Moduleopdracht Integrale opdracht HBO-bedrijfskunde fase 1
Naam:
Studentnummer:
Datum: 28-08-24
Opleidingsinstituut: NCOI
Opleiding: HBO Associate Degree Bedrijfskunde
Module: Integrale opdracht HBO-bedrijfskunde fase 1
,Voorwoord
Beste lezer,
Voor u ligt de moduleopdracht ‘’Integrale opdracht HBO-bedrijfskunde fase 1’’ die ik, , in
het kader van de afronding van de Associate Degree Bedrijfskunde aan de NCOI heb geschreven. Ik
ben deze opleiding begonnen in 2023 om mij verder te ontwikkelen in de rol als teamleider bij
( ). Sinds 2017 ben ik werkzaam bij en waar ik begon als assistent-
monteur ben ik in de loop van tijd doorgegroeid tot mijn huidige functie als teamleider van de
distributieafdeling.
Tijdens mijn carrière bij heb ik meerdere opleidingen gevolgd, vooral technische en
gespecialiseerde opleidingen gericht op het vak waarin wij werken. In mijn huidige functie krijg ik echter
steeds meer te maken met bedrijfskundige processen, wat mij heeft doen besluiten om de Associate
Degree Bedrijfskunde te volgen. Ik hoop met deze opleiding mij verder te kunnen ontwikkelen in het
bedrijfsleven, zodat ik uiteindelijk nog effectiever en georganiseerder met mijn team kan samenwerken.
Het schrijven van deze moduleopdracht biedt mij de kans om te toetsen of de processen binnen het
team efficiënt verlopen aan de hand van de behandelde modellen en theorieën en waar mogelijk ruimte
zit voor verbetering. Het doel hiervan is dan ook tot meer inzichten te komen en eventuele verbeteringen
te kunnen doorvoeren in de eigen organisatie. Ik wil ten slotte mijn werkgever en partner bedanken voor
alle ondersteuning die zij hebben geboden bij het volgen van deze studie.
, 28 augustus 2024
Pagina 1
, Samenvatting
( ) is een MKB-bedrijf in Amsterdam dat diverse projecten in de distributie- en
installatietechniek ontwerpt en realiseert voor haar opdrachtgevers. Een van de kernactiviteiten van de
distributieafdeling is het realiseren van kleinverbruik-aansluitingen (KV-aansluiting). Dit bedrijfsproces
zal in deze moduleopdracht worden beschreven om het verloop van dit proces te beoordelen. Allereerst
de input en output van het proces. De input bestaat uit de aangeleverde werkmappen door de
opdrachtgever, de netbeheerder. De output is in dit geval een werkende KV-aansluiting. Dit betreft een
elektra-aansluiting tot en met 80 ampère inclusief de tekening van het tracé van de leidingen en de
metergegevens voor bij de oplevering.
In dit proces wordt de netbeheerder als klant gezien en wordt daarom uitgegaan van diens klanteisen.
Om de klanteisen van de netbeheerder in kaart te brengen, is de DMAIC-aanpak toegepast van Lean
Six Sigma. In de aanbestedingsfase zijn de volgende SMART klanteisen naar voren gekomen: de
netbeheerder wil dat de organisatie klantvriendelijk is en dat de kwaliteit bij 95% van de uitgevoerde
aansluitingen voldoet aan de werkinstructies. Ook is van belang dat het werk op een deskundige en
veilige wijze gebeurt. Daarnaast eist de netbeheerder dat een redelijke reactietermijn van maximaal 3
uur wordt gehanteerd bij het oplossen van klachten en storingen, zodat de aanvragers tevreden zijn.
Een laatste klanteis is dat de organisatie een korte levertijd hanteert van uiterlijk 8 weken, omdat de
netbeheerder een leveringsplicht heeft van elektriciteit en gas. Om deze klanteisen om te zetten in
kritische kwaliteitsfactoren (KSF’s) is een House of Quality opgesteld (Bijlage I).
Middels een RASCI is in kaart gebracht wie bij het proces betrokken zijn en welke taak of
verantwoordelijken deze personen hebben. Hieruit volgt dat de medewerkers van zowel de binnen- als
buitendienst verantwoordelijk zijn voor het realiseren van de KV-aansluitingen. De binnendienst is
verantwoordelijk voor het voorbereiden van de opdracht, zodat de buitendienst de aansluiting op locatie
van de klant zonder problemen kunnen realiseren. Bij deze werkzaamheden worden verschillende
documenten gebruikt om te zorgen dat het proces goed verloopt, zoals het DWA-formulier met een
omschrijving van de gewenste aansluiting en de uitvoeringstekening hoe het zal worden gemaakt. Deze
documenten staan in het digitale systeem S4P. De projectmanager is eindverantwoordelijk voor het
gehele proces en dient te zorgen voor de tijdige en correcte oplevering van de kleinverbruik-
aansluitingen. Wekelijks dienen er gemiddeld 110 KV-aansluitingen te worden gerealiseerd.
Voor de uitvoering van het proces zijn de medewerkers cruciaal. Middels de behoeftepiramide van
Maslow is in kaart gebracht hoe de organisatie haar personeel motiveert. Aan de fysiologische
behoeften wordt voldaan door medewerkers maandelijks te voorzien van een goed salaris zodat zij
voedsel en andere voorzieningen kunnen aanschaffen. Na een jaar hebben medewerkers uitzicht op
een vast contract waarmee de behoefte aan zekerheid wordt vervuld. Aan de sociale behoeften wordt
voldaan door medewerkers de keuze te geven in welk team ze willen werken en maandelijks een
vrijdagmiddagborrel te organiseren. Erkenning wordt gegeven door de salarissen te baseren op
vaardigheden en prestaties en complimenten te geven bij een goede kwaliteit. Tot slot biedt
medewerkers de kans op zelfontplooiing door opleidingen te volgen, soms met vergoeding vanuit .
Voor het proces is ook gekeken naar de 5W’s en 1H. De projectmanager zorgt voor sturing in het proces,
waarbij hij de medewerkers zoveel mogelijk probeert mee te nemen in zijn beslissingen. Het proces
vindt plaats op het kantoor van in Amsterdam en op de locatie van de te realiseren aansluiting.
De reden dat het proces op deze wijze wordt uitgevoerd, is de vastlegging ervan in de aanbesteding
met de opdrachtgever. Zolang het aanbestedingscontract van kracht is, wordt dit proces gevolgd.
De resultaten van het proces worden aan de hand van KSF’s gemonitord en door het gebruik van
meetbare prestatie-indicatoren (KPI’s). Zo wordt de doorlooptijd van het proces wekelijks gemeten door
te monitoren hoeveel van de aansluitingen binnen acht weken na aanlevering van de werkmap zijn
gerealiseerd. De PDCA-cyclus wordt toegepast om continu verbeteringen te kunnen doorvoeren in het
proces wanneer de scores van de performancemetingen onvoldoende zijn. De kosten van het proces
zijn onderverdeeld in materiële en immateriële kosten, vaste en variabele en gecategoriseerd naar
materiaal, personeel of afschrijvingen. De grootste kostenpost zijn de arbeidskosten met 52% van de
totale kosten. Tot slot zijn bij de beschrijving van het proces de volgende verbeterpunten naar voren
gekomen:
• Het toevoegen van interne KSF’s naast de afgestemde KSF’s met de netbeheerders
• Het verhogen van de frequentie voor het rapporteren van de KPI ‘’Interne Kwaliteitsbeoordeling’’
• In het systeem S4P gebonden taken en verantwoordelijken instellen per specifieke activiteit
• Het meer betrekken van de medewerkers bij het proces en mogelijke verbetering
• Kritisch evalueren van de grootste kostenpost, of alle kosten noodzakelijk zijn voor het proces
Pagina 2