Rania Nagels Algemeen beheer en organisatie 2024-2025
Algemeen beheer en organisatie
Inleiding
Organisaties
Definitie
• = een bewust gecoördineerde groep mensen met duidelijke grenzen, die continu samenwerkt om
gemeenschappelijke doelen te bereiken.
• Organisaties zijn groepen mensen die:
o Een gemeenschappelijk doel hebben
o Gestructureerd en gecoördineerd samenwerken
o In contact staan met hun omgeving
• Groepen van mensen die zorgen voor interactie
o Bv school, hobby, werk. Middelen die bijeen gebracht worden om bepaalde doelen te
creeren en tot een resultaat te komen
o Bv google, wit gele kruis
Types; 2 dimensionele ordening
Private Publieke
• Private financiering = zelf instaan voor verkoop, geld, inzet eigendom eigendom
• Publieke financiering = gefinancierd door overheid, subsidies Private Philips De Post
financiering
• Private eigendom = organisatie is eigendom van particulieren of bedrijven Publieke Organisaties afhankelijk
•
van contracten met de FOD financiën
Publieke eigendom = organisatie is eigendom van overheid financiering FOD Defensie
Types
• Marktmiddelen = producten en diensten die je kan Private sector Publieke sector
Criterium v h Oogmerk :
kopen of verkopen op de markt Criterium v d Middelen : Met
winstoogmerk
Zonder
winstoogmerk
Zonder
winstoogmerk
Met
winstoogmerk
• Niet-marktmiddelen = middelen die buiten de markt Marktmiddelen (verkoop) (1) (4) (7) (10)
worden verdeeld, bv subsidies, belastingen…
Gemengde middelen
•
(2) (5) (8) (11)
Gemengde middelen = marktmiddelen & niet-markt
Niet-markt middelen (3) (6) (9) (12)
middelen
• Vb
o Wit gele kruis: private sector, gemengde middelen, zonder winstoogmerk
o Universitair zh: publieke sector, gemengde middelen, zonder winstoogmerk
o Ryanair: private sector, marktmiddelen, met winstoogmerk
• Social-profit organisaties = streven geen winst na, wel welzijn, gezondheid, cultuur…
Social-profit organisaties
• Zijn organisaties die
o Geen winst nastreven, maar zich richten op dienstverlening aan mensen of de samenleving.
o Ze financieren zich deels via subsidies of andere middelen in plaats van alleen verkoop.
• Dit kunnen publieke of private verenigingen, mutualiteiten of stichtingen zijn, actief in sectoren
zoals onderwijs, welzijn, gezondheidszorg, cultuur en vrijetijdsbesteding.
1
,Rania Nagels Algemeen beheer en organisatie 2024-2025
Gezondheidsvoorzieningen
• Ziekenhuizen (universitaire, algemene en psychiatrische zh)
• Psychiatrische verzorgingstehuizen
• Initiatieven voor beschut wonen
• Woon- en zorgcentra
• Centra voor geestelijke gezonheidszorg
Welzijnsvoorzieningen (om te zorgen, om je goed te voelen)
• Rustoorden • Centra voor ontwikkelingsstoornissen
• Serviceflats • Revalidatiecentra
• Diensten Kind & gezin • Thuisbegeleidingsdiensten
• Voorzieningen voor bijzondere jeugdsector • Diensten begeleid wonen, diensten
• Voorzieningen binnen de sector zelfstandig wonen
gehandicaptenzorg • Beschutte en sociale werkplaatsen
Met of zonder winstoogmerk
In welke mate is het management van organisaties zonder winstoogmerk verschillend van het
management van organisaties met winstoogmerk?
→ Het management van non-profit organisaties (zonder winstoogmerk) focust op maatschappelijke
doelen en dienstverlening, terwijl for-profit organisaties (met winstoogmerk) winst willen maken. Non-
profits halen inkomsten uit subsidies en donaties, terwijl for-profits geld verdienen door producten of
diensten te verkopen. Ook ligt bij non-profits de nadruk meer op sociale impact dan op financiële
groei.
Eigenschappen van organisaties in de zorg
• Mate van dynamiek in de omgeving
o Verandering wetgeving, financiering, technologische innovatie, maatschappelijke
verschuivingen
• Mate van complexiteit van de omgeving
o Verbonden aan heel wat stakeholders, waar je dus veel rekening mee moet houden
• Duidelijke doelstelling
o Welzijn, patientenzorg
• Performantiemeting (= systematisch beoordelen prestaties)
o Eerder kwalitatieve indicatoren dan puur winstgeving
• Mate van technologische sofisticatie
o Medische apparatuur, onderzoek
• De rol van de klant
o Unieke rol, personalisereerde zorg
• Complexiteit van de organisatie
o Multidisciplinair en interdisciplinair gaan samenwerken
• De rol van het personeel
o Empathie, ethiek, niet alleen technisch
→ zorgt ervoor dat we verschillend zijn van organisaties met winstoogmerk
2
,Rania Nagels Algemeen beheer en organisatie 2024-2025
Organisaties: doelgerichtheid
• We moeten een doel hebben, op wat focussen, wat is ons doel? Dit dan ook op een juiste manier
gaan doen → efficient zijn
Doeltreffend Doelmatig
Doen we de Effectief Efficiënt Doen we de
juiste dingen ? Doel dingen juist ?
Daarvoor dit inbrengen:
Stuur- en meetsysteem
Doelgerichtheid en de economische rationaliteit
• Taart-principe → we moeten keuzes maken, dus daarom is die efficientie heel belangrijk, de
middelen die we maar hebben moeten goed worden ingezet. Er is heel veel, welk doel willen we
hebben, dus we moeten zorgen dat dat doel ook goed wordt bereikt
Doel Ryanair?
• Zo laag mogelijke kosten van A nr B voor reiziger. Waarom hebben ze nog altijd zoveel wins? → voor
alles bijbetalen, last minute boekingen die duurder zijn, ze investeren niet in reclame, ze komen
soms eens in het nieuws. Bijbetalen om naast iemand te zitten, wanneer ze nieuwe vliegtuigen
aankopen doen ze dit in een hele vloot.
Doel artsen zonder grenzen?
• Alle mensen in nood helpen, van wie de gezondheid bedreigd wordt. Reglement met 4 belangrijke
punten:
o Helpt mensen in nood door natuurrampen en oorlogen, zonder onderscheid in huidskleur of
geloof
o De organisatie is neutraal en behandelt alle slachtoffers
o Medewerkers richten zich enkel op medische zorg en kiezen zelf of het veilig is om te
werken
o De meesten zijn vrijwilligers en krijgen geen salaris
Doel universiteit Gent?
• Open en pluralistische, maatschappelijke universiteit → kernpunt van hun identiteit
• Ze willen overkomen als vooruitstrevend en doelgericht, dan enkel academisch
• Internationale samenwerking
• Wereldwijde expertise
Actuele uitdagingen voor organisaties
1. Wereldwijde concurrentie
a. Meer bedrijven strijden internationaal om klanten
2. Vernieuwing van de organisatie
a. Organisaties moeten zich blijven aanpassen en verbeteren
3. De impact van (informatie)technologie
a. Snelle digitale ontwikkelingen veranderen de manier van werken
4. Kennis- en informatiemanagement
a. Slim omgaan met informatie en expertise is essentieel
5. Diversiteit
a. Werken met mensen van verschillende achtergronden en culturen
6. Ethiek en sociale verantwoordelijkheid
a. Duurzaam en eerlijk handelen in de samenleving
3
, Rania Nagels Algemeen beheer en organisatie 2024-2025
Soorten economie
• Gig economy
o Arbeidsmarkt met tijdelijke en flexibele jobs, zoals freelancers en korte opdrachten via
platsforms
• Digital economy
o Economie die draait op digitale technologie en online handel
• Sharing economy
o Systeem waarin mensen dingen gaan delen met elkaar, in plaats van te gaan verkopen
• Circular economy
o Economie waarin hergebruik en recycling centraal staat om afval te verminderen
Organisatietheorie of organisatiekunde
Een vakgebied dat wordt gezien als een verzameling van opvattingen over organisaties, hun structuren,
hun functioneren en over de manier waarop dat functioneren kan verbeterren.
Organisatietheorie
• Dit model laat zien welke contextuele factoren een organisatie beïnvloeden.
o Doelen en strategie: Wat de organisatie wil bereiken en hoe.
o Omgeving: Externe factoren zoals concurrentie en economie.
o Omvang: Hoe groot de organisatie is.
o Technologie: Welke middelen en systemen worden gebruikt.
o Cultuur: De waarden en normen binnen de organisatie.
o Structuur: Hoe de organisatie is opgebouwd, met elementen zoals hiërarchie, specialisatie
en centralisatie.
• → Deze factoren bepalen hoe een organisatie functioneert en zich aanpast aan veranderingen.
• Het kadertje beschrijft belangrijke structuurelementen van een organisatie. Dit zijn kenmerken die
bepalen hoe een organisatie werkt en is georganiseerd:
o Formalisatie: Hoeveel regels en procedures er zijn.
o Specialisatie: In welke mate taken zijn verdeeld over specialisten.
o Standaardisatie: Hoeveel processen en werkwijzen vastliggen.
o Gezagshiërarchie: De verdeling van macht en beslissingen binnen de organisatie
o Complexiteit: Hoe ingewikkeld de organisatiestructuur is.
o Centralisatie: Waar beslissingen genomen worden (centraal of verspreid).
o Professionalisme: Hoeveel expertise en opleiding vereist is.
o Staffing ratio’s: De verhouding tussen verschillende soorten medewerkers.
• → Dit bepaalt hoe de organisatie gestructureerd is en functioneert in de praktijk. Contextuele dimensies
Doelen en
strategie
Omgeving Omvang
Technologie
Cultuur Structuur
Formalisatie
Specialisatie
Standaardisatie
Gezagshiërarchie
Complexiteit
Organisatiegedrag Centralisatie
Professionalisme
Staffing ratio’s
Het bestuderen van de invloed van individuen, groepen, structuren op het menselijk gedrag in
organisaties
4
Algemeen beheer en organisatie
Inleiding
Organisaties
Definitie
• = een bewust gecoördineerde groep mensen met duidelijke grenzen, die continu samenwerkt om
gemeenschappelijke doelen te bereiken.
• Organisaties zijn groepen mensen die:
o Een gemeenschappelijk doel hebben
o Gestructureerd en gecoördineerd samenwerken
o In contact staan met hun omgeving
• Groepen van mensen die zorgen voor interactie
o Bv school, hobby, werk. Middelen die bijeen gebracht worden om bepaalde doelen te
creeren en tot een resultaat te komen
o Bv google, wit gele kruis
Types; 2 dimensionele ordening
Private Publieke
• Private financiering = zelf instaan voor verkoop, geld, inzet eigendom eigendom
• Publieke financiering = gefinancierd door overheid, subsidies Private Philips De Post
financiering
• Private eigendom = organisatie is eigendom van particulieren of bedrijven Publieke Organisaties afhankelijk
•
van contracten met de FOD financiën
Publieke eigendom = organisatie is eigendom van overheid financiering FOD Defensie
Types
• Marktmiddelen = producten en diensten die je kan Private sector Publieke sector
Criterium v h Oogmerk :
kopen of verkopen op de markt Criterium v d Middelen : Met
winstoogmerk
Zonder
winstoogmerk
Zonder
winstoogmerk
Met
winstoogmerk
• Niet-marktmiddelen = middelen die buiten de markt Marktmiddelen (verkoop) (1) (4) (7) (10)
worden verdeeld, bv subsidies, belastingen…
Gemengde middelen
•
(2) (5) (8) (11)
Gemengde middelen = marktmiddelen & niet-markt
Niet-markt middelen (3) (6) (9) (12)
middelen
• Vb
o Wit gele kruis: private sector, gemengde middelen, zonder winstoogmerk
o Universitair zh: publieke sector, gemengde middelen, zonder winstoogmerk
o Ryanair: private sector, marktmiddelen, met winstoogmerk
• Social-profit organisaties = streven geen winst na, wel welzijn, gezondheid, cultuur…
Social-profit organisaties
• Zijn organisaties die
o Geen winst nastreven, maar zich richten op dienstverlening aan mensen of de samenleving.
o Ze financieren zich deels via subsidies of andere middelen in plaats van alleen verkoop.
• Dit kunnen publieke of private verenigingen, mutualiteiten of stichtingen zijn, actief in sectoren
zoals onderwijs, welzijn, gezondheidszorg, cultuur en vrijetijdsbesteding.
1
,Rania Nagels Algemeen beheer en organisatie 2024-2025
Gezondheidsvoorzieningen
• Ziekenhuizen (universitaire, algemene en psychiatrische zh)
• Psychiatrische verzorgingstehuizen
• Initiatieven voor beschut wonen
• Woon- en zorgcentra
• Centra voor geestelijke gezonheidszorg
Welzijnsvoorzieningen (om te zorgen, om je goed te voelen)
• Rustoorden • Centra voor ontwikkelingsstoornissen
• Serviceflats • Revalidatiecentra
• Diensten Kind & gezin • Thuisbegeleidingsdiensten
• Voorzieningen voor bijzondere jeugdsector • Diensten begeleid wonen, diensten
• Voorzieningen binnen de sector zelfstandig wonen
gehandicaptenzorg • Beschutte en sociale werkplaatsen
Met of zonder winstoogmerk
In welke mate is het management van organisaties zonder winstoogmerk verschillend van het
management van organisaties met winstoogmerk?
→ Het management van non-profit organisaties (zonder winstoogmerk) focust op maatschappelijke
doelen en dienstverlening, terwijl for-profit organisaties (met winstoogmerk) winst willen maken. Non-
profits halen inkomsten uit subsidies en donaties, terwijl for-profits geld verdienen door producten of
diensten te verkopen. Ook ligt bij non-profits de nadruk meer op sociale impact dan op financiële
groei.
Eigenschappen van organisaties in de zorg
• Mate van dynamiek in de omgeving
o Verandering wetgeving, financiering, technologische innovatie, maatschappelijke
verschuivingen
• Mate van complexiteit van de omgeving
o Verbonden aan heel wat stakeholders, waar je dus veel rekening mee moet houden
• Duidelijke doelstelling
o Welzijn, patientenzorg
• Performantiemeting (= systematisch beoordelen prestaties)
o Eerder kwalitatieve indicatoren dan puur winstgeving
• Mate van technologische sofisticatie
o Medische apparatuur, onderzoek
• De rol van de klant
o Unieke rol, personalisereerde zorg
• Complexiteit van de organisatie
o Multidisciplinair en interdisciplinair gaan samenwerken
• De rol van het personeel
o Empathie, ethiek, niet alleen technisch
→ zorgt ervoor dat we verschillend zijn van organisaties met winstoogmerk
2
,Rania Nagels Algemeen beheer en organisatie 2024-2025
Organisaties: doelgerichtheid
• We moeten een doel hebben, op wat focussen, wat is ons doel? Dit dan ook op een juiste manier
gaan doen → efficient zijn
Doeltreffend Doelmatig
Doen we de Effectief Efficiënt Doen we de
juiste dingen ? Doel dingen juist ?
Daarvoor dit inbrengen:
Stuur- en meetsysteem
Doelgerichtheid en de economische rationaliteit
• Taart-principe → we moeten keuzes maken, dus daarom is die efficientie heel belangrijk, de
middelen die we maar hebben moeten goed worden ingezet. Er is heel veel, welk doel willen we
hebben, dus we moeten zorgen dat dat doel ook goed wordt bereikt
Doel Ryanair?
• Zo laag mogelijke kosten van A nr B voor reiziger. Waarom hebben ze nog altijd zoveel wins? → voor
alles bijbetalen, last minute boekingen die duurder zijn, ze investeren niet in reclame, ze komen
soms eens in het nieuws. Bijbetalen om naast iemand te zitten, wanneer ze nieuwe vliegtuigen
aankopen doen ze dit in een hele vloot.
Doel artsen zonder grenzen?
• Alle mensen in nood helpen, van wie de gezondheid bedreigd wordt. Reglement met 4 belangrijke
punten:
o Helpt mensen in nood door natuurrampen en oorlogen, zonder onderscheid in huidskleur of
geloof
o De organisatie is neutraal en behandelt alle slachtoffers
o Medewerkers richten zich enkel op medische zorg en kiezen zelf of het veilig is om te
werken
o De meesten zijn vrijwilligers en krijgen geen salaris
Doel universiteit Gent?
• Open en pluralistische, maatschappelijke universiteit → kernpunt van hun identiteit
• Ze willen overkomen als vooruitstrevend en doelgericht, dan enkel academisch
• Internationale samenwerking
• Wereldwijde expertise
Actuele uitdagingen voor organisaties
1. Wereldwijde concurrentie
a. Meer bedrijven strijden internationaal om klanten
2. Vernieuwing van de organisatie
a. Organisaties moeten zich blijven aanpassen en verbeteren
3. De impact van (informatie)technologie
a. Snelle digitale ontwikkelingen veranderen de manier van werken
4. Kennis- en informatiemanagement
a. Slim omgaan met informatie en expertise is essentieel
5. Diversiteit
a. Werken met mensen van verschillende achtergronden en culturen
6. Ethiek en sociale verantwoordelijkheid
a. Duurzaam en eerlijk handelen in de samenleving
3
, Rania Nagels Algemeen beheer en organisatie 2024-2025
Soorten economie
• Gig economy
o Arbeidsmarkt met tijdelijke en flexibele jobs, zoals freelancers en korte opdrachten via
platsforms
• Digital economy
o Economie die draait op digitale technologie en online handel
• Sharing economy
o Systeem waarin mensen dingen gaan delen met elkaar, in plaats van te gaan verkopen
• Circular economy
o Economie waarin hergebruik en recycling centraal staat om afval te verminderen
Organisatietheorie of organisatiekunde
Een vakgebied dat wordt gezien als een verzameling van opvattingen over organisaties, hun structuren,
hun functioneren en over de manier waarop dat functioneren kan verbeterren.
Organisatietheorie
• Dit model laat zien welke contextuele factoren een organisatie beïnvloeden.
o Doelen en strategie: Wat de organisatie wil bereiken en hoe.
o Omgeving: Externe factoren zoals concurrentie en economie.
o Omvang: Hoe groot de organisatie is.
o Technologie: Welke middelen en systemen worden gebruikt.
o Cultuur: De waarden en normen binnen de organisatie.
o Structuur: Hoe de organisatie is opgebouwd, met elementen zoals hiërarchie, specialisatie
en centralisatie.
• → Deze factoren bepalen hoe een organisatie functioneert en zich aanpast aan veranderingen.
• Het kadertje beschrijft belangrijke structuurelementen van een organisatie. Dit zijn kenmerken die
bepalen hoe een organisatie werkt en is georganiseerd:
o Formalisatie: Hoeveel regels en procedures er zijn.
o Specialisatie: In welke mate taken zijn verdeeld over specialisten.
o Standaardisatie: Hoeveel processen en werkwijzen vastliggen.
o Gezagshiërarchie: De verdeling van macht en beslissingen binnen de organisatie
o Complexiteit: Hoe ingewikkeld de organisatiestructuur is.
o Centralisatie: Waar beslissingen genomen worden (centraal of verspreid).
o Professionalisme: Hoeveel expertise en opleiding vereist is.
o Staffing ratio’s: De verhouding tussen verschillende soorten medewerkers.
• → Dit bepaalt hoe de organisatie gestructureerd is en functioneert in de praktijk. Contextuele dimensies
Doelen en
strategie
Omgeving Omvang
Technologie
Cultuur Structuur
Formalisatie
Specialisatie
Standaardisatie
Gezagshiërarchie
Complexiteit
Organisatiegedrag Centralisatie
Professionalisme
Staffing ratio’s
Het bestuderen van de invloed van individuen, groepen, structuren op het menselijk gedrag in
organisaties
4