Wat is ontwikkelingspsychologie?
= het is een specialisme in de psychologie dat:
Groei, verandering en consistentie doorheen de levensloop bestudeer
vanuit verschillende perspectieven (lichamelijk, emotioneel, cognitief,
socio-cultureel)
Hoe verklaren psychologen ontwikkeling?
Wat is ontwikkeling?
= ontwikkeling is een proces van groei en verandering
dat wordt aangestuurd door de INTERACTIE tussen erfelijkheid
(AANGEBOREN) en omgeving (AANGELEERD)
Ze gaan altijd beide een bijdrage hebben (soms is juist de vraag
hoeveel nu eigenlijk is aangeboren en aangeleerd)
Over de kwestie AANGEBOREN-AANGELEERD is er veel
meningsverschil
= het gaat dan over de vraag of erfelijkheid, dan wel omgeving
de meeste invloed heeft op ons gedrag en psychische
processen
Wat is precies
AANGEBOREN = wat je potentieel is
AANGELEERD = gaat bepalen hoe je gebruik maakt van je
potentieel
Bv:
Ziekte van Parkinson
= er is een bepaalde gevoeligheid om deze ziekte te
krijgen, aan de hand van je DNA (= AANGEBOREN),
maar er zijn ook factoren in de omgeving (bv het in
, aanraking komen met bepaalde giftige stoffen) die
de ziekte doen opwakkeren
(Bij deze ziekte blijft de vraag nog altijd welk
aandeel nu precies aangeboren en aangeleerd is)
Syndroom van Down
= dit is een erfelijke ziekte (namelijk een
AANGEBOREN afwijking veroorzaakt door extra 21e
chromosoom) en kan leiden tot een verstandelijke
beperking, agressief gedrag en problemen op
sociaal-emotioneel gebied
Er is hier dan ook geen genezing van mogelijk,
MAAR wel kunnen nog vele vaardigheden worden
AANGELEERD!
Als je hierbij het idee zou hebben dat het enkel
aangeboren is, dan krijg je het risico op:
= ‘self-fulfilling prophecy’
Dit is dat je verwachting uitkomt omdat ze het
gedrag van mensen stuurt
(en ze dus bv bij het syndroom van Down geen enkele
vaardigheid meer ontwikkelen)
CONCLUSIE: JE KAN ALTIJD NOG HET POTENTIEEL
VIA OMGEVING EN ERVARING BEÏNVLOEDEN => ER
IS DUS ALTIJD INTERACTIE!!
Hoe gaan we deze interactie tussen aangeboren en aangeleerd gaan
onderzoeken?
Er zijn hier verschillende methodes voor:
1. TWEELINGONDERZOEK
= vergelijkend ontwikkelingsonderzoek bij tweelingen, in het
bijzonder eeneiige (identieke) tweelingen, in de zoektocht naar
aangeboren en aangeleerde eigenschappen
, Ondanks dat ze 100 proces hetzelfde DNA hebben (en dus hetzelfde
aangeboren deel, m.a.w. het potentieel) => zal er altijd een invloed
van de omgeving zijn!!
Je mag je niet laten beïnvloeden door gevalstudies
Bv: de boktweeling (ze wisten niet van elkaars bestaan!)
= hele grote overeenkomsten: beide getrouwd met een
lerares genaamd Brenda, beiden rookte pijp, beiden
hadden een snor, …
Ookal zijn deze gelijkenissen zeer zot, je kan niet
ontkennen dat er geen enkele factor ‘aangeleerd’ zal
bijzitten!
Minnesota Twin Study
= deed een onderzoek bij een groot aantal (115) apart
opgevoede tweelingen
Conclusie: er zijn vele erfelijke gelijkenissen (intelligentie,
snelheid van spreken, interesses, …) maar ook hier speelt
de omgeving een rol!! (bv omdat mensen vinden dat ze zo
gelijk zijn, gaan ze zich naar beide hetzelfde gedragen)
Zo begint het verschil tussen de tweeling zich al te ontwikkelen
door de omstandigheden van in de baarmoeder
= degene die meer plaats krijgt in de baarmoeder, zal vaak
groter worden geboren dan de andere
2. ADOPTIEONDERZOEK
= onderzoek waarbij de eigenschappen van het geadopteerde kind
vergeleken worden met de eigenschappen van de biologische
gezinsleden en die van de adopterende gezinsleden
, Indien de band beter is met de
Biologische gezinsleden => wijst op dat het biologische
een rol speelt
Adopterende gezinsleden => wijst erop dat de omgeving
een rol speelt
Maar ook hier geen conclusie trekken uit gevalstudies
Bv: onderzoek Plomin en collega’s
= zeiden dat erfelijkheid een rol speelt bij psychische
stoornissen, zoals schizofrenie, depressie, paniekstoornissen,
etc.
Maar ondanks dat sommige eigenschappen een sterke
genetische basis (bv intelligentie heeft een aanzienlijke
genetische component) hebben, gaan psychologische
eigenschappen nog altijd worden bepaald door een interactie
tussen erfelijkheid en omgeving
Ontwikkeling doorheen de levensloop
Wat kan een baby?
= pasgeborenen hebben aangeboren vaardigheden/ gedragspatronen
(reflexen) voor het vinden van voedsel, om met anderen contact te maken
en om gevaarlijke situaties te vermijden, zo wordt het overleven
bevordert
m.a.w. baby’s zijn niet volledig afhankelijk van hun verzorgers
Voorbeeld van aangeleerde reflexen
o Zuigreflex
o Grijpreflex
o …
We gaan ook eens kijken naar de periode die voorafgaand is aan de
geboorte, we noemen deze periode de
PRENATALA PERIODE