H6: De stoïcijnen en het Lot
1. Situering
Zeno van Citium -> grondlegger van het stoïcisme
Werd geboren in 334 v. Chr. En werd 992 jaar oud
Iets stoïcijns opvatten = mensen die zich niet door emoties laten
overspoelen
Stoa = zuilengang => filosofische school
Stoa: redelijkheid, zelfbeheersing en innerlijke rust
Stoa tegenover Epicurus: genot wordt binnen Stoa als negatief gezien
Keizer Marcus Aurelius, Cicero, Seneca, slaaf Epictetus -> aanhangers v/h
stoïcisme
Stiff-upper-lip houding: Engelse term die verwijst naar iemand die
kalm, waardig en emotioneel beheerst blijft. Iemand met een stijve
bovenlip toont standvastigheid bij tegenslagen en zelfbeheersing bij
het uiten van emoties.
Enkele typische stoïcijnse uitspraken
Marcus Aurelius: “De aanleiding van woede is vaak veel
minder erg dan haar gevolgen.”
Epictetus: “De mens wordt niet verward door feiten,
maar door de interpretatie van die feiten”
Seneca: “Het lot leidt de gewillige en sleept de
ongewillige mee”
“Het rijkst is wie het minst verlangt”
2. Kosmologie: pantheïsme
Kosmos = stoïcijnen zien het als een levend en bezield organisme,
in tegenstelling tot de materialisten zoals Epicurus (pantheïsme),
een wereldbeeld dat veeleer aansluit bij de leer van Herakleitos.
Herakleitos sprak over het eeuwige vuur waaruit alles ontstaat en
weer terugkeert. De kosmos is dus niet door maar doordrongen van
een goddelijke levenskracht, een soort wereldziel
Die levenskracht -> logos genoemd: het redelijke, goddelijke
principe dat alles doordringt en in beweging houdt.
Volgens de stoïcijnen: “Alles is God.” Zeno schrijft: God is in de
wereld inbegrepen. Hij is de ziel van de wereld. Hij is de schepper
van de wereld en de vader van alles.
, Deze god doordringt de materie als een subtiele adem of pneuma.
“Hij woont zelf in de riolen, in de spoelwormen en in de misdadigers.
Voor de stoïcijnen is het leven geen zinloos spel van atomen maar is
alles doordrongen van dat goddelijke principe dat zowel vuur,
levensadem, logos, rede of lot genoemd wordt: God en geest, logos
en Zeus zijn één.
Logos: de ree dar de wereld ordent, de levenskracht die alles bezielt
en de ziel van het universum. Elk levend wezen heeft Logos in zich.
3. Alles is bepaald, het lot bepaalt
Determinisme = de visie die ervan uitgaat dat alles wat gebeurt
op voorhand vastligt
Deterministisch wereldbeeld -> beschouwt vrijheid als een
illusie
Alles verloopt volgens een ononderbroken keten van oorzaak en
gevolg, waardoor niemand echt vrij is van het lot.
Het lot wordt voorgesteld als Dame Fortuna
Het leven is onvoorspelbaar maar het heeft geen zin om ertegen
te vechten. De juiste houding is om het lot te aanvaarden dat
brengt rust, vrijheid en innerlijke onrust.
Hoewel lot alles bepaalt heeft mens logos in zich, door die te
gebruiken kunnen we het lot begrijpen, leren onderscheiden wat
wel en niet kan veranderen en in harmonie leven met de logos.
Deze houding vormt de basis van de stoïcijnse levenskunst: niet
vechten tegen wat er gebeurt, maar het met inzicht en berusting
aanvaarden.
-> Dame Fortuna
1. Situering
Zeno van Citium -> grondlegger van het stoïcisme
Werd geboren in 334 v. Chr. En werd 992 jaar oud
Iets stoïcijns opvatten = mensen die zich niet door emoties laten
overspoelen
Stoa = zuilengang => filosofische school
Stoa: redelijkheid, zelfbeheersing en innerlijke rust
Stoa tegenover Epicurus: genot wordt binnen Stoa als negatief gezien
Keizer Marcus Aurelius, Cicero, Seneca, slaaf Epictetus -> aanhangers v/h
stoïcisme
Stiff-upper-lip houding: Engelse term die verwijst naar iemand die
kalm, waardig en emotioneel beheerst blijft. Iemand met een stijve
bovenlip toont standvastigheid bij tegenslagen en zelfbeheersing bij
het uiten van emoties.
Enkele typische stoïcijnse uitspraken
Marcus Aurelius: “De aanleiding van woede is vaak veel
minder erg dan haar gevolgen.”
Epictetus: “De mens wordt niet verward door feiten,
maar door de interpretatie van die feiten”
Seneca: “Het lot leidt de gewillige en sleept de
ongewillige mee”
“Het rijkst is wie het minst verlangt”
2. Kosmologie: pantheïsme
Kosmos = stoïcijnen zien het als een levend en bezield organisme,
in tegenstelling tot de materialisten zoals Epicurus (pantheïsme),
een wereldbeeld dat veeleer aansluit bij de leer van Herakleitos.
Herakleitos sprak over het eeuwige vuur waaruit alles ontstaat en
weer terugkeert. De kosmos is dus niet door maar doordrongen van
een goddelijke levenskracht, een soort wereldziel
Die levenskracht -> logos genoemd: het redelijke, goddelijke
principe dat alles doordringt en in beweging houdt.
Volgens de stoïcijnen: “Alles is God.” Zeno schrijft: God is in de
wereld inbegrepen. Hij is de ziel van de wereld. Hij is de schepper
van de wereld en de vader van alles.
, Deze god doordringt de materie als een subtiele adem of pneuma.
“Hij woont zelf in de riolen, in de spoelwormen en in de misdadigers.
Voor de stoïcijnen is het leven geen zinloos spel van atomen maar is
alles doordrongen van dat goddelijke principe dat zowel vuur,
levensadem, logos, rede of lot genoemd wordt: God en geest, logos
en Zeus zijn één.
Logos: de ree dar de wereld ordent, de levenskracht die alles bezielt
en de ziel van het universum. Elk levend wezen heeft Logos in zich.
3. Alles is bepaald, het lot bepaalt
Determinisme = de visie die ervan uitgaat dat alles wat gebeurt
op voorhand vastligt
Deterministisch wereldbeeld -> beschouwt vrijheid als een
illusie
Alles verloopt volgens een ononderbroken keten van oorzaak en
gevolg, waardoor niemand echt vrij is van het lot.
Het lot wordt voorgesteld als Dame Fortuna
Het leven is onvoorspelbaar maar het heeft geen zin om ertegen
te vechten. De juiste houding is om het lot te aanvaarden dat
brengt rust, vrijheid en innerlijke onrust.
Hoewel lot alles bepaalt heeft mens logos in zich, door die te
gebruiken kunnen we het lot begrijpen, leren onderscheiden wat
wel en niet kan veranderen en in harmonie leven met de logos.
Deze houding vormt de basis van de stoïcijnse levenskunst: niet
vechten tegen wat er gebeurt, maar het met inzicht en berusting
aanvaarden.
-> Dame Fortuna