Basisverzorging en EHBO: hond en kat
H1: Basiszorg
7 grote pijlers voor een gezond huisdier
1) Evenwichtig dieet
2) Geschikte huisvesting
3) Beweging en spel
4) Opvoeding en training
5) Gezelschap
6) Basisverzorging @ home
7) Veterinaire zorg
Evenwichtig dieet
Voer
• Een hond en een kat hebben een voedzaam dieet nodig.
• Katten hebben een hogere eiwit- en vetbehoefte → i.v.m. honden.
• In principe → geen variatie in de voeding nodig.
• Plotseling overschakelen op een ander voer → diarree veroorzaken. (Vooral puppy’s)
➔ Als het nodig is → schakel altijd geleidelijk over door het oude en het nieuwe voer eerst
te mengen.
• Veel verschillende soorten voer → welke geschikt voor welke hond?
➔ Puppyvoeding, senior voeding, specifiek voor ras, conditie, aandoeningen, …
➔ Op tijd juiste voeding geven
Kleine honden → groeien trager dan grote honden
Grote honden → langer puppyvoeding geven
• De hoeveelheid voer → afhankelijk van de grootte en levensfase van het dier.
➔ Op de verpakking van de meeste voeders → richtlijnen afgestemd op het gem. gewicht
en energieverbruik v.h. dier
➔ Door het dier én de hoeveelheid voer regelmatig te wegen → eigenaar controleren of er
voldoende en niet te veel wordt gevoerd.
➔ Tafelrestjes en extraatjes → probeer te vermijden.
Deze kunnen leiden tot overgewicht →vaak gepaard met ernstige
gezondheidsproblemen.
➔ Zelfbereide of rauwe voeding → mag maar → vraag advies
Honden
• Puppy’s → heel veel voeding → 5-tal keer per dag
• Kleine en middelgrote volwassen honden worden één à twee keer per dag gevoederd.
• Grote rassen moeten tenminste twee keer per dag gevoederd worden → kans op
maagdraaiing te verkleinen.
• Geef grote honden na het eten → min. 2u rust
Grote honden → diepe borstkas en veel maaginhoud → verteert trager
, 2
Katten
• Moeten constant eten ter beschikking hebben
• Gaan van nature verspreid over de gehele dag kleine hoeveelheden eten
➔ Eet gemiddeld 20 keer gedurende 24 uur.
➔ Enkel in twee maaltijden per dag voederen kan blaasproblemen opwekken
➔ OPLETTEN
Sommige katten → zijn dit niet gewend
Rekening mee houden → risico op obesitas of overgewicht
Verschilt dus per kat
➔ Een gedeelte van de voeding → verstopt worden of aangeboden worden onder spelvorm
→ mentale uitdaging
De meeste katten verkiezen te werken voor hun eten.
Water
• Vers water → moet altijd ter beschikking zijn
• Gewoon kraanwater is oké
Eet- en voederbakken
Honden
• Aantal eetbakken → min. gelijk zijn aan het aantal honden
• Moet de nodige tijd krijgen om rustig en comfortabel te eten
Katten
• Verkiezen van nature → niet op dezelfde plaats eten en drinken
• Eet- en drinkbak niet vlak naast elkaar
• (Ook de kattenbak staat ver genoeg van eet- en drinkplaats)
• Meerder katten samen? → Mogelijke spanning eten vermijden
➔ Moeten kunnen eten zonder directe (visuele) aanwezigheid van andere katten
➔ N+1 regel
Het aantal eetplaatsen/drinkbakken/kattenbakken→ gelijk aan aantal katten (n)+1
• Bedoeling om kattenbakken, eetplaatsen en drinkbakken → zo veel mogelijk te verspreiden
• Katten hebben ook individuele voorkeuren → grootte en materiaal van eet- en drinkbakken
➔ Materiaal regelmatig reinigen
Natvoerbakken → dagelijks
Eetbakken voor droogvoer → wekelijks
Dagelijks vers water
Geschikte huisvesting
Buitenshuis
Hond
• Toegang tot een overdekte schuilplaats → beschutting (tegen warmte, koude, regen,)
• Droge, comfortabele, hygiënische slaapplaats → minimumvereiste (hondenhok met isolatie)
• Voldoende ruimte om te lopen, spelen en zijn behoeftes te doen
, 3
Kat
• Geen open vlakte → heeft structuren (bomen, struiken, potplanten en/of meubilair)
➔ Waartussen ze zich vrij kan bewegen en/of kan zien zonder gezien te worden
• Bij voorkeur → toegang tot zonnige rustplaatsen
• Voldoende schuilmogelijkheden tegen het weer → liefst in de hoogte en makkelijk
toegankelijk
Binnenshuis
Hond
• Vrij kan rondlopen & altijd zijn activiteit vrij kan kiezen = ideale huisvestingsmethode
➔ Rusten, spelen, drinken, …
• Steeds een plaats voorzien die strikt als rustplek voor de hond bestemd is
Kat
• Verschillende rustplaatsen, schuilplaatsen en uitkijkposten (hoog, laag, open, beschut)
➔ Ideaal van elke soort een aantal gelijk aan het aantal katten (n) + 1
• Ook klim-en krabgelegenheden
Beweging en spel
Hond
• Interactie = deel van de opvoeding → superbelangrijk!!
• Zowel lichamelijk als geestelijk → niet genoeg interactie? → gedragsstoornissen
• Bewegen/ wandelen is goed → ook voor jonge honden
➔ Zowel fysiek als mentaal
➔ Goed voor hun gedragsontwikkeling (andere honden, omgeving, mensen,)
Allerlei indrukken die resulteren tot → mentale stimulatie en uitdaging
➔ Fysiek
Regelmatig hun behoefte doen
Voorkomt overgewicht
Bevordert spierontwikkeling
Stimuleert de zintuigen
➔ Goede manier om onderlinge band tss eigenaar en hond te versterken
• Wel rekening houden met verschillende zaken
1) Groeicurve van de hond
Zolang de hond nog geen 80% van zijn volwassen gewicht bereikt heeft → mag niet
blootgesteld worden aan overmatige beweging
Afhankelijk van ras → maar in algemeen
▪ +/- 9 maanden voor alle type rassen
2) Sluiten van de groeiplaten
Tijdstip is afhankelijk van grootte van het ras en gewicht
Abrupte bewegingen en sprongen → vermijden tot hond volgroeid is
▪ Belasting van gewrichten
, 4
Wandelen
• Verspreid het wandelen gelijkmatig over de dag bij een puppy (tot 9 à 12 maanden)
➔ Wandel liever wat vaker per dag i.p.v. 1 lange wandeling
Overmatige belasting vermijden
• De volgende richtlijn wordt gehanteerd
➔ Tel 5min per maand dat de puppy oud is en dit 4x per dag max.
Bv: een puppy van 3 maanden → max. 15 minuten achter elkaar mag wandelen → max 4
keer per dag
• Belangrijk dat de pup leert om onder wisselende omstandigheden te lopen in alle gangen
(stap, draf, galop, telgang).
• Wandelingen op wisselend terrein waaronder → hoog gras, bos of los zand worden
aangeraden.
• Na 9 à 12 maanden kan de duur van de wandeling en het tempo geleidelijk opgedreven
worden.
• De snelle groei van de pup is dan achter de rug → 80 à 85% van zijn volwassen gewicht
bereikt.
• Regelmatige beweging is ook nodig voor een volwassen hond → min 30 minuten per dag.
• De vuistregel → vier à vijfmaal per dag uitlaten →waarvan één keer een lange wandeling
van een half uur of langer (afhankelijk van het ras en de gezondheid van de hond).
• Op deze leeftijd is het gevaar geweken de hond bloot te stellen aan te intensieve beweging.
➔ Lange afstanden en/of een hoger tempo kunnen op deze leeftijd.
• De eigenaar → moet op de lichaamstaal letter → optredende vermoeidheid bij de hond in
te schatten.
• Pas de wandelingen aan bij een senior hond.
➔ Weer kortere wandelingen meerdere keren per dag.
• ! Controleer na lange wandelingen of na wandelingen in hete of koude omstandigheden
zeker de kussentjes op verwondingen!
➔ Grasaren
Hardnekkig en stekelachtig → kan tussen de tenen zitten na wandeling → belangrijk
om deze eruit te trekken → kans op ontsteking
Halsbanden
• Een halsband heeft een aantal voordelen maar ook een nadeel.
➔ De halsband zit alléén om de nek → de hond totale bewegingsvrijheid
• Er zijn tijdens het wandelen → geen locaties waar het bewegen belemmerd wordt → waar
de halsbandtegen het lichaam schuurt.
• De halsband is een stuk kleiner in oppervlak i.v.m. een tuig.
• De kans dat de hond ergens tijdens het wandelen blijft haken → kleiner dan bij een tuig.
• De hals- en nekregio → gevoelige plek
➔ Daardoor kan de hond makkelijker worden beïnvloed → gedrag door het gebruik van de
riem.
Hierdoor zou het corrigeren van gedrag → kleinere actie nodig hebben voor een reactie van
de hond.
➔ In de nek bevinden zich echter → zenuwen, nekwervels, lymfeklieren, aders, de luchtpijp, de
slokdarm, etc.
➔ Wanneer de hond trekt of wanneer de eigenaar zelf heel hard moet trekken aan de halsband →
krijgt de nek een slag → kunnen schade veroorzaken