NEUROKINESITHERAPIE 1
HOOFDSTUK 1: NEUROLOGISCHE REVALIDATIE: EEN UNIEKE BENADERING
WIE IS DE NEUROLOGISCHE PATIËNT
= een individu die lijdt aan een aandoening dat het zenuwstelsel aantast → de hersenen, het ruggenmerg of de
perifere zenuwen
Neurologische aandoeningen:
- Kunnen variëren van relatief mild tot zeer ernstig
- Vaak een ingrijpende invloed op het dagelijks functioneren, mobiliteit en kwaliteit van het leven van
de patiënt op lange termijn
HET ZENUWSTELSEL EN ZIJN ROL
Zenuwstelsel = centrale communicatienetwerk van het lichaam
- Stuurt signalen die bewegingen, reflexen en automatische processen (zoals ademhaling en hartslag)
controleren, evenals complexere functies zoals evenwicht, spraak, geheugen en emotionele
verwerking
Neurologische aandoening → kan leiden tot verstoring in één of meerdere van deze functies!
CENTRAAL ZENUWSTELSEL
- Hersenen → in schedel beschermd
- Ruggenmerg → in wervelkolom beschermd
Functie = verwerking van informatie en aansturing van het lichaam.
- Integreert sensorische informatie
- Coördineert motorische functies
- Betrokken bij hoge cognitieve functies zoals denken en geheugen
o “Input-verwerking-output” model
▪ Input = sensorische (afferente) informatiestroom
▪ Wordt verwerkt in bepaalde gebieden in de hersenen
▪ Respons/output = als gevolg van de verwerking van de sensorische input →
motorische (efferente) respons
= zeer cyclisch en repetitief proces met constante interactie tussen de motorische output en
de sensorische feedback die daarop volgt
1
,PERIFERE ZENUWSTELSEL
- Alle zenuwen buiten het CZS
o Alle craniale zenuwen (die uit de hersenstam ontspringen)
o Spinale zenuwen (die uit het ruggenmerg komen)
o Perifere zenuwen die zich vertakken naar de spieren, huid en organen
VEELVOORKOMENDE NEUROLOGISCHE AANDOENINGEN
Neurologische patiënten kunnen te maken hebben met zeer uiteenlopende aandoeningen.
Voorbeelden:
- Beroerte (Cerebrovasculair Accident - CVA): Een beroerte ontstaat wanneer de bloedtoevoer naar een
deel van de hersenen wordt onderbroken, meestal door een bloedstolsel (ischemische beroerte) of
een gescheurd bloedvat (hemorragische beroerte). Dit leidt tot zuurstoftekort in het getroffen deel
van de hersenen, wat kan resulteren in onder andere verlamming, spraakproblemen en cognitieve
stoornissen. Revalidatie is dan ook vaak gericht op het herstellen van sensorimotorische functies,
cognitie, spraak en het dagelijks functioneren.
- Multiple Sclerose (MS): MS is een chronische auto-immuunziekte waarbij het immuunsysteem de
beschermende myelinelaag rond de zenuwen in de hersenen en het ruggenmerg aanvalt. Dit leidt tot
neurologische symptomen zoals spierzwakte, coördinatieproblemen, visusverlies en vermoeidheid.
Patiënten kunnen episodes van verergering en herstel ervaren, maar de ziekte is meestal progressief
van aard.
- Traumatisch hersenletsel (TBI): Traumatisch hersenletsel ontstaat door een directe klap of impact op
het hoofd die schade aan de hersenen veroorzaakt. Vb. aanrijding van een fietser door een auto. De
ernst van een TBI kan variëren van een lichte hersenschudding tot een ernstige en blijvende
hersenbeschadiging. Symptomen zijn onder meer geheugenverlies, cognitieve problemen,
gedragsveranderingen en sensorimotorische stoornissen.
- Parkinson: De ziekte van Parkinson is een progressieve neurodegeneratieve aandoening die wordt
gekenmerkt door verlies van dopaminerge neuronen in de hersenen, wat leidt tot symptomen zoals
tremor, stijfheid, langzame bewegingen (bradykinesie) en evenwichtsproblemen. Revalidatie richt zich
vaak op het verbeteren van mobiliteit en het leren omgaan met de fysieke beperkingen al dan niet
door compensatoire strategieën of hulpmiddelen.
- Ruggenmergletsels: Letsels aan het ruggenmerg kunnen door trauma of ziekte (zoals ontsteking)
worden veroorzaakt en leiden tot gedeeltelijke of volledige verlamming onder het niveau van het
letsel. Afhankelijk van de locatie van het letsel, kunnen zowel de motorische als sensorische functies
worden aangetast, inclusief urinaire of fecale incontinentie. Revalidatie richt zich op het
maximaliseren van de onafhankelijkheid van de patiënt, vaak door middel van handfunctie, zitbalans
en aanpassingen in het dagelijks leven.
UITDAGINGEN VOOR DE PATIËNT
Neurologische patiënten hebben vaak meerdere uitdagingen die verder gaan dan alleen fysieke
(sensorimotorische) beperkingen. → Vaak ook invloed op mentale gezondheid en sociale interactie
Mentale problemen:
➢ Gevolg van ziekte én verlies van zelfredzaamheid en vrijheid
➢ Chronische pijn, vermoeidheid, depressie en cognitieve achteruitgang
2
,Problemen met spraak, slikken en incontinentie → beperken het dagelijkse leven + grote impact op het
zelfbeeld met schaamtegevoel
➢ Motorische stoornissen
o Slappe/spastische verlamming, tremor, coördinatie, incontinentie, …
➢ Sensorische stoornissen
o Gevoelstoornissen (hyper-, hypo esthesie), sensorische ataxie, pijn, …
➢ Cognitieve stoornissen
o Vermoeidheid, depressie, aandachtsproblemen, herkennen van gezichten, …
➢ Spraakstoornissen
o Afasie, woordvindingsproblemen, begripsstoornissen, …
➢ Emotionele stoornissen
o Rouw, verdriet, ongecontroleerde emoties, …
Verscheidenheid aan mogelijke stoornissen
Elke patiënt = uniek pallet van stoornissen
Geïndividualiseerde aanpak = belangrijk!
REVALIDATIE IN DE NEUROLOGIE
De revalidatie van neurologische patiënten verschilt van de musculoskeletale revalidatie → door de
verschillende mogelijke stoornissen
− Herstel van musculoskeletale aandoeningen = gericht op genezen van aangedaan weefsel
− Herstel van neurologische aandoeningen = gericht op compensatie en adaptatie
o Neurale schade in de hersenen kan niet genezen worden → daarom richt revalidatie zich op
het reorganizeren van het CZS
=> Het CZS is plastisch → het kan zich aanpassen en nieuwe verbindingen
maken tussen neuronen om verloren functies te compenseren
3
, WAAROM NEUROLOGISCHE REVALIDATIE BELANGRIJK IS
Musculoskeletale revalidatie = gericht op herstel van spieren, botten en gewrichten
Neurologische revalidatie = gericht op herstel van functies bij patiënten met aandoeningen aan het
zenuwstelsel → beweging, cognitie en functionaliteit (na beschadiging van de hersenen, het ruggenmerg of
perifere zenuwen)
=> Gaat verder dan musculoskeletale revalidatie door te richten op complexe interacties tussen het
zenuwstelsel, motorische controle en functieherstel
− Proces = gericht op het maximaliseren van de functionele onafhankelijkheid van de patiënt door
gebruik te maken van neurplasticiteit en adaptatie
o Neuroplasticiteit = het vermogen van het zenuwstelsel om zichzelf te reorganiseren door
nieuwe verbindingen te vormen na een letsel (restitutie = herstel van functie)
o Adaptatie = leren omgaan met de beperkingen die er zijn. Hier veronderstellen we dat er
geen verder weefselherstel of reorganisatie zal plaatsvinden. We richten ons op de
zelfredzaamheid van de patiënt zonder te veel de focus te willen leggen op normaal
bewegen.
Veel studenten = neiging om te focussen op de musculoskeletale pathologieën doordat de spier- en
gewrichtsfuncties duidelijke en meetbare aspecten hebben terwijl neurologische revalidatie uitdagender is
doordat het werken met het zs een complexer, systemischer en holistisch perspectief vereist.
HET VERSCHIL TUSSEN NEUROLOGISCHE EN MUS CULOSKELETALE REVALIDATIE
MUSCULOSKELETALE REVALIDATIE
= structuurgericht herstel
= gericht op aandoeningen die spieren, gewrichten, ligamenten en botten beïnvloeden.
→ Deze ontstaan door acute trauma’s (vb. verstuiking, breuk, spierverrekking…), degeneratieve
veranderingen (vb. artrose) of chronische belasting (vb. tendinitis)
Revalidatie = gericht op het verlichten van de pijn, bevorderen van genezing en herstellen van
mobiliteit en kracht
Oorzaak van pijn of disfunctie bij een msk aandoening = vaak lokaal en relatief duidelijk te identificeren en
lokaliseren → leidt tot een gerichte behandelstrategie:
− Vermindering van ontsteking en zwelling
− Herstel van de beschadigde structuur (zoals spieren, pezen of gewrichten)
− Heropbouw van kracht en mobiliteit door oefentherapie
− Voorkomen van toekomstige letsels
Doel = patiënt terugbrengen naar zijn of haar oorspronkelijke niveau van functioneren door de
herstelprocessen van het lichaam te ondersteunen
4
HOOFDSTUK 1: NEUROLOGISCHE REVALIDATIE: EEN UNIEKE BENADERING
WIE IS DE NEUROLOGISCHE PATIËNT
= een individu die lijdt aan een aandoening dat het zenuwstelsel aantast → de hersenen, het ruggenmerg of de
perifere zenuwen
Neurologische aandoeningen:
- Kunnen variëren van relatief mild tot zeer ernstig
- Vaak een ingrijpende invloed op het dagelijks functioneren, mobiliteit en kwaliteit van het leven van
de patiënt op lange termijn
HET ZENUWSTELSEL EN ZIJN ROL
Zenuwstelsel = centrale communicatienetwerk van het lichaam
- Stuurt signalen die bewegingen, reflexen en automatische processen (zoals ademhaling en hartslag)
controleren, evenals complexere functies zoals evenwicht, spraak, geheugen en emotionele
verwerking
Neurologische aandoening → kan leiden tot verstoring in één of meerdere van deze functies!
CENTRAAL ZENUWSTELSEL
- Hersenen → in schedel beschermd
- Ruggenmerg → in wervelkolom beschermd
Functie = verwerking van informatie en aansturing van het lichaam.
- Integreert sensorische informatie
- Coördineert motorische functies
- Betrokken bij hoge cognitieve functies zoals denken en geheugen
o “Input-verwerking-output” model
▪ Input = sensorische (afferente) informatiestroom
▪ Wordt verwerkt in bepaalde gebieden in de hersenen
▪ Respons/output = als gevolg van de verwerking van de sensorische input →
motorische (efferente) respons
= zeer cyclisch en repetitief proces met constante interactie tussen de motorische output en
de sensorische feedback die daarop volgt
1
,PERIFERE ZENUWSTELSEL
- Alle zenuwen buiten het CZS
o Alle craniale zenuwen (die uit de hersenstam ontspringen)
o Spinale zenuwen (die uit het ruggenmerg komen)
o Perifere zenuwen die zich vertakken naar de spieren, huid en organen
VEELVOORKOMENDE NEUROLOGISCHE AANDOENINGEN
Neurologische patiënten kunnen te maken hebben met zeer uiteenlopende aandoeningen.
Voorbeelden:
- Beroerte (Cerebrovasculair Accident - CVA): Een beroerte ontstaat wanneer de bloedtoevoer naar een
deel van de hersenen wordt onderbroken, meestal door een bloedstolsel (ischemische beroerte) of
een gescheurd bloedvat (hemorragische beroerte). Dit leidt tot zuurstoftekort in het getroffen deel
van de hersenen, wat kan resulteren in onder andere verlamming, spraakproblemen en cognitieve
stoornissen. Revalidatie is dan ook vaak gericht op het herstellen van sensorimotorische functies,
cognitie, spraak en het dagelijks functioneren.
- Multiple Sclerose (MS): MS is een chronische auto-immuunziekte waarbij het immuunsysteem de
beschermende myelinelaag rond de zenuwen in de hersenen en het ruggenmerg aanvalt. Dit leidt tot
neurologische symptomen zoals spierzwakte, coördinatieproblemen, visusverlies en vermoeidheid.
Patiënten kunnen episodes van verergering en herstel ervaren, maar de ziekte is meestal progressief
van aard.
- Traumatisch hersenletsel (TBI): Traumatisch hersenletsel ontstaat door een directe klap of impact op
het hoofd die schade aan de hersenen veroorzaakt. Vb. aanrijding van een fietser door een auto. De
ernst van een TBI kan variëren van een lichte hersenschudding tot een ernstige en blijvende
hersenbeschadiging. Symptomen zijn onder meer geheugenverlies, cognitieve problemen,
gedragsveranderingen en sensorimotorische stoornissen.
- Parkinson: De ziekte van Parkinson is een progressieve neurodegeneratieve aandoening die wordt
gekenmerkt door verlies van dopaminerge neuronen in de hersenen, wat leidt tot symptomen zoals
tremor, stijfheid, langzame bewegingen (bradykinesie) en evenwichtsproblemen. Revalidatie richt zich
vaak op het verbeteren van mobiliteit en het leren omgaan met de fysieke beperkingen al dan niet
door compensatoire strategieën of hulpmiddelen.
- Ruggenmergletsels: Letsels aan het ruggenmerg kunnen door trauma of ziekte (zoals ontsteking)
worden veroorzaakt en leiden tot gedeeltelijke of volledige verlamming onder het niveau van het
letsel. Afhankelijk van de locatie van het letsel, kunnen zowel de motorische als sensorische functies
worden aangetast, inclusief urinaire of fecale incontinentie. Revalidatie richt zich op het
maximaliseren van de onafhankelijkheid van de patiënt, vaak door middel van handfunctie, zitbalans
en aanpassingen in het dagelijks leven.
UITDAGINGEN VOOR DE PATIËNT
Neurologische patiënten hebben vaak meerdere uitdagingen die verder gaan dan alleen fysieke
(sensorimotorische) beperkingen. → Vaak ook invloed op mentale gezondheid en sociale interactie
Mentale problemen:
➢ Gevolg van ziekte én verlies van zelfredzaamheid en vrijheid
➢ Chronische pijn, vermoeidheid, depressie en cognitieve achteruitgang
2
,Problemen met spraak, slikken en incontinentie → beperken het dagelijkse leven + grote impact op het
zelfbeeld met schaamtegevoel
➢ Motorische stoornissen
o Slappe/spastische verlamming, tremor, coördinatie, incontinentie, …
➢ Sensorische stoornissen
o Gevoelstoornissen (hyper-, hypo esthesie), sensorische ataxie, pijn, …
➢ Cognitieve stoornissen
o Vermoeidheid, depressie, aandachtsproblemen, herkennen van gezichten, …
➢ Spraakstoornissen
o Afasie, woordvindingsproblemen, begripsstoornissen, …
➢ Emotionele stoornissen
o Rouw, verdriet, ongecontroleerde emoties, …
Verscheidenheid aan mogelijke stoornissen
Elke patiënt = uniek pallet van stoornissen
Geïndividualiseerde aanpak = belangrijk!
REVALIDATIE IN DE NEUROLOGIE
De revalidatie van neurologische patiënten verschilt van de musculoskeletale revalidatie → door de
verschillende mogelijke stoornissen
− Herstel van musculoskeletale aandoeningen = gericht op genezen van aangedaan weefsel
− Herstel van neurologische aandoeningen = gericht op compensatie en adaptatie
o Neurale schade in de hersenen kan niet genezen worden → daarom richt revalidatie zich op
het reorganizeren van het CZS
=> Het CZS is plastisch → het kan zich aanpassen en nieuwe verbindingen
maken tussen neuronen om verloren functies te compenseren
3
, WAAROM NEUROLOGISCHE REVALIDATIE BELANGRIJK IS
Musculoskeletale revalidatie = gericht op herstel van spieren, botten en gewrichten
Neurologische revalidatie = gericht op herstel van functies bij patiënten met aandoeningen aan het
zenuwstelsel → beweging, cognitie en functionaliteit (na beschadiging van de hersenen, het ruggenmerg of
perifere zenuwen)
=> Gaat verder dan musculoskeletale revalidatie door te richten op complexe interacties tussen het
zenuwstelsel, motorische controle en functieherstel
− Proces = gericht op het maximaliseren van de functionele onafhankelijkheid van de patiënt door
gebruik te maken van neurplasticiteit en adaptatie
o Neuroplasticiteit = het vermogen van het zenuwstelsel om zichzelf te reorganiseren door
nieuwe verbindingen te vormen na een letsel (restitutie = herstel van functie)
o Adaptatie = leren omgaan met de beperkingen die er zijn. Hier veronderstellen we dat er
geen verder weefselherstel of reorganisatie zal plaatsvinden. We richten ons op de
zelfredzaamheid van de patiënt zonder te veel de focus te willen leggen op normaal
bewegen.
Veel studenten = neiging om te focussen op de musculoskeletale pathologieën doordat de spier- en
gewrichtsfuncties duidelijke en meetbare aspecten hebben terwijl neurologische revalidatie uitdagender is
doordat het werken met het zs een complexer, systemischer en holistisch perspectief vereist.
HET VERSCHIL TUSSEN NEUROLOGISCHE EN MUS CULOSKELETALE REVALIDATIE
MUSCULOSKELETALE REVALIDATIE
= structuurgericht herstel
= gericht op aandoeningen die spieren, gewrichten, ligamenten en botten beïnvloeden.
→ Deze ontstaan door acute trauma’s (vb. verstuiking, breuk, spierverrekking…), degeneratieve
veranderingen (vb. artrose) of chronische belasting (vb. tendinitis)
Revalidatie = gericht op het verlichten van de pijn, bevorderen van genezing en herstellen van
mobiliteit en kracht
Oorzaak van pijn of disfunctie bij een msk aandoening = vaak lokaal en relatief duidelijk te identificeren en
lokaliseren → leidt tot een gerichte behandelstrategie:
− Vermindering van ontsteking en zwelling
− Herstel van de beschadigde structuur (zoals spieren, pezen of gewrichten)
− Heropbouw van kracht en mobiliteit door oefentherapie
− Voorkomen van toekomstige letsels
Doel = patiënt terugbrengen naar zijn of haar oorspronkelijke niveau van functioneren door de
herstelprocessen van het lichaam te ondersteunen
4