100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Materiële Hulpverlening

Rating
-
Sold
-
Pages
23
Uploaded on
11-11-2025
Written in
2024/2025

Samenvatting Materiële Hulpverlening waarin alle gevraagde tentamenonderdelen aan bod komen. Belangrijke begrippen komen naar voren. Met deze samenvatting in 1x het tentamen gehaald.

Institution
Course










Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Connected book

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Summarized whole book?
Yes
Uploaded on
November 11, 2025
Number of pages
23
Written in
2024/2025
Type
Summary

Subjects

Content preview

Samenvatting materiële hulpverlening
Hoofdstuk 1: Ontwikkelingen van geld
Nederland is een participatiemaatschappij, waarbij de zelfredzaamheid en
verantwoordelijkheid bij de burger ligt, zo ook met financiën.
 Nemen van financiële beslissingen
 Digitalisering ontwikkelt andere omgang met geld
 Jongeren steeds vroeger financiële beslissingen nemen die van invloed zijn
op rest van hun leven
 Meer huishoudens met betalingsachterstanden

Nudging = Onbewust beïnvloeden van keuzes die mensen maken door omgeving
te veranderen. Mensen maken de meeste keuzes op snelle & automatische
manier.

Chartaal geld  tastbaar geld, contant geld.
Giraal geld  niet tastbaar geld, bankpas.
Digitaal geld  niet tastbaar geld, tegoed op spellen/websites, PayPal.

Contant geld wordt vaker gebruikt door kwetsbare groepen, omdat je je meer
bewust bent van wat je uitgeeft (pain of paying). Daarnaast hebben sommige
groepen geen toegang tot betaalrekeningen.

Cryptovaluta = Digitaal geld dat buiten de reguliere geldsystemen om wordt
gebruikt.
(bitcoin; digitale munt)


Hoofdstuk 2: Armoede en schulden
Iemand is arm als zijn/haar jaarinkomen onder de armoedegrens blijft. De
armoedegrens wordt bepaald door het referentiebudget.

2 soorten referentiebudgetten:
1. Basisbehoeftenbudget: minimale uitgaven aan voedsel, kleding en wonen
voor zelfstandig huishouden.
2. Het niet-veel-maar-toereikend budget: minimale kosten voor sociale
participatie binnen maatschappij en ontspanning (bv. lidmaatschap
sportclub, korte vakantie).

Absolute benadering van armoede = Per persoon naar situatie kijken. Iemand is
arm afhankelijk van het budget wat er te besteden is. Geen vergelijking met
inkomen van andere mensen.

Relatieve benadering van armoede = Naar verschillende mensen in de
samenleving kijken. Inkomens worden vergeleken. Iemand is arm als ze minder te
besteden hebben dan de gemiddelde persoon.

Objectieve benadering van armoede = Doormiddel van onderzoek door
onderzoekers & budgetdeskundigen wordt de armoedegrens bepaald. Gebruik

,gemaakt van minimumvoorbeeldbegrotingen van Nationaal Instituut voor
Budgetvoorlichting (Nibud), bestaande uit lage-inkomensgrens CBS.

Subjectieve benadering van armoede = Hoe huishoudens tegen het besteedbaar
inkomen aankijken. Doormiddel van ervaringen wordt er gekeken of er sprake is
van armoede.

Objectieve benadering heeft de voorkeur voor politiek & beleidsmakers, want
deze is beter te meten en te gebruiken in de praktijk.

Brede definitie van armoede = Armoede wanneer iemand niet goed kan
meedraaien met de maatschappij, zoals toegang publieke voorzieningen en goed
sociaal netwerk.

Smalle definitie van armoede = Armoede wanneer iemand tekort heeft op
financieel gebied, materieel bezit. Heeft iemand een achtergestelde/onzekere
economische positie?

Oorzaken van armoede:
1. Conjuncturele verklaring: Economische ontwikkelingen korte termijn
(economische crisis). Maatregelen die door overheid werden getroffen
hebben op lange termijn negatieve invloed op werkeloosheid, schulden en
armoede.

2. Structurele verklaring: Maatschappelijke ontwikkelingen op lange termijn
(drie generaties voor ontsnappen uit armoede). Investeren onderwijs,
huisvesting en werkgelegenheid geven kans om uit armoede te komen.

3. Demografische verklaring: Samenstelling van de bevolking.
Eenoudergezinnen, migratieachtergrond en lager opgeleiden meer risico
op armoede.

4. Culturele verklaring: Normen & waarden binnen bepaalde groep (man-
vrouw rol). Vrouwen dragen zorg voor gezin en mannen werken. Kinderen
vaker naar opvang is soms ‘zielig’ en tienerzwangerschappen/alleenstaand
ouderschap zorgen voor instandhouding armoede.

5. Institutionele verklaring: Regels & wetten opgesteld door overheid die van
invloed zijn op armoede (arbeidsbescherming werkenden afgenomen).
Mensen met lichamelijke/psychische beperking, migranten, oudere
werklozen minder kans op arbeidsmarkt.

6. Individuele verklaring: Keuzes die persoon maakt en hulpbronnen die
iemand heeft. Armoede hangt samen met omgaan geld, slechte
gezondheid, weinig zelfvertrouwen, klein sociaal netwerk en niet
participeren samenleving.
Vaardigheden en persoonlijkheid van individu spelen een rol. Zelfcontrole
& overtuigingen hebben invloed op omgaan financiën.

, 7. Machtsverschillen: Groepen in samenleving gebruiken hun macht in eigen
voordeel en veroorzaken armoede (rijk blijft rijk, arm blijft arm). Hogere
klasse heeft controle over productiemiddelen en beroepskennis.

Armoede verschillende niveaus:
Microniveau  Onvermogen aan kennis & vaardigheden die kansen op baan en
omgaan met geld vergroten (lage opleiding, laaggeletterdheid, weinig
zelfvertrouwen, schaamte).
Theorie van de schaarste = Weinig mogelijkheden om na te denken hoe met geld
om te gaan. Door stress, armoede wordt dit vermogen kleiner.

Armoede zorgt voor stress, korte levensduur, spanningen relatie en slechte cijfers
school. mensen raken in een vicieuze cirkel terecht.
Baanverlies, echtscheiding, ziekte, ongeval, overlijden hebben ook impact.

Mesoniveau  Fysieke en sociale omgeving. Fysieke omgeving heeft invloed op
de uitgaven en inkomsten. Sociale omgeving verandert continu en bestaat uit
normen & waarden van mensen om ons heen. Wat is er ‘normaal’ zorgt er voor
dat mensen verkeerde financiële keuzes maken.

Macroniveau  Publieke voorzieningen, wetten & regels. Mensen in armoede
eten ongezonder en maken meer gebruik van uitkeringen & leningen. Dit zorgt
weer voor criminaliteit en hoge boetes. Mensen in armoede worden door de
maatschappij vaker als ‘lui’ gezien.

Cultuur van armoede = Wanneer armoede in families van generatie op generatie
doorgegeven wordt.

Schulden = Openstaande bedragen die je nog moet betalen.

Meest voorkomende schulden:
 Geldlening bij familie of vrienden
 Leningen bij banken en andere organisaties
 Online winkelen
 Rood staan op eigen rekening
 Vaste lasten
 Zorgverzekering
 Ontvangen toeslagen
 Hypotheek
 Studieschuld

Problematische schulden gaan niet om de omvang/ontstaan van schulden, maar
om de mogelijkheden om schulden af te lossen.
Problematische schuld = Wanneer je niet in staat bent om schuld binnen 36
maanden af te lossen.

Soorten schulden:
1. Aanpassingsschulden
 Iemand past uitgavenpatroon niet aan nadat inkomen is gedaald.
2. Overlevingsschulden
$9.24
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
lottevt2004

Get to know the seller

Seller avatar
lottevt2004 Avans Hogeschool
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
4
Member since
3 year
Number of followers
2
Documents
5
Last sold
2 weeks ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions