VERKENNING KLEUTERONDERWIJS
RECHT OP ONDERWIJS
_Universele Verklaring van de Rechten van _UNESSCO Salamanca-verklaring (1994)
de Mens (1948), art. 26 _scholen moeten aangepast zijn aan
_recht op onderwijs is internationaal noden van alle leerlingen, ongeacht
erkend beperking, achtergrond of
omstandigheden
_VN-lidstaten verbinden zich aan deze
verklaring _onderwijssysteem en beleid moeten
diversiteit erkennen en ondersteunen
_oprichting Verenigde Naties (1945)
_focus verschuift van integratie naar
_ontstaan na WOІІ met als doel
inclusie
wereldvrede internationale
samenwerking _duurzame ontwikkelingsdoelen (SDG’s,
2015)
_VN-standaardregels (1993) – personen
met een handicap _onderwijs is cruciaal voor het behalen
van alle 17 doelstellingen
_leerlingen met een handicap moeten
ondersteuning krijgen binnen reguliere _SDG 4: tegen 2030 inclusief,
onderwijs rechtvaardig en kwalitatief onderwijs
voor iedereen
_speciaal onderwijs is enkel een optie als
het gewone systeem onvoldoende kan _wereldwijde, gelijke toegang tot
tegemoetkomen kwalitatief onderwijs en kansen voor
levenslang leren
_staten moeten sterven naar geleidelijke
integratie van speciaal onderwijs in het
reguliere onderwijs
FOCUS 1 – DE KLEUTERLEERKRACHT
WAT IS EEN GOEDE LEERKRACHT?
_visie Vlaamse overheid op onderwijs en leerkrachten
_naast visie op goed onderwijs (minimumdoelen) bestaat er ook een visie op de ideale
leerkracht
_deze visie is vastgelegd in het beroepsprofiel
_het strikte minimum waaraan een beginnende leerkracht aan moet voldoen = basiscompetenties
BEROEPSPROFIEL
_beschrijft wat een ervaren leerkracht moet kennen, kunnen en zijn
_richt zich op: inhoudelijke expertise, pedagogische en didactische vaardigheden, samenwerking,
communicatie, professionaliteit, begeleidingsvaardigheden
WAT ZIJN BASISCOMPETENTIES?
_minimum voorwaarden voor beginnende leerkrachten
_bestaan uit:
_kennis (ontwikkeling, didactiek, leerprocessen, diversiteit ..)
_vaardigheden (begeleiden, plannen, evalueren, samenwerken ..)
_attitudes (professioneel handelen, respect, betrokkenheid)
_sinds 1998 verplicht; geüpdatet in 2018 (meer info op digitalisering, diversiteit n samenwerking)
_worden gebruikt door:
, _lerarenopleidingen > curriculum opbouwen
_stages > evaluatiekader voor studenten
_scholen > verwachtingen naar starters
WAAROM BELANGRIJK?
_garanderen minimale kwaliteit van elk afgestudeerde.
_zorgen voor transparantie naar ouders en maatschappij
_bieden duidelijk kader voor professionele groei
VERANTWOORDELIJKHEDEN
_de leraar is een teamspeler
_de basiscompetenties zijn opgebouwd rond 3 kernverantwoordelijkheden
_verantwoordelijkheid tegenover de lerende (BC 1-5)
_verantwoordelijkheid tegenover de school of onderwijsgemeenschap (BC 6-9)
_verantwoordelijkheid tegen de maatschappij (BC 10)
DE 10 BASISCOMPETENTIES
_de basiscompetenties zijn evenwaardig en vormen een geïntegreerd geheel, dus geen rangorde
_BC 1: de leraar als begeleider van leer – en ontwikkelingsprocessen
_onderzoekt de beginsituatie, stemt methoden en doelen af, creëert een krachtige
leeromgeving, observeert, evalueert en draagt bij aan inclusief onderwijs¹
_BC 2: de leraar als opvoeder
_bouwt een positief en veilig klimaat, ondersteunt zelfstandigheid, verantwoordelijkheid, sociaal-
emotionele groei en waardeontwikkeling
_BC 3: de leraar als inhoudelijk expert
_beheerst de vak inhoud en didactiek, blijft zich vernieuwen en verdiepen, en gebruikt een
correcte onderwijstaal
_BC 4: de leraar als organisator
_zorgt voor een gestructureerde, veilig en stimulerende leeromgeving, plant efficiënt en houdt
overzicht
_BC 5: de leraar als innovator en onderzoeker
_verbetert voortdurend zijn eigen onderwijs door reflectie en toepassing van nieuwe kennis,
staat open voor vernieuwing
_BC 6: de leraar als partner van ouders of verzorgers
_onderhoudt goede, respectvolle communicatie met ouders en betrekt hen bij het onderwijs
_BC 7: de leraar als lid van een onderwijsteam
_werkt actief samen met collega’s, reflecteert op zijn eigen rol en staat open voor feedback
_BC 8: de leraar als partner van externen
_werkt samen met externe partners (bv kinderopvang) om de leeromgeving te verrijken
_BC 9: de leraar als lid van de onderwijsgemeenschap
_is zich bewust van zijn maatschappelijke rol, kan zijn menig onderbouwen en kent zijn rechten
_BC 10: de leraar als cultuurparticipant
_volgt maatschappelijke thema’s kritisch op en helpt de wereld beter te begrijpen.
DIGCOMPEDU (DIGITALE COMPETENTIES)
, _dit is het Europees raamwerk voor de digitale competenties van leerkrachten
_het beschrijft 24 competenties in 6 domeinen, gericht op het verbeteren en innoveren van onderwijs
met digitale technologieën
_de 6 domeinen
_professionele betrokkenheid
_gebruiken, vinden, creëren en delen van digitaal lasmateriaal
_gebruik van digitale tools voor lesgeven en leren
_digitaal toetsen en evalueren
_gebruik van digitale technologieën voor de ondersteuning van leerlingen
_aanleren van digitale competenties aan leerlingen
ATTITUDES VAN DE LEERKRACHT
_naast kennis en vaardigheden zijn er 8 cruciale attitudes voor aan leraar
_beslissingsvermogen: je maakt moedige keuzes, neemt actie en bent verantwoordelijk voor
je beslissingen
_relationele gerichtheid: je ben toprecht, toont respect en accepteert iedereen
onvoorwaardelijk
_kritische gerichtheid: je onderzoekt zaken grondig voor je een mening vormt of een
beslissing neemt
_leergierigheid: je bent nieuwsgierig en zoekt actief naar kansen om jezelf en je vak te
verbeteren
_organisatievermogen: je plant en organiseert je werk efficiënt om je doelen te bereiken
_zin voor samenwerking: je werkt graag samen, overlegt en draagt bij aan een sterker team
_verantwoordelijkheidszin: je voelt je betrokken bij de school en de ontwikkeling van alle
kinderen
_flexibiliteit: je past je soepel aan bij veranderingen in materiaal, doelen of regels
DOMEINSPECIFIEKE LEERRESULTATEN (DLR)
_gebaseerd op
_de basiscompetenties (tien functionele gehelen en een set van attitudes)
_de Dublindiscriptoren (bepalen niveau van de opleiding)
_de specifieke onderwijscontext
_ze zijn richtinggevend voor het opleidingsprogramma
_bij VIVES zijn de DLR’s vertaald naar eigen
doelenkader met 4 kernrollen voor de leraar
_leraar zijn/worden: faciliteert leren vanuit
een doordachte visie
_zorgend: zorgt voor een bemoedigend en
veilig klimaat
_inspirerend: handel deugdzaam, integer
en maakt evenwichtige keuzes
_samenwerkend: deelt
verantwoordelijkheid en vergroot kansen via
samenwerking
RECHT OP ONDERWIJS
_Universele Verklaring van de Rechten van _UNESSCO Salamanca-verklaring (1994)
de Mens (1948), art. 26 _scholen moeten aangepast zijn aan
_recht op onderwijs is internationaal noden van alle leerlingen, ongeacht
erkend beperking, achtergrond of
omstandigheden
_VN-lidstaten verbinden zich aan deze
verklaring _onderwijssysteem en beleid moeten
diversiteit erkennen en ondersteunen
_oprichting Verenigde Naties (1945)
_focus verschuift van integratie naar
_ontstaan na WOІІ met als doel
inclusie
wereldvrede internationale
samenwerking _duurzame ontwikkelingsdoelen (SDG’s,
2015)
_VN-standaardregels (1993) – personen
met een handicap _onderwijs is cruciaal voor het behalen
van alle 17 doelstellingen
_leerlingen met een handicap moeten
ondersteuning krijgen binnen reguliere _SDG 4: tegen 2030 inclusief,
onderwijs rechtvaardig en kwalitatief onderwijs
voor iedereen
_speciaal onderwijs is enkel een optie als
het gewone systeem onvoldoende kan _wereldwijde, gelijke toegang tot
tegemoetkomen kwalitatief onderwijs en kansen voor
levenslang leren
_staten moeten sterven naar geleidelijke
integratie van speciaal onderwijs in het
reguliere onderwijs
FOCUS 1 – DE KLEUTERLEERKRACHT
WAT IS EEN GOEDE LEERKRACHT?
_visie Vlaamse overheid op onderwijs en leerkrachten
_naast visie op goed onderwijs (minimumdoelen) bestaat er ook een visie op de ideale
leerkracht
_deze visie is vastgelegd in het beroepsprofiel
_het strikte minimum waaraan een beginnende leerkracht aan moet voldoen = basiscompetenties
BEROEPSPROFIEL
_beschrijft wat een ervaren leerkracht moet kennen, kunnen en zijn
_richt zich op: inhoudelijke expertise, pedagogische en didactische vaardigheden, samenwerking,
communicatie, professionaliteit, begeleidingsvaardigheden
WAT ZIJN BASISCOMPETENTIES?
_minimum voorwaarden voor beginnende leerkrachten
_bestaan uit:
_kennis (ontwikkeling, didactiek, leerprocessen, diversiteit ..)
_vaardigheden (begeleiden, plannen, evalueren, samenwerken ..)
_attitudes (professioneel handelen, respect, betrokkenheid)
_sinds 1998 verplicht; geüpdatet in 2018 (meer info op digitalisering, diversiteit n samenwerking)
_worden gebruikt door:
, _lerarenopleidingen > curriculum opbouwen
_stages > evaluatiekader voor studenten
_scholen > verwachtingen naar starters
WAAROM BELANGRIJK?
_garanderen minimale kwaliteit van elk afgestudeerde.
_zorgen voor transparantie naar ouders en maatschappij
_bieden duidelijk kader voor professionele groei
VERANTWOORDELIJKHEDEN
_de leraar is een teamspeler
_de basiscompetenties zijn opgebouwd rond 3 kernverantwoordelijkheden
_verantwoordelijkheid tegenover de lerende (BC 1-5)
_verantwoordelijkheid tegenover de school of onderwijsgemeenschap (BC 6-9)
_verantwoordelijkheid tegen de maatschappij (BC 10)
DE 10 BASISCOMPETENTIES
_de basiscompetenties zijn evenwaardig en vormen een geïntegreerd geheel, dus geen rangorde
_BC 1: de leraar als begeleider van leer – en ontwikkelingsprocessen
_onderzoekt de beginsituatie, stemt methoden en doelen af, creëert een krachtige
leeromgeving, observeert, evalueert en draagt bij aan inclusief onderwijs¹
_BC 2: de leraar als opvoeder
_bouwt een positief en veilig klimaat, ondersteunt zelfstandigheid, verantwoordelijkheid, sociaal-
emotionele groei en waardeontwikkeling
_BC 3: de leraar als inhoudelijk expert
_beheerst de vak inhoud en didactiek, blijft zich vernieuwen en verdiepen, en gebruikt een
correcte onderwijstaal
_BC 4: de leraar als organisator
_zorgt voor een gestructureerde, veilig en stimulerende leeromgeving, plant efficiënt en houdt
overzicht
_BC 5: de leraar als innovator en onderzoeker
_verbetert voortdurend zijn eigen onderwijs door reflectie en toepassing van nieuwe kennis,
staat open voor vernieuwing
_BC 6: de leraar als partner van ouders of verzorgers
_onderhoudt goede, respectvolle communicatie met ouders en betrekt hen bij het onderwijs
_BC 7: de leraar als lid van een onderwijsteam
_werkt actief samen met collega’s, reflecteert op zijn eigen rol en staat open voor feedback
_BC 8: de leraar als partner van externen
_werkt samen met externe partners (bv kinderopvang) om de leeromgeving te verrijken
_BC 9: de leraar als lid van de onderwijsgemeenschap
_is zich bewust van zijn maatschappelijke rol, kan zijn menig onderbouwen en kent zijn rechten
_BC 10: de leraar als cultuurparticipant
_volgt maatschappelijke thema’s kritisch op en helpt de wereld beter te begrijpen.
DIGCOMPEDU (DIGITALE COMPETENTIES)
, _dit is het Europees raamwerk voor de digitale competenties van leerkrachten
_het beschrijft 24 competenties in 6 domeinen, gericht op het verbeteren en innoveren van onderwijs
met digitale technologieën
_de 6 domeinen
_professionele betrokkenheid
_gebruiken, vinden, creëren en delen van digitaal lasmateriaal
_gebruik van digitale tools voor lesgeven en leren
_digitaal toetsen en evalueren
_gebruik van digitale technologieën voor de ondersteuning van leerlingen
_aanleren van digitale competenties aan leerlingen
ATTITUDES VAN DE LEERKRACHT
_naast kennis en vaardigheden zijn er 8 cruciale attitudes voor aan leraar
_beslissingsvermogen: je maakt moedige keuzes, neemt actie en bent verantwoordelijk voor
je beslissingen
_relationele gerichtheid: je ben toprecht, toont respect en accepteert iedereen
onvoorwaardelijk
_kritische gerichtheid: je onderzoekt zaken grondig voor je een mening vormt of een
beslissing neemt
_leergierigheid: je bent nieuwsgierig en zoekt actief naar kansen om jezelf en je vak te
verbeteren
_organisatievermogen: je plant en organiseert je werk efficiënt om je doelen te bereiken
_zin voor samenwerking: je werkt graag samen, overlegt en draagt bij aan een sterker team
_verantwoordelijkheidszin: je voelt je betrokken bij de school en de ontwikkeling van alle
kinderen
_flexibiliteit: je past je soepel aan bij veranderingen in materiaal, doelen of regels
DOMEINSPECIFIEKE LEERRESULTATEN (DLR)
_gebaseerd op
_de basiscompetenties (tien functionele gehelen en een set van attitudes)
_de Dublindiscriptoren (bepalen niveau van de opleiding)
_de specifieke onderwijscontext
_ze zijn richtinggevend voor het opleidingsprogramma
_bij VIVES zijn de DLR’s vertaald naar eigen
doelenkader met 4 kernrollen voor de leraar
_leraar zijn/worden: faciliteert leren vanuit
een doordachte visie
_zorgend: zorgt voor een bemoedigend en
veilig klimaat
_inspirerend: handel deugdzaam, integer
en maakt evenwichtige keuzes
_samenwerkend: deelt
verantwoordelijkheid en vergroot kansen via
samenwerking