Indirecte zorg linnen
Leder
= Leder is een geplooide en geconserveerde huid van dieren.
Herkomst
Leder kan van elke dierenhuid gemaakt worden. De grootste hoeveelheid
huiden van leder zijn afkomstig van runderen.
Waarde van de huid:
Ras
Leeftijd
Geslacht
Voeding
Levenswijze
De kwaliteit van de huid wordt bepaald door:
Het deel van de huid
De rekrichting van de huid
De meeste rek is van de lies naar lies
De minste rek is van kop naar staart
De aanwezige beschadiging, deze kunnen ontstaan op:
Natuurlijke wijze zoals open verwondingen, littekens,
vetplooien
Tijdens verwerking zoals het looien, villen, splitten
De huid bestaat uit:
, 1. Opperhuid: Met slijmlaag vast op de lederhuid. De opperhuid
worden met de haren verwijderd.
2. Lederhuid: Dit is het eigenlijke leer. De haarkant of de nerfkant
geeft de natuurlijke fijne tekening aan het leder.
3. Onderhuids bindweefsel: de onderhuid is los en vetrijke weefsel
dat moet verwijderd worden
Het verwerken van de huid!!!!
De verschillende stappen
1. Het zouten
Na het villen van de dieren worden de huiden met zout bestrooid
om beter te conserveren. Ze worden op paletten gestapeld en zo
vervoerd naar de leerlooierij.
1. Het weken
In de leerlooierij worden de ingezouten en gedroogde huiden
overvloedig gespoeld met water om ze in hun oorspronkelijke
toestand te brengen. Bloed en zout worden van de huiden
verwijderd en gedroogde huiden terug zacht gemaakt.
1. Het ontharen
Vervolgens worden huiden rondgedraaid in vaten en tonnen met
haspels gebracht waarin chemicaliën inwerken op de huid.
Hierdoor komen de haren los en wordt het bindweefsel van de
onderhuid soepeler en komt het los van de lederhuid. De huiden
mogen niet te lang in het kalkvaten blijven, omdat leder dan te
los en te vezelig wordt. De huiden worden naar de onthaar of
schaafmachine gebracht waardoor de huid gezuiverd wordt van
vleesresten, bindweefsel en opperhuid.
De behandelde huid wordt de leerlooier naakte huid of blösse
genoemd.
Ontkalken = bewerkingen met verdunde zuren om de kalk te
neutraliseren: het reinigen van de huid
Beitsen = bewerking om leder soepeler, taaier en elastisch te
maken
Laven= bewerken om zachter leder te bekomen
1. Het splitten
Dikkere huiden worden gesplitst in twee of meerdere lagen tot
leder. Deze bewerking moet uitgevoerd worden door zeer goed
op elkaar getrainde en ervaren werklieden die de huid
gelijkmatig opspannen terwijl ze in de splitmachine wordt
gebracht.
Als de huid met plooitjes in de splitmachine zou komen kan dit
leiden tot ernstige beschadiging ervan.
, De bovenste laag van de ongesplitte huid vertoont de nerf. De
nerf is de tekening die anders gevormd wordt door de gaatjes
van de haarinplanting. De haarinplanting is voor elke diersoort
anders, zo kan men aan de nerf de ledersoort herkennen.
Alle andere lagen worden splitleder of croute genoemd.
Deze worden meestal gedekverfd en gechagrineerd. Croute is te
herkennen aan de onnatuurlijke regelmatig tekeningen en aan
het wollig worden bij slijtage.
Gedekverfd= kleuren van leder door het opspuiten van verf
Gechagrineeerd= mechanisch inpersen van de nerf
1. Looien!!
Het doel van looien is het leder te beschermen tegen aantasting.
Na het splitten worden de huiden gelooid en gekleurd in een
serie achter elkaar geschakelde ronddraaiende trommels. De
warmte van de stoom en de ronddraaiende bewegingen
versnellen de processen.
Het hedendaagse looiproces bestaat erin de huid te behandelen
met chroomzouten en huideiwitten. Hierdoor wordt de looitijd
beperkt tot enkele uren en krijgt het leder een blauwgroene
kleur.
Vroeger gebeurde het looien in een bad met eiken en
sparrenschors, bladeren en wortels. Dit proces duurde 2-3 jaar.
Soms worden beide procedés gecombineerd waardoor een nog
beter resultaat wordt bekomen.
De plantaardige looistoffen zorgen voor de sterkte en de vastheid
van de huid. De chemische procedés zorgen voor de soepelheid
en het aangenaam aanvoelen waardoor de oorspronkelijke
eigenschappen van de huid het best behouden blijven.
Indeling van de ledersoorten
Zoolleder Dik en stevig leder voor zolen van schoenen.
Hard, weinig water doorlaatbaar. Doorsnede
bruin en glanzend van kleur.
Overleder of Het betere, fijnere leder waarvan men de
bovenleder bovenzijde van schoenen maakt, in
tegenstelling met het onder en zoolleder
Meubelleder De bovenste laag van gesplitte runderhuiden
Peau de suède Fijn leder waarvan de vleeszijde geslopen
wordt en dat het uiterlijk heeft van fluweel.
Het nerfleder blijft behouden waardoor het
leder zijn vormbestendigheid behoudt. Wordt
ook wel suède genoemd.
Leder
= Leder is een geplooide en geconserveerde huid van dieren.
Herkomst
Leder kan van elke dierenhuid gemaakt worden. De grootste hoeveelheid
huiden van leder zijn afkomstig van runderen.
Waarde van de huid:
Ras
Leeftijd
Geslacht
Voeding
Levenswijze
De kwaliteit van de huid wordt bepaald door:
Het deel van de huid
De rekrichting van de huid
De meeste rek is van de lies naar lies
De minste rek is van kop naar staart
De aanwezige beschadiging, deze kunnen ontstaan op:
Natuurlijke wijze zoals open verwondingen, littekens,
vetplooien
Tijdens verwerking zoals het looien, villen, splitten
De huid bestaat uit:
, 1. Opperhuid: Met slijmlaag vast op de lederhuid. De opperhuid
worden met de haren verwijderd.
2. Lederhuid: Dit is het eigenlijke leer. De haarkant of de nerfkant
geeft de natuurlijke fijne tekening aan het leder.
3. Onderhuids bindweefsel: de onderhuid is los en vetrijke weefsel
dat moet verwijderd worden
Het verwerken van de huid!!!!
De verschillende stappen
1. Het zouten
Na het villen van de dieren worden de huiden met zout bestrooid
om beter te conserveren. Ze worden op paletten gestapeld en zo
vervoerd naar de leerlooierij.
1. Het weken
In de leerlooierij worden de ingezouten en gedroogde huiden
overvloedig gespoeld met water om ze in hun oorspronkelijke
toestand te brengen. Bloed en zout worden van de huiden
verwijderd en gedroogde huiden terug zacht gemaakt.
1. Het ontharen
Vervolgens worden huiden rondgedraaid in vaten en tonnen met
haspels gebracht waarin chemicaliën inwerken op de huid.
Hierdoor komen de haren los en wordt het bindweefsel van de
onderhuid soepeler en komt het los van de lederhuid. De huiden
mogen niet te lang in het kalkvaten blijven, omdat leder dan te
los en te vezelig wordt. De huiden worden naar de onthaar of
schaafmachine gebracht waardoor de huid gezuiverd wordt van
vleesresten, bindweefsel en opperhuid.
De behandelde huid wordt de leerlooier naakte huid of blösse
genoemd.
Ontkalken = bewerkingen met verdunde zuren om de kalk te
neutraliseren: het reinigen van de huid
Beitsen = bewerking om leder soepeler, taaier en elastisch te
maken
Laven= bewerken om zachter leder te bekomen
1. Het splitten
Dikkere huiden worden gesplitst in twee of meerdere lagen tot
leder. Deze bewerking moet uitgevoerd worden door zeer goed
op elkaar getrainde en ervaren werklieden die de huid
gelijkmatig opspannen terwijl ze in de splitmachine wordt
gebracht.
Als de huid met plooitjes in de splitmachine zou komen kan dit
leiden tot ernstige beschadiging ervan.
, De bovenste laag van de ongesplitte huid vertoont de nerf. De
nerf is de tekening die anders gevormd wordt door de gaatjes
van de haarinplanting. De haarinplanting is voor elke diersoort
anders, zo kan men aan de nerf de ledersoort herkennen.
Alle andere lagen worden splitleder of croute genoemd.
Deze worden meestal gedekverfd en gechagrineerd. Croute is te
herkennen aan de onnatuurlijke regelmatig tekeningen en aan
het wollig worden bij slijtage.
Gedekverfd= kleuren van leder door het opspuiten van verf
Gechagrineeerd= mechanisch inpersen van de nerf
1. Looien!!
Het doel van looien is het leder te beschermen tegen aantasting.
Na het splitten worden de huiden gelooid en gekleurd in een
serie achter elkaar geschakelde ronddraaiende trommels. De
warmte van de stoom en de ronddraaiende bewegingen
versnellen de processen.
Het hedendaagse looiproces bestaat erin de huid te behandelen
met chroomzouten en huideiwitten. Hierdoor wordt de looitijd
beperkt tot enkele uren en krijgt het leder een blauwgroene
kleur.
Vroeger gebeurde het looien in een bad met eiken en
sparrenschors, bladeren en wortels. Dit proces duurde 2-3 jaar.
Soms worden beide procedés gecombineerd waardoor een nog
beter resultaat wordt bekomen.
De plantaardige looistoffen zorgen voor de sterkte en de vastheid
van de huid. De chemische procedés zorgen voor de soepelheid
en het aangenaam aanvoelen waardoor de oorspronkelijke
eigenschappen van de huid het best behouden blijven.
Indeling van de ledersoorten
Zoolleder Dik en stevig leder voor zolen van schoenen.
Hard, weinig water doorlaatbaar. Doorsnede
bruin en glanzend van kleur.
Overleder of Het betere, fijnere leder waarvan men de
bovenleder bovenzijde van schoenen maakt, in
tegenstelling met het onder en zoolleder
Meubelleder De bovenste laag van gesplitte runderhuiden
Peau de suède Fijn leder waarvan de vleeszijde geslopen
wordt en dat het uiterlijk heeft van fluweel.
Het nerfleder blijft behouden waardoor het
leder zijn vormbestendigheid behoudt. Wordt
ook wel suède genoemd.