100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.2 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Nectar VWO Hoofdstuk 3

Rating
-
Sold
-
Pages
5
Uploaded on
15-01-2021
Written in
2017/2018

samenvatting Nectar VWO Hoofdstuk 3

Level
Course









Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Connected book

Written for

Institution
Secondary school
Level
Course
School year
4

Document information

Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
Hoofdstuk 3
Uploaded on
January 15, 2021
Number of pages
5
Written in
2017/2018
Type
Summary

Subjects

Content preview

BIOLOGIE
HOOFDSTUK 3.1
Dankzij kringlopen heeft een ​ecosysteem​ (=afgebakend gebied met organismen en biotische
en abiotische relaties, een complexe zelfstandige eenheid) nauwelijks met andere
ecosystemen uitwisseling van stoffen. De grenzen tussen ecosystemen zijn niet altijd
scherp: vermenging van water en dieren zwemmen/vliegen van het een naar het andere
ecosysteem.

Draagkracht van een ecosysteem​= maximale populatiegrootte die een gebied kan
onderhouden. Bepalend voor de draagkracht is de beperkende factor bv nestplaatsen en
voedsel. Verdwijnt de beperking, dan neemt de draagkracht toe.

Populatiedynamiek​ (=verandering van samenstelling van populaties in een ecosysteem;
aantallen nemen toe/af, populaties ontstaan/verdwijnen) beïnvloed een ecosysteem vb
veranderingen in konijnenpopulatie van invloed op hoeveelheid kruiden en grassen. Ook
abiotische factoren, zoals water en temperatuur.

Verstoringen​= blijvende, snel optredende veranderingen in ecosystemen vb
vulkaanuitbarsting en brand, aanleg van wegen, kappen van tropisch regenwoud voor
akkers, plastic voorwerpen in de oceaan→ na tientallen jaren breekt het plastic af tot kleine
bolletjes→ dieren eten het op→ plastic komt in de voedselketen. In verstoorde ecosystemen
treden vaak plagen op, doordat bv predatoren verdwenen zijn. Prooidieren planten zich dan
ongehindert voort.



HOOFDSTUK 3.2
In een ​voedselpiramide​ zijn de ​trofische niveaus​ (=groepen soorten die op een vergelijkbare
wijze aan hun voedsel komen) van het ecosysteem weergegeven met liggende staven. Het
oppervlakte van de staaf geeft de ​biomassa​ (=totaal gewicht van de organismen) op dat
niveau weer. Meestal gebruiken biologen het ​drooggewicht​ (=versgewicht - gewicht aan
water). Het aantal trofische niveaus is beperkt door het verdwijnen van energie.




De grootte van een laag is ook een maat voor de energie op dat trofische niveau, voedsel
bevat namelijk brandstoffen zoals koolhydraten en vetten. Doordat de energie afkomstig is
uit een lager niveau, laat de afnemende grootte van de staven zien dat niet alle energie in
het hogere niveau terechtkomt. In een ​energiestroomschema​ geeft de breedte van de

, bundels de hoeveelheid energie weer die in die bundel zit. Een vogel eet een hoeveelheid
organische stof met energie-inhoud Intake. Doordat onverteerde delen (F) verdwijnen, komt
slechts een deel (A=I-F) in het bloed van de vogel. Daarvan gebruikt de vogel R als energie
voor zijn activiteiten. De energiebehoud P blijft bewaard in de bouwstof (P=I-F-R of P=A-R).




Heterotrofe organismen/consumenten​= organismen die met hun voedsel organische stoffen
opnemen die ze gebruiken als brand- en bouwstof, niet in staat om dat zelf te maken.
Autotrofe organismen/producenten​= organismen die in staat zijn om m.b.v. zonlicht uit
energiearme anorganische stoffen energierijke organische te maken. Zij staat aan de basis
van de voedselpiramide. Ze leveren de bouw- en brandstoffen voor zichzelf en voor
consumenten en dus de energie voor het hele ecosysteem.
Primaire productie​= hoeveelheid (g/opp/jaar of g/volume/jaar) organische stoffen die
producenten maken.

Factoren die de groei van fytoplankton beïnvloeden:
- Licht​ om te kunnen groeien. In helder water is een hoge primaire productie mogelijk.
- Voedingsstoffen​: CO2 en meststoffen. ​Eutrofiëring​=verrijking van water met
voedingsstoffen. Extra fosfaat en nitraat leidt tot ​algenbloei​ (=explosieve toename
van biomassa van fytoplankton en andere algen)→minder helder water en bacteriën
breken dode algen af→ water zuurstofloos→ bodemdieren en later andere
consumenten sterven.
- Temperatuur ​hogere temperatuur van zeewater→ groeiseizoen begint eerder.

De biomassa van de consumenten kan in theorie toenemen als de producenten meer
produceren. Veranderingen in abiotische factoren leiden meestal tot veranderingen in
soortensamenstelling en niet in biomassa.



HOOFDSTUK 3.3
In de strooisellaag breken kleine dieren afgevallen bladeren/takjes af. Dode planten
(​detritus​) liggen vaak langer op de grond. ​Humuslaag​= Laag met uitwerpselen van kleine
dieren samen met halfverteerde organische materiaal. Organische stoffen maken de humus
een rijke voedingsbodem voor ​reducenten​ (bacteriën en schimmels).
$4.82
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
manyuiwu

Also available in package deal

Get to know the seller

Seller avatar
manyuiwu Erasmus Universiteit Rotterdam
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
0
Member since
4 year
Number of followers
0
Documents
24
Last sold
-

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions