Bijeenkomst 1
Inleiding in de geriatrie en het fysieke domein: werking van en veranderingen in zintuigen en
het bewegingsapparaat; artrose en vallen
De reservecapaciteit bij geriatrische mensen neemt af doordat de functie van de organen
wordt verminderd en er een verminderde capaciteit is om dit te compenseren.
Een cel heeft om te leven 3 dingen nodig:
- Zuurstof
- Brandstof: Glucose, vetten, eiwitten
- Communicatie: Hormonen, neurotransmitters, natrium/kalium
Veranderingen in het lichaam als je ouder wordt:
- meer vetweefsel
- minder spierweefsel
- minder mitochondriën→ minder energie in de cellen
- Je lichaamslengte zal korter zijn (minder kraakbeen, houding)
Een gevolg hiervan is dat je verminderde energiebehoefte en stofwisseling hebt.
cascade-breakdown:
In de geriatrie zie je veel multimorbiditeit.
De effecten van veroudering op de farmacokinetiek en de farmacodynamiek zijn:
- kinetiek→ een daling van de metabolisering snelheid van de lever en verminderde
nierklaring.
- dynamiek: gevoeliger voor medicatie (door minder receptoren)
fysieke veranderingen cardiovasculair stelsel bij ouder worden:
- Hart→ verminderde werkkracht hartspier, maximale inspanningsvermogen neemt af,
slagvolume wordt kleiner, meer kans op geleidingsstoornissen
- vaten→ verminderde vaatweerstand, verhoogde systolische bloeddruk,
bloeddrukschommelingen
,Zintuigen:
→ Horen
Je oor bestaat uit 3 delen: Uitwendig oor, Middenoor en het Binnenoor.
- Het uitwendig oor bestaat uit de oorschelp (pinna) met de uitwendige gehoorgang.
Vanaf hier worden de geluidsgolven verzameld en doorgegeven
- Het middenoor/de trommelholte bestaat uit het trommelvlies (die de uitwendige holte
scheidt van de middenholte) en de gehoorbeentjes/ ossicula auditus.
- Het binnenoor bestaat uit het vestibulum, de halfcirkelvormige kanalen en de cochlea
(slakkenhuis).
fysiologie van het horen:
1. De geluidsgolven komen bij het trommelvlies via het uitwendig oor (als geluiden van
de zijkant komen gaan ze meteen naar het trommelvlies)
2. Het trommelvlies gaat trillen door de geluidsgolven, waarmee hij ervoor zorgt dat de
gehoorbeentjes/ossicula auditus ook bewegen
3. beweging van de gehoorbeentjes veroorzaakt drukgolven in de perilymfe van het
opstijgende deel.
4. de drukgolven vervormen het membraan van de cochlea (basilaire membraan)
5. trillingen van het basilaire membraan veroorzaken trilling van de haarcellen (van het
tectoriale membraan)
6. Informatie wordt doorgegeven aan het CZS waar het in geluid wordt omgezet
, → Voelen
De huid heeft tastreceptoren die ervoor zorgen
dat je gewaarwordingen van aanraking, druk en trilling hebt, er zijn 6 soorten
- Vrije zenuwuiteinden: aanraking, druk (liggen tussen de opperhuidcellen)
- haar wortel plexus:bewegingen over het lichaamsoppervlak (zenuwuiteinden van
haar)
- Tactiele schijfjes: fijne aanraking, druk (de opperhuidcellen van het stratum basale
maken dendrieten nauw contact met deze cellen)
- Tastlichaampjes: fijne aanraking, druk van trillingen met lage frequentie (oogleden,
lippen, vingertoppen, tepels, uitwendige geslachtsorganen)
- Lichaampjes van Pacini: pulserende trillingen of trillingen met hoge frequentie (diep
in het lichaam bijv in: vingers, borsten en uitwendige geslachtsorganen)
- lichaampjes van Ruffini (bolvormige lichaampjes): druk vervorming van de huid
(reticulaire (diep gelegen) laag van de dermis)
→ Zien
Anatomie van het oog
Fysiologie van het zien:
1. licht weerkaatst vanaf objecten en komt op het oog
Inleiding in de geriatrie en het fysieke domein: werking van en veranderingen in zintuigen en
het bewegingsapparaat; artrose en vallen
De reservecapaciteit bij geriatrische mensen neemt af doordat de functie van de organen
wordt verminderd en er een verminderde capaciteit is om dit te compenseren.
Een cel heeft om te leven 3 dingen nodig:
- Zuurstof
- Brandstof: Glucose, vetten, eiwitten
- Communicatie: Hormonen, neurotransmitters, natrium/kalium
Veranderingen in het lichaam als je ouder wordt:
- meer vetweefsel
- minder spierweefsel
- minder mitochondriën→ minder energie in de cellen
- Je lichaamslengte zal korter zijn (minder kraakbeen, houding)
Een gevolg hiervan is dat je verminderde energiebehoefte en stofwisseling hebt.
cascade-breakdown:
In de geriatrie zie je veel multimorbiditeit.
De effecten van veroudering op de farmacokinetiek en de farmacodynamiek zijn:
- kinetiek→ een daling van de metabolisering snelheid van de lever en verminderde
nierklaring.
- dynamiek: gevoeliger voor medicatie (door minder receptoren)
fysieke veranderingen cardiovasculair stelsel bij ouder worden:
- Hart→ verminderde werkkracht hartspier, maximale inspanningsvermogen neemt af,
slagvolume wordt kleiner, meer kans op geleidingsstoornissen
- vaten→ verminderde vaatweerstand, verhoogde systolische bloeddruk,
bloeddrukschommelingen
,Zintuigen:
→ Horen
Je oor bestaat uit 3 delen: Uitwendig oor, Middenoor en het Binnenoor.
- Het uitwendig oor bestaat uit de oorschelp (pinna) met de uitwendige gehoorgang.
Vanaf hier worden de geluidsgolven verzameld en doorgegeven
- Het middenoor/de trommelholte bestaat uit het trommelvlies (die de uitwendige holte
scheidt van de middenholte) en de gehoorbeentjes/ ossicula auditus.
- Het binnenoor bestaat uit het vestibulum, de halfcirkelvormige kanalen en de cochlea
(slakkenhuis).
fysiologie van het horen:
1. De geluidsgolven komen bij het trommelvlies via het uitwendig oor (als geluiden van
de zijkant komen gaan ze meteen naar het trommelvlies)
2. Het trommelvlies gaat trillen door de geluidsgolven, waarmee hij ervoor zorgt dat de
gehoorbeentjes/ossicula auditus ook bewegen
3. beweging van de gehoorbeentjes veroorzaakt drukgolven in de perilymfe van het
opstijgende deel.
4. de drukgolven vervormen het membraan van de cochlea (basilaire membraan)
5. trillingen van het basilaire membraan veroorzaken trilling van de haarcellen (van het
tectoriale membraan)
6. Informatie wordt doorgegeven aan het CZS waar het in geluid wordt omgezet
, → Voelen
De huid heeft tastreceptoren die ervoor zorgen
dat je gewaarwordingen van aanraking, druk en trilling hebt, er zijn 6 soorten
- Vrije zenuwuiteinden: aanraking, druk (liggen tussen de opperhuidcellen)
- haar wortel plexus:bewegingen over het lichaamsoppervlak (zenuwuiteinden van
haar)
- Tactiele schijfjes: fijne aanraking, druk (de opperhuidcellen van het stratum basale
maken dendrieten nauw contact met deze cellen)
- Tastlichaampjes: fijne aanraking, druk van trillingen met lage frequentie (oogleden,
lippen, vingertoppen, tepels, uitwendige geslachtsorganen)
- Lichaampjes van Pacini: pulserende trillingen of trillingen met hoge frequentie (diep
in het lichaam bijv in: vingers, borsten en uitwendige geslachtsorganen)
- lichaampjes van Ruffini (bolvormige lichaampjes): druk vervorming van de huid
(reticulaire (diep gelegen) laag van de dermis)
→ Zien
Anatomie van het oog
Fysiologie van het zien:
1. licht weerkaatst vanaf objecten en komt op het oog