Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 3 out of 23 pages
Summary

Samenvatting Verdieping 2

Document preview thumbnail
Preview 3 out of 23 pages

handbal, voetbal en basket in 1 samenvatting duidelijk

Content preview

Handbal:
1. inleiding
Handbal is een DOELspel waarbij spelers door samenspel proberen een medespeler vrij te spelen om de bal in
het doel te werpen, dat beschermd wordt door een doelverdediger.


Kenmerken van handbal:
 Het doelgebied mag door veldspelers niet worden betreden.
 Dankzij de eenvoudige technieken van vangen en werpen kan snel gestart worden met een wedstrijdvorm.

De eindvorm van handbal in het onderwijs varieert door:
 Homogene of heterogene groepen.
 Beschikbare accommodatie en lestijd.
 Leeftijd en sportieve achtergrond van de leerlingen.

ontstaan en belangrijkste principes
Bij de traditionele methode van aanleren ligt de nadruk op:
 Het trainen van afzonderlijke technische vaardigheden in een volgorde van eenvoudig naar complex.
 Pas na de technische training worden spelregels en wedstrijdvorm geïntroduceerd.

Problemen bij de traditionele methode:
 Slechts enkele spelers oefenen effectief spelcompetenties.
 Minder vaardige spelers krijgen weinig kansen, wat leidt tot chaotisch en
 ongestructureerd spel.
 Individueel spel kan het teamspel verstoren, met conflicten tot gevolg.

Alternatieve methode: DOELSPELCOMPETENTIEMODEL
-> Dit model biedt een spelgerichte aanpak die lln. plezier en leerervaring laat opdoen door spel.

Gebruik van grondvormen, partiële grondvormen en oefenvormen (gebaseerd op INGAME-principes, zoals
basketbal en volleybal).

Belangrijkste principes in de lesopbouw:
1. Aantal spelers verminderen om betrokkenheid te vergroten (bijvoorbeeld 3-tegen-3).
2. Spelen met of zonder cirkelspeler vanaf de eerste grondvormen.
3. Rechte lijnen als doelgebied tot grondvorm 4 vanaf grondvorm 5 wordt een cirkel gebruikt.
4. De doelverdediger wordt betrokken bij elke aanval als eerste aanvaller.

3. indeling in spelcompetenti eniveaus
Niveau 1: basisniveau (grondvormen 1- 4)
 Focus op elementaire vaardigheden: Slagworp, sprongworp, passen, vangen, dribbelen en positionering.
 Flexibele velden: Gebruik van kleinere speelterreinen
(bv: handbalveld opdelen in vier delen of begrenzen met basket-/volleyballijnen).
 Rollen van de speler, scheidsrechter en coach worden aangeleerd.

Rol als speler:
 4-tegen-4 (in situaties 3-tegen-3).
 Alle elementen uit grondvormen 1-4 vormen de basiscompetenties.

Rol als scheidsrechter:
 Eerste stappen als scheidsrechter in grondvormen en partiële grondvormen:
o Zelf fouten en overtredingen herkennen en aangeven.
 Uitbreiding in spelregels (meer regels en beter begrip):
o Twee spelers werken samen als hoofdscheidsrechter en hulpscheidsrechter.
o Belangrijke vaardigheden:
 Spelregels kennen die van toepassing zijn op de grondvormen.
 Actief bewegen ter hoogte van de bal.
 Overtredingen en fouten vaststellen tijdens het spel.
 Het spel onderbreken met een fluitsignaal.
 Verwoorden wat de fout is + Uitleggen hoe het spel hervat wordt.
Rol als coach:

, Spelproblemen signaleren en richtlijnen bieden:
o Spelproblemen ervaren in de uitgevoerde situaties.
o Richtlijnen kennen als oplossing voor die problemen.
o Ingrijpen tijdens het spel met stopmomenten.
o Richtlijnen geven voor verbetering, op drie niveaus: Voor zichzelf - Voor een andere speler- Voor een team.

Eindvorm handbal in het onderwijs
De eindvorm van handbal op school varieert, afhankelijk van wat haalbaar is. Het streefdoel is een ruwe vorm
van handbal met de volgende kenmerken:

 Spelopzet: Twee ploegen van 7 spelers + wisselspelers.
 Aanval:
o Combinatie van positiespel en positiewissels (insnijden).
o Gebruik van een cirkelspeler.
o Indien mogelijk altijd een tegenaanval uitvoeren.
 Verdediging: Offensief en balgericht, gericht op het onderscheppen van de bal (creëert kansen voor
tegenaanval).

Focus in het onderwijs:
 Prioriteit aan de aanval (overtalsituaties en tegenaanvallen).
 Alle leerlingen moeten aan het spel kunnen deelnemen; geen vroegtijdige
 specialisatie.
 Technieken zoals valworp of doelworp met uitklinken worden niet aangeleerd vanwege tijdgebrek en
motorische complexiteit.

Belangrijke Focuspunten
 Betrokkenheid van alle leerlingen bij het spel.
 Geen nadruk op perfectie, maar op het stimuleren van deelname en plezier.
 Gebruik van eenvoudige methodes en technieken voor een toegankelijke
 leerervaring.

aanpassingen
1. spelregels
De spelregels worden geleidelijk ingevoerd om het leerproces te ondersteunen en aan te passen aan het niveau
van de spelers

Beginregels:
 Afbakening van het terrein.
 Doelgebied waarin veldspelers niet mogen komen (aangeduid met een rechte lijn).
 Soepele interpretatie van de loopregel: maximaal 3 stappen met de bal in de hand.
 Geen dubbele dribbel toegestaan.
 Dribbelen moet correct gebeuren (geen begeleiding van de bal bij het dribbelen, zoals bij basketbal).
 Verdedigingsacties moeten gericht zijn op de bal.
 2-minuten tijdstraf voor onsportief gedrag, om vanaf het begin sportiviteit te waarborgen.

De leerkracht begeleidt het spel op een pedagogische manier door het spel te leiden, niet door rigide regels op
te leggen, maar door te coachen en begeleiden.

2. aantal spelers
Het aantal spelers wordt aangepast om de noodzaak van samenwerking te vergroten en ervoor te zorgen dat iedereen actief
betrokken wordt.

3. afmeti ngen van het terrein
 Het terrein wordt aangepast aan de beschikbare ruimte en het aantal spelers.
 Doelgebied: Bij beginnende spelers kan de diepte van het doelgebied worden
 verkleind tot 5m
 Lagere school: De hoogte van het doel wordt aangepast aan de lengte van de doelman.
4. groott e van de bal
De bal moet altijd klein genoeg zijn om makkelijk vastgehouden en gemanoeuvreerd te worden.

,  Beginners, zwakkere spelers kunnen moeite hebben met te grote bal, wat
 prestaties belemmert.
 Een handzame bal stimuleert acties zoals schijnbewegingen zonder angst voor balverlies.

Grondvorm 1: spel 3 tegen 3
algemene kenmerken
 Spelsituatie: 3 tegen 3 op klein terrein (9-12m breed, bv; een basketbal- of volleybalveld).
 Doelgebied: Aangeduid met een rechte lijn.
 Doel: Lln. leren spelen in voortdurend veranderende spelomgeving, waarbij
 samenspel en spelinzicht centraal staan.

Leerinhouden
De volgende vaardigheden en gedragingen staan centraal:

Techniek:
 Bal vangen met twee handen en direct een uithaalbeweging maken (bal "wapenen").
 Beweging zonder bal: spelers blijven actief in beweging.
 Acties naar het doel ondernemen: zowel individueel als met een pass.
 Diepte herstellen na een pass door terug te keren naar een positie achter de bal.
 Bij een doelkans werpen met een slagworp of sprongworp.
 Geen dribbelen, alleen één keer stuiten toegestaan.

Regels:
 Niet meer dan drie stappen met de bal in de hand.
 Geen dubbele dribbel toegestaan.

Situering, probleemstelling en doelstellingen
Probleemstelling
Beginners ervaren vaak problemen bij het spelen van een echte wedstrijd handbal vanwege:
 Chaotisch spel: Veel balverlies en een gebrek aan structuur.
 Gebrek succeservaring: Beginners raken snel gefrustreerd zonder eenvoudige aanpassingen.

OPLOSSING
Aangepaste spelvormen zoals 3-tegen-3 bieden beginners een beperkt speelgebied waarin zij:
 Vrij kunnen bewegen.
 Rekening houden met medespelers en tegenstanders.
 Successen kunnen ervaren in een gestructureerde context.

Bij het doelen is het duel met de doelverdediger essentieel. Beginners hebben de neiging om rechtstreeks op de
doelverdediger te werpen vanwege overhaaste acties en een gebrek aan observatie


Kenmerken van 3 tegen 3
 De doelman speelt mee in de aanval, wat zorgt voor een meerderheidssituatie in de aanval en een
vloeiende overgang tussen aanval en verdediging.
 Spelers moeten verantwoordelijkheid nemen en doelgerichte acties ondernemen.
 Verdedigende aspecten worden beperkt uitgewerkt: contact wordt vermeden.

Table of contents

  1. 01 1. inleiding 1
    1. ontstaan en belangrijkste principes 1
    2. 3. indeling in spelcompetentieniveaus 1
    3. Eindvorm handbal in het onderwijs 2
  2. 02 aanpassingen 2
    1. 1. spelregels 2
    2. 2. aantal spelers 2
    3. 3. afmetingen van het terrein 2
    4. 4. grootte van de bal 2
  3. 03 Grondvorm 1: spel 3 tegen 3 3
    1. algemene kenmerken 3
    2. technisch 4
    3. Tactisch 6
  4. 04 grondvorm 2 6
    1. algemeen 7
    2. technisch 7
    3. Tactisch 7
  5. 05 Grondvorm 3 7
    1. algemeen 7
    2. technisch 7
    3. tactisch 8
  6. 06 grondvorm 4 9
    1. algemeen 9
    2. technisch 9
    3. tactisch 9
  7. 07 1. het speelveld 10
  8. 08 2. het team 10
    1. Aantal spelers 10
    2. wanneer mag je spelen: 10
    3. Wanneer mag je niet spelen: 10
    4. Wat mag de keeper: 10
    5. Wat mag de keeper niet: 10
  9. 09 3. de scheidsrechter 10
    1. Wat zijn de taken van scheidstrechter: 10
  10. 10 4. speeltijd 10
    1. 1. Verlengen en strafschoppen 10
  11. 11 5. de time out 11
    1. Situaties kan scheidsrechter time out geven: 11
  12. 12 6. de bal 11
  13. 13 7. het wisselen van spelers 11
  14. 14 8. maken van een doelpunt 11
  15. 15 9. verschillende worpen en uitvoeringen van deze worp 11
    1. Wanneer fluit de scheidsrechter bij een worp 12
    2. Wanneer een vrije doelkans 12
  16. 16 10. acties, overtredingen en straffen 12
    1. Welke acties mogen 12
    2. Niet toegestaan 12
    3. Dribbelen: 12
    4. Loopregel 12
    5. Wanneer krijg je een persoonlijke straf 12
    6. 4 soorten persoonlijke straffen 12
  17. 17 basket  spelregels 12
  18. 18 1. Een model voor sportspelonderwijs (p.13-16) 13
    1. 1.2 Sportspelleersituaties 14
  19. 19 2. Toepassen op het voetbalonderwijs (p. 17-26) 15
    1. 2.1 Voetballeersituaties 15
    2. 2.3 De structuur van de les en de training 15
  20. 20 3. School- en clubvoetbal (p.27-37) 16
    1. 3.1 Voetbal op school 16
    2. 3.2 Jeugdvoetbal in clubverband 16
  21. 21 Grondvorm 1 (p. 41-62) 17
    1. Inhoudelijke vereenvoudiging 17
    2. Technische inhoud: 18
    3. Tactische inhoud 18
  22. 22 Grondvorm 2 (p. 63-83) 19
    1. Situering: 19
    2. Inhoudelijke vereenvoudiging 19
    3. Technische inhoud 20
    4. Tactische inhoud 20
  23. 23 Grondvorm 3 (p. 85-104) 21
    1. Situering 21
    2. Inhoudelijke vereenvoudiging: 21
    3. Technische inhoud 21
    4. Tactische inhoud 22
  24. 24 Grondvorm 4 (p. 105-124) 22
    1. Situering: 22
    2. Inhoudelijke vereenvoudiging 22
    3. Technische inhoud 22
    4. Tactische inhoud 23

Document information

Study
Uploaded on
January 13, 2026
Number of pages
23
Written in
2025/2026
Type
Summary
$10.24

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
0
Followers
0
Items
7
Last sold
-



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions