• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 3 out of 20 pages
Lecture notes

Vastgoedrecht samenvatting

Document preview thumbnail
Preview 3 out of 20 pages

Vastgoedrecht samenvatting waarmee ik een 7,2 heb behaald

Content preview

Vastgoedrecht
Goederenrecht heeft de volgende plaats in het privaatrecht




 Je kan vermogensrecht in goederenrecht en verbintenissenrecht
opdelen, hierbij heb je de volgende onderverdeling
Goederenrecht Verbintenissenrecht
Verhouding persoon-goed Verhouding persoon-persoon
Gesloten systeem Open systeem (contractsvrijheid)
I.b. dwingend recht I.b. contractsvrijheid
Goeden echtelijke rechten: Verbintenisrechtelijke rechten:
o Absoluut o Relatief
o Droit de suite (prioriteit) o Geen droit de suite
o Separatisme in faillissement o Paritas credeitorum
o Geen separatisme in faillisement

Goederenrechten
Sommige goederenrechten kunnen soms alleen rusten op zaken, anderen op alle goederen.
Dit is het volgende:
Uitsluitend op zaken (BW 5) Op goederen rustend (BW 3)
1. Eigendom 1. Pand
2. Erfdienstbaarheid 2. Hypotheek
3. Erfpacht 3. Vruchtgebruik
4. Opstal
5. Appartementsrecht
6. Mandeligheid
Je kan bij goederenrechten onderscheid maken tussen volledig en beperkt recht:
1. Volledig recht: meest omvattende recht op een zaak, hiermee heb je alle rechten
over een goed
2. Beperkt recht: een recht dat is afgeleid van een meer omvattend recht
Deze zijn alsvolgt ingedeeld:
Volledige rechten Beperkte rechten (art 3:8 BW)
1. Eigendom (zaken, art 5:1 BW)  Gebruiks-/genotsrechten:
2. Toebehoren (vermogensrechten) 1. Vruchtgebruik (art 3:201 BW)
2. Erfdienstbaarheid (art 5:70 BW)
3. Erfpacht (art 6:85 BW)
4. Opstal (art 5:101 BW)
 Zekerheidsrechten:
1. Pand (art 3:236 e.v. BW)
2. Hypotheek (art 3:260 BW)

,Eigendom
De definitie van eigendom is: ‘het meest omvattende recht dat een persoon op een zaak kan
hebben’.
 De eigenaar van een zaak is ook eigenaar van alle bestanddelen van het eigendom
 Bestanddelen zijn onzelfstandige onderdelen van een zaak, hiervoor
zijn de volgende eisen:
1. Bestanddeel een eigendom hebben ideële band volgens
verkeersopvattingen (depex/ curatoren)
2. Bestanddeel en eigendom hebben materiële (hechte) band -> je kan het
niet zonder schade loshalen
Als eigenaar van een zaak heb je bepaalde rechten, dit zijn de volgende:
1. Gebruiksrecht (je mag gebruik maken van je eigendom)
2. Recht op afscheiden van vruchten (je mag vruchten afscheiden)
3. Beschikkingsbevoegdheid (rechthebbende om het te mogen verkopen)
4. Revindicatie (recht om je eigendom terug te eisen)
 Relatie tot faillissement bezitter/ niet-eigenaar c.q. houder
LET OP: de bevoegdheden van een eigenaar zijn niet onbegrensd!

Individualiseringsbeginsel
Het Individualiseringsbeginsel houdt in dat een vordering/ recht/ verplichting niet
automatisch voor iedereen geldt, maar individueel bepaald wordt en alleen betrekking heeft
op de betrokken partijen. Dit is te herkennen aan de volgende dingen:
1. Vatbaar voor eigendom zijn geïndividualiseerde zaken: eigendom kan alleen rusten
op concreet bepaalbare zaken (voorbeeld: 100 liter wijn is nog niet van een boer, pas
als de partij is afgescheiden of aangewezen wordt het individualiseerbaar en dus
vatbaar voor eigendom)
2. Risico van oneigenlijke vermenging: als zaken van verschillende eigenaren worden
vermengd zonder dat afzonderlijke eigendommen nog te onderscheiden zijn, kan het
eigendomsrecht verloren gaan (of moeilijk afdwingbaar zijn)
 HR Teixeira de mattos: het gaat in dit arrest om effecten (aandelen/ obligaties)
die door een bank werden beheerd, maar niet voldoende apart werden
gehouden door klanten. Hierdoor kon de klant zijn eigendomsrecht niet meer
aanwijzen, omdat de stukken niet geïndividualiseerd waren (eigendomsrecht
kon dus niet worden bewezen)
3. Bewijsvermoedens (art 3:109 jo 3:119 BW): regels die zeggen ‘als een bepaald feit
vaststaat, mag je daaruit een ander feit afleiden, tenzij het tegendeel wordt
bewezen’.

Eigendom van grond
Als je eigenaar bent van de grond ben je op grond van art 5:20 lid 1 BW ook eigenaar van:
1. De bovengrond
2. De aardlagen onder de grond
3. Het grondwater (dat aan de oppervlakte komt)
4. Afgepaald grondwater op de grond
5. Beplantingen
6. Hetgeen wat duurzaam met de grond verbonden gebouwen en werken, voor zover
deze geen bestanddeel zijn van een andere onroerende zaak (sub e)
> Zie ook art 3:3 BW en arrest Portacabin

, Bezit en houderschap (art 3:107 BW jo art 3:108 BW)
 De definitie van bezit: iemand heeft een zaak in zijn/ haar macht en gedraagt zich als
eigenaar en houdt het voor zichzelf. Bezit geeft geen recht op de zaak, slechts
bepaalde situaties, terwijl eigendom dit wel geeft. Bezit geeft feitelijke macht.
 De definitie van houden: je hebt de macht over de zaak van een ander tijdelijk, je
gedraagt je NIET als eigenaar (Art. 3:110 BW). Je houdt het goed voor een ander.




 Of je houder of bezitter bent is wordt beoordeeld aan de hand van
verkeersopvattingen op basis van:
1. Uiterlijke feiten
2. Bewijsvermoedens
Je hebt een aantal soorten verschillende bezitter en houder ‘rol’:
1. onmiddellijk bezit (art 3:107 lid 2 BW jo lid 1 BW): degene die de macht kan
uitoefenen doet dit ook zelf.
2. middellijk bezit (art 3:107 lid 3 jo lid 1 BW) door iemand anders wordt bezit
uitgeoefend voor de bezitter
3. onmiddellijk houder (art 3:107 lid 4 jo lid 2 BW): oefent zelf de feitelijke macht uit
voor de bezitter
4. Middellijk houder (art 3:107 lid 4 jo lid 3 BW): laat feitelijke macht voor bezitter
uitoefenen door een ander

Bezit verkrijgen
Je kan bezit op verschillende manieren verkrijgen, de wet geeft hiervoor geen limitatieve
opsomming. Er kunnen ook een aantal gevallen denkbaar zijn:
1. Occupatie: het in bezitnemen van een res nullius (zaak die van nog niemand is),
hierdoor wordt je bezitter (art 5:4 BW)
2. Opvolger onder algemene titel: bij erfenis of fusie wordt je bezitter
3. Bezitsoverdracht: de oude bezitter draagt het over naar de nieuwe bezitter. Voor
overdracht zijn 3 eisen:
1. Geldige titel (reden waarom je iets overdraagt)
2. Beschikkingsbevoegdheid (diegene moet eigenaar zijn van de zaak)
3. Levering (goede rechtelijke overeenkomst (je wilt overdragen)+
leveringshandeling

Document information

Study
Uploaded on
January 20, 2026
Number of pages
20
Written in
2025/2026
Type
Lecture notes
Professor(s)
Suzanne de roji
Contains
All classes
$10.02

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
rechel2006
4.0
(2)
Sold
9
Followers
0
Items
15
Last sold
1 week ago




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their exams and reviewed by others who've used these revision notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No problem! You can straightaway pick a different document that better suits what you're after.

Pay as you like, start learning straight away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and smashed it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions