Hoofdstuk 3: Hoe ontstaat innovatie?
Wijziging interne/externe (markt)omstandigheden?
=> schept context waarin innovatie mogelijk wordt
=> Organisaties moeten deze omstandigheden herkennen en er efficiënt op inspelen
=> absorptive capacity
Interne middelen en capaciteiten zijn sterk bepalend voor innovatierespons organisatie
=> Voornamelijk technologische middelen en capaciteiten
=> Resource Based View (RBV)
=> aanleiding tot stapsgewijze modellen
Technologiegedreven model (technology push) (50’/60’s) Marktgedreven model (market push) (70’/80’s)
=> Wetenschap doet technologische ontdekking (O&O) => Marketing en verkoop leren wat de klant wenst
=> Ingenieurs testen en ontwikkelen prototype => Wetenschap vertaalt dit in nieuw product of dienst
=> Productie voorziet in grote aantallen => Ingenieurs testen en ontwikkelen prototype
=> Marketing + verkoop promoten eindproduct naar klant => Productie voorziet in grote aantallen
Voorbeelden (zaken die klant niet had voorzien) Voorbeelden (gebruiksgemak klant)
Zelfrijdende auto’s Curved TV
Televisies Playstation 5
Microcomputers Dynamische cruise control
GSMs Zitplaatsselectie vliegtuig
Vroeger noodzakelijk om keuze te maken tussen bovenstaande modellen
=> in realiteit vaak geen expliciteit startmoment duidelijk
Beide modellen hebben tekortkomingen
Technologiegedreven model Marktgedreven model
=> Klantenbehoeftes vaak onderschat of genegeerd => Klanten kunnen behoeftes niet goed formuleren
=> Hierdoor kan product of dienst op markt komen => Sticky information (informatie moeilijk over te brengen)
waar klant weinig affiniteit/verbondenheid mee heeft => User toolkits (mogelijks een oplossing)
=> Significante gebruiksveranderingen vermeden
=> louter incrementele innovaties ontwikkeld worden
=> Consumptiepatronen worden gerespecteerd
in plaats van doorbroken
=> Vaak weinig lucratieve innovaties
=> combinatie beide modellen kan soelaas/steun bieden
=> aanleiding tot interactief model
=> interne en externe invloeden mogelijk
=> geen expliciet startmoment nodig
=> proces kan gestart worden vanuit elk component
=> stapsgewijs maar niet noodzakelijke continue
=> markt, technologie en wetenschap cruciaal
, => diverse functies binnen organisatie vertegenwoordigd
=> feedbackmomenten tussen deze functies zijn veelvuldig
Binnen interactief model is de “innovatieklem” niet iets van één departement
=> Succesvolle innovatie kan uit alle departementen binnen organisatie ontstaan en
vergt inspanningen van alle departementen
=> Meestal worden “multifunctionele innovatieteams” opgericht die innovatie
inspanningen tot goed einde moeten brengen
=> Over de departementen heen
=> Waarom niet de ganse organisatie?
Paradox tussen creativiteit en stabiliteit
=> geeft aanleiding tot spanningen
=> Organisatie dient continue oog te hebben voor zowel klantenbehoeftes als
technologische (r)evoluties
=> Marketing en O&O afdelingen ondervinden vaak moeilijkheden omtrent communicatie
Perceptuele verschillen – Marketing korte termijn, O&O meer lange termijn
Culturele verschillen – Verschillende opleidingen
Organisatorische verschillen – activiteiten en verantwoordelijkheden
Verschillend “taalgebruik”
=> Spanningen niet altijd even problematisch
=> Sommige producten/diensten hebben geen evenredige nood
aan technologische ondersteuning en marktinformatie
,Hoofdstuk 4: tijd voor actie; interessante ideeën identificeren
Aantrekkelijkheid
o opmerken van probleem en manier vinden om probleem op te lossen
observatie trends (gestadige veranderingen)
creativiteit, intuïtie en buikgevoel
brainstorming (B2C)
focusgroepen (B2B)
o probleem gedeeld door meerderen?
=> gat in de markt = gap
hoe groter, hoe aantrekkelijker voor organisatie
duurzaamheid
o trends creëren kansen voor organisaties om na te streven
=> De belangrijkste trends zijn
Politieke actie en veranderingen in regelgeving en wetten
Economische krachten
Sociale krachten
Technologische krachten
Tijdelijkheid
o Window of opportunity
=> tijdsperiode waarin organisatie gemakkelijk kan toetreden tot markt
Start zodra een idee/opportuniteit wordt herkend, eindigt door
veranderende klanteneisen en concurrentieverzadiging
Kan herhaaldelijk openen, zelfs binnen eenzelfde markt
Subjectief snel inschatten
, Hoofdstuk 5: productontwikkeling en innovatie
Wat is productontwikkeling?
- product is multidimensionaal gegeven
o Kan diverse vormen aannemen en is op verschillende manieren gedefinieerd
o Sommige dimensies tastbaar (bv. verpakking), sommige niet (bv. prijs)
- Genoeg om één dimensie te wijzigen voor productontwikkeling?
o Theoretisch zo dat product als 'nieuw’ kan worden bestempeld door slechts
één dimensie (ietwat) te wijzigen (inclusief verpakking)
Productontwikkeling is …
- Prestatiemogelijkheden product veranderen
- Applicatieapparaat product veranderen
- Dienst na verkoop product veranderen
- Gepromote beeld product veranderen
- Beschikbaarheid product veranderen
- Prijs product veranderen
Nieuwe producten zijn output van innovatieproces
=> ontwikkeling is omzetten van bedrijfsopportuniteiten tot tastbare producten
Productontwikkeling biedt uitgelezen opportuniteit om organisatie te laten groeien
=> Ansoff groeimatrix
=> 2 sleutelvariabelen die groei toelaten
=> marktopportuniteiten
=> productopportuniteiten
=> groei via innovatie kan dus op verschillende manieren
- Marktpenetratie
o Vergroten marktaandeel bestaande producten binnen bestaande markten
o Veelal aan de hand van marketing- en merkbeslissingen
o Aanpak die door veel organisaties gevolgd wordt
- Marktontwikkeling
o Bestaande producten beschikbaar maken in nieuwe markten/marktsegmenten
- Productontwikkeling
o Nieuwe of verbeterde producten aanbieden aan reeds bestaande markten
- Diversificatie
o Groeimogelijkheden buiten de bestaande producten en markten
o Nieuwe of verbeterde producten binnen nieuwe markten
o Horizontale diversificatie
Fusies, overnames of iets nieuws intern opstarten
o Voorwaartse (integratie)
Concurrent worden van klanten (bv. eigen distributie)
Wijziging interne/externe (markt)omstandigheden?
=> schept context waarin innovatie mogelijk wordt
=> Organisaties moeten deze omstandigheden herkennen en er efficiënt op inspelen
=> absorptive capacity
Interne middelen en capaciteiten zijn sterk bepalend voor innovatierespons organisatie
=> Voornamelijk technologische middelen en capaciteiten
=> Resource Based View (RBV)
=> aanleiding tot stapsgewijze modellen
Technologiegedreven model (technology push) (50’/60’s) Marktgedreven model (market push) (70’/80’s)
=> Wetenschap doet technologische ontdekking (O&O) => Marketing en verkoop leren wat de klant wenst
=> Ingenieurs testen en ontwikkelen prototype => Wetenschap vertaalt dit in nieuw product of dienst
=> Productie voorziet in grote aantallen => Ingenieurs testen en ontwikkelen prototype
=> Marketing + verkoop promoten eindproduct naar klant => Productie voorziet in grote aantallen
Voorbeelden (zaken die klant niet had voorzien) Voorbeelden (gebruiksgemak klant)
Zelfrijdende auto’s Curved TV
Televisies Playstation 5
Microcomputers Dynamische cruise control
GSMs Zitplaatsselectie vliegtuig
Vroeger noodzakelijk om keuze te maken tussen bovenstaande modellen
=> in realiteit vaak geen expliciteit startmoment duidelijk
Beide modellen hebben tekortkomingen
Technologiegedreven model Marktgedreven model
=> Klantenbehoeftes vaak onderschat of genegeerd => Klanten kunnen behoeftes niet goed formuleren
=> Hierdoor kan product of dienst op markt komen => Sticky information (informatie moeilijk over te brengen)
waar klant weinig affiniteit/verbondenheid mee heeft => User toolkits (mogelijks een oplossing)
=> Significante gebruiksveranderingen vermeden
=> louter incrementele innovaties ontwikkeld worden
=> Consumptiepatronen worden gerespecteerd
in plaats van doorbroken
=> Vaak weinig lucratieve innovaties
=> combinatie beide modellen kan soelaas/steun bieden
=> aanleiding tot interactief model
=> interne en externe invloeden mogelijk
=> geen expliciet startmoment nodig
=> proces kan gestart worden vanuit elk component
=> stapsgewijs maar niet noodzakelijke continue
=> markt, technologie en wetenschap cruciaal
, => diverse functies binnen organisatie vertegenwoordigd
=> feedbackmomenten tussen deze functies zijn veelvuldig
Binnen interactief model is de “innovatieklem” niet iets van één departement
=> Succesvolle innovatie kan uit alle departementen binnen organisatie ontstaan en
vergt inspanningen van alle departementen
=> Meestal worden “multifunctionele innovatieteams” opgericht die innovatie
inspanningen tot goed einde moeten brengen
=> Over de departementen heen
=> Waarom niet de ganse organisatie?
Paradox tussen creativiteit en stabiliteit
=> geeft aanleiding tot spanningen
=> Organisatie dient continue oog te hebben voor zowel klantenbehoeftes als
technologische (r)evoluties
=> Marketing en O&O afdelingen ondervinden vaak moeilijkheden omtrent communicatie
Perceptuele verschillen – Marketing korte termijn, O&O meer lange termijn
Culturele verschillen – Verschillende opleidingen
Organisatorische verschillen – activiteiten en verantwoordelijkheden
Verschillend “taalgebruik”
=> Spanningen niet altijd even problematisch
=> Sommige producten/diensten hebben geen evenredige nood
aan technologische ondersteuning en marktinformatie
,Hoofdstuk 4: tijd voor actie; interessante ideeën identificeren
Aantrekkelijkheid
o opmerken van probleem en manier vinden om probleem op te lossen
observatie trends (gestadige veranderingen)
creativiteit, intuïtie en buikgevoel
brainstorming (B2C)
focusgroepen (B2B)
o probleem gedeeld door meerderen?
=> gat in de markt = gap
hoe groter, hoe aantrekkelijker voor organisatie
duurzaamheid
o trends creëren kansen voor organisaties om na te streven
=> De belangrijkste trends zijn
Politieke actie en veranderingen in regelgeving en wetten
Economische krachten
Sociale krachten
Technologische krachten
Tijdelijkheid
o Window of opportunity
=> tijdsperiode waarin organisatie gemakkelijk kan toetreden tot markt
Start zodra een idee/opportuniteit wordt herkend, eindigt door
veranderende klanteneisen en concurrentieverzadiging
Kan herhaaldelijk openen, zelfs binnen eenzelfde markt
Subjectief snel inschatten
, Hoofdstuk 5: productontwikkeling en innovatie
Wat is productontwikkeling?
- product is multidimensionaal gegeven
o Kan diverse vormen aannemen en is op verschillende manieren gedefinieerd
o Sommige dimensies tastbaar (bv. verpakking), sommige niet (bv. prijs)
- Genoeg om één dimensie te wijzigen voor productontwikkeling?
o Theoretisch zo dat product als 'nieuw’ kan worden bestempeld door slechts
één dimensie (ietwat) te wijzigen (inclusief verpakking)
Productontwikkeling is …
- Prestatiemogelijkheden product veranderen
- Applicatieapparaat product veranderen
- Dienst na verkoop product veranderen
- Gepromote beeld product veranderen
- Beschikbaarheid product veranderen
- Prijs product veranderen
Nieuwe producten zijn output van innovatieproces
=> ontwikkeling is omzetten van bedrijfsopportuniteiten tot tastbare producten
Productontwikkeling biedt uitgelezen opportuniteit om organisatie te laten groeien
=> Ansoff groeimatrix
=> 2 sleutelvariabelen die groei toelaten
=> marktopportuniteiten
=> productopportuniteiten
=> groei via innovatie kan dus op verschillende manieren
- Marktpenetratie
o Vergroten marktaandeel bestaande producten binnen bestaande markten
o Veelal aan de hand van marketing- en merkbeslissingen
o Aanpak die door veel organisaties gevolgd wordt
- Marktontwikkeling
o Bestaande producten beschikbaar maken in nieuwe markten/marktsegmenten
- Productontwikkeling
o Nieuwe of verbeterde producten aanbieden aan reeds bestaande markten
- Diversificatie
o Groeimogelijkheden buiten de bestaande producten en markten
o Nieuwe of verbeterde producten binnen nieuwe markten
o Horizontale diversificatie
Fusies, overnames of iets nieuws intern opstarten
o Voorwaartse (integratie)
Concurrent worden van klanten (bv. eigen distributie)