Processen - jaar 2
Les 1 - Stroming
Inleiding
- Waarom stroomt iets?
- Hoe stroomt het?
- Indeling
- Berekeningen
- Waarom willen we dit weten?
- Tijd
- Pijpdiameter
- Verpompbaarheid
- Reiniging
- Mengen minor components
Onderwerpen
1. Eigenschappen van vloeistoffen
2. Druk
3. Stroomlijnen
4. Behoud van massa
5. Behoud van energie
6. Stromingskarakteristieken
- Laminaire stroming
- Turbulente stroming
1. Eigenschappen van vloeistoffen (2.2)
- Dichtheid:
𝑚 𝑘𝑔
- 𝜌 = 𝑣
ook wel 3
𝑚
- Viscositeit (2.2.3):
𝐹/𝐴
- μ = 𝑑𝑣 / 𝑙
= dynamische viscositeit
- μ Pa s
- Centipoise (cP): 1 cP = 10-3 Pa・s
2. Druk
- stroming: van hoog laag / hoge druk lage druk
𝐹 𝑁 −5
- 𝑃 = 𝐴
| [ 2 ] = 𝑃|𝑎 1 𝑃𝑎 = 10 𝑏𝑎𝑟
𝑚
- F=mxg
- A (opp rechthoek)) = l ・b
- A (opp cirkel)= π ・r 2
- Wat laat een diepere put na op het parket → hak of olifant
- Druk van een vloeistofkolom:
1
, - Vloeistofniveau
3. Stroomlijnen
4. Behoud van massa (2.3.1)
5. Behoud van energie (2.4)
2
, 6. Stromingskarakteristieken: REYNOLDS (2.3.3)
Introduction to food engineering:
- Hoofdstuk 2 “fluid flow in food processing” → 2.1 t/m 2.5.4 (p.65-115)
- Belangrijkste paragrafen en examples:
- 2.3.1 continuity equation (ex. 2.3)
- 2.3.2 Reynolds number (ex. 2.4, 2.5)
- 2.3.4 velocity profile … (zie sheets voor belangrijkste stof)
- 2.4 Bernouilli (formule 2.66; ex. 2.9, 2.10)
- 2.5.4.3 energy losses due to pipe fitting
3
Les 1 - Stroming
Inleiding
- Waarom stroomt iets?
- Hoe stroomt het?
- Indeling
- Berekeningen
- Waarom willen we dit weten?
- Tijd
- Pijpdiameter
- Verpompbaarheid
- Reiniging
- Mengen minor components
Onderwerpen
1. Eigenschappen van vloeistoffen
2. Druk
3. Stroomlijnen
4. Behoud van massa
5. Behoud van energie
6. Stromingskarakteristieken
- Laminaire stroming
- Turbulente stroming
1. Eigenschappen van vloeistoffen (2.2)
- Dichtheid:
𝑚 𝑘𝑔
- 𝜌 = 𝑣
ook wel 3
𝑚
- Viscositeit (2.2.3):
𝐹/𝐴
- μ = 𝑑𝑣 / 𝑙
= dynamische viscositeit
- μ Pa s
- Centipoise (cP): 1 cP = 10-3 Pa・s
2. Druk
- stroming: van hoog laag / hoge druk lage druk
𝐹 𝑁 −5
- 𝑃 = 𝐴
| [ 2 ] = 𝑃|𝑎 1 𝑃𝑎 = 10 𝑏𝑎𝑟
𝑚
- F=mxg
- A (opp rechthoek)) = l ・b
- A (opp cirkel)= π ・r 2
- Wat laat een diepere put na op het parket → hak of olifant
- Druk van een vloeistofkolom:
1
, - Vloeistofniveau
3. Stroomlijnen
4. Behoud van massa (2.3.1)
5. Behoud van energie (2.4)
2
, 6. Stromingskarakteristieken: REYNOLDS (2.3.3)
Introduction to food engineering:
- Hoofdstuk 2 “fluid flow in food processing” → 2.1 t/m 2.5.4 (p.65-115)
- Belangrijkste paragrafen en examples:
- 2.3.1 continuity equation (ex. 2.3)
- 2.3.2 Reynolds number (ex. 2.4, 2.5)
- 2.3.4 velocity profile … (zie sheets voor belangrijkste stof)
- 2.4 Bernouilli (formule 2.66; ex. 2.9, 2.10)
- 2.5.4.3 energy losses due to pipe fitting
3