100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

samenvatting grondslagen en geschiedenis sport

Rating
-
Sold
-
Pages
40
Uploaded on
07-12-2025
Written in
2022/2023

samenvatting grondslagen en geschiedenis sport eerste jaar lo&bw

Institution
Course











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
December 7, 2025
Number of pages
40
Written in
2022/2023
Type
Summary

Subjects

Content preview

GRONDSLAGEN EN GESCHIEDENIS VAN DE
LICHAMELIJKE OPVOEDING EN DE SPORT
LES 1 ALGEMENE INTRODUCTIE
HILO = hoger instituut voor lichamelijke opvoeding
ð Eerste instelling ter wereld waar je alle academische diploma’s LO kon behalen
Irène Van der Bracht (1891-1941): eerste vrouwelijke docent en hoogleraar aan Universiteit Gent (+ België)
ð Wou in 1909 aan de opleiding beginnen -> kon niet dat ze met jongens les zou hebben
ð Vrouwelijke docentes (eerst vooral uit Zweden), na afstuderen werd Irène aangewerfd als docent

Jessy Owens: zwarte atleet
- Olympische spelen 1936 in Berlijn georganiseerd door Adolf Hitler -> superieuriteit van Arische ras in
de verf zetten (maar zwarte man won alles)
- Ludwig Long doet Hitlergroet -> verwachtte alles te winnen
ð Later nog goeie vrienden geworden -> vaak dus diepere betekenis bij sport


INLEIDING TOT DE SPORT EN LO
Wat is sport?
- Etymologisch: afkomstig van oud-Franse woorden ‘desport’ en ‘desporter’ voor vrije tijd en vermaak
- Blijvende discussie over betekenis, veel wijzigende en grijze zones
ð Vroeger alles in teken van werk en religie
ð Vrije tijd nog niet zo lang verworven recht -> in die vrije tijd begonnen met sporten
Vb. Schaken (lange intense periodes van inspanning, kleine fysieke component), Bridge (kleine fysieke
component), darts (iets grotere fysieke component, grote entertainment waarde), esports (= competief
videogamen, lang en actief concentreren, vaak fitte mensen, jong op piek komen)

1. Historisch kader (Guttmann, 2004)
ð Sport als ‘autotelic physical contests’ = fysieke wedstrijden die doel vinden in zichzelf (fysiek, lichamelijk
met competitief element + spelen voor sport zelf, omdat we het zelf willen)
ð Vertrek vanuit ‘homo ludens’ = spelende mens (gebasseerd op spelelement)
- Spontaan spel (zonder afspreken, zonder regels en structuur) of georganiseerd (regels, punten)
- Non-competitief (spel spelen, zonder winnen) of competitief (spelen om te winnen)
- Intellectueel (denksporten) of fysiek (traditioneel als sport gezien)




ð Onderscheid tussen moderne en pre-moderne sport -> vroeger alles religieus, goden vereren (offers,
tempels), later overgaan naar records en prestaties
ð Modernisering: civilisatieprocessen en rationaliseringsprocessen (minder agressieve mens)
ð Kritiek: te westerse blik -> sumo: sterk religieuze component, getallen en records bijhouden, voorbeeld
van opdeling tussen moderne en premoderne sport,

1

, (niet omdat wij opdeling zien, dat die ook overal ter wereld van toepassing is)
7 kenmerken van moderne sport
- Secularisatie: wegnemen van religieuze component, verwereldlijken
- Gelijkheid: iedereen die wil kan en mag aan sport doen (maar nog niet alles gelijk)
- Specialisatie: vb. voetbal -> gespecialiseerde rollen op en naast veld
- Bureaucratisering: regels, organisaties waardoor sport begon te ontplooien, bepaalde sport overal
gelijk met dezelfde regels
- Rationalisering en standaardisering: dezelfde regels voor iedereen
- Kwantificering: alles in aantallen gaan uitdrukken (vroeger telde enkel de winnaar, niet meten of
timen, geen tweede of derde plaats), statistieken, podium, verschillen
- Obsessie met records: meeste overwinningen, wereldrecords (getallen gebruiken en ze bijhouden)

2. Antropologisch (Renson, 2000) -> Leuvense antropoloog
ð ‘Homo movens’ = bewegende mens -> mens is mens omdat hij graag actief is (fysiek en mentaal)
- Homo ludens: spelende mens (autotelec = doel op zich) -> iets doen omdat we het graag doen en
omdat we het willen doen (geld, prijzen en fitheid is bijzaak)
- Homo exhibens: mens die zich toont/uitdrukt -> persoonlijkheid/identiteit tonen via sport
- Homo excercens: mens die fit wil zijn (instrumenteel) -> fysiek actief voor gezondheid
- Homo agonizens: mens die in competitie wil treden
ð Concept van ludo-diversiteit naar analogie met biodiversiteit
! Sport heeft veel uitingsvormen maar die zien we niet allemaal (overhand ‘koning voetbal’)

3. Sociologisch (van Bottenberg, 2018)
ð Paradoxale ontwikkeling van sport
1. Groeiende populariteit <-> afnemende geloofwaardigheid
* Op elk moment van dag aan sport doen of naar sport kijken, nog nooit zo populair geweest
* Fraude, corruptie, agressie (alles wat fout kan lopen in samenleving, samenkomen in sport)
2. Toegenomen gebruik van sport als beleidsmiddel <-> toegenomen beleid tegen problemen in en
via sport
* Sport om mensen te (her)integreren + positieve van sport gebruiken voor andere doelen
3. Verwetenschappelijking, instrumentalisering en commercialisering (= verernstigering van sport)
<-> sporten als doel op zich (interne motivatie)
* Sporten vanuit doel op zich, interne motivatie vs verdwijnen spelelement, meer serieus
ð Kritieken op Homo Ludens
* Spel als oorsprong van sport? -> niet altijd (vb. boogschieten, hardlopen, paardrijden,
worstelen) -> link met jacht, transport, oorlog
* Sport als verernstigde vorm van spel? -> amateurideaal van Britse aristocraten
* Spel als activiteit buiten het gewone leven? -> autonomie is beperkt (sport als spiegel), sport
kan zichzelf niet zomaar buiten samenleving zien (zaken binnen sport regelen, als apart zien)

Definiëring van sport: 6 principes
- Specifiek doel
- Regels betreffende toegestane middelen (wat toegestaan en wat niet om tot doel te komen)
- Geïnstitutionaliseerd: instituties die alles bepalen
- Spelhouding: spelregels (vanaf je deelneemt ga je akkoord om spel te spelen en regels te volgen)
- Interne logica: ‘valsspeler’ (spel nog spelen, doel behalen op ongeoorloofde manier) vs ‘spelbreker’
(spel niet spelen, niet aan sport doen manier waarop bedoeld is vb. matchfixers)

2

, - Relatieve autonomie: als zichzelf, eigen logica
Sport -> betekenis is steeds relatief en wijzigend = open concept
- ‘a sport means whatever the participants, embedded in their cultures, say it means’
- Mensen met verschillende achtergrond hebben verschillende visies
- Vaak te veel focus op fysieke component van sport
- Cultuurgeschiedenis van sport: relatie met politieke, economische, religieuze, culturele contexten


INLEIDING BEWEGINGS- EN SPORTWETENSCHAPPEN
Relatief jong wetenschappelijk domein, volop in ontwikkeling
- Kern domein = menselijke fysieke activiteit (breed: veelomvattend, beperkt: sport en oefeningen)
- Fysieke activiteit = intentioneel, vrijwillig, beweging gericht op bereiken van identificeerbaar doel
- Wetenschappelijk domein met vele labels: kinesiologie (vs), sport-enbewegingswetenschap (europa)
- 3 vakgroepen in Vlaanderen: Universiteit Gent, KU Leuven, VUB Brussel

Subdisciplines (Hoffman en Knudson, 2018)
ð Verschillende subdisciplines binnen domein van bewegings- en sportwetenschappen, geworteld in
moederdisciplines, domein dat sterk leent van andere domeinen (kritiek: te beperkt)
ð Sociologie, fysiologie, filosofie, motoriek, biomechanica, geschiedenis van fysieke activiteit en sport
ð Geschiedenis, fysica, chemie, biologie, filosofie, psychologie, sociologie

5 onderzoeksgroepen
ð Biomechanica en motorische controle
- Biomechanica menselijke beweging: analyse complexe bewegingen menselijk lichaam
- Motorische controle menselijke beweging: ontwikkeling motorische vaardigheden,
talentidentificatie, sensorische informatie (visueel en sensorisch)
ð Inspanningsfysiologie, sportvoeding en trainingsleer: onderzoek naar acute en chronische aanpassingen
van menselijke lichaam aan beweging -> implicaties voor sport en gezondheid
ð Fysieke activiteit en gezondheid: focus op gezondheidspromotie en gedragsverandering (fysieke
activiteit, sedentair gedrag en voeding), alle mogelijke leeftijdsgroepen
ð Sportmanagement: onderzoek naar sportmanegement en sportbeleid
- Samenwerkingsverbanden in en met de sport
- Integriteitsmanagement in de sport
- Olympische leerstoel Henri de Baillet-Latour – Jaques Rogge (Belgische oud-voorzitters IOC)
ð Sportpedagogie
- Focus op motivatie in kader van LO, jeugdsport en topsport
- Opleidingsaanbod -> optimaliseren motiverende stijl
- Theoretische onderbouwing vanuit zelf determinantie theorie (3 psychologische basisbehoeften:
autonomie, betrokkenheid en competentie)


INFORMATIEKUNDE
Kritisch omgaan met informatie -> cruciaal voor (bewegings)wetenschapper
- Bronnenkritiek: kritisch met bronnen omgaan, beslissen wat fake en wat juist, wat gebruiken
- Onderscheid tussen primaire bronnen (survey, interview, testresultaten) en secundaire bronnen
(wetenschappelijke literatuur)



3

, - Wetenschappelijke literatuur van cruciaal belang voor probleemstelling, theoretische onderbouwing
en situering onderzoek
Structuur wetenschappelijk artikel
- Abstract: samenvatting van probleem
- Introductie: Wat bestaat er al rond het thema? Wat wil ik precies onderzoeken?
- Methoden: Bij wie? Welke type studie past bij deze vraag? Hoe meet ik dit? Wat doe ik met de data?
- Resultaten: Wat doe ik met de data? Interpretatie resultaten
- Discussie en conclusie: interpretatie resultaten -> alles samenbrengen, bevestigen of niet
- Referenties

Van onderwerp naar zoektermen
- Onderwerp/thema -> ‘knowledge gap’ -> onderzoeksvraag -> zoektermen
- Benoem alle aspecten van onderwerp zo specifiek mogelijk
ð Betrouwbaarheid bronnen testen via CRAAP-test: currency (hoe recent), relevance (relevantie),
authority (door wie geschreven en welke autoriteit, kennis of expertise over onderwerp), accuracy (hoe
accuraat), purpose (doel: onafhankelijk informeren of commercieel of politiek)
- Zoektermen in engels vertalen (-> voertaal van databanken)
- Synoniemen gebruiken (vb. matchfixing, sportmanipulation, sportcorruption…) + spellingsvarianten,
antoniemen of afkortingen
- Boleaanse operatoren: AND (alle termen moeten voorkomen), OR (een van termen moet
voorkomen), NOT (deze term mag niet voorkomen)
- Onderscheid tussen eenvoudig zoeken en geavanceerd zoeken
- Bijkomende tips (PubMed): “” (exacte woordcombinaties), * (vervanging meerdere karakters)
ð Zoekstrategie verengen (bij te veel resultaten) of verbreden (bij te weinig relevante resultaten)

Databases (ook voor niet-wetenschappelijke informatie)
ð Google Scholar, Web of Science, Scopus, PubMed, SPORTDiscus…
Google Scholar -> multidisciplinair
- Sterke en toegankelijke zoekrobot, maar ook veel minder kwalitatief werk
- Standaard gesorteerd op relevantie (snel sleutelwerken vinden)
- Kwaliteit aftoetsen via andere database
PubMed
- Uitgever: National Library of Medicine, Verenige Staten
- Focus op medische pathologie

Refereren (voorbeelden powerpoint)
- Onderscheid tussen verschillende types referenties: wetenschappelijk artikel, boek, hoofdstuk in
boek, kranten- of tijdschriftartikel
- Verschillende referentiestijlen: APA-stijl, Vancouver-stijl, Harvard-stijl
- Verschillende referentiesoftware-programma’s: EndNote, Mendelev, Zotero


LES 2 VAN DE PREHISTORIE TOT DE REFORMATIE
Bot van koe of paard, gaatjes in boren, touwen in -> gebruiken als schaatsen (archeologische vondst bij
flanders expo)
Kaak van paard -> gebruikt als kinderslee



4
$7.27
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
paulienwallyn

Get to know the seller

Seller avatar
paulienwallyn Universiteit Gent
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
New on Stuvia
Member since
1 month
Number of followers
0
Documents
19
Last sold
-

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions