Pedagogiek en opvoeding
Pedagogiek als begrip
= studie van de ontwikkeling en opvoeding van kinderen, jongeren en
jongvolwassenen binnen verschillende contexten. We gaan gedrag
voorspellen, verklaren en verbeteren/ondersteunen
Wat verstaan we onder opvoeden?
= opvoeden is een circulair (actie en reactie in de omgang tussen ouder
(handelen om kind te ontwikkelen,…) en kind (heeft bepaalde noden)) en
complementair proces (ouder en kind dragen beide bij aan het proces)
Ontwikkeling is een dynamisch spel tussen nature en nurture:
1. nature: erfelijke aanleg geboren met een bepaalde aanleg die
grenzen en mogelijkheden stelt.
vb. visuele beperking
2. nurture: milieu ontwikkelt door contact met andere mensen
(culturele en maatschappelijke zaken) + zorgen dat bepaalde
aanleg/talent tot uiting komt
3. zelfbepaling: zelf beslissingen nemen en deels afstand nemen van
opvoeding. Volgens hun levensvisie
is opvoeden een taak van de ouders alleen?
Nee, ook grootouders, vrienden, leerkrachten, trainers,… dit is het
opvoedingsmilieu
Hier zijn verschillende niveau’s in:
1. primair opvoedingsmilieu: het gezin vormt wereldbeeld =
socialisatie
2. secundair opvoedingsmilieu: school en opvang school heeft een
opvoedende taak.
3. Tertiair opvoedingsmilieu: buurt- en leeftijdsgenoten, sport,…
maken zich los van ouders en nemen groepsnormen aan. Ook de
buurt heeft een grote invloed
4. Quartair opvoedingsmilieu: de wereld heel breed + veranderlijk
vb. sociale media
Sociaal ecologisch model van
Bronfenbrenner
Voorgesteld in 1994, maar heel actueel
,theorie
benadrukt sociale omgeving. Hij deelt deze omgeving onder in een micro,
meso, exo, macro, chronosysteem.
Het microsysteem
= dagelijkse, directe omgeving waarin het kind zich begeeft en in
interactie gaat.
vb. gezin, crèche, school, jeugdbeweging
Kenmerken:
- Dynamisch wederzijdse beïnvloeding (dus geen passieve
ontvangers)
- Vaste gesprekspartners terugkerende ontmoeting
Kind ervaart de invloed heel direct aangezien het zelf ook
interageert. Maar voor elk kind anders
Verschillende aspecten:
- Fysische/materiële aspecten: huisvestiging, het gebouw,
speelgoed,sporthal,…
vb. gezin: woont in huis met een grote tuin,…
- Sociale aspecten: samenstelling van systeem, taakverdeling,
relaties, verwachtigingen,…
vb. gezin: de mama van Mariah leest elke avond een verhaaltje
voor
Het mesosysteem
= iets verdere omgeving. Bestaat uit de relatie tussen de microsystemen
en de verbinding tussen de thuis- en schoolwereld, vriendengroep. Mensen
uit microsystemen die in contact komen
vb. mama van Sally praat met de leerkracht van Sally
Goede afstemming (+ relaties) tussen microsystemen goed voor
ontwikkeling kind
vb. leerkracht en ouder vinden het goed met elkaar
Slechte afstemming (- relaties) “ negatief voor ontwikkeling
vb. slechte band tussen leerkracht en ouder kan voor tegenstrijdige
emoties bij het kind zorgen.
Verandering/ gebeurtenis in microsysteem heeft weerslag op
ander mi. Sys.
vb. een scheiding zorgt voor anders gedrag op school
Onderlinge relaties tussen microsystemen (eigenschappen)
Frequentie hoe vaak is er contact tussen de mi. Sys.?
, Kwaliteit goed of slecht?
Waardering is er waardering voor andere mi. Sys.
Overgangen van mi.sys. kan vlot of stroef verlopen. Soms kan dit
moeilijk gaan door verschillen in waarden en normen.
Exosysteem
= invloed van omgeving waar het kind geen deel van maakt maar die wel
de directe omgeving van het kind beïnvloed en zo uiteindelijk ook het kind.
Vb. het werk van ouders, schoolklas broer/zus, het land van herkomst van
ouders,…
Macrosysteem
= grote structuren op afstand van het kind zoals wetgeving, cultuur,
religie, beleid,… deze geven invloed op de andere systemen en indirect op
het kind.
vb. pandemie, oorlog in Oekraïne, nieuwe wetgeving,…
Het chronosysteem
In hedendaagse modellen zien we dit niet meer
= geschiedenis heeft invloed op het leven van het kind nu + levensfase is
heel bepalend
Vb. geschiedenis: gsm is ooit uitgevonden en heeft veel invloed op je
vb. levensfase: een echtscheiding meemaken is anders op leeftijd 2 als
op leeftijd 17
Sociaal-contextueel procesmodel van Belsky
Heel innovatief ouderschap is meervoudig bepaald en wordt gevormd
door contextuele factoren
Gebaseerd op Brofenbrenner maar dan voor opvoedend handelen van
ouders
Het model gaat pas in werking bij wederzijdse beïnvloeding.
Pedagogiek als begrip
= studie van de ontwikkeling en opvoeding van kinderen, jongeren en
jongvolwassenen binnen verschillende contexten. We gaan gedrag
voorspellen, verklaren en verbeteren/ondersteunen
Wat verstaan we onder opvoeden?
= opvoeden is een circulair (actie en reactie in de omgang tussen ouder
(handelen om kind te ontwikkelen,…) en kind (heeft bepaalde noden)) en
complementair proces (ouder en kind dragen beide bij aan het proces)
Ontwikkeling is een dynamisch spel tussen nature en nurture:
1. nature: erfelijke aanleg geboren met een bepaalde aanleg die
grenzen en mogelijkheden stelt.
vb. visuele beperking
2. nurture: milieu ontwikkelt door contact met andere mensen
(culturele en maatschappelijke zaken) + zorgen dat bepaalde
aanleg/talent tot uiting komt
3. zelfbepaling: zelf beslissingen nemen en deels afstand nemen van
opvoeding. Volgens hun levensvisie
is opvoeden een taak van de ouders alleen?
Nee, ook grootouders, vrienden, leerkrachten, trainers,… dit is het
opvoedingsmilieu
Hier zijn verschillende niveau’s in:
1. primair opvoedingsmilieu: het gezin vormt wereldbeeld =
socialisatie
2. secundair opvoedingsmilieu: school en opvang school heeft een
opvoedende taak.
3. Tertiair opvoedingsmilieu: buurt- en leeftijdsgenoten, sport,…
maken zich los van ouders en nemen groepsnormen aan. Ook de
buurt heeft een grote invloed
4. Quartair opvoedingsmilieu: de wereld heel breed + veranderlijk
vb. sociale media
Sociaal ecologisch model van
Bronfenbrenner
Voorgesteld in 1994, maar heel actueel
,theorie
benadrukt sociale omgeving. Hij deelt deze omgeving onder in een micro,
meso, exo, macro, chronosysteem.
Het microsysteem
= dagelijkse, directe omgeving waarin het kind zich begeeft en in
interactie gaat.
vb. gezin, crèche, school, jeugdbeweging
Kenmerken:
- Dynamisch wederzijdse beïnvloeding (dus geen passieve
ontvangers)
- Vaste gesprekspartners terugkerende ontmoeting
Kind ervaart de invloed heel direct aangezien het zelf ook
interageert. Maar voor elk kind anders
Verschillende aspecten:
- Fysische/materiële aspecten: huisvestiging, het gebouw,
speelgoed,sporthal,…
vb. gezin: woont in huis met een grote tuin,…
- Sociale aspecten: samenstelling van systeem, taakverdeling,
relaties, verwachtigingen,…
vb. gezin: de mama van Mariah leest elke avond een verhaaltje
voor
Het mesosysteem
= iets verdere omgeving. Bestaat uit de relatie tussen de microsystemen
en de verbinding tussen de thuis- en schoolwereld, vriendengroep. Mensen
uit microsystemen die in contact komen
vb. mama van Sally praat met de leerkracht van Sally
Goede afstemming (+ relaties) tussen microsystemen goed voor
ontwikkeling kind
vb. leerkracht en ouder vinden het goed met elkaar
Slechte afstemming (- relaties) “ negatief voor ontwikkeling
vb. slechte band tussen leerkracht en ouder kan voor tegenstrijdige
emoties bij het kind zorgen.
Verandering/ gebeurtenis in microsysteem heeft weerslag op
ander mi. Sys.
vb. een scheiding zorgt voor anders gedrag op school
Onderlinge relaties tussen microsystemen (eigenschappen)
Frequentie hoe vaak is er contact tussen de mi. Sys.?
, Kwaliteit goed of slecht?
Waardering is er waardering voor andere mi. Sys.
Overgangen van mi.sys. kan vlot of stroef verlopen. Soms kan dit
moeilijk gaan door verschillen in waarden en normen.
Exosysteem
= invloed van omgeving waar het kind geen deel van maakt maar die wel
de directe omgeving van het kind beïnvloed en zo uiteindelijk ook het kind.
Vb. het werk van ouders, schoolklas broer/zus, het land van herkomst van
ouders,…
Macrosysteem
= grote structuren op afstand van het kind zoals wetgeving, cultuur,
religie, beleid,… deze geven invloed op de andere systemen en indirect op
het kind.
vb. pandemie, oorlog in Oekraïne, nieuwe wetgeving,…
Het chronosysteem
In hedendaagse modellen zien we dit niet meer
= geschiedenis heeft invloed op het leven van het kind nu + levensfase is
heel bepalend
Vb. geschiedenis: gsm is ooit uitgevonden en heeft veel invloed op je
vb. levensfase: een echtscheiding meemaken is anders op leeftijd 2 als
op leeftijd 17
Sociaal-contextueel procesmodel van Belsky
Heel innovatief ouderschap is meervoudig bepaald en wordt gevormd
door contextuele factoren
Gebaseerd op Brofenbrenner maar dan voor opvoedend handelen van
ouders
Het model gaat pas in werking bij wederzijdse beïnvloeding.