Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 126 pages
Class notes

Lesnotities economie o.b.v. de powerpoint

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 126 pages

Lesnotities gebaseerd op de powerpoint, niet aan de hand van het boek. Alle lessen zijn aanwezig, de monitoraten niet. (14/20 behaald met louter deze notities)

Content preview

H1 ECONOMIE ALS WETENSCHAP
1. Onderwerp en invalshoek

Definities op slide 9
● Economie in het nederlands voor 2 verschillende zaken:
1. de wetenschap (economics)
2. het studieobject van de economie is de economie (= het economisch
gebeuren) (study of economies)

● Handelen van mens bestuderen - spanningsveld tussen doelen (ends, materieel (geld
verdienen en uitgeven), gelukkig worden)
● Heel veel bereiken is moeilijk want middelen zijn beperkt (= schaarste (tijd, financiële
middelen…)
● → aan wat zou ik best mijn geld geven (keuzes die mensen maken door die
schaarste onderzoeken economen)
● Means hebben alternatieve gebruiken
● Mensen maken voortdurend individuele keuzes (willen zelf kunnen beslissen wat ze
doen en wat ze kopen - maar worden sterk beïnvloed door social customs, political..)
● Coördinatie verwijst naar het feit dat men beslissingen nemen, dat een impact kan
hebben op anderen (maatschappelijk resultaat van anderen (bv. elke afstand neem je
de wagen, meer files, impact op anderen)
Bv. bedrijf beslist om iets goedkoper te laten produceren en vervuild daarmee het
milieu
● Marshall: grondlegger neoklassieke economie
- politieke economie/economie
- individuen maken keuzes → bepaalde maatschappelijke toestand (economie
is studie van het resultaat van individuele keuzes)
- maar soms vereist het actie (niet enkel beschrijven van toestand maar ook
hoe we ze kunnen sturen) → snel in politieke luik
- materiële zaken die we nodig hebben om een fijn leven te hebben = welvaart
(alle blauwe aangeduide dingen op deze slide)
- balans tussen beschrijven en bijsturen van hoe we willen dat de samenleving
is (positief en normatief luik)

Positieve luik:
● een wetenschap die de samenleving bestudeert
● als samenspel van de keuzes van mensen
● bv. We zien dat 10% in de samenleving in armoede leeft.

Normatieve luik:
● evaluatie van de uitkomsten in termen van welvaart
● indien nodig: beleidsvoorstellen ter bijsturing
● bv. Hoe kunnen we iets veranderen waardoor de armoede zal dalen?

Invalshoek bepaalt de essentie (niet het onderwerp)
● econoom kan ook naar gezondheidszorg kijken (bv. kunnen we de btw op groenten
en fruit naar 0% laten dalen om ervoor te zorgen dat mensen gezonder worden?)
● hoe kan je files verminderen (bv. per kilometer belasten, etc.)


1

, ● klimaatbeleid (hoe gaan we CO² uitstoot verminderen - emissierechten)
● criminologie (Hoe kunnen we de huidige criminaliteit bijsturen? Besteden we ons
budget beter aan preventie of aan rehabilitatie?
● nog 4 extra voorbeelden op slides

2 De positieve wetenschap van de keuze
2.1 Economische agenten en hun activiteiten

● Economische agenten: personen en instellingen die beslissingen nemen betreffende
activiteiten als productie, consumptie, maar ook aan- en verkoop van goederen en
diensten, sparen, het toestaan of opnemen van leningen,...
- EA: mensen die in het economische gebeuren beslissingen nemen

● Drie soorten beslissingsnemers
- Gezinnen: economische agenten die samen iets beslissen → 1 besluit
- Ondernemingen: organisatie beslissen wat, hoe ze gaan produceren, welke
prijs, waar verkopen…
- Overheid: beslissingen maken om te produceren (afvalophaling, wegen en
straatverlichting…) en consumeren (de keuzes die ze maken hangt af van de
democratie/stemmingen → bepaalde prioriteiten/keuzes maken)

- Minder belangrijk voor ons:
- Financiële instellingen (hier zonder moeilijk om te lenen, te sparen - gezinnen
en ondernemingen hebben hen nodig)
- Buitenland: bv. grondstoffen die bedrijven nodig hebben worden ingevoerd
vanuit het buitenland, veel in België geproduceerde producten worden
geëxporteerd

Eenvoudige economische kringloop




- gezinnen gaan hun arbeid aanbieden aan ondernemingen
- met het arbeidsinkomen doen we consumptie uitgaven (goederen en diensten) (die
ondernemingen aanbieden)
- outputmarkt =
- waar is de overheid hierin? Die zorgt dat kringloop niet volledig gesloten is
● arbeidsinkomen gaat voor een deel naar de overheid (inkomstenbelastingen)


2

, ● we betalen BTW op goederen en diensten (standaardtarief van 21% BTW)
- hier private goederen en diensten (die we kopen en zelf consumeren,
enkel voor mij)
- er bestaan publieke goederen (bv. straatverlichting, bouw van een dijk
ter bescherming van overstromingen): iedereen mag er gebruik van
maken (door de overheid voorzien)
Goederen en diensten dragen ook bij tot onze welvaart

2.2 Het rationele-keuzemodel

Het rationele-keuzemodel:
● Iedereen probeert voor zichzelf het best mogelijke resultaat te bereiken: de homo
economicus (veronderstelling dat het alle EA beslissisen wat ze voor zichzelf het
beste vinden = de rationele keuze)
- niet perse egoïsme (bv. vrijwilligerswerk bij de voetbalclub omdat je je daar
goed bij voelt)

Enkele misverstanden over de rationele keuze:
● Niet alleen vanuit materieel eigenbelang, maar ook vanuit altruïsme, misantropie
(dingen doen die slecht zijn voor iemand anders - nog steeds rationeel),... Iedereen
vult zelf in wat ‘het beste’ voor hen is
● Niet altijd perfect geïnformeerd
Bij hoge informatiekost (informatie zoeken kost ook geld), is het rationeel om
niet/onvolledig te informeren (bv. tweedehandswagens kopen - je kan hier niet perfect
geïnformeerd zijn)
● Ook vaak keuzes door afspraken, gewoontes, sociale normen,...
● Niet enkel individuele, ook collectieve beslissingen
- een keuze vloeit voort uit collectieve beslissing, maar zal niet altijd zijn wat
ieder individu persoonlijk wil
- ook bij overheid is dat zo (niet individuele keuze van ieder lid, maar
gezamenlijke beslissing)

Evenwicht en rationele keuze: bv. even lange wachtrijen in de supermarkt
● zoeken naar een evenwichtssituatie (niemand wil nog iets anders doen, niemand kan
eigen situatie nog verbeteren)
- je gaat in de rij staan, als je ziet dat andere rij korter is ga je daar aanschuiven
(stopt wanneer elke rij even lang is (gegeven wat anderen kiezen)

2.3 Samenspel en uitkomsten

Samenspel en uitkomsten: bv. woonkeuze, prijzenoorlog,...
● prijzenoorlog (in een markt een beperkt aantal producenten → sterk naar elkaar
kijken)
- bv. supermarkten in België over kortingen (stemmen die op de prijzen van
elkaar af) b


3. De normatieve wetenschap van evaluatie en beleid


3

, ● ‘Economie is de wetenschap ... die de uitkomsten van dit samenspel evalueert in
termen van welvaart en, indien nodig, beleidsvoorstellen doet ter bijsturing’
- positieve vragen waarin we zien wat de toestand is van de samenleving
- hoe en waarom moeten en gaan we het bijsturen
- bv. aantal kilowattuur heeft bijsturing nodig want we verbruiken te veel
(beleidsvoorstellen)
● Welvaart: de mate waarin de leden van een maatschappij hun behoeften bevredigd
zien (H2)


● Pareto criterium: situatie van iemand verbeteren zonder nadeel aan anderen → moet
je doen
- consensus hierover
- maar eigenlijk wel zwak/beperkt (bv. super veel rijken en veel mensen in
armoede → je mag niets halen van de rijken)
● Pareto-verbetering: wanneer de welvaart van minstens één individu verhoogt en
niemand zijn welvaart ziet achteruitgaan

● Pareto-efficiëntie: wanneer er geen Pareto-verbetering mogelijk is (geen verspilling)
- situatie met grote groep in hongersnood kan per definitie pareto-efficiënt zijn
want je kan hun toestand niet verbeteren zonder iets van iemand weg te halen

- (20, 80): geen pareto verbetering mogelijk met de andere uitkomsten =
pareto-efficiënt
- (20, 60): pareto verbetering mogelijk met de uitkomst 1 = pareto-inefficiënt
- (10, 80): pareto verbetering mogelijk met de uitkomst 1 = pareto-inefficiënt
- (40, 40): geen pareto verbetering mogelijk met de andere uitkomsten =
pareto-efficiënt

● Verspilling moet vermeden worden, maar Pareto laat niet toe alle toestanden met
elkaar te vergelijken: waardeoordeel nodig, bv. welvaartsverdeling (80,20) vs
(40,40)?
- vergelijken van de 2 pareto-efficiënte situaties:
● willen we zo gelijk mogelijk, maar verlies van totale welvaart? (80 ipv
100)
● welke van de 2 het beste is beantwoord het pareto-criterium niet
(behandeld door de politiek → waardeoordeel (wat is er belangrijk
binnen onze samenleving?)

H2 ONZE ECONOMIE IN PERSPECTIEF
1. Wat is welvaart en waar komt ze vandaan?
1.1 Welvaart en consumptie

● Welvaart van een maatschappij hangt af van de behoeftebevrediging (= consumptie)
van de leden van die samenleving (consumenten, voornamelijk de gezinnen -
Belgische economie bestaat vooral uit diensten)



4

Document information

Study
Uploaded on
February 6, 2026
Number of pages
126
Written in
2024/2025
Type
Class notes
Professor(s)
Anouk vermeyen
Contains
All classes
$10.16

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
0
Followers
0
Items
2
Last sold
-



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions