HOOFDSTUK 1:DE LOGICA VAN STATISTISCHE VERGELIJKINGEN EN
ANALYSE
INLEIDING: WAAROM DATA ANALYSEREN?
Statistiek is overal, zonder het te beseffen
Vb. Hoeveel goals maakt je favoriete profvoetballer?
- Is dat meer of minder dan vorig jaar?
- Welke Belgische ploeg speelt het best? Hoe groot is het verschil tussen de hoogst
en de laagst gerankte ploeg?
Cijfers kunen meer zeggen dan woorden, als je gebruik maakt van visuele technieken!
- Wetenschap: ontdekken van patronen en processen
- Statistische analyse: systematische studie van kwantitatieve data geassocieerd
met bestudeerde studieobject
GESCHIEDENIS VAN DE STATISTIEK:
Voorlopers van beschrijvende statistieken:
Pythagoras en Thales van Milete – wiskundige berekeningen.
Probabiliteitstheorie in de vorm van kansrekening/waarschijnlijkheidstheorie (vb. Pascal,
1623-1662)
Beschrijvende statistieken: verder ontwikkeld in de late jaren 1800 en vroege 1900 door
wiskundigen en wetenschappers
vb. uit 19 de eeuw: Francis Galton, Karl Pearson, Adolphe Quetelet
‘Political arithmetics’ wetenschappelijke studie van sociale problemen en argument in
politieke discussies
De term ‘Statistics’ werd gelanceerd door Eberhard August Wilhelm von Zimmerman in
1787!
HET GEBRUIK VAN STATISTIEK
Statistiek – 2 praktische toepassingen:
- Verzameling en bewaring van data, vaak uitgedrukt in een samenvattende vorm.
- Een methode om data te analyseren
statistiek => twee doelen te bereiken:
- Beschrijvende statistiek: data samenvatten en betekenisvolle conclusies trekken.
- Inferentiële statistiek: kenmerken van een hele populatie afleiden uit een
steekproef.
Multidisciplinair: Geneeskunde, psychiatrie, epidemiologie, economie, psychologie,
sociologie, onderwijskunde (scores), evolutiebiologie, criminologie ... criminologie is
een multidisciplinaire wetenschap
Zuiver wetenschappelijke toepassingen: theorieën testen, evaluatie van beweringen
,THEORIECONSTRUCTIE IN EEN OOGOPSLAG
3 elementen zijn essentieel:
- Theoretische achtergrond
- Onderzoeksmethoden
- Kwaliteitsvolle statistische analyse
=> Deze elementen zijn verbonden en vormen samen de basis voor wetenschappelijk
onderzoek.
WAT IS EEN THEORIE?
= Een theorie bestaat uit beweringen over relaties tussen sociale fenomenen.
- Theorieën maken gebruik van:
o Sociale wetmatigheid: stabiel patroon in gedrag of relaties.
VB.:‘wanneer jongeren zwakkere morele standaarden hebben, zijn zij
sneller geneigd om criminaliteit als alternatief te zien’
o Aanvangsconditie: specifieke observatie van een individu of situatie.
VB.:Jan vindt het moreel niet verkeerd om eigendom van anderen mee te
nemen. Mensen moeten maar op hun spullen letten.
o Explanandum: het te verklaren verschijnsel.
VB.: Jan heeft zopas de iPad van een medeleerling gestolen.
- Doel vd beweringen: verklaringen te ontwikkelen waarom dingen zijn zoals ze zijn
+ via inzicht in processen een diepere causale verklaring te komen
Zonder theorie: alleen vermoedens
Met theorie: iets doen aan criminaliteit.
THEORIE EN ONDERZOEK
- Inductie: theorie ontwikkelen door observaties van de werkelijkheid
o Risico: we zien vaak wat we willen zien; observaties bieden geen garantie
voor toekomstige uitkomsten.
- Deductie: theorie als vertrekpunt voor onderzoek
o Voorbeeld: Broken Windows-hypothese → overlast en criminaliteit hangen
samen → statistische analyse kan samenhang aantonen.
- Praktisch onderzoek combineert inductie en deductie en vereist:
o Kritisch denkvermogen van de onderzoeker
o Kwaliteitsvolle gegevens
Statistiek= wetenschappelijke methode die gebruikt wordt om data te bestuderen die
verzameld werden in het proces van criminologisch onderzoek.
,HET PROCES VAN WETENSCHAPPELIJK ONDERZOEK
OBSERVATIE EN NIEUWSGIERIGHEID
- Eerste stap: opmerken van een intrigerend sociaal fenomeen.
- Onderzoekers wisselen vaak van onderwerp: interesse en bestaande
literatuur sturen richting van het onderzoek.
CENTRALE ONDERZOEKSVRAAG
= de motor van elk onderzoek moet de reden en focus van de studie helder
weergeven.
- Moet zorgvuldig geformuleerd worden zodat het onderzoek doelgericht blijft.
ONDERZOEKSDEELVRAGEN
- Splitsen de centrale vraag in concretere onderdelen.
- Maken het mogelijk meetbare variabelen en analyses te bepalen
- Antwoorden op deelvragen leiden samen tot een beantwoording van de centrale
vraag.
PRAKTISCHE WAARSCHUWING
- Onderzoek vereist een goed plan: duidelijk conceptueel kader, geschikte
meetinstrumenten, kwaliteitsvolle data en passende analysemethoden.
- Zonder planning of met slechte data zijn statistische resultaten weinig waard —
statistiek is een hulpmiddel, geen magie.
ONDERZOEK: BEWEGEN VAN THEORIE NAAR DATA EN TERUG
, HOOFDSTUK 2: INLEIDENDE BEGRIPPEN
INLEIDING
Belangrijke elementen bij onderzoek:
Objecten of onderzoekseenheden = de personen of zaken over wie je iets zegt.
- (bv onderzoek over eerstejaarsstudenten → eerstejaarsstudenten=
onderzoekseenheid)
Onderzoekspopulatie: verzameling van individuen waarover we uitspraak willen doen
- op voorhand definiëren volledige bevolking of deelgroep? belangrijk => *over
generalisatie
- steekproef = staal van onderzoekspopulatie
- respondenten = personen die onderzocht worden =
*Overgeneralisatie à vergeten hoe we de bevolking hebben gedefinieerd
Kenmerken ( leeftijd, geslacht, opleiding,… ) zijn de variabelen in het genoemde
onderzoek.
- kenmerken met spreiding (verschillen, variabiliteit) in overweging nemen, zo
kunnen we onzekerheid modelleren en verklaren.
- onderscheid tussen afhankelijke en onafhankelijke variabelen:
o afhankelijke: te verklaren
o Onafhankelijke: verklarende variabelen (vb. seksueel slachtofferschap/
spreiding van criminaliteit. )
BESCHRIJVEN, SCHATTEN EN VERALGEMENEN ALS STATISTISCHE
BEDRIJVIGHEID
Beschrijvende statistiek = Gaat over het samenvatten en beschrijven van gegevens ( +
overzichtelijk presenteren en om patronen id gegevens te vinden ) => kwantitatieve
beschrijving van de kenmerken
2 beperkingen:
1. kunnen niet veralgemeend worden nr andere eenheden, personen of tijden
slecht een momentopname die uitsluitend en dus ENKEL geldig is voor de
onderzochte groep.
2. Deze statistiek laat niet toe om causaliteit vast te stellen omdat het te complex is.
Causaliteit: de verhouding tussen 2 gebeurtenissen, de ene is de oorzaak en de
ander het gevolg.
Kritiek: te reductionistisch herleidt rijke informatie tot naakte cijfers. Dit klopt wel maar
heeft wel redenen, het is slechts het begin van een reeks van vragen die een criminoloog
zich stelt.
statistiek is een tool die ons helpt de wereld te organiseren en begrijpen!
ANALYSE
INLEIDING: WAAROM DATA ANALYSEREN?
Statistiek is overal, zonder het te beseffen
Vb. Hoeveel goals maakt je favoriete profvoetballer?
- Is dat meer of minder dan vorig jaar?
- Welke Belgische ploeg speelt het best? Hoe groot is het verschil tussen de hoogst
en de laagst gerankte ploeg?
Cijfers kunen meer zeggen dan woorden, als je gebruik maakt van visuele technieken!
- Wetenschap: ontdekken van patronen en processen
- Statistische analyse: systematische studie van kwantitatieve data geassocieerd
met bestudeerde studieobject
GESCHIEDENIS VAN DE STATISTIEK:
Voorlopers van beschrijvende statistieken:
Pythagoras en Thales van Milete – wiskundige berekeningen.
Probabiliteitstheorie in de vorm van kansrekening/waarschijnlijkheidstheorie (vb. Pascal,
1623-1662)
Beschrijvende statistieken: verder ontwikkeld in de late jaren 1800 en vroege 1900 door
wiskundigen en wetenschappers
vb. uit 19 de eeuw: Francis Galton, Karl Pearson, Adolphe Quetelet
‘Political arithmetics’ wetenschappelijke studie van sociale problemen en argument in
politieke discussies
De term ‘Statistics’ werd gelanceerd door Eberhard August Wilhelm von Zimmerman in
1787!
HET GEBRUIK VAN STATISTIEK
Statistiek – 2 praktische toepassingen:
- Verzameling en bewaring van data, vaak uitgedrukt in een samenvattende vorm.
- Een methode om data te analyseren
statistiek => twee doelen te bereiken:
- Beschrijvende statistiek: data samenvatten en betekenisvolle conclusies trekken.
- Inferentiële statistiek: kenmerken van een hele populatie afleiden uit een
steekproef.
Multidisciplinair: Geneeskunde, psychiatrie, epidemiologie, economie, psychologie,
sociologie, onderwijskunde (scores), evolutiebiologie, criminologie ... criminologie is
een multidisciplinaire wetenschap
Zuiver wetenschappelijke toepassingen: theorieën testen, evaluatie van beweringen
,THEORIECONSTRUCTIE IN EEN OOGOPSLAG
3 elementen zijn essentieel:
- Theoretische achtergrond
- Onderzoeksmethoden
- Kwaliteitsvolle statistische analyse
=> Deze elementen zijn verbonden en vormen samen de basis voor wetenschappelijk
onderzoek.
WAT IS EEN THEORIE?
= Een theorie bestaat uit beweringen over relaties tussen sociale fenomenen.
- Theorieën maken gebruik van:
o Sociale wetmatigheid: stabiel patroon in gedrag of relaties.
VB.:‘wanneer jongeren zwakkere morele standaarden hebben, zijn zij
sneller geneigd om criminaliteit als alternatief te zien’
o Aanvangsconditie: specifieke observatie van een individu of situatie.
VB.:Jan vindt het moreel niet verkeerd om eigendom van anderen mee te
nemen. Mensen moeten maar op hun spullen letten.
o Explanandum: het te verklaren verschijnsel.
VB.: Jan heeft zopas de iPad van een medeleerling gestolen.
- Doel vd beweringen: verklaringen te ontwikkelen waarom dingen zijn zoals ze zijn
+ via inzicht in processen een diepere causale verklaring te komen
Zonder theorie: alleen vermoedens
Met theorie: iets doen aan criminaliteit.
THEORIE EN ONDERZOEK
- Inductie: theorie ontwikkelen door observaties van de werkelijkheid
o Risico: we zien vaak wat we willen zien; observaties bieden geen garantie
voor toekomstige uitkomsten.
- Deductie: theorie als vertrekpunt voor onderzoek
o Voorbeeld: Broken Windows-hypothese → overlast en criminaliteit hangen
samen → statistische analyse kan samenhang aantonen.
- Praktisch onderzoek combineert inductie en deductie en vereist:
o Kritisch denkvermogen van de onderzoeker
o Kwaliteitsvolle gegevens
Statistiek= wetenschappelijke methode die gebruikt wordt om data te bestuderen die
verzameld werden in het proces van criminologisch onderzoek.
,HET PROCES VAN WETENSCHAPPELIJK ONDERZOEK
OBSERVATIE EN NIEUWSGIERIGHEID
- Eerste stap: opmerken van een intrigerend sociaal fenomeen.
- Onderzoekers wisselen vaak van onderwerp: interesse en bestaande
literatuur sturen richting van het onderzoek.
CENTRALE ONDERZOEKSVRAAG
= de motor van elk onderzoek moet de reden en focus van de studie helder
weergeven.
- Moet zorgvuldig geformuleerd worden zodat het onderzoek doelgericht blijft.
ONDERZOEKSDEELVRAGEN
- Splitsen de centrale vraag in concretere onderdelen.
- Maken het mogelijk meetbare variabelen en analyses te bepalen
- Antwoorden op deelvragen leiden samen tot een beantwoording van de centrale
vraag.
PRAKTISCHE WAARSCHUWING
- Onderzoek vereist een goed plan: duidelijk conceptueel kader, geschikte
meetinstrumenten, kwaliteitsvolle data en passende analysemethoden.
- Zonder planning of met slechte data zijn statistische resultaten weinig waard —
statistiek is een hulpmiddel, geen magie.
ONDERZOEK: BEWEGEN VAN THEORIE NAAR DATA EN TERUG
, HOOFDSTUK 2: INLEIDENDE BEGRIPPEN
INLEIDING
Belangrijke elementen bij onderzoek:
Objecten of onderzoekseenheden = de personen of zaken over wie je iets zegt.
- (bv onderzoek over eerstejaarsstudenten → eerstejaarsstudenten=
onderzoekseenheid)
Onderzoekspopulatie: verzameling van individuen waarover we uitspraak willen doen
- op voorhand definiëren volledige bevolking of deelgroep? belangrijk => *over
generalisatie
- steekproef = staal van onderzoekspopulatie
- respondenten = personen die onderzocht worden =
*Overgeneralisatie à vergeten hoe we de bevolking hebben gedefinieerd
Kenmerken ( leeftijd, geslacht, opleiding,… ) zijn de variabelen in het genoemde
onderzoek.
- kenmerken met spreiding (verschillen, variabiliteit) in overweging nemen, zo
kunnen we onzekerheid modelleren en verklaren.
- onderscheid tussen afhankelijke en onafhankelijke variabelen:
o afhankelijke: te verklaren
o Onafhankelijke: verklarende variabelen (vb. seksueel slachtofferschap/
spreiding van criminaliteit. )
BESCHRIJVEN, SCHATTEN EN VERALGEMENEN ALS STATISTISCHE
BEDRIJVIGHEID
Beschrijvende statistiek = Gaat over het samenvatten en beschrijven van gegevens ( +
overzichtelijk presenteren en om patronen id gegevens te vinden ) => kwantitatieve
beschrijving van de kenmerken
2 beperkingen:
1. kunnen niet veralgemeend worden nr andere eenheden, personen of tijden
slecht een momentopname die uitsluitend en dus ENKEL geldig is voor de
onderzochte groep.
2. Deze statistiek laat niet toe om causaliteit vast te stellen omdat het te complex is.
Causaliteit: de verhouding tussen 2 gebeurtenissen, de ene is de oorzaak en de
ander het gevolg.
Kritiek: te reductionistisch herleidt rijke informatie tot naakte cijfers. Dit klopt wel maar
heeft wel redenen, het is slechts het begin van een reeks van vragen die een criminoloog
zich stelt.
statistiek is een tool die ons helpt de wereld te organiseren en begrijpen!