Les 1: Inleiding klinische psychiatrie___________________p1-16
Les 2 : GGZ________________________________________/
Les 3 : Psychotische stoornissen______________________p16-35
Les 4 : Depressieve stoornis__________________________p35-49
Les 5 : Bipolaire stoornis_____________________________p49-58
Les 6 : Angststoornissen_____________________________p58-72
Les 7 : Ziekenhuispsychiatrie_________________________p72-75
Les 8 : Delirium____________________________________p75-79
Les 9 : Ouderenpsychiatrie__________________________p79-80
Les 10 : Kinderpsychiatrie___________________________p80-94
Les 11 : Internaliserende stoornissen_________________p94-100
Les 12 : Somatische-symptoomstoornis______________p100-106
Les 13 : Nagebootste stoornissen____________________p106-107
Les 14 : Slaap- en waakstoornissen__________________p107-109
Les 15: Parasomnie_______________________________p109-112
Les 16 : Ontwikkelingsstoornissen volwassenen_______p112-116
Les 17: Psychotherapie____________________________/
Les 18: PTSS_____________________________________/
Les 19 : Persoonlijkheidsstoornissen_________________p116-128
Les 20 : Eetstoornissen____________________________p128-135
Les 21 : Infantpsychiatrie___________________________p135-140
Les 22 : Middelenmisbruik en verslaving______________p140-152
Les 23: Forensische geneeskunde___________________p152-159
1
,Les 1: Klinische psychiatrie
1A: PSYCHOPATHOLOGISCHE DIAGNOSTIEK EN CLASSIFICATIE
Diagnostische denkkaders:
- DSM-classificatiesysteem
- Stress-kwetsbaarheidsmodel
- CBT (Cogn. GedragsTherapeutisch) probleemsamenhang
DSM-CLASSIFICATIESYSTEEM
D/ obv.:
- Psychiatrisch onderzoek
o Psych Symptomen -> Syndromen/Clusters -> D/
- Anamnese
o Psych Symptomen -> Syndromen/Clusters -> D/
▪ Cave: Laag ziekte-inzicht, verward, etc.
o Heteroanamnese!
- Diagnostische hulpmiddelen
o Labo (bv. Ionogram bij delirant, meds Contra Indicaties (CI’s) in bloedwaarde)
o Imaging (bv. CT/MRI brein, dementie en voor exclusie bloedingen, infarct, tumor)
= vnl Exclusie somatische (neurologie)
DSM5-TR = Sympt crit -> Syndroom -> D/ (vgl. ICD10 = UK, Somatisch)
Oplijsting D/
Toepassing: Kliniek, Studies, Uniformiteit
Voortdurend in ontwikkeling
DSM categ (Clusters):
Neurocogn Delier, Dementie
Psychosespectrum Schizo, Waanstoornis
Emotionele BipS/BD, Depressieve stemm, Angst, OCD, Psychotrauma, Dissociatieve,
Somatisch-SymptoomS(SSS), Eet, Slaap-waak, Seksuele functie
Gedrags Drangstoornis, Middelengerelateerde
Persoonlijkheidsstoornissen
Neurobiolog Ontwikkelingsstoornissen ADHD, Autisme(ASS)
DSM = CATEGORIAAL => Nadelen:
- Arbitraire cutoffs: Wel/Niet ziek => Geen grijze zones
- Doorheen tijd kan ziektebeeld veranderen, dan van D/ A naar D/ B (bv. MDD naar BD)
- D/ obv symptomen, NIET obv etiologie (vgl. Koorts = D/, ipv etio van koorts te zoeken)
o Er zijn van bv MDD meerdere types
▪ We gaan naar precision psychiatrie, meer obv onderliggende, maar zijn
we nog niet, nog geen R/ verschil
- DSM mist de interacties tussen probleemgebieden / Vaak meerdere D/
o Depressie + PTSS/Trauma + Middelenmisbruik
2
, o Trauma => Risk op depressie + Alcohol als coping
=> versterken elkaar, geen 3 aparte D/
Pro’s en Con’s van DSM5
PROS
- Eenduidig Categoriaal systeem kliniek-onderzoek
- Betrouwbaar
- Gebruiksgemak
- Makkelijk te linken aan klinische besluitvorming
CONS
- D/ is er (goede “face validity”), maar weinig betrouwbaar naar onderliggende etio
- Overlap diagnoses, overlap sympt (D/ verandert met één sympt meer/minder)
o Artificiële co-morbiditeit (overlap)
- Arbitraire cutoff (ene vindt het patho, andere niet)
- Oversimplificatie
D/ is een Spectrum <-> DSM is Categorieel
RDoC (Research Domains Criteria) (meer biologisch, endofenotypes, maar nog niet klinisch
relevant)
Diagnose moet van Categorieel naar meer Dimensioneel:
(in volgorde van dimensie)
Psychotische sympt = Schizo, maar ook SchizoAffectief, BipS, MDD
Mood sympt = MDD, maar ook 50% van Schizos
Cogn/Motor sympt = Schizo, maar ook BipS
Genet onderliggend = ook gedeeld (bv Tante BipS, Nonkel Schizo, etc)
Informatief naar meds toe:
3
, Manisch => Antimanisch Psychotisch => Antipsy
D/ obv Sympt, Tekens en Ondersteunend onderzoek
Classificatie obv crit, Geen uitspraak over etio/pathogen
100’en biomerkers, maar geen duidelijke subtypes
NIET één specifieke merker
Diagnose moet van Categorieel naar meer Precisie Psychiatrie:
Obv variabelen (geslacht, etc), Moleculair, Brein, Lifesyle, Drank, Drugs, Beweging, etc
MAAR met AI kan mss wel obv biomerkers gewerkt worden
=> Naar depressie type A, type B, etc differentieren
=> Naar prognose, hoeveel episodes gaat pt meemaken
STRESS-KWETSBAARHEIDSMODEL
Aangeboren en verworven determinanten = Kwetsbaarheid
bv O2 tekort bij geboorte, influ tijdens ZWP, autisme (genetisch meteen hoge kwetsbaarheid)
(ontrafeld touw, weinig stress nodig)
In interactie met --> Boven cutoff => Psych aandoening
Stress, stressoren in leven
bv tegenslagen, ACE’s, seksueel misbruik, druggebruik
Wat zijn bronnen van stress?
- Positieve en Negatieve gebeurtenissen kunnen stressoren zijn
Pos stress: Verliefd, Huwelijk, etc, Drukken wel op draagkracht
Adolescentie, Verantwoordelijkheid, Studeren, Eerste job, Dood van naaste, etc
Drugs
- Vaak rond 18-25-30J, typische onset psych aandoening
Predispo en Luxerende factoren
(voorbeeld: median Onset age van psych stoornissen
ADHD, ASS, op 12
Angst, eet, is late adolescent
Verslaving, Schizo, Persoonlijkheids, is stressor leeftijd, 25j
Depressie, groot interval, 18-50j)
PROBLEEMSAMENHANG
Predispo (draagkracht) waarom u
Luxerend (draaglast) waarom nu
4