INLEIDING
4 lessen: 3 gewone + 1 leerstoel cursus + tekst leerstoel
Niet kennen: oud tuchtrecht
Examen = mondeling met voorbereiding
DEEL 1: PLICHTENLEER EN AMBTSEED
Welkomswoord van Anne Wilquot op Fednot AV in 2024 is perfecte beschrijving van
deontologie:
- Werk samen, spreek elkaar aan bij problemen, begin geen onnodige oorlog,
verdedig niet ‘jouw’ cliënt maar wel een dossier onpartijdigheid, fairplay,
respect voor de regels op kantoor en daarbuiten
1. NOTARIËLE ETHIEK
A. WAT IS NOTARIËLE DEONTOLOGIE?
1) DEONTOLOGIE
- Deontologie = een ethische stroming gebaseerd op juistheid van menselijk
handelen via absolute gedragsnormen
o Gedragsregels = normen waaraan getoetst wordt of handelingen moreel
juist zijn of niet
Bv. in tegenstrijd met de norm = slecht – ook als de uitkomst goed
is
o Belang van de goede wil (Immanuel Kant 18e eeuw)
= Aanvaarding van de morele wetten/norm
Categorische imperatief: je moet handelen op basis van de normen
waarvan men zou willen dat iedere andere persoon ernaar zou
handelen
Norm waarop gedragsregel is gebaseerd = universele wet
o Voorbeeld: martelen of duo legaat
Volgens deontologie is martelen ALTIJD slecht, ook als je hiermee
een leven kan redden want is in tegenspraak met gangbare
gedragsregels
Volgens Kant is martelen moreel slecht als de enige bedoeling is om
er zelf beter van te worden
Zelfde geldt voor duo-legaat: schenking aan goed doel met
intentie om er zelf beter van te worden
, - Definitie = de plichtenleer voor een bepaalde beroepsgroep met als doel de
vrijwaring van de kernwaarden van een beroepsgroep
o Is essentieel voor een vrij beroep bv. dokters, advocaten, architecten,
makelaars, …
o Doel is bescherming van de belangen van de beroepsgroep, de
maatschappij en de cliënt NIET van beroepsbeoefenaar zelf!
2) NOTARIËLE DEONTOLOGIE
- Notariele deontologie in brede zin = alle verplichtingen die in verband staan met
de uitoefening van het beroep van notaris, rekening houdend met het feit dat het
notariaat een openbaar ambt is
o Staat deels in de wet + ook gebaseerd op verwachtingspatroon overheid
en burger
- In strikte zin = eerlijk en nauwgezette ambtsuitoefening (artikel 47 OWN)
o Plichten van hogere morele orde: niet in wet – wel teruggrijpen naar eed
o Waardigheid van ambt en vertrouwen van de burger in notariële
instellingen (artikel 2 DC)
o Dubbele eed: veruitwendiging van wisselwerking tussen overheid en
notariaat als soort van moreel contract met de samenleving en
concretisering van aanvaarding ambt en plichten
Eed als openbaar ambtenaar volgens decreet van 20 juli 1831 en
bijzondere ambtseed uit artikel 47 OWN
Eed voor de AV van het Genootschap (artikel 1 DC)
- Andere definities:
o VAN DEN BERGH B: referentiekader voor een goede notariële praktijk op
basis van gedeelde kernwaarden die notarissen moeten respecteren
o CASMAN H: wat een notaris hoort te doen en te laten als gevolg van de
specificiteit van zijn beroep om een degelijke notaris te zijn
o VAN OOSTERWIJCK G: de leer van het op alle vlakken zich correct gedragen
als notaris, het iets geïdealiseerde beeld van de openbare ambtenaar die
alle verplichtingen en plichten, geschreven of ongeschreven, hem opgelegd
door wet of gebruik, of door de ethiek, of omdat ze nu eenmaal zo
aangevoeld kunnen worden, nauwgezet naleeft of poogt na te leven
o VAN DEN BOSSCHE A: deontologie is geen zaak van regelgeving maar van
aanvoelen, het is bijna geloofsleer en levenswijsheid
- De deontologie van de notaris is fundamenteel en een buikgevoel – zo maakt de
notaris verschil
o Goede jurist is niet perse een goede notaris en omgekeerd
B. DE NORM ACHTER DE REGEL
- Cassatie (1980-2001) aanvaardt dat regels van de plichtenleer van een
intellectueel beroep met rechtschapenheid en waardigheid ongeschreven kunnen
zijn
o Bv. plicht op beleefdheid: staat niet in een wet maar moet je toch naleven
- Toch ambitie binnen notariaat om een deontologische code op te stellen AV NK
°DC van 2005
o Gevaar: eng keurslijf en mogelijks geen overeenstemming met
maatschappelijke verwachtingen
, o Daarom vnl. richtlijnen in de DC waarbij men de interpretatie in de
commentaar erbij moet lezen (norm achter de regel – dat is steeds
teruggrijpen naar eed)
Norm = ambt eerlijk en nauwgezet uitoefenen – verbintenis tov
maatschappij
C. BEKRACHTIGING VAN DE DEONTOLOGISCHE CODE
- Deontologische Code werd goedgekeurd door de AV van de NK en bekrachtigd bij
KB
o Zelfs als niet bekrachtigd dan bindend voor beroepsbeoefenaars – is nl.
maar een richtlijn gebaseerd op basisnormen die bestaan los van
codificatie
o Waarom bekrachtiging vragen?
Toetsing door hogere overheid aan eigen verwachtingen
Laat toe om zelfregulering van een korps te begrenzen binnen een
breder maatschappelijk perspectief
Leidt tot wisselwerking tussen overheid en beroepsorganisatie
o Bindende kracht = enkel voor leden van het korps zelf (niet zelfde
draagwijdte als wet)
Cliënten kunnen zich hierop beroepen en er rechten uit putten bv.
inroepen beroepsfout
Maar cliënten zijn er zelf niet door gebonden
D. DE DYNAMIEK VAN DE DEONTOLOGIE
- Notariële deontologie is dynamisch en tijdsgebonden: correcte
ambtsuitoefening kadert binnen maatschappelijke waarden
o Wordt beoordeeld door de tuchtraad die steeds moet openstaan voor
nieuwe maatschappelijke trends vandaar 1 professionele rechter en
2 lekenrechters
Disciplinaire actie moet aan actuele waarden getoetst worden
en dit vertalen naar actuele notariële praktijk (redelijkheid als
criterium)
Tuchtfout art. 555/3 Ger W: wanneer gedrag van notaris afbreuk
doet aan de waardigheid van het ambt of bij plichtverzuim
Niet elke tuchtfout hoeft tuchtrechtelijk gesanctioneerd
te worden!
Men kijkt ook naar ernst inbreuk en mogelijke recidive
o Gevaar codificatie: verouderde waarden die gesanctioneerd kunnen
worden
- Artikel 2 DC: open norm van vertrouwen burgers in de instelling +
waardigheid van het ambt laten dynamische interpretatie toe
- Voorbeeld: huwelijk tussen personen van hetzelfde geslacht - gebruik van
sociale media door notaris
E. ONDERSCHEID TUSSEN TUCHT EN DEONTOLOGIE
, - Tucht en deontologie zijn twee verschillende begrippen die onlosmakelijk met
elkaar verbonden zijn!
o Deontologie = preventief luik van beroepsethiek
Finaliteit is waken over maatschappelijk verantwoorde uitvoering
beroep
o Tucht = repressief luik van beroepsethiek
Bij niet naleving deontologie kan notaris tuchtrechtelijk vervolgd
worden door de Tuchtraad
Ook ontradende en dus preventieve werking!
Autonome rechtstak met eigen regels en principes
Zal niet leiden tot schadevergoeding voor cliënten!
F. ONDERSCHEID TUSSEN TUCHT EN STRAFRECHT
- Beiden hebben een repressief doel nl. sanctioneren
- Strafrecht:
o Is van toepassing op alle burgers
o Sanctioneert inbreuk op strafwet en maatschappelijke orde
o Maatschappelijk belang staat voorop
Via burgerlijke partijstelling ook schadevergoeding voor individu
- Tuchtrecht:
o Is van toepassing op een beroepsgroep
o Sanctioneert inbreuk op een beroepsplicht
- Specifieke strafverzwaringen voor notarissen: valsheid in geschrifte, schending
beroepsgeheim en enkele financiële misdrijven zoals verduistering of misbruik van
vertrouwen
G. ONDERSCHEID TUCHT EN BURGERLIJK RECHT
- Burgerlijk recht zijn subjectieve rechten van een partij in verhouding tot een
andere partij met als doel een schadevergoeding te bekomen
o Verzekeringsplicht notaris want fouten kunnen leiden tot schadevergoeding
- Tuchtrecht bestraft gedraging van een lid van een beroepsgroep en werkt
beteugelend (zonder schadevergoeding)
Notaris die zware fout begaat kan BR, SR en TR vervolgd worden (3 sancties
voor zelfde vergrijp)!!
2. PLICHTEN TEGENOVER MAATSCHAPPIJ EN OVERHEID
- Eed verbindt notaris tot naleving van de wet op eerlijk en nauwgezette wijze
o Is de veruiterlijking van wisselwerking tussen overheid en notariaat en
tevens van de aanvaarding van het ambt
- Eed wordt afgelegd voor de REA (artikel 47 OWN + decreet 1831) en voor de AV
van de PK (art 1 DC)
A. DE AMBTSEED ALS UITGANGSPUNT VOOR DE NALEVING VAN
DE WET
Plicht 1 = naleving van alle wetten en de Grondwet