4 Verklaringen voor criminaliteit: het psychologisch
perspectief
4.1 Inleiding
4.1.1 Antisociaal gedrag
- Crimineel gedrag objectieve definitie: gedragsvormen zoals antisociaal gedrag,
agressie of externaliserend gedrag
- Antisociaal gedrag – gedragingen die door psychologen worden gezien als vormen
van:
o Riskant gedrag – op zichzelf niet crimineel. Vb: Roken, alcohol, etc.
o Problematisch gedrag – bij minderjarigen. Vb: weglopen, alcohol, etc.
o Slachtofferloze delicten – feiten die in bepaalden landen strafbaar gesteld zijn
om individuen te beschermen tegen zichzelf. Vb: prostitutie, drugsgebruik
o Criminaliteit in al zijn facetten
Een brede verzameling van gedragingen die overlap vertonen met crimineel
gedrag maar toch niet geheel samenvallen
- Er is sprake van antisociaal gedrag indien een persoon minstens 3/15 gedragingen
vertoont:
1. Pest, bedreigt of intimideert vaak anderen
2. Neemt vaak het initiatief tot vechtpartijen
3. Heeft een wapen gebruikt dat anderen letsel kan toebrengen
4. Heeft mensen mishandeld
5. Heeft dieren mishandeld
6. Heeft in direct contact iets van iemand gestolen
7. Heeft iemand tot seks gedwongen
8. Was betrokken bij opzettelijke brandstichting
9. Vernielde met opzet eigendommen van anderen
10. Heeft ingebroken in iemands huis, gebouw of auto
11. Liegt veel
12. Heeft zonder direct contact met het slachtoffer iets gestolen
13. Blijft vaak, ondanks verbod van ouders, ’s nachts van huis weg
14. Is minstens tweemaal van huis weggelopen en ’s nachts weggebleven
15. Spijbelt vaak
4.1.2 Antisociale persoonlijkheidsstoornis
- Vroeger: psycho- of sociopaat, nu: antisociale persoonlijkheidsstoornis (ASPD)
- Een omvattend en blijvend patroon van verontzaming en schending van rechten van
anderen
- Diagnose: er is sprake van 3+ van de volgende gedragingen
1. Persoon conformeert zich niet aan in het Wetboek van Strafrecht neergelegde
normen
2. Persoon maakt zich schuldig aan misleiding (liegen, gebruik v. aliassen, oplichting)
3. Persoon is impulsief en maakt geen plannen voor toekomst
4. Persoon is snel geïrriteerd en agressief (fysiek geweld)
5. Persoon is roekeloos en veronachtzaamt veiligheid v. zichzelf en anderen
, 6. Persoon toont zich onverantwoordelijk (aanhoudend onvermogen om stabiel
werkgedrag te vertonen en financiële verplichtingen na te komen)
7. Persoon vertoont geen berouw of spijt en is onverschillig wanneer hij anderen
heeft geschaad, verwond of mishandeld of iets heeft gestolen
- Drie noodzakelijke criteria:
1. Minimaal 18 jaar
2. Stoornis is begonnen vóór 16e levensjaar
3. Antisociale gedrag treedt niet uitsluitend op als onderdeel van een aanval van
schizofrenie of manische periode
- Man: 3%, vrouw: 1% (DSMIV), Man:1, vrouw:0,2% (EU)
4.1.3 Externaliserend/internaliserend gedrag
- Voor de criminologie relevante psychiatrische indeling
- Onderscheid wordt gemeten a.d.h.v. ‘Child Behavior Checklist (CBCL)’
- Vragenlijst scores berekenen syndroomschalen
- Internaliserende problematiek
o Teruggetrokken
o Lichamelijke klachten
o Angstig/depressief gedrag
- Externaliserende problematiek
o Grensoverschrijdend gedrag
o Agressief gedrag
4.1.4 Agressie
- Agressie – gedrag dat beoogt iemand schade te berokkenen (intention to harm)
- Voor de criminologie belangrijk onderscheid: reactieve en proactieve agressie
- Reactieve agressie – wordt vertoond in reactie op een bedreiging/belediging
o Gemotiveerd door gevoelens van angst, woede of jaloezie
o Frustratieagressie (psychologie)
o Rode agressie (criminologie)
- Proactieve (of spontane) agressie – berekenend van aard en worden koelbloedig
uitgevoerd
o Vb: gewelddadigheden door hooligans, geweld toegepast door bendes tegen
verraders/concurrenten
o Witte agressie/instrumenteel geweld (criminologie)
De aard van de agressie die ten grondslag ligt aan een geweldsmisdrijf is een factor die van
belang is bij de straftoemeting van de rechters:
- In bepaalde situaties kan een agressieve reactie op een aanval of provocatie door de
rechter verontschuldigbaar worden gevonden
o Crime passionel – doodslag gepleegd door iemand die zijn partner betrapt op
overspel
o Relatief milde straffen worden opgelegd
- Indien een doodslag in ‘koele bloede’ is gepleegd (met een vooropgezet plan) wordt
in het strafrecht van moord gesproken
o Zware straffen
perspectief
4.1 Inleiding
4.1.1 Antisociaal gedrag
- Crimineel gedrag objectieve definitie: gedragsvormen zoals antisociaal gedrag,
agressie of externaliserend gedrag
- Antisociaal gedrag – gedragingen die door psychologen worden gezien als vormen
van:
o Riskant gedrag – op zichzelf niet crimineel. Vb: Roken, alcohol, etc.
o Problematisch gedrag – bij minderjarigen. Vb: weglopen, alcohol, etc.
o Slachtofferloze delicten – feiten die in bepaalden landen strafbaar gesteld zijn
om individuen te beschermen tegen zichzelf. Vb: prostitutie, drugsgebruik
o Criminaliteit in al zijn facetten
Een brede verzameling van gedragingen die overlap vertonen met crimineel
gedrag maar toch niet geheel samenvallen
- Er is sprake van antisociaal gedrag indien een persoon minstens 3/15 gedragingen
vertoont:
1. Pest, bedreigt of intimideert vaak anderen
2. Neemt vaak het initiatief tot vechtpartijen
3. Heeft een wapen gebruikt dat anderen letsel kan toebrengen
4. Heeft mensen mishandeld
5. Heeft dieren mishandeld
6. Heeft in direct contact iets van iemand gestolen
7. Heeft iemand tot seks gedwongen
8. Was betrokken bij opzettelijke brandstichting
9. Vernielde met opzet eigendommen van anderen
10. Heeft ingebroken in iemands huis, gebouw of auto
11. Liegt veel
12. Heeft zonder direct contact met het slachtoffer iets gestolen
13. Blijft vaak, ondanks verbod van ouders, ’s nachts van huis weg
14. Is minstens tweemaal van huis weggelopen en ’s nachts weggebleven
15. Spijbelt vaak
4.1.2 Antisociale persoonlijkheidsstoornis
- Vroeger: psycho- of sociopaat, nu: antisociale persoonlijkheidsstoornis (ASPD)
- Een omvattend en blijvend patroon van verontzaming en schending van rechten van
anderen
- Diagnose: er is sprake van 3+ van de volgende gedragingen
1. Persoon conformeert zich niet aan in het Wetboek van Strafrecht neergelegde
normen
2. Persoon maakt zich schuldig aan misleiding (liegen, gebruik v. aliassen, oplichting)
3. Persoon is impulsief en maakt geen plannen voor toekomst
4. Persoon is snel geïrriteerd en agressief (fysiek geweld)
5. Persoon is roekeloos en veronachtzaamt veiligheid v. zichzelf en anderen
, 6. Persoon toont zich onverantwoordelijk (aanhoudend onvermogen om stabiel
werkgedrag te vertonen en financiële verplichtingen na te komen)
7. Persoon vertoont geen berouw of spijt en is onverschillig wanneer hij anderen
heeft geschaad, verwond of mishandeld of iets heeft gestolen
- Drie noodzakelijke criteria:
1. Minimaal 18 jaar
2. Stoornis is begonnen vóór 16e levensjaar
3. Antisociale gedrag treedt niet uitsluitend op als onderdeel van een aanval van
schizofrenie of manische periode
- Man: 3%, vrouw: 1% (DSMIV), Man:1, vrouw:0,2% (EU)
4.1.3 Externaliserend/internaliserend gedrag
- Voor de criminologie relevante psychiatrische indeling
- Onderscheid wordt gemeten a.d.h.v. ‘Child Behavior Checklist (CBCL)’
- Vragenlijst scores berekenen syndroomschalen
- Internaliserende problematiek
o Teruggetrokken
o Lichamelijke klachten
o Angstig/depressief gedrag
- Externaliserende problematiek
o Grensoverschrijdend gedrag
o Agressief gedrag
4.1.4 Agressie
- Agressie – gedrag dat beoogt iemand schade te berokkenen (intention to harm)
- Voor de criminologie belangrijk onderscheid: reactieve en proactieve agressie
- Reactieve agressie – wordt vertoond in reactie op een bedreiging/belediging
o Gemotiveerd door gevoelens van angst, woede of jaloezie
o Frustratieagressie (psychologie)
o Rode agressie (criminologie)
- Proactieve (of spontane) agressie – berekenend van aard en worden koelbloedig
uitgevoerd
o Vb: gewelddadigheden door hooligans, geweld toegepast door bendes tegen
verraders/concurrenten
o Witte agressie/instrumenteel geweld (criminologie)
De aard van de agressie die ten grondslag ligt aan een geweldsmisdrijf is een factor die van
belang is bij de straftoemeting van de rechters:
- In bepaalde situaties kan een agressieve reactie op een aanval of provocatie door de
rechter verontschuldigbaar worden gevonden
o Crime passionel – doodslag gepleegd door iemand die zijn partner betrapt op
overspel
o Relatief milde straffen worden opgelegd
- Indien een doodslag in ‘koele bloede’ is gepleegd (met een vooropgezet plan) wordt
in het strafrecht van moord gesproken
o Zware straffen