Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 6 out of 106 pages
Summary

Samenvatting Alle hoorcolleges + voorgeschreven literatuur

Document preview thumbnail
Preview 6 out of 106 pages

Uitgebreide aantekeningen van alle colleges en samenvatting van de voorgeschreven literatuur. Strafrecht verdiept, penitentiair recht - master strafrecht radboud universiteit 2024/2025.

Content preview

PENITENTIAIR RECHT



Week 1 (p.3): strafdoelen en strafrechtstheorieën; hoofdlijnen van het strafrechtelijk sanctiestelsel,
straffen en maatregelen (tweesporenstelsel), straftheorieën; retributieve theorie, utilistische theorie;
generale en speciale preventie, verenigingstheorie (heersende leer), absolute vergeldingstheorie en
relatieve- of doeltheorie, straf naar de mate van schuld; Jonkers, Bleichrodt en Vegter, Van Kempen,
opdrachten papers, WODC rapport over korte detenties.


Week 2 (p.13): straftoemeting en straftoemetingsvrijheid van de rechter; strafverminderende- en
vermeerderende factoren, beperking vrijheid, niet-wettelijke factoren, strafdoelen, oriëntatiepunten,
taakstrafverbod, argumenten tegen taakstrafverbod, artikel Noyon over taakstrafverbod, artikel Van
Kempen over consistentie en voorzienbaarheid/wettelijk kader (legaliteit, proportionaliteit, straf naar
mate van schuld, gelijkheidsbeginsel), eisen aan motivering straf, wetsvoorstel motivering, artikel
Meijer over bijzondere motiveringsplicht, inhoudelijk rapportage boek 4 Modernisering.


Week 3 (p. 25): sanctiebeleid, promoveren en degraderen in detentie, verlof en detentiefasering;
vrijheidsbenemende straffen, beginselen van tenuitvoerlegging (resocialisatiebeginsel, beginsel van
minimale beperkingen, beginsel van voortvarendheid), legitimatie van resocialisatie, aanvang,
zelfmelder, arrestant, detentie- en re-integratieplan, visie recht doen kansen bieden, kritiek op de
responsabiliseringsgedachte in detentierecht, drie uitgangspunten visie (straf is straf, gedrag telt,
werken aan een veilige terugkeer), toetsingskader promoveren en degraderen, basisprogramma,
plusprogramma, beslissingsschema, hoofdlijnen promoveren en degraderen, wet straffen en
beschermen, verlof, criteria voor het verlenen van re-integratieverlof, algemene weigeringsgronden,
uitgesloten van verlof, kortdurend re-integratieverlof anders dan voor het onderhouden van een
sociaal netwerk, kortdurend re-integratieverlof voor het onderhouden van een sociaal netwerk,
langdurend re-integratieverlof, re-integratieverlof voor extramurale arbeid, bevoegdheidsverdeling
directeur – selectiefunctionaris, incidenteel verlof, strafonderbreking, detentiefasering,


Week 4 (p. 39): voorwaardelijke invrijheidstelling; penitentiair programma, nieuwe regeling, v.i.,
oude regeling, overgangsrecht, nieuwe regeling, termijn v.i., verlening v.i. bij afzonderlijke beslissing
OM, criteria verlenen v.i., kennisgeving beslissing, uitstel v.i. niet-verlenen v.i., herroepen,
voorwaarden, bezwaar, proeftijd, verlenging proeftijd, de praktijk van de v.i. in relatie tot speciale
preventie en re-integratie, doelen wetsvoorstel, ad 1 bijdragen aan voorbereiding op terugkeer in de
samenleving, ad 2 v.i. moet recht doen aan het karakter van de vrijheidsstraf, ad 3 de
geloofwaardigheid van het strafrechtelijk stelsel, knelpunten bij de overname van strafvonnissen mbt
v.i., artikel Ouwerkerk.


Week 5 (p. 47): voortgezet crimineel handelen in detentie; veiligheid in detentie,
verantwoordelijkheid, algemene maatregelen in het kader van de veiligheid,
drugsontmoedigingsbeleid en urinecontroles, beveiligingsniveaus, disciplinaire straffen,
ordemaatregelen, strafbaarstelling bepaalde gedragingen (binnenbrengen voorwerpen), nieuwe
technologieën, afdeling intensief toezicht (AIT), wijzigingen wet en regelgeving, ad 1 gronden
plaatsing EBI, ad 2 verlenging toetsmoment verblijf EBI, ad 3 wijziging model huisregels EBI, ad 4
vervallen uitgangspunt regionale plaatsing GVM, RSJ advies wijziging Pbw tegen georganiseerde
criminaliteit tijdens detentie, wijziging Pbw, voorgestelde wijzigingen, ad 1 bevelsbevoegdheid
minister, ad 2 visueel toezicht op contact, ad 3 beperking rechtsbijstandverleners tot twee, AIT, kritiek
voorstel wijziging RSPOG ivm AIT,

,Week 6 (p. 57): beklag en beroep voor gedetineerden; inleiding en historie, belang van het
beklagrecht, beklagrecht op hoofdlijnen, CvT, informele bemiddeling, formele bemiddeling,
beklagprocedure, ontvankelijkheid beklag, beklag en beroep mogelijk tegen (beslissing directeur,
verzuim of weigering te beslissen, manier waarop uitgevoerd, algemene regel of situatie, tekortkoming
verzorgende taak directeur), afdoening klacht, schorsing, termijn van beslissen, summiere
zittingsvoorschriften, toetsing, beroep op hoofdlijnen, beroep, enkelvoudige afdoening, procedurele
voorschriften, termijn indienen, geen schorsende werking, schorsen, toetsing, advies spanning in
detentie, drie hoofdthema’s.


Week 7 (p. 67): vrijheidsbeperkende sancties; Boone paradoxen van toezicht, Wet langdurig
toezicht, artikel Klooster, gedragsbeïnvloedende en vrijheidsbeperkende maatregel (art. 38z Sr, GVM);
doel, doelgroep, criterium voor oplegging, tenuitvoerlegging maatregel, bijzondere voorwaarden,
elektronisch toezicht, duur maatregel, verlenging maatregel, vervangende hechtenis, meerwaarde tov
en in aanvulling op andere juridische kaders, Burgerinitiatiefvoorstel Claessen e.a., vrijheidsbeperking
of vrijheidsbeneming; EHRM, artikel Klooster.


Week 8 (p. 76): de levenslange gevangenisstraf; rechtsvergelijking, EVRM, vereisten art. 3 EVRM,
waarom vooruitzicht op invrijheidstelling (penologische doelen, uitboeten straf, menselijke
waardigheid), de wet (de iure), kan een levenslage GS worden verkort, gratie, civielrechtelijk kort
geding, de praktijk (de facto), HR 2016, wetswijziging: besluit ACL (oud), HR 2017, Cevdet Y., welke
ruimte om af te wijken van advies rechter, welke ruimte heeft de burgerlijke rechter de staat te bevelen
zijn beslissing te heroverzien, rechter of administratie, invoering v.i. procedure, vragen bij invoering,
huidige beoordelingsprocedure, toekomstige ontwikkelingen.


Week 9 (p. 85): de terbeschikkingstelling; relevante wetgeving, tweesporenstelsel, historische
ontwikkeling en doel tbs-maatregel, vereisten voor oplegging, materiële vereisten, formele vereisten,
voorbeeld casussen (kan tbs opgelegd worden?), vormen van tbs, stoornisvereiste, wat betekent
loslaten stoornisvereiste, tenuitvoerlegging, verlenging tbs, combinatievonnissen (opdracht),
capaciteitstekorten, verlof en proefverlof, beëindiging tbs.


Week 10 (p. 93): herstel en herstelgerichte detentie; geëmancipeerde misdaadaanpak,
misdaadrecht, strafrechtelijk paradigma, strafrechtelijke lens, herstelrechtelijk paradigma,
herstelrechtelijke lens, definities herstelrecht, strafrecht vs. Herstelrecht, wedergoedmaking (letterlijk
en symbolisch herstel), waarom is straf omstreden en herstel niet (Gulden regel), kenmerken
herstelprocessen, mogelijke behoeften partijen, integratie art. 51h Sv, modernisering en innovatiewet
Sv, RJ-voorzieningen, vormen herstel, voor welke partijen, maximalistisch herstelrecht, herstelgerichte
opsluiting, mensbeeld Hobbes en Bentham, wolf, slang en duif, gouden regels, opdrachten papers,
voorgeschreven literatuur.




2

, WEEK 1 – STRAFDOELEN EN STRAFRECHTSTHEORIEËN

Hoorcollege:
HOOFDLIJNEN VAN HET STRAFRECHTELIJK SANCTIESTELSEL
• Penitentiair recht: het rechtsgebied dat ziet op het opleggen en ten uitvoer leggen van
strafrechtelijke straffen en maatregelen (ook wel sanctierecht genoemd)
- Jonkers: strafrechtelijk sanctierecht = het geheel aan straffen en maatregelen in het
strafrecht in Nederland
• Detentierecht: het recht van gedetineerden
• Penologie: criminologisch, bestudeert de effectiviteit van (formele) straffen.

HOOFDLIJNEN VAN HET STRAFRECHTELIJK SANCTIESTELSEL
Strafrechtelijk sanctiestelsel is ingevoerd onder invloed van het WvSr 1886 onder invloed van
Klassieke Richting.

Kenmerken:
• Relatieve mildheid;
- max. gevangenisstraf was bv. 20 jaar, nu 30.
• Overzichtelijkheid/eenvoud;
- Er was alleen gevangenisstraf en hechtenis.
• Centrale rol voor de vrijheidsstraf;
• Nadruk op straffen en niet op maatregelen;
- Maatregelen later onder invloed van de moderne richting tot stand gekomen, rond
1915, bij de invoering van de vw gevangenisstraf.
- Later zie je pas de opkomst van de maatregelen.
• Belangrijke rol voor de strafrechter.
- Moest de straf toekennen.
- Ruime straftoemetingsvrijheid. Tegenwoordig nog veel vrijheid, maar wordt soms wel
begrenst door bv een taakstrafverbod bij bepaalde misdrijven.
• Onder invloed van de Moderne Richting zijn onder meer maatregelen (Psychopatenwetten uit
1928) en de voorwaardelijke modaliteit (1915) geïntroduceerd.

In onderstaand schema zie je de verschillende straffen en maatregelen en wanneer ze zijn ingevoerd:




3

, • Dierenhoudverbod is vorig jaar ingevoerd en houdt in dat de rechter iemand kan verbieden om
nog verder dieren te houden, bv wanneer deze dieren heeft mishandeld. Is nu een
zelfstandige straf.

Het verschil tussen straffen en maatregelen noemen we het tweesporenstelsel.
• Sancties = straffen en maatregelen (‘tweesporenstelsel’)




• Knigge: straffen is (in wezen) vergelden. In beide gevallen.
• Er mogen geen punitieve elementen worden toegevoegd aan maatregelen.
• De duur van de maatregel is afhankelijk van het doel. Bv beveiliging van de maatschappij dmv
tbs. De tbs kan zo een langdurige maatregel zijn.
• Proportionaliteit zit ook wel bij de maatregel

Kritiek op het tweesporenstelsel:
• Het maakt voor de veroordeelde gevoelsmatig weinig verschil of een sanctie wordt
aangemerkt als straf of maatregel.
• In het kader van de tenuitvoerlegging van een gevangenisstraf is ook behandeling mogelijk in
een tbs-inrichting (art. 6:2:9 Sv).
• Kan gelet op recente wijzigingen in het sanctiestelsel het onderscheid worden volgehouden
(bv. regeling voorwaardelijke invrijheidstelling)?
- Hierdoor is VI niet meer alleen het resterende gedeelte. Eerst kon iemand na 2/3e van
de straf voorwaardelijk in vrijheid worden gesteld, tegenwoordig slechts de laatste 2
jaar van de straf.
- Het resterende gedeelte is dan de VI periode en die kan nu steeds verlengd worden
met twee jaar. Hierdoor kan de VI, die als onderdeel van de straf wordt gezien,
worden verlengd, terwijl de straf altijd een einde had.

STRAFTHEORIEËN
Retributieve straftheorieën (ook wel: absolute vergeldingstheorieën)
• In meervoud, want er zijn in de loop der tijd meerdere denkers geweest en die hebben hun
eigen interpretatie gegeven, maar vallen allemaal hieronder.
• De rechtvaardiging (of grondslag) voor de straf is gelegen in het begane misdrijf. Anders
gezegd: de rechtvaardiging van de straf is gelegen in het vergelden van schuld. Het te
verwachten nut van de straf is daaraan ondergeschikt.
- Nut bv optreden gedragsverandering, beveiligen maatschappij; staat allemaal
ondergeschikt.
• Met de rechtvaardiging van de straf is tevens het doel gegeven, namelijk vergelding. Anders
gezegd: er wordt gestraft om te vergelden.
• Rechtsgrond = doel = vergelding.
- De straf als repressieve reactie op begaan onrecht is een doel in zich.
- Er is geen sprake van een écht strafdoel; strafgrond en strafdoel vallen samen.
• Straf wordt hierbij gezien als een morele of noodzakelijke reactie op hetgeen is misdaan, los
van een mogelijk toekomstig effect van de straf.
• Door te straffen wordt ook tegemoet gekomen aan de door het onrecht ontstane gevoelens
van ongenoegen en wraakgevoelens van slo en samenleving.



4

, - Vergelding kan dus leiden tot genoegdoening; er wordt recht gedaan aan slo en
samenleving.
• Deze straftheorieën zijn typerend voor de Klassieke Richting.
- Het gedachtengoed van de Klassieke Richting was dat van de Verlichting, waarin de
menselijke rede centraal stond.
• Het mensbeeld dat bij deze richting past is dat van de homo economicus.
- De mens die een rationele afweging maakt: enerzijds de voordelen die een strafbaar
feit oplevert en anderzijds de nadelen die een straf meebrengt.
- Klassieke richting probeerde dus van een rationele mens uit te gaan, anders dan bij
de periode hiervoor, de Verlichting, waar sprake was van wrede straffen (Beccaria).
• Beccaria, Kant.
- Kant ging uit van de rationele mens. Zegt dat de mens rationeel en autonoom is en
dat dat ons in staat stelt rationeel te handelen.
- Kant ging uit van de categorisch imperatief: als morgen de wereld vergaat, moet
vandaag nog de laatste misdadiger worden gehangen = ook al heeft de straf geen
enkel nut meer, het kan geen doel meer dienen, dan nog moet op grond van deze
theorie (retributieve) de laatste misdadiger worden gestraft. Vergelding staat centraal.
- Kant: de strafmaat dient te worden afgestemd op de ernst van de misdaad en niet op
de eventuele gevolgen van de straf.
- Beccaria: verlichtingsfilosoof, de reden staat centraal.

Utilistische theorieën (ook wel: relatieve of doeltheorieën)
• De rechtvaardiging (of grondslag) van de straf is gelegen in het doel (of het veronderstelde
nut) daarvan. Er wordt gestraft, omdat daarvan een bepaald doel wordt verwacht.
- Het toekomstige nut van straffen is gelegen in het voorkomen of reduceren van
(herhaalde) criminaliteit. Kan bereikt worden d.m.v. verschillende strafdoelen.
• Strafdoelen:
- Generale preventie: afschrikking en normstelling- en bevestiging.
o In positieve zin (Vegter): versterking van het rechtsbewustzijn; norminprenting
en normbevestiging; bevestiging dat iets afkeuringswaardig is. Burgers
sterken in vertrouwen in handhaving van het recht en de bestrijding van
onrecht. Ook wel de normerende werking van generale preventie: uit
bestraffing blijkt de maatschappelijke afkeuring.
Ook: voorkomen van eigenrichting.
o In negatieve zin (Vegter): afschrikken van potentiële daders door
strafbedreiging, straftoepassing en strafuitvoering.
Dus: bang maken door zware straffen.
- Speciale preventie (gericht op de individuele dader): door individuele afschrikking
(afzien vanwege onaangename gevolgen die hij al heeft ondervonden) resocialisatie
(verbeteren dader, verandering dader beoogd), onschadelijkmaking (incapacitatie;
vastzetten zodat hij niet nog iets kan doen; ontneming bevoegdheden).
o In positieve zin (Vegter): resocialisatie van de dader door genezing,
verbetering of opvoeding.
o In negatieve zin (Vegter) : afschrikking van de dader zodat hij in de toekomst
niet recidiveert. Hierbij kan worden gedacht aan directe
maatschappijbescherming door onschadelijkmaking.
• Typerend voor de Moderne Richting.
- Het strafrecht wordt steeds meer beïnvloed door andere wetenschappen, als
geneeskunde, sociologie, biologie, psychologie, en moesten antwoord bieden op de
vraag waarom een dader tot het begaan van een misdrijf was gekomen. Aan de hand
van de antwoorden, moest de strafrechtelijke reactie worden afgestemd op de
persoon en de persoonlijke omstandigheden teneinde te voorkomen dat ze opnieuw
de fout in zouden gaan.
5

, - De gedachte dat je misdaden pleegt omdat je kan denken, wordt verworpen. Er wordt
veel meer gekeken naar het feit dat mensen kunnen lijden aan psychische
stoornissen of in bepaalde omstandigheden opgroeien en daarom bepaalde dingen
doen.
• Op de dader (in plaats van de daad) gericht, maar ook: homo economicus.
- Meer richten op de dader.
- Homo economicus: idee dat je de mens kan beïnvloeden door te straffen.
• Mensbeeld van de rationele mens wordt verworpen, een meer wetenschappelijke benadering
wordt voorgestaan.

Boek Vegter en Bleichrodt: in de moderne richting onderscheid tussen gelegenheids- en
gewoontemisdadigers. De gelegenheidsmisdadigers zouden met name door externe omstandigheden
tot de misdaad worden gedreven, terwijl bij de beroeps- en gewoontemisdadigers veeleer van een
innerlijke drang tot deviant (afwijkend) gedrag sprake was.

Verenigingstheorieën (heersende leer)
• In verenigingstheorieën worden elementen van het utilitarisme en het retributivisme over de
algemene rechtvaardiging en doelen van straf gecombineerd.
- De straf wordt ingegeven door vergelding (retributivisme).
- Voor wat betreft de keuze van de straf en de hoogte daarvan spelen hoofdzakelijk
utilistische overwegingen een rol.
• Er wordt dus een onderscheid gemaakt tussen enerzijds de rechtvaardiging (grondslag) van
de straf en anderzijds het doel van de straf.
• Grofweg twee varianten (WODC-rapport):
1. In de eerste variant staat als rechtvaardiging van straffen het nut van de straf voor de
samenleving als geheel voorop (de utiliteit) maar worden elementen uit
retributivistische theorieën gebruikt als beperking: alleen schuldigen mogen gestraft
worden en niet zwaarder dan men verdient.
2. In de tweede soort verenigingstheorie wordt het meeste belang gehecht aan
vergelding als rechtvaardiging voor een straf. Het belangrijkste is dat straffen
proportioneel zijn. Binnen de grenzen van proportionaliteit kan er dan ruimte zijn voor
utilitaristische strafdoelen zoals speciale preventie. (NL situatie; bovengrenzen straf
gesteld, maar verder veel discretionaire bevoegdheid).
• De grondslag (ondergrens) van de straf is vergelding (vergelden is ‘het wezen van de straf’,
aldus Knigge). De vergelding moet proportioneel zijn.
• Doelen van de straf:
- Speciale preventie (afschrikking, verbetering (resocialisatie), onschadelijkmaking
(incapacitatie)
- Generale preventie: normbevestiging en normstellend, conflictoplossing, beveiliging
van de maatschappij.
- Herstel (nieuw): richting samenleving, slachtoffer en zichzelf. Ook een vorm van
genoegdoening.
• HET doel van de straf bestaat niet. Strafdoelen worden voor persoonlijke rekening gekozen
(De Keijzer).
- Weinig verband tussen het doel wat rechters beogen en de straf die ze opleggen. Bv
speciale of generale preventie als doel, maar voorspelt weinig over de straf die de
rechter gaat opleggen.

Vegter: de mengvormen hebben veel weg van een trekharmonica, waarop repressieve dan wel
preventieve muziek gemaakt kan worden. Trekharmonica indien sprake is van een volledige
mengelmoes van strafdoelen, dus niet als een strafdoel in beginsel regulatief is en daarnaast ruimte
wordt gelaten aan de resterende strafdoeleinden.


6

Document information

Study
Uploaded on
January 30, 2026
Number of pages
106
Written in
2024/2025
Type
Summary
$21.11

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
8
Followers
0
Items
6
Last sold
3 months ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions