100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.2 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting - Belgische politiek

Rating
-
Sold
-
Pages
84
Uploaded on
23-12-2025
Written in
2023/2024

Deze samenvatting is gebaseerd op notities die ik maakte tijdens de les en de slides van de professor. Ik heb dankzij deze samenvatting een 15/20 behaald voor het examen. Succes!

Institution
Course

















Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
December 23, 2025
Number of pages
84
Written in
2023/2024
Type
Summary

Subjects

Content preview

Les 1: Tekst De Winter & Baudewyns: inleiding
Verkiezingsonderhandelingen 2007 duurde heel lang, heel complex. Was voor het eerst in België dat dit zo
ging en had niemand voorspelt. Veel mensen hadden twijfels over Belgische politiek na vorming federale
staat.
Vragen die er toen speelde met betrekking tot de Belgische politiek:
 Waar blijft Belgische compromiscultuur? → altijd al geweest in België, daarom vreemd dat dit niet
werkte tijdens die verkiezingsonderhandelingen. Dit komt door uitbreiding Europese Unie &
postnatiestaat (= naties worden minder belangrijk, meer internationaal)
 Leidt federalisering niet tot matiging eisen? → langdurige onderhandelingen net na
staatshervormingen omtrent federatie
 Waar blijft de post natiestaat tijdsgeest? → natiestaat is dus niet meer belangrijk, sinds 2007 meer
gericht op confederatie.


Drie fasen: unitaire staat, federalisering, post-federatie
1. 1830-1963: van onafhankelijkheid tot taalwetten (begin federalisering)
(1846 ontstaan liberale partij, maar er waren wel verkiezingen. 20 jaar later pas andere partijen)
→ 1830 ontstaan België als unitaire staat met economisch financieel en bestuurskundig marginaal: groot
gebied met inwoners die op die drie domeinen niet echt meetelde
→ Na WO1 Politieke bewustwording: vooral Vlamingen die erkenning & rechten wouden voor hun taal. In
oorlog waren er wat problemen omdat alles in Frans was, heel lastig dus om te communiceren zeker in
oorlogstijden. (Ook bepaalde dialecten in Wallonië hadden moeilijkheden)
→ 1919 Uitbreiding stemrecht: algemeen enkelvoudig stemrecht. Een heel grote groep die opeens
meetelde en een andere groep die opeens minder stemmen hadden. Deze uitbreiding had super veel effect
op verkiezingen omdat mensen die minder bezitten (vooral
Vlamingen) en dus vroeger minder stemmen hadden, kregen nu wel groot gewicht.


Taalwetten graduele erkenning van het Nederlands:
Eerst rechtbank, administratie, politieke scholen, leger, onderwijs
Wet gelijke status talen en afschaffing Frans als officiële communicatie in Vlaanderen
Vastleggen taalgrens 1963: op bepaald gebied wordt bepaalde taal gesproken. Hierdoor veranderde het
parlement enorm.




1

,2. 1963-1995: federalisering
 In kamer zijn er veel meer Nederlandstalige dan Franstalige waardoor ook meer gewicht verschuift
naar Vlamingen. Je ziet dus dat verandering in samenleving ook heel wat gevolgen had voor politiek
 Economische ontwikkeling: oude industrie verdwijnt en wordt vervangen door postindustriële
samenleving met diensteneconomie. Transport, communicatie etc. wordt dus superbelangrijk en zit
vooral in Haven Van Antwerpen. Hiervoor was Vlaanderen minder belangrijk door landbouw en
omdat Wallonië meer grondstoffen had. Weer meer gewicht in Vlaanderen dus.
 Nieuwe attitude: Vlaanderen heeft ook andere visie op politiek: ze wouden meer autonomie en
steeds meer bevoegdheden waarover ze zelf willen beslissen en minder vanuit centraal niveau.
Deze houding komt vanuit oorspronkelijke onderdanige positie die ze altijd hadden en is nog steeds
aanwezig. (Calimeroreflex)


→ Reactie vanuit Wallonië: overwegend positief, voorstander van regionalisering want veel macht in PS.
Het is belangrijk dat er rekening wordt gehouden met verschillende regio’s in Wallonië omdat ze niet als
een pot nat willen worden gezien. Ze waren wel tegen groeiend Vlaanderen.
→ Reactie vanuit Brussel: Franstalige elite die in Brussel vooral zat is gevoelig voor zaken omtrent
tweetaligheid. Die problemen zijn nog altijd actief.
3% Vlamingen woont in Brussel, een derde van alle Franstalige woont in Brussel. Veel meer Franstalige dus.


Splitsing traditionele partijen & opkomst etnoregionalistische partijen:
 Versterkt centrumvliegende tendens
 Opeenvolging staatshervormingen vormen België tot een federatie
 Ontstaan nieuwe politiek systeem met nieuwe politieke logica en dynamiek
 Zero sum wordt win/win




2

,3. 1995: post-federaliseringsfase
→ Onopgeloste problemen winnen aan belang:
Daarom dat er nog altijd moeilijkheden zijn rond compromissen sluiten. Taalproblemen staan nog altijd
op de politieke agenda.


→ Socio-economische problemen winnen aan belang:
Er valt weinig te verdelen door economische problemen waardoor je ook veel moet onderhandelen
enz.


→ Herpositionering actoren: historische wortels zijn hiermee verbonden
 Versnippering Vlaamse partijen
 Versterkt tot uiting Vlaamse executieve (= regering van een gemeenschap)
 Versterkt door ontkoppeling verkiezingen
 Kloof tussen Vlaamse elite en publieke opinie




4. 2007:
Consensus strategie werkt dus minder goed, er is super veel versnippering binnen politieke partijen en
daarom ook veel minder coalitie te vormen.




3

, Les 2: Tekst Deschouwer: staatshervormingen


Staatshervorming = structuur van staat wijzigen door middel van grondwetwijzigingen
• 1ste spelregels
• 2de vorming van gewesten (behalve Brussel)
• 3de statuut van Brussel
• 4de voltooiing federaal systeem
• 5de herziening situatie Brussel, grondwettelijk hof, loskoppeling verkiezingen
• 6de herziening financieringswet, Senaat, federale verkiezingen


Kenmerken federale staat:
1. Unitaire staat: 1 centraal punt waar besluitvorming plaatsvind (bv. Frankrijk)
2. Federale staat: verschillende autonome niveaus van besluitvorming met bindende beslissingen
(subsidiariteit = bevoegdheden verdelen op een niveau waar ze het meest zinvol zijn, want bv.
defensie is nog altijd wel effectiever om nationaal te doen)
→ je kan kiezen voor wel (Duitsland) of geen hiërarchie (België)
3. Confederale staat: Samenwerkingsverband tussen (volledig) autonome & soevereine staten die
unitair of federaal kunnen zijn. (Bv. Europa1)




1
Europa is confederatie, maar sinds kort zijn er bevoegdheden die boven de lidstaten staan (supranationaal) waardoor voor stuk
ook federatie is
4

,1970: legt vooral basisprincipes vast (3)
• Taalgrens wordt deelstatelijke grens: je trekt de lijn van taalgrens op dezelfde lijn als deelstaten
• Invoering taalgroepen (door taalgrens) en bescherming Franstaligen: krijgt politieke betekenis want
moet een bescherming krijgen
• Invoering principe Gemeenschappen en Gewesten → dubbele laag van deelstaten


Struikelblok:
Er werden taaltellingen gedaan sinds WOI: vooral in Brussel waren er mensen die een andere taal spraken
dan dat ze op gedaan gebied normaal spreken. Aan die 30% werden er eerst faciliteiten toegekend. Nadien
nog eens gevraagd en omdat het 50% van de mensen daar waren hebben ze tweetalige gemeente van
gemaakt. Vooral elite sprak frans, je leerde het omdat het makkelijker was voor school en werk etc. daarom
spraken veel meer mensen frans
→ Verfransing gebied om Brussel, cf. Brusselse olievlek. Nederlandstaligen vonden dit niet leuk omdat
meer en meer gebieden tweetalig werden.


Vlaamse commotie 1960: weer 6 gemeenten zouden toegevoegd worden aan
tweetalig Brussel. Vlamingen vonden dit niet leuk omdat ze hun taal zeker niet kwijt wouden.
→ Vlamingen: vonden dit niet leuk omdat ze hun taal zeker niet kwijt wouden → emancipatie en
ontvoogding. Ze waren voor autonomie in afgebakend gebied
→ Franstaligen: willen vrije taalkeuze: structuren aanpassen aan socio-demografische realiteit




5

,Van taal- naar deelstaatgrens
Akkoord van Hertoginnedal 1963 (regering BSP/CVP):
1. Taalgrens zou niet meer wijzigen: wat nu frans is is frans en wat nu Vlaams is is Vlaams. Dit komt
omdat er te veel commotie was met al die tweetalige gemeenten dus voor eens en altijd gestopt


2. Taalfaciliteiten:
• Zes gemeenten die tweetalig wouden maar er is besloten dat ze nu gewoon bij Vlaanderen blijven
(Drogenbos, Kraainem, Linkebeek, Sint-Genesius-Rode, Wemmel, Wezembeek-Oppem).
• Ze kregen wel taalfaciliteiten = communicatie en lager onderwijs in Frans mogelijk
• Komen werd bij Franstalig gebied geplaats en wordt Comines, en Fourrons bij Nederlandstalig en
werd Voeren. Ze hebben dit gedaan omdat je een anders vreemde kronkel krijgt in taalgrens


3. Splitsing Brussel Halle Vilvoorde gevraagd, maar geen compromis


1970: Taalgrens wordt deelstatelijke grens




Taalgroepen/ bescherming: als je taalgrens maakt moet je die politiek vertegenwoordigen
Taalgroepen Kamer en Senaat
• Formele erkenning taalkundige tweedeling land en instellingen → België niet langer een unitaire
staat (maar ook nog geen echt federale)
• Indeling parlement (en regering) in taalgroepen


Bescherming minderheden door
• Paritaire samenstelling regering: er zijn meer Vlamingen dan Franstaligen, er dus altijd een
structureel onevenwicht. Daarom evenveel Vlaamstalige en Franstalige ministers (buiten eerste)
• Alarmbelprocedure = ¾ van taalgroep mag notie inroepen als ze het gevoel hebben dat hun
belangen in gevaar zijn. Vanaf dat ingediend wordt kan het parlement niet meer verder werken =
schorsing wetgevende procedure. De regering komt er nu in tussen (waarom: paritair samengesteld)
en heeft 30 dagen te tijd om hierover een beslissing te nemen. Als parlement nog altijd niet akkoord
is kunnen ze terug motie indienen, vaak gebruikt om tijd te winnen maar dus ook om minderheden
te beschermen.
• Bijzondere meerderheden/wetten: 2/3 meerderheid plus meerderheid in elke taalgroep


6

,Invoering dubbele logica van gemeenschappen en gewesten:
• Combineert territoriale en niet-territoriale inrichting van instellingen
• Combineert territoriale en niet-territoriale verdeling van bevoegdheden
= combinatie verschillende verzuchtingen Nederlands- en Franstaligen
• Beperkte uitwerking, vooral invoering van een principe. Nog geen gewesten ingevoerd maar
gemeenschappen al wel beetje (gaan in beperkte mate van start)
• Leidt tot dubbele federatie – en complexe bevoegdheidsverdeling/instituties!


Basis hiervoor is al eerder gelegd voor eerste staatshervorming en invoering officiële taalgrens. Ze hebben
gewoon expliciet gemaakt van wat er al in de lucht hing:
→ er was al splitsing openbare omroep (1960) en opdeling ministerie van nationale opvoeding (1965).


→ politieke partijen hielden ook rekening met verschillend beleid, strategieën, standpunten
CVP: interne opdeling in vleugels sinds 1945
BSP: interne regionalisering vanaf 1963




7

,1980 : gewesten ingevoerd & arbitrage hof = grondwettelijk hof. Dit is noodzakelijk in federaal systeem
omdat je geen hogere instantie hebt, daarom ‘arbiter’ nodig, in geval van nood. In 1980 was er nog wel
geen volwaardige federatie


→ Gemeenschappen bestonden al, in 1980 zijn er wel nieuwe dingen beslist: uitvoerende macht hoeft geen
verantwoording af te leggen aan nationale overheid. Dit komt doordat arbitrage hof ingevoerd is.
Uitbreiding bevoegdheden gemeenschappen met persoonsgebonden aangelegenheden (Gewesten =
territoriaal).


Structuur:
• Wetgevende macht: leden Kamer/Senaat
• Uitvoerende macht: leden nationale regering
• Duitstalige gemeenschap: eerste verkiezing reeds 1974 maar krijgt wetgevende bevoegdheid


→ Gewesten:
Akkoord over oprichting gewesten Vlaanderen en Wallonië
- Structuur zoals Vlaamse en Franstalige gemeenschappen!
- Vlaamse kant besliste toe dat ze gewest en gemeenschap wou samenvoegen als 1 grote structuur.
Nog beetje vervelend omdat gewest zonder Brussel is en gemeenschap wel (stukje?)
- Wetgevende bevoegdheid


Geen akkoord over Brussel, problemen rond:
 Grenzen
 Statuut: krijgt Brussel hetzelfde statuut als Vlaams en Waals gewest? Dit is lastig omdat (1) veel
meer fransen waardoor je twee Waalse gewesten krijgt en (2) Brussel als hoofdstad heeft ook apart
statuut waardoor je ook met problemen zat.
 Bevoegdheden: welke bevoegdheden heeft Brussel en hoe ga je ermee om
 Bescherming minderheden




8

,1988-9:
→ contouren BHG uittekenen
 Hoofdstadcomponent zit er op deze manier in
 Brussel maakt ordonnanties i.p.v. decreten = dingen die door gemeenschappen goedgekeurd
moeten worden (?)
 Bescherming minderheid:
o Taalgroepen parlement
o Pariteit regering
o Alarmbelprocedure en bijzondere meerderheid


→ Versterking intergouvernementele structuren
 Oprichting federaal overlegcomité (NL/FR, federaal niveau/deelstaten): bestaat uit evenveel
Franstalige als Nederlandstalige mensen om tot evenwichtige beslissingen komen.
 Samenwerkingsakkoorden tussen deelstaten en federale regeringen: soms is het verplicht soms niet
Voorbeeld openbaar vervoer: in Vlaanderen de lijn en Brussel de stip → hoe zit het als je
grensoverschrijdend vervoer gebruikt? Daarom dat ze samengewerkt hebben hierrond
 Versterking Arbitrage hof


→ Uitbreiding bevoegdheden: onderwijs, wetenschapsbeleid, mobiliteit


1993 : sluitstuk → België wordt nu gezien als federaal systeem (maar blijvende problemen)
→ Rechtstreekse verkiezing gemeenschappen en gewesten: dus oprichting eigen Vlaams en Waals
parlement en regering
→ senaat wordt senaat der gemeenschappen
→ Provincie Brabant splitsing in Vlaams en Waals Brabant
→ Uitbreiding bevoegdheden: internationale betrekkingen, transport,
wegenconstructie en waterwegen, etc.




9

, 2001-2002:
→ Uitbreiding bevoegdheden (en middelen!!): landbouw, buitenlandse handel,
ontwikkelingssamenwerking, inrichting lokale verkiezingen
→ Gegarandeerde vertegenwoordiging Vlamingen in Brussel: 75 zetels in Brussel worden opgetrokken
tot 89, minstens 17 zijn er voor Nederlandstaligen ongeacht uitslag verkiezingsuitslag. En op lokaal
niveau is er extra financiering voor Vlaamse schepen + apparentering lijsten zelfde taalgroep
→ Arbitrage hof wordt Grondwettelijk Hof
→ Loskoppeling federale en deelstatelijke verkiezingen: op die manier kunnen ze hun eigen politiek
ontwikkelen


2011-2013:
→ Uitbreiding bevoegdheden: Welzijn (kinderbijslag is lokaal), regulering arbeidsmarkt, uitbreiding
fiscale capaciteit gewesten
→ Kamer verkozen op dezelfde dag als Europees Parlement: loskoppeling gaat beetje anders, vrije
bepaling moment verkiezingen parlementen deelstaten
→ Senaat der Gemeenschappen: volledige hervorming, zie les parlementen


Bevoegdheden:
§ Gewesten:
milieu, landbouw, ruimtelijke ordening, lokale besturen, huisvesting,
OV, openbare werken, energie, water, delen economisch beleid
(arbeidsmarktregulering) en internationaal beleid dienaangaande
§ Gemeenschappen:
cultuur (media), jeugdbeleid, onderwijs, taalgebruik, delen gezondheids-
beleid en bijstand aan personen en internationaal beleid dienaangaande
§ Federale overheid:
organisatie en werking justitie, sociale zekerheid (muv kindergeld),
arbeidswetgeving, monetair beleid en staatsschuld, defensie en
staatsveiligheid, burgerlijke rechten, buitenlandse betrekkingen + artikel 35!


Artikel 35 = gekomen omdat er altijd zaken zijn waar we niet aan gedacht zullen hebben dat je ineens moet
gaan verdelen. Je hebt hier niet op voorhand aan gedacht en bevoegdheid op geplakt zoals pandemie.
Regel = alles over zo dingen is het federaal niveau over bevoegd. Maar kritiek → omdat evenwicht eigenlijk
bij deelstaten ligt, maar ja welke deelstaat krijgt dan de ‘restbevoegdheid’. Nog altijd gedoe rond
10
$7.93
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
jillbroeckx1

Also available in package deal

Get to know the seller

Seller avatar
jillbroeckx1 Universiteit Antwerpen
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
New on Stuvia
Member since
2 weeks
Number of followers
1
Documents
6
Last sold
-

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions