H5 Pedagogisch handelen
Pedagogisch handelen
Pedagogisch handelen: de opvoeder van het kind biedt effectieve hulp en
ondersteuning bij het opgroeien en zijn handelen heeft tot doel de
persoonlijkheidsvorming van het kind in gunstige zin te beïnvloeden.
Kenmerken van pedagogisch handelen:
- effectieve hulp en ondersteuning, geen vernedering, het kind ervaart het
zelf ook als hulp.
- invloed op persoonlijkheidsvorming, de opvoeder handelt niet alleen
pragmatisch maar zal
ook een ideëel beleid voeren. Belang van individu en samenleving, morele
ethiek/gezag.
Relatie met kinderen
Bij een opvoedingssituatie zijn altijd twee partijen betrokken: kind en opvoeder.
We spreken van een goede relatie wanneer er wederzijds vertrouwen en
waardering.
Pedagogische relatie: eenzijdigheid, de relatie is gericht op het belang van de
kind. Kenmerkt zich door dienstbaarheid en betrouwbaarheid. Geen relatie tussen
gelijken, er is wel sprake van gelijkwaardigheid.
- de partijen voelen zich betrokken bij elkaar.
- de partijen delen vreugde en verdriet.
- de partijen nemen elkaar serieus.
- de partijen ervaren plezier in het omgaan met elkaar.
De eigen onvervulde behoeften en irreële verwachtingen over kinderen van de
opvoeder kunnen een belemmering zijn voor een goede pedagogische relatie.
Opvoeder mogen hun eigen belang niet vooropstellen, daar moeten kinderen op
kunnen vertrouwen.
Janusz Korczak, wees op het belang van het serieus nemen van kinderen.
Dasberg, wees op het feit dat je niet moet ‘grootbrengen door kleinhouden’.
Kinderen mogen fouten maken. De betrokkenheid tussen de partijen moet
wederzijds zijn.
De pedagogische basishouding
Werken aan jezelf is een belangrijk aspect van een goede pedagogische relatie.