weefsels
o Weefsel-residente geheugen T cellen = TRM = langdurig resident in barriereweefsel en vormen IELs (intra-
epithelial lymfocyt) van darm en huid




Chemokine receptoren en adhesie moleculen reguleren homing van effector en memory lymfocyten naar de perifere
weefsels

HOOFDSTUK 9: EFFECTOR FUNCTIES

1/ Antistof-gemedieerde immuniteit (extracellulaire pathogenen)

Document information

Study
Uploaded on
February 6, 2026
Number of pages
39
Written in
2024/2025
Type
Summary
$13.43

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
GNK890
4.0
(1)
Sold
12
Followers
0
Items
23
Last sold
1 month ago




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions