Oefenvragen verzorgingsstaat
HAVO 4 en VWO 4 2019
Meerkeuze vragen
1. Dat Angelina Jolie en Bono zo veel tijd en energie steken in goede doelen is een
voorbeeld van hun behoefte aan:
A. zelfrealisatie; dit is een immateriële basisbehoefte.
B. erkenning en waardering; dit is een materiële basisbehoefte.
C. sociale contacten; dit is een materiële basisbehoefte.
D. zekerheid; dit is een immateriële basisbehoefte.
2. ‘Arbeid is een sociaal grondrecht.’
Dit arbeidsethos hoort vooral bij:
A. het christendemocratische gedachtegoed.
B. het liberale gedachtegoed.
C. het sociaaldemocratische gedachtegoed.
D. het kapitalistische gedachtegoed.
3.Vanuit verschillende overwegingen ontstond aan het einde van de negentiende eeuw de
opvatting dat de staat moest ingrijpen in de vrije markt:
I. Christenen wilden dat werknemers en werkgevers beter gingen samenwerken.
II. Sociaaldemocraten streefden naar een sterkere rechtspositie van de arbeiders.
III. De liberalen waren voorstander van vermindering van criminaliteit, die onvermijdelijk
het gevolg was van de grote armoede.
A. I, II en III zijn juist.
B. I is juist, II is onjuist, III is juist.
C. I is onjuist, II en III zijn juist.
D. I, II en III zijn onjuist.
4.Volgens de politieke visie van de sociaaldemocraten:
I. moet de overheid met sociale wetgeving de positie van de zwakkeren proberen te
verbeteren.
II. moet de overheid ingrijpen in de vrije markt om de rechtspositie van werknemers te
verbeteren.
A. I is juist, II is onjuist.
B. I is onjuist, II is juist.
C. I en II zijn beide juist.
D. I en II zijn beide onjuist.
5.Ons socialezekerheidsstelsel bestaat uit:
A. volksverzekeringen, werknemersverzekeringen en sociale voorzieningen.
B. sociale voorzieningen, volksverzekeringen en particuliere verzekeringen.
C. een heel stelsel van sociale verzekeringen.
D. een combinatie van volks- en werknemersverzekeringen.
6.De Werkloosheidswet (WW) is een voorbeeld van:
A. particuliere verzekeringen.
B. volksverzekeringen.