PPT 1:
Leerdoelen van SMB Theorie:
1. Student kent de ontstaansgeschiedenis van sociale media en weet welke bedrijfsdoelen en
toepassingen sociale media hebben; student kan dit illustreren met passende voorbeelden
2. Student kent de kenmerken van de moderne consument en weet op welke manier
marketeers en organisaties hierop kunnen inspelen
3. Student weet waarom traditionele manieren van leidinggeven en organiseren niet meer
werken en op welke manier sociale media kunnen bijdragen aan de interne organisatie van
bedrijven
4. Student kan de keerzijde op individueel, organisatie- en maatschappelijk niveau benoemen
en hier voorbeelden van geven
5. Student weet wat de eigenschappen en toepassingsmogelijkheden zijn van big data en wat
de relatie is met sociale media
6. Kent de student het belang van influencers en ambassadeurs en weet hij hoe deze
strategisch in te zetten.
De 5 kenmerken van Social Media:
1. Online platforms
2. In het publieke domein/openbaar
3. Interactie tussen mensen
4. User generated content
5. Verschillende formats
Social media definities
Li & Bernhoff, 2010: Een sociale bewegen waarbij mensen door middel van technologie dingen van
elkaar krijgen in plaats van de traditionele instituten zoals bedrijven en overheden.
Kaplan & Haenlein 2010: Een groep van op internet gebaseerde applicaties die voortbouwen op de
ideologische en technologische fundamenten van Web 2.0 en de creatie en uitwisseling van door
gebruikers gegenereerde inhoud toelaat.
Vissers & Sikkenga 2017: Webapplicaties waar gebruikers zonder tussenkomst van derden
informatie kunnen creëren en delen en daar met elkaar over kunnen communiceren.
! Kaplan en Haenlein: Classificatie door sociale aanwezigheid/mediarijkdom en
zelfpresentatie/onthulling.
, Zij hebben een matrix ontwikkeld waarmee je kunt vaststellen in welke mate een platform mediarijk
is en welke mate het de mogelijkheid biedt voor zelfpresentatie.
De mate van sociale aanwezigheid/mediarijkheid wordt bepaald door:
- De mogelijkheid die een platform biedt om via geluid, beeld of anders contact te maken
- De directheid van het platform, live chat of geschreven mail
- De mate waarin dat een platform een bepaalde hoeveelheid informatie kan overdragen per
interval.
De mate van zelfpresentatie en zelfonthulling wordt bepaald door:
- De mogelijkheid die een platform aan de deelnemers biedt om bij sociale interactie invloed
te hebben op elkaar
- De mogelijkheid om de indruk die de ander van hen heeft te controleren, kort gezegd:
Kunnen deelnemers hun identiteit verbergen of anderen doen geloven dat iemand anders
zijn.
Social media: de Groundswell: Niet meer instanties nodig hebben die je vertellen hoe iets werkt.
Mensen leren van elkaar. Voorbeeld: Ziggo heeft een platform waar klanten elkaar helpen met
problemen.
Volgens Li & Bernhoff zijn er 3 factoren die zeggen waarom social media, ze noemen het de
vloedgolf:
- Verlangen naar menselijk contact (behoefte)
o Sociale omgang en interactie
o Amasument
o Informatie verwerven
o Identiteit ontwikkelen
o Hoogste motivatie voor gebruik social media
- Nieuwe interactieve technologie (tech-mogelijkheden)
o Internettoegang
o Mobiele devices
- De opkomst van de interneteconomie (economische mogelijkheden)
o Alles wordt digitaal
o Digitalisering
Door Interneteconomie is het mogelijk om waardeketens te verkorten, voorraden te verminderen,
producten aan te passen en meer lokale productie mogelijk te maken. Dit komt door data van
sociale mediaplatforms. Vergeet niet dat deze platforms geen liefdadigheidsinstellingen zijn. Zij
verkopen jouw data voor veel geld.
2 digitale samenwerkingsstrategieën:
1. Bedrijven die hun eigen producten, infrastructuur en diensten geheel of gedeeltelijk hebben
opengesteld. Zoals bol.
2. Flexibel gebruik maken van andere bedrijven (Uber)
Leerdoelen van SMB Theorie:
1. Student kent de ontstaansgeschiedenis van sociale media en weet welke bedrijfsdoelen en
toepassingen sociale media hebben; student kan dit illustreren met passende voorbeelden
2. Student kent de kenmerken van de moderne consument en weet op welke manier
marketeers en organisaties hierop kunnen inspelen
3. Student weet waarom traditionele manieren van leidinggeven en organiseren niet meer
werken en op welke manier sociale media kunnen bijdragen aan de interne organisatie van
bedrijven
4. Student kan de keerzijde op individueel, organisatie- en maatschappelijk niveau benoemen
en hier voorbeelden van geven
5. Student weet wat de eigenschappen en toepassingsmogelijkheden zijn van big data en wat
de relatie is met sociale media
6. Kent de student het belang van influencers en ambassadeurs en weet hij hoe deze
strategisch in te zetten.
De 5 kenmerken van Social Media:
1. Online platforms
2. In het publieke domein/openbaar
3. Interactie tussen mensen
4. User generated content
5. Verschillende formats
Social media definities
Li & Bernhoff, 2010: Een sociale bewegen waarbij mensen door middel van technologie dingen van
elkaar krijgen in plaats van de traditionele instituten zoals bedrijven en overheden.
Kaplan & Haenlein 2010: Een groep van op internet gebaseerde applicaties die voortbouwen op de
ideologische en technologische fundamenten van Web 2.0 en de creatie en uitwisseling van door
gebruikers gegenereerde inhoud toelaat.
Vissers & Sikkenga 2017: Webapplicaties waar gebruikers zonder tussenkomst van derden
informatie kunnen creëren en delen en daar met elkaar over kunnen communiceren.
! Kaplan en Haenlein: Classificatie door sociale aanwezigheid/mediarijkdom en
zelfpresentatie/onthulling.
, Zij hebben een matrix ontwikkeld waarmee je kunt vaststellen in welke mate een platform mediarijk
is en welke mate het de mogelijkheid biedt voor zelfpresentatie.
De mate van sociale aanwezigheid/mediarijkheid wordt bepaald door:
- De mogelijkheid die een platform biedt om via geluid, beeld of anders contact te maken
- De directheid van het platform, live chat of geschreven mail
- De mate waarin dat een platform een bepaalde hoeveelheid informatie kan overdragen per
interval.
De mate van zelfpresentatie en zelfonthulling wordt bepaald door:
- De mogelijkheid die een platform aan de deelnemers biedt om bij sociale interactie invloed
te hebben op elkaar
- De mogelijkheid om de indruk die de ander van hen heeft te controleren, kort gezegd:
Kunnen deelnemers hun identiteit verbergen of anderen doen geloven dat iemand anders
zijn.
Social media: de Groundswell: Niet meer instanties nodig hebben die je vertellen hoe iets werkt.
Mensen leren van elkaar. Voorbeeld: Ziggo heeft een platform waar klanten elkaar helpen met
problemen.
Volgens Li & Bernhoff zijn er 3 factoren die zeggen waarom social media, ze noemen het de
vloedgolf:
- Verlangen naar menselijk contact (behoefte)
o Sociale omgang en interactie
o Amasument
o Informatie verwerven
o Identiteit ontwikkelen
o Hoogste motivatie voor gebruik social media
- Nieuwe interactieve technologie (tech-mogelijkheden)
o Internettoegang
o Mobiele devices
- De opkomst van de interneteconomie (economische mogelijkheden)
o Alles wordt digitaal
o Digitalisering
Door Interneteconomie is het mogelijk om waardeketens te verkorten, voorraden te verminderen,
producten aan te passen en meer lokale productie mogelijk te maken. Dit komt door data van
sociale mediaplatforms. Vergeet niet dat deze platforms geen liefdadigheidsinstellingen zijn. Zij
verkopen jouw data voor veel geld.
2 digitale samenwerkingsstrategieën:
1. Bedrijven die hun eigen producten, infrastructuur en diensten geheel of gedeeltelijk hebben
opengesteld. Zoals bol.
2. Flexibel gebruik maken van andere bedrijven (Uber)