Meta-analyse
Er werden zeven artikels beschikbaar gesteld om een meta-analyse mee uit te voeren. De data van
deze verschillende studies wordt samengevoegd waarna een analyse van de gecombineerde
resultaten kan gebeuren. Uit elk van de artikels kon de telomeerlengte afgelezen of afgeleid worden.
Uit de literatuur heb ik informatie gehaald om volgende vraag te beantwoorden: Is er een verschil
tussen de telomeerlengte van jongens en meisjes bij de geboorte?
Van de zeven beschikbare studies heb ik er vijf gebruikt om de analyse mee uit te voeren. Deze vijf zijn
de artikels van Liu, Wojcicki, Lee, Martens en Send. De twee niet-gebruikte artikels zijn van Lazarides
en Okuda. De studie van Lazarides et al. heb ik niet meegenomen in de analyse om verscheidene
redenen. Een eerste reden is het betrouwbaarheidsinterval, dit is veel breder dan bij de andere
studies, namelijk (95 % CI, -11.5 – 11.6 %; P = 0.994). Ook de p-waarde is uiterst groot, wat betekent
dat er geen significant verschil is tussen de telomeerlengte van jongens en meisjes bij de geboorte. De
studie van Okuda et al. werd niet meegenomen omdat hier een andere methode gebruikt werd om
de telomeerlengte te bepalen. In de vijf gebruikte studies werd gebruik gemaakt van qPCR waar Okuda
de lengte van de telomeren bepaalde op basis van de Telomere Restriction Fragment (TRF) lengte.
De vijf geselecteerde studies hebben allemaal een steekproefgrootte groter dan dertig, en in de
meeste gevallen meer dan honderd. Dit is positief aangezien er dan zeker op voldoende individuen
getest werd. Ook zijn de auteurs van alle artikels geaffilieerd met wetenschappelijke universiteiten
waardoor hun studies zeker als betrouwbaar gezien kunnen worden.
De vijf studies met bijbehorend percentageverschil van de telomeerlengte tussen jongens en meisjes
worden weergegeven in tabel 1.
Tabel 1: Een samenvatting van de vijf studies. De steekproefgrootte n, het percentageverschil in telomeerlengte met
bijbehorend betrouwbaarheidsinterval, en de p-waardes worden hier weergegeven.
n % verschil LowCI UpCI P-waarde
Liu et al. 581 0.87 -0.197 1.937 0.11
Wojcicki et al. 54 5.40 0.515 10.281 0.03
Lee et al. 195 4.03 -2.182 10.246 0.205
Martens et al. 743 6.83 4.27 9.3 <0.0001
Send et al. 319 5.0 1.512 8.488 0.005
Via het programma StatsDirect kon ik vervolgens een meta-analyse uitvoeren. Om te bepalen welke
studie het meeste effect heeft op de volledige resultaten heb ik naar de random % weights gekeken
(figuur 1). Daarop is te zien dat de studie van Liu et al. het meest meeweegt van de vijf gekozen studies
met 26,23%. De studie van Martens weegt het tweede meest mee, gevolgd door Send en Wojcicki. De
studie van Lee et al. heeft de minste impact.
Figuur 1: Het gewicht in % van de verschillende studies.
Er werden zeven artikels beschikbaar gesteld om een meta-analyse mee uit te voeren. De data van
deze verschillende studies wordt samengevoegd waarna een analyse van de gecombineerde
resultaten kan gebeuren. Uit elk van de artikels kon de telomeerlengte afgelezen of afgeleid worden.
Uit de literatuur heb ik informatie gehaald om volgende vraag te beantwoorden: Is er een verschil
tussen de telomeerlengte van jongens en meisjes bij de geboorte?
Van de zeven beschikbare studies heb ik er vijf gebruikt om de analyse mee uit te voeren. Deze vijf zijn
de artikels van Liu, Wojcicki, Lee, Martens en Send. De twee niet-gebruikte artikels zijn van Lazarides
en Okuda. De studie van Lazarides et al. heb ik niet meegenomen in de analyse om verscheidene
redenen. Een eerste reden is het betrouwbaarheidsinterval, dit is veel breder dan bij de andere
studies, namelijk (95 % CI, -11.5 – 11.6 %; P = 0.994). Ook de p-waarde is uiterst groot, wat betekent
dat er geen significant verschil is tussen de telomeerlengte van jongens en meisjes bij de geboorte. De
studie van Okuda et al. werd niet meegenomen omdat hier een andere methode gebruikt werd om
de telomeerlengte te bepalen. In de vijf gebruikte studies werd gebruik gemaakt van qPCR waar Okuda
de lengte van de telomeren bepaalde op basis van de Telomere Restriction Fragment (TRF) lengte.
De vijf geselecteerde studies hebben allemaal een steekproefgrootte groter dan dertig, en in de
meeste gevallen meer dan honderd. Dit is positief aangezien er dan zeker op voldoende individuen
getest werd. Ook zijn de auteurs van alle artikels geaffilieerd met wetenschappelijke universiteiten
waardoor hun studies zeker als betrouwbaar gezien kunnen worden.
De vijf studies met bijbehorend percentageverschil van de telomeerlengte tussen jongens en meisjes
worden weergegeven in tabel 1.
Tabel 1: Een samenvatting van de vijf studies. De steekproefgrootte n, het percentageverschil in telomeerlengte met
bijbehorend betrouwbaarheidsinterval, en de p-waardes worden hier weergegeven.
n % verschil LowCI UpCI P-waarde
Liu et al. 581 0.87 -0.197 1.937 0.11
Wojcicki et al. 54 5.40 0.515 10.281 0.03
Lee et al. 195 4.03 -2.182 10.246 0.205
Martens et al. 743 6.83 4.27 9.3 <0.0001
Send et al. 319 5.0 1.512 8.488 0.005
Via het programma StatsDirect kon ik vervolgens een meta-analyse uitvoeren. Om te bepalen welke
studie het meeste effect heeft op de volledige resultaten heb ik naar de random % weights gekeken
(figuur 1). Daarop is te zien dat de studie van Liu et al. het meest meeweegt van de vijf gekozen studies
met 26,23%. De studie van Martens weegt het tweede meest mee, gevolgd door Send en Wojcicki. De
studie van Lee et al. heeft de minste impact.
Figuur 1: Het gewicht in % van de verschillende studies.