1) INLEIDING
Materieel
strafrecht
⤷ Welke misdrijven?
- Strafrecht
⤷ Welke straf?
Strafprocesrecht
⤷ Hoe misdrijven
opsporen,
vervolgen en
berechten?
STRAFPROCESRECHT
1) DOELSTELLINGEN VAN HET STRAFPROCESRECHT
- Enerzijds → waarheidsvinding
= Achterhalen wat er precies is gebeurd.
⤷ Is er een misdrijf gebeurd?
⤷ Wie is/zijn de dader(s)?
⇒ Het is de bedoeling om de waarheid te achterhalen!
- Anderzijds → bescherming van grondrechten
= Garantie bieden zodat niemand onterecht wordt veroordeeld.
⤷ Dit houdt in dat:
o Het bewijs op een eerlijke manier wordt gevoerd.
o De zaak binnen een redelijke termijn wordt behandeld.
⇒ Het is de bedoeling dat de grondrechten van de partijen worden
gerespecteerd!
⬇
- Deze 2 doelstellingen van de strafprocedure durven elkaar in de weg te staan.
⤷ Om de 1ste doelstelling tot stand te brengen (=om te achterhalen wat er
precies is gebeurd) → is er bijvoorbeeld (veel) tijd nodig.
⤷ De 2de doelstelling houdt op dat vlak beperkingen in → want iedereen
heeft het recht, dat een zaak binnen een redelijke termijn wordt
behandeld.
, ⇒ Het is zéér moeilijk om beide doelstellingen in evenwicht te houden!
2) DE TWEE FASEN VAN EEN STRAFPROCES
VOORONDERZOEK TERECHTZITTING
= Voorlopig onderzoek, = Onderzoek ten gronde, bij
bij openbaar ministerie of vonnisrechter
onderzoeksrechter
Doelstellingen - Verdachte identificeren Uitspraak over twee vragen:
- Nagaan of er voldoende - Heeft de verdachte idd
bezwaren tegen hem het misdrijf gepleegd?
bestaan om hem voor de
vonnisrechter te brengen - Zo ja, welke straf?
Kenmerken - Geheim: - Openbaar:
tov publiek terechtzitting (in
principe)
tov verdachte en
slachtoffer uitspraak (steeds)
- Niet-tegensprekelijk: - Tegensprekelijk:
Verdachte heeft GEEN Verdachte
recht om verzamelde KAN/MAG
bezwaren te verzamelde
weerleggen. bewijzen
weerleggen, maar
Verdachte heeft GEEN heeft GEEN
inspraak in de manier bewijslast.
waarop het onderzoek
gevoerd wordt.
Vooral INQUISITOIR Vooral ACCUSATOIR
⬇
MEER UITLEG (tabel)
- Het strafproces bestaat uit 2 fasen:
Fase van het vooronderzoek (=1ste fase)
o Het is in principe geheim.
⤷ DUS het gebeurt ZONDER publiek.
o Het is in handen van het Openbaar Ministerie (=Parket) OF de
onderzoeksrechter.
, Fase van de terechtzitting (=2de fase)
o Het speelt zich af voor een vonnisrechter.
⤷ D.w.z. een politierechtbank, correctionele rechtbank of het Hof
van Assisen.
⇒ Beide fasen verschillen dus sterk van elkaar!
- Enkele opmerkingen:
Onderzoeksrechter = rechter, MAAR ≠ vonnisrechter
o KAN GEEN → eindvonnissen uitspreken
o KAN WEL → onderzoeken uitvoeren (naar wat er precies is gebeurd)
⤷ Hij/zij mag de zgn. onderzoeksdaden stellen.
Bijvoorbeeld: verdachten verhoren, huiszoekingen laten uitvoeren,
verdachten in voorlopige hechtenis nemen (als het echt nodig is),…
Voorlopige hechtenis ≠ gevangenisstraf
o Voorlopige hechtenis:
⤷ Uitgesproken door een onderzoeksrechter (=beslissing van een
onderzoeksrechter)
⤷ Tijdens de fase van het vooronderzoek (=1ste fase)
⤷ DUS nog voordat iemand is veroordeeld
⤷ Wordt vooral uitgesproken in het belang van een lopend
onderzoek ÉN OOK in het belang van de veiligheid
o Gevangenisstraf:
⤷ Uitgesproken door een vonnisrechter
⤷ Op het einde van de fase van de terechtzitting
, 3) DE HOOFDROLSPELERS IN HET STRAFPROCESRECHT
- Onderzoeksrechters & vonnisrechters zijn belangrijke actoren in een
strafprocedure.
⤷ MAAR er zijn nog andere ‘hoofdrolspelers’.
⬇
DE VERDACHTE
- Er zijn verschillende soorten verdachten:
Verdachten (in de ruime zin van het woord)
o Het gaat om iemand die een strafprocedure doorloopt, ongeacht in welke
fase (1ste of 2de) die procedure zich bevindt.
Verdachten (in de strikte zin van het woord)
o Het gaat om iemand die zich in de 1ste fase van de strafprocedure
bevindt (=de fase van het vooronderzoek).
⤷ Er is binnen deze groep ook nog een bijzondere categorie
verdachten → inverdenkinggestelden