H7: ANOMIE/STRAIN, LEARNING THEORIES AND ADOLESCENT BRAIN
- Wat is RST (reïnforcement sensitivity theory)
o Gedrag wordt gestuurd door 3 hersensystemen
BAS (benaderingssysteem)
zoekt beloning plezier en risico (bij sterke BAS bv heel
impulsief)
BIS (remsysteem)
Waarschuwt voor gevaar, zorgt voor twijfel en
voorzichtigheid (sterke BIS= minder kans op crimi door
remming)
FFFS (fight, flight, freeze,)
Directe reactie op bedreiging (sterke FFS= meer
angstreacties)
o Legt de biologische basis voor latere sociologische benaderingen
- Waarom zegt Walsh dat Aker’s theorie een ‘holle automatentheorie’ is?
o Walsh niet tegen conditionering maar tegen manier waarop Akers het
beschrijft theorie gaat uit van holle automaten die aan ene kant een
omgeving binnen komen en aan de andere kant als crimineel of niet-
crimineel tevoorschijn komen (alleen obv blootstelling aan verschillende
omgevingen) , verschillen in persoonlijkheid genegeerd
- Wat zegt Walsh over de anomietheorie bij Durkheim? Veranderde hij zijn
mening over de rol van het individu op het einde van zijn leven?
o Durkheim: sociale feiten kunnen we enkel verklaren uit andere sociale
feiten, maar op einde van zijn leven besefte Durkheim dat om een sl te
begrijpen we ook mensen moeten begrijpen
o hij erkende later ook dat anomie niet voor iedereen dezelfde impact had
o volgens Durkheim was criminaliteit maatschappelijk normaal maar daarom
niet altijd psychologisch/biologisch normaal
- Wat is de algemene evaluatie van Walsh van strain theorieën? Over
welke variant is hij het meest positief en waarom?
o Negatief, omdat ze biologie ontkennen, elke complex gedrag heeft een
leercomponent dus zeggen dat criminaliteit geleerd is voegt niks toe. Wat
we moeten weten is waarom de ene persoon meer geneigd is bepaalde
zaken te leren dan de andere
o Hij is het meest positief over Agnew,, omdat hij de definitie verbreed van
anomie naar strain en duidelijke linken legt met
persoonlijkheidskenmerken die gedeeltelijk een biologische basis hebben
biosociaal uitgangspunt
, CH12: NURTURE VS BIOSOCIAL: GENERAL STRAIN THEORY AND
BIOSOCIAL CRIMINOLOGY
- Beschrijf hoe een biosociaal geïnformeerde algemene spanningsthoerie
(BIGST) volgens Stogner kan worden gebruikt om te verklaren waarom
individuen verschillende niveaus van spanning ervaren. Hoe kan BIGST
gebruikt worden om de zwakke punten van GST te corrigeren?
o Hoe verklaart BIGST volgens Stogner verschillende niveaus van spanning?
Perceptie van strain is gedeeltelijk erfelijk (heritabliliteit tss 0.18-
0.40
Genetische factoren beïnvloeden emoties en coping
Genen beïnvloeden de omgeving die mensen kiezen of uitlokken
o Hoe kan BIGST gebruikt om zwakke punten GST te corrigeren?
GST verklaart niet goed waarom mensen anders reageren op
dezelfde strain
BIGST (principes 6 en7)Genen modereren hoe strain
negatieve emoties oproept en ook hoe strain leidt tot
antisociale gedragingen
GST heeft zwakke en inconsistente voorspellingen over emoties en
coping
BIGST (principes 3,4 en 5) negatieve emoties zijn
gedeeltelijk erfelijk, copingstijlen zijn gedeeltelijk erfelijk,
genetisch risico heeft een klein maar direct effect op deviant
gedrag
- Welke zijn de 7 sleutelproposities van BIGST?
o GST is volledig opgenomen
o Zowel de ervaring als de differentiële perceptie van strains zijn gedeeltelijk
erfelijk
o Negatieve affectieve en conditionerende factoren zijn gedeeltelijk erfelijk
o Genetisch risico heeft een klein, significant direct effect op negatieve
affectieve factoren, onder controle van strains.
o Genetisch risico heeft een klein, significant direct effect op antisociaal
gedrag, onder controle van strains
o Genetische factoren beïnvloeden het effect van strains op de ervaring van
negatieve emoties
o Genetische factoren beïnvloeden het effect van strains op antisociaal
gedrag
H8 WALSH THE CONTROL TRADITION AND HUMAN NATURE
- wat zegt Walsh over menselijke natuur en controletheorie?
o Menselijke natuur= inherent zelfzuchtig, niet immoreel of slecht, maar
gericht op zelfbelang die moet getemd worden door sociale controle
o Controle theorie Hirschi:
- Wat is RST (reïnforcement sensitivity theory)
o Gedrag wordt gestuurd door 3 hersensystemen
BAS (benaderingssysteem)
zoekt beloning plezier en risico (bij sterke BAS bv heel
impulsief)
BIS (remsysteem)
Waarschuwt voor gevaar, zorgt voor twijfel en
voorzichtigheid (sterke BIS= minder kans op crimi door
remming)
FFFS (fight, flight, freeze,)
Directe reactie op bedreiging (sterke FFS= meer
angstreacties)
o Legt de biologische basis voor latere sociologische benaderingen
- Waarom zegt Walsh dat Aker’s theorie een ‘holle automatentheorie’ is?
o Walsh niet tegen conditionering maar tegen manier waarop Akers het
beschrijft theorie gaat uit van holle automaten die aan ene kant een
omgeving binnen komen en aan de andere kant als crimineel of niet-
crimineel tevoorschijn komen (alleen obv blootstelling aan verschillende
omgevingen) , verschillen in persoonlijkheid genegeerd
- Wat zegt Walsh over de anomietheorie bij Durkheim? Veranderde hij zijn
mening over de rol van het individu op het einde van zijn leven?
o Durkheim: sociale feiten kunnen we enkel verklaren uit andere sociale
feiten, maar op einde van zijn leven besefte Durkheim dat om een sl te
begrijpen we ook mensen moeten begrijpen
o hij erkende later ook dat anomie niet voor iedereen dezelfde impact had
o volgens Durkheim was criminaliteit maatschappelijk normaal maar daarom
niet altijd psychologisch/biologisch normaal
- Wat is de algemene evaluatie van Walsh van strain theorieën? Over
welke variant is hij het meest positief en waarom?
o Negatief, omdat ze biologie ontkennen, elke complex gedrag heeft een
leercomponent dus zeggen dat criminaliteit geleerd is voegt niks toe. Wat
we moeten weten is waarom de ene persoon meer geneigd is bepaalde
zaken te leren dan de andere
o Hij is het meest positief over Agnew,, omdat hij de definitie verbreed van
anomie naar strain en duidelijke linken legt met
persoonlijkheidskenmerken die gedeeltelijk een biologische basis hebben
biosociaal uitgangspunt
, CH12: NURTURE VS BIOSOCIAL: GENERAL STRAIN THEORY AND
BIOSOCIAL CRIMINOLOGY
- Beschrijf hoe een biosociaal geïnformeerde algemene spanningsthoerie
(BIGST) volgens Stogner kan worden gebruikt om te verklaren waarom
individuen verschillende niveaus van spanning ervaren. Hoe kan BIGST
gebruikt worden om de zwakke punten van GST te corrigeren?
o Hoe verklaart BIGST volgens Stogner verschillende niveaus van spanning?
Perceptie van strain is gedeeltelijk erfelijk (heritabliliteit tss 0.18-
0.40
Genetische factoren beïnvloeden emoties en coping
Genen beïnvloeden de omgeving die mensen kiezen of uitlokken
o Hoe kan BIGST gebruikt om zwakke punten GST te corrigeren?
GST verklaart niet goed waarom mensen anders reageren op
dezelfde strain
BIGST (principes 6 en7)Genen modereren hoe strain
negatieve emoties oproept en ook hoe strain leidt tot
antisociale gedragingen
GST heeft zwakke en inconsistente voorspellingen over emoties en
coping
BIGST (principes 3,4 en 5) negatieve emoties zijn
gedeeltelijk erfelijk, copingstijlen zijn gedeeltelijk erfelijk,
genetisch risico heeft een klein maar direct effect op deviant
gedrag
- Welke zijn de 7 sleutelproposities van BIGST?
o GST is volledig opgenomen
o Zowel de ervaring als de differentiële perceptie van strains zijn gedeeltelijk
erfelijk
o Negatieve affectieve en conditionerende factoren zijn gedeeltelijk erfelijk
o Genetisch risico heeft een klein, significant direct effect op negatieve
affectieve factoren, onder controle van strains.
o Genetisch risico heeft een klein, significant direct effect op antisociaal
gedrag, onder controle van strains
o Genetische factoren beïnvloeden het effect van strains op de ervaring van
negatieve emoties
o Genetische factoren beïnvloeden het effect van strains op antisociaal
gedrag
H8 WALSH THE CONTROL TRADITION AND HUMAN NATURE
- wat zegt Walsh over menselijke natuur en controletheorie?
o Menselijke natuur= inherent zelfzuchtig, niet immoreel of slecht, maar
gericht op zelfbelang die moet getemd worden door sociale controle
o Controle theorie Hirschi: