ZELFBESCHIKKING BIJ HET EINDE VAN HET LEVEN
Voor het examen moet je in staat zijn om:
Het mensenrechtelijke standpunt inzake levensbeëindiging te duiden
Onze Belgische regelgeving te duiden en toe te passen op casussen
Onze Belgische regelgeving te beoordelen op basis van het mensenrechtelijke standpunt
Actualiteit:
Euthanasie bij dementie
MARVA-CASE: ze is hersendood, maar de familie wil niet dat ze sterft en eist dat ze in leven gehouden
wordt
_________________________
De vormen van levensbeëindiging in de medische zin van het woord zijn:
1. Euthanasie
Euthanasie moet op schrift gesteld zijn (= procedurele voorwaarde).
Er is een procedure in de wet (art. 3, §4 Euthanasiewet) dat zegt dat wanneer een
persoon niet meer kan schrijven, moet hij bijgestaan worden door een meerderjarige
persoon die voor hem zal ondertekenen.
Die persoon mag geen materieel belang hebben bij het overlijden van de
persoon (bv. de man, kinderen en kleinkinderen mogen niet ondertekenen).
Je gaat een derde moeten hebben (bv. een extra arts losstaand van de
behandelde arts of adviserende arts).
Een arts die zowel de grondvoorwaarden als procedurele voorwaarden respecteert, zal niet
bestraft worden dat hij de euthanasie heeft toegepast.
Het is een stuk strafrecht: het is een rechtvaardigingsgrond die gecreëerd wordt door
een wet op een handelen die vanuit onze Strafwet strafbaar gesteld wordt.
ZAAK TINE NYS: er zijn geen artsen veroordeeld voor het Hof van Assisen. De rechter heeft
gezegd dat de grondvoorwaarden gerespecteerd zijn. Ze had een vorm van autisme en
daardoor was er sprake van psychisch lijden.
Ze had pas de diagnose van autisme gekregen en ze weigerde de behandeling: ben je
onbehandelbaar als er een behandeling is en je weigert die?
De rechter aanvaardt dit.
Bij euthanasie van psychisch lijden heb je drie artsen nodig, omdat je niet binnen een
afzienbare tijd eraan zal overlijden.
In deze zaak had je drie artsen.
De eerste arts is ook vrijgesproken.
De adviserend arts was vrijgesproken: ze had haar job correct
gedaan.
De eerste adviserend arts was ook vrijgesproken, omwille van het
feit dat hij niet door had dat hij advies gaf voor een euthanasie die
nog moest plaatsvinden.
1
, Assisen heeft maar een aanleg: de ouders gaan naar cassatie. Cassatie zegt dat het
raar gemotiveerd is en vernietigt het arrest.
De zaak komt terecht bij de rechtbank van eerste aanleg (burgerlijke kamer)
Dendermonde, omdat enkel de burgerlijke partijen cassatie aangetekend
hebben en cassatie heeft enkel vernietigt op vlak van het burgerlijke (de straf
blijft).
De burgerlijke rechter heeft twee vragen gesteld aan het
Grondwettelijk Hof:
1. Is het evenredig dat iemand die de procedurele
voorwaarden niet naleeft of die met dezelfde straffen
gesteld mag worden als iemand die bewust een gifmoord
pleegt?
Bv. is het niet naleven van de procedurele
voorwaarde om een gesprek met de naasten aan
te gaan op dezelfde manier strafbaar als dat
wanneer iemand intentioneel iets in iemand zijn
drinken doet en daaraan sterft?
2. Is het evenredig dat iemand die de procedurele
voorwaarden niet naleeft op dezelfde manier gestraft
wordt als iemand die de grondvoorwaarden niet naleeft? Is
het beide gifmoord?
Het Grondwettelijk Hof heeft gezegd dat de
Euthanasiewet discriminerend is in de mate dat
die de procedurele voorwaarde even streng
bestraft als de vormvoorwaarde. De
Euthanasiewet is op dat punt ongrondwettig.
In 2024 heeft de wetgever de
Euthanasiewet aangepast: art. 13/3
waarin specifieke strafbepalingen staan
voor de arts die de Euthanasiewet niet
naleeft.
Dit artikel is het gevolg van de
zaak TINE NYS.
Er wordt een onderscheid
gemaakt tussen het niet naleven
van de procedurele voorwaarden
(§2) en de grondvoorwaarden
(§1).
2. Staken van een behandeling (of niet opstarten) (bv. Marva of geen behandeling meer opstarten
wanneer iemand op spoed komt)
LAMBERT V. FRANKRIJK: we spreken technisch gezien van een euthanasie als er een
euthanasiewet op van toepassing is en die was er in Frankrijk niet. Bij LAMBERT is er een
behandeling gestaakt. Er was discussie over of de behandeling mocht worden gestaakt. De
partner vond dat de behandeling mocht worden gestaakt, maar zijn katholieke ouders
wouden dat niet. De ouders vonden het een schending van LAMBERT zijn recht op leven.
2
Voor het examen moet je in staat zijn om:
Het mensenrechtelijke standpunt inzake levensbeëindiging te duiden
Onze Belgische regelgeving te duiden en toe te passen op casussen
Onze Belgische regelgeving te beoordelen op basis van het mensenrechtelijke standpunt
Actualiteit:
Euthanasie bij dementie
MARVA-CASE: ze is hersendood, maar de familie wil niet dat ze sterft en eist dat ze in leven gehouden
wordt
_________________________
De vormen van levensbeëindiging in de medische zin van het woord zijn:
1. Euthanasie
Euthanasie moet op schrift gesteld zijn (= procedurele voorwaarde).
Er is een procedure in de wet (art. 3, §4 Euthanasiewet) dat zegt dat wanneer een
persoon niet meer kan schrijven, moet hij bijgestaan worden door een meerderjarige
persoon die voor hem zal ondertekenen.
Die persoon mag geen materieel belang hebben bij het overlijden van de
persoon (bv. de man, kinderen en kleinkinderen mogen niet ondertekenen).
Je gaat een derde moeten hebben (bv. een extra arts losstaand van de
behandelde arts of adviserende arts).
Een arts die zowel de grondvoorwaarden als procedurele voorwaarden respecteert, zal niet
bestraft worden dat hij de euthanasie heeft toegepast.
Het is een stuk strafrecht: het is een rechtvaardigingsgrond die gecreëerd wordt door
een wet op een handelen die vanuit onze Strafwet strafbaar gesteld wordt.
ZAAK TINE NYS: er zijn geen artsen veroordeeld voor het Hof van Assisen. De rechter heeft
gezegd dat de grondvoorwaarden gerespecteerd zijn. Ze had een vorm van autisme en
daardoor was er sprake van psychisch lijden.
Ze had pas de diagnose van autisme gekregen en ze weigerde de behandeling: ben je
onbehandelbaar als er een behandeling is en je weigert die?
De rechter aanvaardt dit.
Bij euthanasie van psychisch lijden heb je drie artsen nodig, omdat je niet binnen een
afzienbare tijd eraan zal overlijden.
In deze zaak had je drie artsen.
De eerste arts is ook vrijgesproken.
De adviserend arts was vrijgesproken: ze had haar job correct
gedaan.
De eerste adviserend arts was ook vrijgesproken, omwille van het
feit dat hij niet door had dat hij advies gaf voor een euthanasie die
nog moest plaatsvinden.
1
, Assisen heeft maar een aanleg: de ouders gaan naar cassatie. Cassatie zegt dat het
raar gemotiveerd is en vernietigt het arrest.
De zaak komt terecht bij de rechtbank van eerste aanleg (burgerlijke kamer)
Dendermonde, omdat enkel de burgerlijke partijen cassatie aangetekend
hebben en cassatie heeft enkel vernietigt op vlak van het burgerlijke (de straf
blijft).
De burgerlijke rechter heeft twee vragen gesteld aan het
Grondwettelijk Hof:
1. Is het evenredig dat iemand die de procedurele
voorwaarden niet naleeft of die met dezelfde straffen
gesteld mag worden als iemand die bewust een gifmoord
pleegt?
Bv. is het niet naleven van de procedurele
voorwaarde om een gesprek met de naasten aan
te gaan op dezelfde manier strafbaar als dat
wanneer iemand intentioneel iets in iemand zijn
drinken doet en daaraan sterft?
2. Is het evenredig dat iemand die de procedurele
voorwaarden niet naleeft op dezelfde manier gestraft
wordt als iemand die de grondvoorwaarden niet naleeft? Is
het beide gifmoord?
Het Grondwettelijk Hof heeft gezegd dat de
Euthanasiewet discriminerend is in de mate dat
die de procedurele voorwaarde even streng
bestraft als de vormvoorwaarde. De
Euthanasiewet is op dat punt ongrondwettig.
In 2024 heeft de wetgever de
Euthanasiewet aangepast: art. 13/3
waarin specifieke strafbepalingen staan
voor de arts die de Euthanasiewet niet
naleeft.
Dit artikel is het gevolg van de
zaak TINE NYS.
Er wordt een onderscheid
gemaakt tussen het niet naleven
van de procedurele voorwaarden
(§2) en de grondvoorwaarden
(§1).
2. Staken van een behandeling (of niet opstarten) (bv. Marva of geen behandeling meer opstarten
wanneer iemand op spoed komt)
LAMBERT V. FRANKRIJK: we spreken technisch gezien van een euthanasie als er een
euthanasiewet op van toepassing is en die was er in Frankrijk niet. Bij LAMBERT is er een
behandeling gestaakt. Er was discussie over of de behandeling mocht worden gestaakt. De
partner vond dat de behandeling mocht worden gestaakt, maar zijn katholieke ouders
wouden dat niet. De ouders vonden het een schending van LAMBERT zijn recht op leven.
2