Contractenrecht 2014/2015 – Opdrachten voor de werkgroep
Week 3 – Rechtsgevolgen van overeenkomsten: beperking (I)
Casus Armandino
Armandino heeft bij Olsekjoer Verzekeringen met ingang van 23 februari 2013 een
motorrijwiel-verzekering afgesloten voor zijn Bukati Strietfaaiter motorfiets. In artikel 27 lid
1 sub b van de op de verzekering van toepassing zijnde verzekeringsvoorwaarden is
bepaald: (...) Diefstal van de motor is uitsluitend verzekerd indien de motor op slot is gezet
met een ART categorie 4 goedgekeurd slot; (...) Indien niet aan de boven omschreven
preventie-maatregelen is voldaan, bestaat er geen recht op schadevergoeding.
De motorfiets wordt op 10 september 2013 gestolen uit een afgesloten, door Armandino
gehuurde berging. De schade is door een door Olsekjoer Verzekeringen ingeschakelde
expert vastgesteld op een bedrag van € 29.650,-. Bij brief van 10 oktober 2013 heeft
Olsekjoer Verzekeringen aangegeven geen verzekeringsuitkering aan Armandino te zullen
doen, omdat in strijd met art. 27 van de verzekeringsvoorwaarden geen ART categorie 4
goedgekeurd slot is gebruikt.
Armandino vindt de opstelling van de verzekeraar niet terecht. De motorfiets stond ten tijde
van de diefstal immers in een met twee sloten afgesloten ruimte en was afgesloten met het
stuurslot en een start-onderbreker. Het door Armandino daarnaast gebruikte Bukati U-slot
had weliswaar niet de kwalificatie ART 4, maar was even veilig als een dergelijk slot. Dat
laatste aspect moet doorslaggevend zijn, volgens hem.
Vraag 1
Ziet u mogelijkheden voor Armandino om toch schadevergoeding van de verzekeraar te
verkrijgen? Ga er bij uw beantwoording vanuit dat volgens leidende experts op het gebied
van diefstalpreventie het door Armandino gebruikte slot goedgekeurd is door CNPP, welke
Franse keuring nog strenger is dan een ART-keuring. U dient u bij uw beantwoording niet in
te gaan op het leerstuk van vernietigbaarheid van algemene voorwaarden.
1. Juridisch kwalificeren: beoordelen of het beroep op de algemene voorwaarden naar algemene
maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is.
2. Leerstuk > art. 6:248 lid 2 BW: beperkte werking van redelijkheid en billijkheid.
3. Saladin/HBU-arrest of Kuunders/Swinkels-arrest: van toepassing op een exoneratiebeding,
maar dat is in deze casus niet van belang. De gezichtspunten kunnen wel gebruikt worden
voor andere casus, maar noem dan alleen de gezichtspunten die van belang zijn. Bijvoorbeeld
het gezichtspunt 'zwaarte van de schuld' hoef je hier niet toe te passen, want als je de
vergelijking maakt met de feiten in het arrest, dan hoef je dat niet toe te passen op de zwaarte
van de schuld van Armandino.
4. Wel van toepassing op deze casus: belangenafweging > terughoudend toetsen (noemen, want
krijg je punten voor op het tentamen): verzekeraar heeft niet genoeg belang om zich op de
bepaling te beroepen, omdat de motor goed genoeg op slot stond en toch was gestolen. Het
belang van Armandino is wel voldoende, omdat het bedrag van 30.000euro erg veel is voor
een particulier.
Casus Compuworld
Ezra Overdevest is belastingadviseur en drijft de eenmanszaak “Overdevest Tax
Consultancy”. Hij heeft op zeker moment twee nieuwe geavanceerde computers nodig voor
zijn kantoor. Hij gaat daarvoor naar de speciaalzaak Compuworld, een dealer in computers
voor bedrijfsmatige toepassing, waar op dat moment een mega-uitverkoop plaatsvindt. Ezra
profiteert van de actie en schaft de benodigde computers en software met 50% korting aan
voor het bedrag van € 1.500,-. Gratis installatie van de computers op locatie bij de klant is
in de prijs inbegrepen. Op de algemene voorwaarden die hij voorafgaand aan zijn aankoop
van de winkel ontvangt, staan de (door de branchevereniging voor computer- en
electronicawinkels opgestelde) algemene voorwaarden afgedrukt die Compuworld hanteert.
Art. 11 van die bepalingen luidt:
,“Voor schade ontstaan als gevolg van gebreken in verkochte producten, alsmede voor
vertragingsschade is verkoper tot maximaal een bedrag van € 1.000,- aansprakelijk.”
Twee weken nadat bij Ezra de computers zijn geïnstalleerd, treedt er een computerstoring
op die ertoe leidt dat de computers niet te gebruiken zijn. De oorzaak hiervan ligt in een
technische gebrek dat niet had kunnen worden ontdekt vóór de levering aan Ezra.
Compuworld komt de computers dezelfde dag nog ophalen, maar het blijkt dat zij het
technische gebrek in de processor zelf niet kan repareren. Compuworld stuurt de
computers op naar de Duitse fabrikant. Drie weken later worden de gerepareerde computers
weer afgeleverd bij Ezra. Ezra vordert € 2.000,- aan schadevergoeding van Compuworld,
omdat hij gedurende de weken waarin de computers bij de fabrikant waren zijn
werkzaamheden niet heeft kunnen uitvoeren. Compuworld beroept zich op artikel 11 van de
algemene voorwaarden en is slechts bereid € 1.000,- te betalen. Ezra acht dit onacceptabel
en wendt zich tot u als advocaat.
Vraag 1
Kan Compuworld Ezra aan art. 11 van de algemene voorwaarden houden? U dient bij de
beantwoording van deze vraag eventuele toepasselijkheid van art. 6:248 lid 2 BW buiten
beschouwing te laten.
Steunargument: het is een eenmanszaak, dus Ezra is een kleine wederpartij (en dus vergelijkbaar
met een consument) en kan zich beroepen op art. 6:233 sub a BW jo. art. 6:237 sub f BW (grijze
lijst) > reflexwerking.
Om te bezien of het beding (in casu art. 11) in de algemene voorwaarden onredelijk bezwarend is
(en Compuworld Ezra daar dus niet aan kan houden), is er een aantal gezichtspunten uit art. 6:233
sub a BW:
- Aard en overige inhoud van de overeenkomst > de overeenkomst die Compuworld met Ezra is
aangegaan is ongewoon gunstig, gezien het feit dat Ezra de computers en software met 50%
korting heeft ontvangen en tevens was de installatie op locatie gratis. Dit maakt het beding in de
algemene voorwaarde al minder onredelijk. Daarnaast wordt de aansprakelijkheid niet volledig
uitgesloten, maar wordt er nog 1000euro vergoed. Dat is nog heel redelijk en maakt het beding
in de algemene voorwaarde al minder onredelijk.
- Wijze waarop de voorwaarden tot stand zijn gekomen > de algemene voorwaarden zijn in goed
overleg tussen organisaties van betrokkenen (namelijk door de branchevereniging voor
computer- en electronicawinkels) opgesteld. Dit maakt het beding in de algemene voorwaarde al
minder onredelijk.
- Wederzijdse kenbare belangen van partijen > mag weggelaten worden, want is in casu niet van
belang.
- Overige omstandigheden van het geval > mag weggelaten worden, want is in casu niet van
belang.
Conclusie > afweging van omstandigheden: aan de hand van bovenstaande gezichtspunten kan
men opmaken dat het beding in de algemene voorwaarden van Compuworld niet onredelijk
bezwarend zijn en dat Compuworld Ezra dus gewoon aan dit beding kan houden.
Toetsen van art. 6:233 sub a BW > ex tunc toetsing, want je kijkt echt naar de omstandigheden ten
tijden van het sluiten van de overeenkomst. Wat er daarna is gebeurd, moet buiten toepassing
blijven.
Let op: alleen de gezichtspunten noemen die jou iets opleveren > bij het noemen van niet
relevante gezichtspunten kan dat zelfs minpunten opleveren op het tentamen, tenzij je goed kan
beargumenteren waarom het wel van belang is.
Vervolg casus:
Stel dat Ezra in de winkel van Compuworld voorafgaand aan het sluiten van de
overeenkomst heeft aangegeven dat het bedrag van € 1.000,- in art. 11 van de algemene
, voorwaarden voor hem niet akkoord is, waarna de verkoopmedewerker van Compuworld
met instemming van Ezra van dit bedrag op Ezra’s exemplaar van de algemene
voorwaarden met een ballpoint wijzigt in “€ 1.250,-“ Stel voorts dat de oorzaak van de
computerstoring is gelegen in een zeer slordige installatie van de computers door een
medewerker van Compuworld.
Vraag 2
Kan Compuworld Ezra aan het aldus gewijzigde beding houden? Zo nee, waarom niet? Zo
ja, waarom?
Het beding kan niet als algemene voorwaarden aangemerkt worden op grond van art. 6:231 sub a
BW, omdat het specifiek voor 1 geval wordt gebruikt en niet om op te nemen in een aantal
overeenkomsten.
Gezien het feit dat het geen algemene voorwaarden zijn, is art. 6:233 sub a BW niet van
toepassing. Het is wel mogelijk om je te beroepen op art. 6:248 lid 2 BW > ex nunc toetsen.
In dit geval is het volledig aan een fout van de winkel te wijten > Saladin/HBU-arrest of
Kuunders/Swinkels-arrest (r.o. 3.6): een exoneratiebeding dient buiten toepassing te blijven als
de schade te wijten is aan opzet of bewuste roekeloosheid van de schuldenaar of van hem met de
leiding van zijn bedrijf belaste personen. Daarbij zal de rechter rekening moeten houden met alle
omstandigheden waarop de door de partij die het beding buiten toepassing gelaten wil zien, zich
heeft beroepen.
In het bijzonder zal in een geval als het onderhavige in aanmerking moeten worden genomen:
- Hoe laakbaar het verzuim dat tot aansprakelijkheid zou moeten leiden, is geweest / zwaarte van
de schuld > in casu is de schade te wijten aan een zeer slordige installatie van de computers
door een van de medewerkers van Compuworld > onaanvaardbaarheid van het beding.
- Wat de gevolgen van dit verzuim zijn > of dit opzettelijk of bewust roekeloos is geweest vermeld
te casus echter niet. Wel kan bezien worden dat het verzuim toch voor een redelijk bedrag aan
schade heeft opgeleverd en dat niet al deze kosten door het beding gedekt zullen worden.
- Aard en overige inhoud van de overeenkomst > Ezra heeft wel een flinke korting gehad en krijgt
toch een gedeelte van de schade vergoed > aanvaardbaarheid beding.
- Maatschappelijke positie en onderlinge verhouding van partijen > Compuworld is wel een
sterkere partij dan Ezra > beding minder snel aanvaardbaar.
- Wijze waarop de overeenkomst tot stand is gekomen > Ezra is zelf met een prijs akkoord
gegaan > aanvaardbaarheid van het beding.
Conclusie: er valt voor zowel Ezra als Compuworld te bepleiten dat zij gelijk hebben > afweging
van bovenstaande gezichtspunten en kies een kant.
Vervolg casus:
Stel dat Ezra de computers niet voor zakelijk maar voor huiselijk gebruik heeft aangeschaft
en dat in de toepasselijke algemene voorwaarden van Compuworld een beding is
opgenomen dat luidt als volgt:
"Artikel 25 ONTBINDING
Ontbinding van de tussen verkoper en koper gesloten overeenkomst wegens wanprestatie
is mogelijk tot uiterlijk twee weken na de datum van het sluiten van de overeenkomst”
Ga er vanuit dat Compuworld inderdaad toerekenbaar te kort is geschoten in de nakoming
van de overeenkomst. Stel dat het 3 maanden na sluiting van het contract tussen Ezra en
Compuworld tot een gerechtelijke procedure komt, waarin Ezra de overeenkomst met
Compuworld wenst te ontbinden. Zijn advocaat vergeet echter een beroep te doen op
juridische mogelijkheden om art. 25 van de algemene voorwaarden “van tafel” te krijgen.
Vraag 3
(i) Ga na of dit een oneerlijk beding is, als bedoeld in de Richtlijn 93/13/EEG betreffende
oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten.
Week 3 – Rechtsgevolgen van overeenkomsten: beperking (I)
Casus Armandino
Armandino heeft bij Olsekjoer Verzekeringen met ingang van 23 februari 2013 een
motorrijwiel-verzekering afgesloten voor zijn Bukati Strietfaaiter motorfiets. In artikel 27 lid
1 sub b van de op de verzekering van toepassing zijnde verzekeringsvoorwaarden is
bepaald: (...) Diefstal van de motor is uitsluitend verzekerd indien de motor op slot is gezet
met een ART categorie 4 goedgekeurd slot; (...) Indien niet aan de boven omschreven
preventie-maatregelen is voldaan, bestaat er geen recht op schadevergoeding.
De motorfiets wordt op 10 september 2013 gestolen uit een afgesloten, door Armandino
gehuurde berging. De schade is door een door Olsekjoer Verzekeringen ingeschakelde
expert vastgesteld op een bedrag van € 29.650,-. Bij brief van 10 oktober 2013 heeft
Olsekjoer Verzekeringen aangegeven geen verzekeringsuitkering aan Armandino te zullen
doen, omdat in strijd met art. 27 van de verzekeringsvoorwaarden geen ART categorie 4
goedgekeurd slot is gebruikt.
Armandino vindt de opstelling van de verzekeraar niet terecht. De motorfiets stond ten tijde
van de diefstal immers in een met twee sloten afgesloten ruimte en was afgesloten met het
stuurslot en een start-onderbreker. Het door Armandino daarnaast gebruikte Bukati U-slot
had weliswaar niet de kwalificatie ART 4, maar was even veilig als een dergelijk slot. Dat
laatste aspect moet doorslaggevend zijn, volgens hem.
Vraag 1
Ziet u mogelijkheden voor Armandino om toch schadevergoeding van de verzekeraar te
verkrijgen? Ga er bij uw beantwoording vanuit dat volgens leidende experts op het gebied
van diefstalpreventie het door Armandino gebruikte slot goedgekeurd is door CNPP, welke
Franse keuring nog strenger is dan een ART-keuring. U dient u bij uw beantwoording niet in
te gaan op het leerstuk van vernietigbaarheid van algemene voorwaarden.
1. Juridisch kwalificeren: beoordelen of het beroep op de algemene voorwaarden naar algemene
maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is.
2. Leerstuk > art. 6:248 lid 2 BW: beperkte werking van redelijkheid en billijkheid.
3. Saladin/HBU-arrest of Kuunders/Swinkels-arrest: van toepassing op een exoneratiebeding,
maar dat is in deze casus niet van belang. De gezichtspunten kunnen wel gebruikt worden
voor andere casus, maar noem dan alleen de gezichtspunten die van belang zijn. Bijvoorbeeld
het gezichtspunt 'zwaarte van de schuld' hoef je hier niet toe te passen, want als je de
vergelijking maakt met de feiten in het arrest, dan hoef je dat niet toe te passen op de zwaarte
van de schuld van Armandino.
4. Wel van toepassing op deze casus: belangenafweging > terughoudend toetsen (noemen, want
krijg je punten voor op het tentamen): verzekeraar heeft niet genoeg belang om zich op de
bepaling te beroepen, omdat de motor goed genoeg op slot stond en toch was gestolen. Het
belang van Armandino is wel voldoende, omdat het bedrag van 30.000euro erg veel is voor
een particulier.
Casus Compuworld
Ezra Overdevest is belastingadviseur en drijft de eenmanszaak “Overdevest Tax
Consultancy”. Hij heeft op zeker moment twee nieuwe geavanceerde computers nodig voor
zijn kantoor. Hij gaat daarvoor naar de speciaalzaak Compuworld, een dealer in computers
voor bedrijfsmatige toepassing, waar op dat moment een mega-uitverkoop plaatsvindt. Ezra
profiteert van de actie en schaft de benodigde computers en software met 50% korting aan
voor het bedrag van € 1.500,-. Gratis installatie van de computers op locatie bij de klant is
in de prijs inbegrepen. Op de algemene voorwaarden die hij voorafgaand aan zijn aankoop
van de winkel ontvangt, staan de (door de branchevereniging voor computer- en
electronicawinkels opgestelde) algemene voorwaarden afgedrukt die Compuworld hanteert.
Art. 11 van die bepalingen luidt:
,“Voor schade ontstaan als gevolg van gebreken in verkochte producten, alsmede voor
vertragingsschade is verkoper tot maximaal een bedrag van € 1.000,- aansprakelijk.”
Twee weken nadat bij Ezra de computers zijn geïnstalleerd, treedt er een computerstoring
op die ertoe leidt dat de computers niet te gebruiken zijn. De oorzaak hiervan ligt in een
technische gebrek dat niet had kunnen worden ontdekt vóór de levering aan Ezra.
Compuworld komt de computers dezelfde dag nog ophalen, maar het blijkt dat zij het
technische gebrek in de processor zelf niet kan repareren. Compuworld stuurt de
computers op naar de Duitse fabrikant. Drie weken later worden de gerepareerde computers
weer afgeleverd bij Ezra. Ezra vordert € 2.000,- aan schadevergoeding van Compuworld,
omdat hij gedurende de weken waarin de computers bij de fabrikant waren zijn
werkzaamheden niet heeft kunnen uitvoeren. Compuworld beroept zich op artikel 11 van de
algemene voorwaarden en is slechts bereid € 1.000,- te betalen. Ezra acht dit onacceptabel
en wendt zich tot u als advocaat.
Vraag 1
Kan Compuworld Ezra aan art. 11 van de algemene voorwaarden houden? U dient bij de
beantwoording van deze vraag eventuele toepasselijkheid van art. 6:248 lid 2 BW buiten
beschouwing te laten.
Steunargument: het is een eenmanszaak, dus Ezra is een kleine wederpartij (en dus vergelijkbaar
met een consument) en kan zich beroepen op art. 6:233 sub a BW jo. art. 6:237 sub f BW (grijze
lijst) > reflexwerking.
Om te bezien of het beding (in casu art. 11) in de algemene voorwaarden onredelijk bezwarend is
(en Compuworld Ezra daar dus niet aan kan houden), is er een aantal gezichtspunten uit art. 6:233
sub a BW:
- Aard en overige inhoud van de overeenkomst > de overeenkomst die Compuworld met Ezra is
aangegaan is ongewoon gunstig, gezien het feit dat Ezra de computers en software met 50%
korting heeft ontvangen en tevens was de installatie op locatie gratis. Dit maakt het beding in de
algemene voorwaarde al minder onredelijk. Daarnaast wordt de aansprakelijkheid niet volledig
uitgesloten, maar wordt er nog 1000euro vergoed. Dat is nog heel redelijk en maakt het beding
in de algemene voorwaarde al minder onredelijk.
- Wijze waarop de voorwaarden tot stand zijn gekomen > de algemene voorwaarden zijn in goed
overleg tussen organisaties van betrokkenen (namelijk door de branchevereniging voor
computer- en electronicawinkels) opgesteld. Dit maakt het beding in de algemene voorwaarde al
minder onredelijk.
- Wederzijdse kenbare belangen van partijen > mag weggelaten worden, want is in casu niet van
belang.
- Overige omstandigheden van het geval > mag weggelaten worden, want is in casu niet van
belang.
Conclusie > afweging van omstandigheden: aan de hand van bovenstaande gezichtspunten kan
men opmaken dat het beding in de algemene voorwaarden van Compuworld niet onredelijk
bezwarend zijn en dat Compuworld Ezra dus gewoon aan dit beding kan houden.
Toetsen van art. 6:233 sub a BW > ex tunc toetsing, want je kijkt echt naar de omstandigheden ten
tijden van het sluiten van de overeenkomst. Wat er daarna is gebeurd, moet buiten toepassing
blijven.
Let op: alleen de gezichtspunten noemen die jou iets opleveren > bij het noemen van niet
relevante gezichtspunten kan dat zelfs minpunten opleveren op het tentamen, tenzij je goed kan
beargumenteren waarom het wel van belang is.
Vervolg casus:
Stel dat Ezra in de winkel van Compuworld voorafgaand aan het sluiten van de
overeenkomst heeft aangegeven dat het bedrag van € 1.000,- in art. 11 van de algemene
, voorwaarden voor hem niet akkoord is, waarna de verkoopmedewerker van Compuworld
met instemming van Ezra van dit bedrag op Ezra’s exemplaar van de algemene
voorwaarden met een ballpoint wijzigt in “€ 1.250,-“ Stel voorts dat de oorzaak van de
computerstoring is gelegen in een zeer slordige installatie van de computers door een
medewerker van Compuworld.
Vraag 2
Kan Compuworld Ezra aan het aldus gewijzigde beding houden? Zo nee, waarom niet? Zo
ja, waarom?
Het beding kan niet als algemene voorwaarden aangemerkt worden op grond van art. 6:231 sub a
BW, omdat het specifiek voor 1 geval wordt gebruikt en niet om op te nemen in een aantal
overeenkomsten.
Gezien het feit dat het geen algemene voorwaarden zijn, is art. 6:233 sub a BW niet van
toepassing. Het is wel mogelijk om je te beroepen op art. 6:248 lid 2 BW > ex nunc toetsen.
In dit geval is het volledig aan een fout van de winkel te wijten > Saladin/HBU-arrest of
Kuunders/Swinkels-arrest (r.o. 3.6): een exoneratiebeding dient buiten toepassing te blijven als
de schade te wijten is aan opzet of bewuste roekeloosheid van de schuldenaar of van hem met de
leiding van zijn bedrijf belaste personen. Daarbij zal de rechter rekening moeten houden met alle
omstandigheden waarop de door de partij die het beding buiten toepassing gelaten wil zien, zich
heeft beroepen.
In het bijzonder zal in een geval als het onderhavige in aanmerking moeten worden genomen:
- Hoe laakbaar het verzuim dat tot aansprakelijkheid zou moeten leiden, is geweest / zwaarte van
de schuld > in casu is de schade te wijten aan een zeer slordige installatie van de computers
door een van de medewerkers van Compuworld > onaanvaardbaarheid van het beding.
- Wat de gevolgen van dit verzuim zijn > of dit opzettelijk of bewust roekeloos is geweest vermeld
te casus echter niet. Wel kan bezien worden dat het verzuim toch voor een redelijk bedrag aan
schade heeft opgeleverd en dat niet al deze kosten door het beding gedekt zullen worden.
- Aard en overige inhoud van de overeenkomst > Ezra heeft wel een flinke korting gehad en krijgt
toch een gedeelte van de schade vergoed > aanvaardbaarheid beding.
- Maatschappelijke positie en onderlinge verhouding van partijen > Compuworld is wel een
sterkere partij dan Ezra > beding minder snel aanvaardbaar.
- Wijze waarop de overeenkomst tot stand is gekomen > Ezra is zelf met een prijs akkoord
gegaan > aanvaardbaarheid van het beding.
Conclusie: er valt voor zowel Ezra als Compuworld te bepleiten dat zij gelijk hebben > afweging
van bovenstaande gezichtspunten en kies een kant.
Vervolg casus:
Stel dat Ezra de computers niet voor zakelijk maar voor huiselijk gebruik heeft aangeschaft
en dat in de toepasselijke algemene voorwaarden van Compuworld een beding is
opgenomen dat luidt als volgt:
"Artikel 25 ONTBINDING
Ontbinding van de tussen verkoper en koper gesloten overeenkomst wegens wanprestatie
is mogelijk tot uiterlijk twee weken na de datum van het sluiten van de overeenkomst”
Ga er vanuit dat Compuworld inderdaad toerekenbaar te kort is geschoten in de nakoming
van de overeenkomst. Stel dat het 3 maanden na sluiting van het contract tussen Ezra en
Compuworld tot een gerechtelijke procedure komt, waarin Ezra de overeenkomst met
Compuworld wenst te ontbinden. Zijn advocaat vergeet echter een beroep te doen op
juridische mogelijkheden om art. 25 van de algemene voorwaarden “van tafel” te krijgen.
Vraag 3
(i) Ga na of dit een oneerlijk beding is, als bedoeld in de Richtlijn 93/13/EEG betreffende
oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten.