100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.2 TrustPilot
logo-home
Summary

Volledige samenvatting Rechtspsychologie

Rating
-
Sold
1
Pages
138
Uploaded on
11-12-2025
Written in
2025/2026

Samenvatting van de literatuur van het vak Rechtspsychologie. Onderdeel van de minor Forensische Criminologie.

Institution
Course











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Connected book

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
Hoofdstuk 1, 2, 3, 32, 33, 12, 13, 19, 14, 17, 20, 21, 22, 6, 11, 28, 30, 31, 4, ,5 ,7, 35, 10, 23,
Uploaded on
December 11, 2025
Number of pages
138
Written in
2025/2026
Type
Summary

Subjects

Content preview

Rechtspsychologie
Hoofdstuk 1: over rechtspsychologie

Over de rechtspsychologie:
 Rechtspsychologie gaat over menselijk gedrag binnen de
forensische context: hoe mensen zich gedragen en door welke
invloeden
 Recht en psychologie delen dezelfde (strafrechtelijke) context en
spreken vaak over individueel gedrag in concrete zaken, maar
verschillen in insteek:
o Recht is primair normatief
 Regels/procedures, schuldigen
opsporen/vervolgen/berechten en onschuldigen
beschermen
o Rechtspsychologie is descriptief
 Hoe mensen zich daadwerkelijk gedragen, hoe
beslissingen tot stand komen en welke rol regels daarin
spelen
 Niet alleen juristen bemoeien zich met het recht, ook andere
disciplines doen dat
 Forensisch psychologen passen klinische psychologie toe op
individuen in een gerechtelijke context
o Rechtspsychologen kijken vooral (cognitief/functioneel) naar
gedrag van mensen dat onder invloed van het recht zou
moeten staan

Een kleine geschiedenis:
 Psychologisch empirisch onderzoek in dit veld is vaak experimenteel:
verschijnselen rond gedrag en beslissen in juridische context worden
in lab- en veldexperimenten onderzocht en de relevantie voor
rechtspraktijk wordt uitgelegd
 William Stern is grondlegger
o Foutloze herinnering is uitzondering zelfs de eed beschermt
niet tegen herinnering illusies

In Nederland:
 Onderzoek naar rechterlijke beslissingen bleef rode draad  veel
onderzoek gaat over getuigenverklaringen, horen van verdachten en
herkenningsprocedures
 Belangrijk fenomeen: tunnelvisie bij politie, OM en rechters bij het
vergaren, selecteren en wegen van bewijs
 Na Schiedam kwam een verbeterplan voor politiewerk (PVOV), met
tunnelvisie voorkomen als prioriteit
 Wetenschap: het toetsen van meerdere scenario’s kan tunnelvisie
verminderen  in de praktijk blijken reflectie/tegenspraak lastig door
tijd en capaciteitsgebrek

Deelgebieden van deskundigheid in strafzaken:

,  Rechtspsychologen dragen ook als deskundige bij in straf- en civiele
zaken
 Sinds 2017 staat NRGD open voor rechtspsychologen. Vakgebied
ingedeeld in drie deelgebieden:
o Validiteit van verklaringen
o Leugendetectie
o Bewijs en bewijsvergaring
 Validiteit van verklaringen is in de praktijk het vaakst:
o Opdracht: beoordeel de betrouwbaarheid van verklaringen van
persoon X
o Strikt psychologische zin: betrouwbaarheid = consistentie
o In dagelijkse betekenis: overeenstemming met wat er is
gebeurd  daarvoor gebruikt de rechtspsychologie de term
validiteit
 Leugendetectie:
o Omvat evaluaties van verbale en non-verbale technieken en
tests om simulatie van stoornissen te detecteren
o In NL worden rechtspsychologen in praktijk vrijwel nooit
ingeschakeld voor leugendetectie  geen enkele
rechtspsycholoog in het NRGD staat ingeschreven voor dit
deelgebied
 Bewijs en bewijsvergaring
o Omvat brede en nauwe rechtspsychologische analyses

Recente ontwikkelingen:
 Herzieningszaken laten zien dat rechtspsychologie grote waarde kan
hebben voor de rechtspraktijk, maar er zijn ook signalen dat juristen
die toegevoegde waarde betwijfelen of zich storen aan de inbreng
 Reijntjes vraag (in strafrecht context): doet de rechtspsycholoog iets
wat de rechter zelf niet had gekund, omdat beiden ‘dezelfde
middelen’ gebruiken om een verklaring te beoordelen?
 Twee obstakels:
o Juristen begrijpen niet altijd goed hoe rechtspsychologen hun
analyse uitvoeren
o Deskundigen moeten balanceren: een goed onderbouwde
analyse leveren zonder op de stoel van de rechter te gaan
zitten  grenzen van deskundigheid zijn niet altijd eenvoudig
te bepalen
 Soms is een rechtspsychologische analyse nodig om te beoordelen
hoe bewijs tijdens het verhoor is gepresenteerd, ook als het bewijs
zelf niet onder de expertise valt
 Om het kennelijke gat tussen juristen en rechtspsychologen te
dichten worden drie aanbevelingen gedaan:
o Kritische ondervraging van deskundigen ter zitting kan
misverstanden verminderen en helpt de rechter de waarde van
uitspraken in een rapport beter inschatten
o Rechtspsychologen moeten hun analyses zo transparant
mogelijk maken, zodat de rechter kan zien waarop conclusies
zijn gebaseerd

, o Juristen en rechtspsychologen zouden zich vaker moeten
verplaatsen in de positie van de ander

Tussen wet en wetenschap:
 De rechtspsychologisch deskundige moet:
o Een goed onderbouwde analyse maken zonder op stoel van
rechter te gaan zitten
o En de grenzen van het eigen deskundigheidsgebied bewaken
 De rechter moet de bijdrage kunnen waarderen zonder zelf in
rechtspsychologie/onderzoeksmethoden geschoold te zijn

Hoofdstuk 2: klassieke experimenten in de rechtspsychologie

Rechtspsychologie is bij uitstek een empirische wetenschap
 Toegepast op gedrag van alle rechtssubjecten en professionals die
werkzaam zijn in strafrechtsketen
 Experiment is favoriete onderzoekmethode
 In zuiver experimenteel ontwerp:
o Voor- en nameting
o Meerdere experimentele groepen vergeleken, of experimentele
en controlegroep
o Bij experimentele groep vindt manipulatie plaats (bij
controlegroep niet)
o Proefpersonen aselect gekozen
 Interne validiteit hoog bij experimenten
 Externe validiteit en generaliseerbaarheid beperkt
o Als experiment vaker wordt gerepliceerd, met verschillende
varianten en omstandigheden + verschillende soorten
proefpersonen neemt externe validiteit toe

Quasi experimenten:
 Personen worden niet at random geselecteerd

Suggestie en de invloed van post-hoc informatie: het experiment
van Loftus met botsende auto’s:
 Drietal experimenten:
o 45 studenten keken naar 7 korte filmpjes tussen de 5 en 30
seconden lang van aanrijdingen tussen twee auto’s.
 Aan ene deel werd gevraagd: about how fast were the
cars going when they contacted each other?
 Aan andere deel werd ‘contacted’ vervangen door
‘bumped into’ ‘smashed’ ‘collided’
 De geschatte snelheid was 14,4 km/h harder als het
heftigere woord werd gebruikt  de eenvoudige
suggestie van een heftigere klap door de woordkeuze in
de vraagstelling zorgde voor een hogere inschatting van
de snelheid
 Conclusie: de vorm van een vraag kan het antwoord van
getuigen beïnvloeden

, o 150 studenten allemaal zelfde filmpje te zien van aanrijding
tussen twee auto’s
 50 studenten kregen een vragenlijst met de vraag: about
how fast were the cars going when they smashed into
each other?
 50 studenten kregen hetzelfde maar dan smashed
vervangen door ‘hit’
 50 studenten kregen geen vragenlijst
 Een week later kregen ze allemaal een vragenlijst met
de vraag: did you see any broken glass?
 Proefpersonen bij wie het woord smashed was gebruikt,
herinnerden zich vaker dan proefpersonen in de andere
twee condities geheel onterecht dat ze glasscherven
hadden gezien
 Dus: een suggestieve vraag kan de originele herinnering
vervormen en misinformatie integreren in het
authentieke geheugenspoor
o Liet aan grote aantallen proefpersonen foto’s zien van een
ongeval waarbij ene auto en een persoon betrokken waren
 De helft kreeg foto’s te zien met daarop bij het kruispunt
een normaal voorrangsbord en de andere helft een bord
met een stopgebod
 Proefpersonen kregen vragenlijst met: Did another car
pass the red car while it was stopped at the stop sign?
 De andere helft kreeg ipv stop sign ‘yield sign’
(voorrangsbord)
 Zo verdeeld dat voor de helft de vraag misleidend was,
en voor de helft niet
 Zonder misleidende vraag kon ongeveer driekwart juist
beantwoorden  met misleidende vraag zakte dit tot de
helft of daaronder

Veranderingsblindheid: de deurstudie:
 Simons & Levin: veldonderzoek naar het vermogen van mensen om
veranderingen in visuele informatie te detecteren
o Man met plattegrond in hand stapt op iemand af om weg te
vragen  er komen twee mannen met een deur langs 
verdwaalde man wisselde van plaats met nieuwe man
o Meer dan de helft had de wissel niet opgevallen
 Aanmelden bij hoge balie  baliemedewerker moet iets pakken
onder de balie en wisselt met nieuwe man
 Graham & Hine: videofragment van een inbraak
o Ene groep kreeg te horen dat ze goed moesten opletten omdat
er later vragen over kwamen
o Andere groep kreeg deze mededeling niet
o Inbreker verwisselde in de video
o In de eerste groep detecteerde 65% de verwisseling, in de
andere groep 13%
$18.83
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
kaatjestuger

Get to know the seller

Seller avatar
kaatjestuger Vrije Universiteit Amsterdam
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
6
Member since
4 year
Number of followers
0
Documents
2
Last sold
3 weeks ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions