Blauwe tekst = notities
Het successierecht stricto sensu:
1) Van toepassing bij het overlijden van rijksinwoners ( cf. art. 1, 1° Wsucc – 2.7.3.1.1. VCF )
Zie standpunt 15123 Vlabel over begrip rijksinwoner
VLABEL15123:
Wanneer een overledene op datum overlijden volgens de gegevens van het
bevolkingsregister is ingeschreven in een Belgische gemeente is dit een indicatie dat de
overledene een rijksinwoner is.
Doorslaggevende criteria bij de beoordeling van het rijksinwonerschap zijn: als de werkelijke
domicilie niet overeenstemt met de ingeschreven domicilie. Om dit te beoordelen zal men
rekening houden met feitelijke elementen: de plaats waar het beroep uitgeoefend wordt, naar
school wordt gegaan, waar men zijn vermogen beheert, …
Wat is het verschil Men kijkt naar de toestand op dag van overlijden.
tussen de
successierechten 2) Wereldwijd patrimonium wordt belast ( cf. art. 15 Wsucc – 2.7.3.2.1 VCF )
stricto sensu en
het recht van 3) Aftrek van bepaalde kosten is mogelijk ( cf. art. 16 en 17 WSucc - 2.7.3.2.7 en 2.7.5.0.4 VCF)
overgang bij
overlijden? Het recht van overgang bij overlijden:
1) Van toepassing op het overlijden van niet-rijksinwoners ( cf. art. 1, 2° Wsucc - 2.7.3.1.1. VCF )
2) Enkel onroerende goederen in België gelegen worden belast ( cf. art. 18 Wsucc – 2.7.3.2.2 VCF
)
3) Enkel voorwaardelijke lastenaftrek mogelijk:
Vb. leningslasten op onroerend goed; bv. Duitser heeft hier appartement aan zee
Arrest Eckelkamp HvJ 11 september 2008: schending vrij verkeer kapitaal indien aftrek enkel
geldt voor successierechten stricto sensu:
Vl. art. 2.7.3.4.1 VCF – Br. art. 27, tweede lid WSucc.:
1
, Enkel voor niet rijksinwoners uit de EER
Wall. Art. 27bis Wsucc:
Voor elke niet rijksinwoner
Oorspronkelijk was er geen voorwaardelijke lastenaftrek mogelijk bij het recht van overgang bij
overlijden ( welke van toepassing is op niet-rijksinwoners). Het HvJ heeft bepaald dat dit een
schending is van het vrij verkeer van kapitaal indien de aftrek enkel geldt voor successierechten
Wat is het belang sensu strictu (rijksinwoners). Daarom hebben Vlaanderen, BXL en Wallonië aangepast voor wie
van het de kosten gerelateerd aan een OG aftrekbaar zijn:
Eckelkamp-arrest Vl. art. 2.7.3.4.1 VCF – Br. art. 27, tweede lid WSucc.:
van het Hof van Enkel voor niet rijksinwoners uit de EER
Justitie van 11 Wall. Art. 27bis Wsucc:
september 2008? Voor elke niet rijksinwoner
Bv. Duitser heeft appartement aan zee als tweede verblijf. Stel je voor dat hiervoor een lening is;
was oorspronkelijk niet aftrekbaar. Door arrest is kostenaftrek mogelijk is voor de kosten
gerelateerd aan OG maar enkel voor inwoners EER (BXL en VL), voor elke niet-rijksinwoner (WL)
Zorgt voor een dubbele last op het overgaand vermogen na overlijden. Bij inkomsten is dit goed
geregeld, bij successierechten niet.
Dubbele belastingen zijn principieel toegelaten: HvJ, 12/02/2009, zaak Block (C-67/08): Dubbele
erfbelasting is geen schending van het vrij verkeer van kapitaal (dus het is ook niet verplicht dat
Bespreek de
lidstaten toestaan om deze te verrekenen (aka aftrekken van eigen belastingen at home)).
problematiek van
de dubbele
De uitzonderingen hierop zijn:
belasting in de
- Dubbele belastingsverdragen (hebben we enkel met FRA want in Zweden is de erfbelasting
successierechten.
afgeschaft)
- Eenzijdige maatregelen: Art. 1 van de Bijzondere Financieringswet: principe: het vermijden
van dubbele belastingen
- Zie Vlabel Beslissing 12/01/2018: Belgisch-Spaans dubbele belasting
Wat is het belang Heeft bepaald dat dubbele erfbelastingen geen schending zijn van het vrij verkeer van
van het Block- het kapitaal.
arrest van het Hof Feiten van de zaak
van Justitie van 12 Mevrouw Block, woonachtig in Duitsland, erfde in 1999 de nalatenschap van haar moeder,
februari 2009? die eveneens in Duitsland woonde.
2
, De nalatenschap bestond uit:
o Duits kapitaal: 144.255 DEM
o Spaans kapitaal (banktegoeden): 994.494 DEM
Over het Spaanse deel betaalde Block 207.565 DEM successierechten in Spanje.
Duitsland hief vervolgens ook successierechten over de volledige nalatenschap, maar
weigerde de in Spanje betaalde belasting te verrekenen.
Het Finanzamt stond enkel toe dat de Spaanse belasting als schuld van de nalatenschap werd
afgetrokken van de belastbare grondslag, maar niet dat deze werd verrekend met de Duitse
successierechten.
De kern van het geschil:
Moet Duitsland de in Spanje betaalde successierechten verrekenen op grond van het vrije
verkeer van kapitaal?
4. Oordeel van het Hof
4.1. Is er sprake van kapitaalverkeer?
Ja. Erfopvolgingen vallen onder kapitaalverkeer (bijlage I Richtlijn 88/361).
Het Hof benadrukt dat dit geen zuiver interne situatie is, omdat de banktegoeden zich in Spanje
bevinden.
4.2. Beperkt de Duitse regeling het vrije verkeer van kapitaal?
Het Hof erkent dat dubbele belasting een nadeel vormt, maar:
De Duitse regeling behandelt binnenlandse en buitenlandse banktegoeden gelijk voor wat
betreft de Duitse heffing.
De dubbele belasting ontstaat niet door discriminatie, maar door de parallelle
uitoefening van fiscale bevoegdheden door Duitsland en Spanje.
4.3. Is Duitsland verplicht dubbele belasting te voorkomen?
Nee.
Het Hof herhaalt zijn vaste rechtspraak:
Er bestaat geen EU-harmonisatie van successierechten.
Lidstaten zijn niet verplicht hun belastingstelsels op elkaar af te stemmen.
Het EU-recht verplicht niet tot het voorkomen van dubbele belasting.
Dubbele erfbelasting is geen schending van het vrij verkeer van kapitaal
Welke nationale - Dubbele belastingsverdragen (hebben we enkel met FRA want in Zweden is de erfbelasting
maatregelen afgeschaft)
3
, - Eenzijdige maatregelen:
werden er
o Art. 1 van de Bijzondere Financieringswet: principe: het vermijden van dubbele
genomen om
belastingen (maar zie vlabel 12/01/18: kan dus niet gebruikt worden voor vermijden
dubbele belasting
dubbele belasting)
in de
o Art. 2.7.5.0.4 VCF -art. 17 W.Succ.
successierechten
Belasting betaald op (on)roerend goed in het buitenland is verrekenbaar met
hetzij tegen te
successierechten (belastingsvermindering)
gaan, hetzij te
Zie GwH 3 juni 2021: de beperking verrekenbaarheid van de buitenlandse
verzachten?
belasting tot onroerende en niet tot roerende goederen is discriminatie
Bespreek de De beslissing zegt in essentie: de Vlaamse erfbelasting blijft verschuldigd; de dubbele belasting
Vlabel-beslissing met Spanje wordt niét weggewerkt via artikel 1ter Bijzondere Financieringswet.
van 12 januari 1. Feiten in gewone taal
2018 mbt dubbele Vader overlijdt in Brugge op 21/12/2016; hij was Belgisch rijksinwoner, dus de Vlaamse
Vlaams-Spaanse erfbelasting is van toepassing.
erfbelasting. Nalatenschap: 1 onroerend goed in Brugge + diverse roerende goederen in België.
Weduwe + 3 kinderen doen één gezamenlijke aangifte; voor elk wordt een afzonderlijke
aanslag gevestigd, waaronder voor de dochter (bezwaarindienster).
De dochter woont in Spanje; zij betaalt erfbelasting in Vlaanderen (omdat de erflater hier
woonde) én in Spanje (omdat zij daar rijksinwoner is en daar op haar wereldwijde
verkrijging wordt belast).
Zij vindt dat dit neerkomt op verboden dubbele belasting, en dat Vlaanderen haar aanslag
moet wegwerken.
2. Juridisch argument van de dochter
Zij beroept zich op artikel 1ter Bijzondere Financieringswet, in de huidige versie sinds
1/7/2014.
Dat artikel zegt o.a. dat de fiscale bevoegdheden van de gewesten moeten worden
uitgeoefend met naleving van o.m. het principe van “vermijding van dubbele belasting” en
dat “bij een door een overheid gegrond geacht verzoek van een belastingplichtige” overleg
moet worden gepleegd “met de andere betrokken overheden teneinde de belastingheffing
die strijdig is met het (…) principe ongedaan te maken”.
In de vroegere tekst stond: “bij een door het gewest gegrond geacht verzoek… treedt dit
gewest in overleg met de andere betrokken overheden…”.
4