9.PNEUMOLOGIE
3 voorwarden voor goede
1. Ventilatie is mogelijk
2. Bloedvoorziening voldoende= perfussie
3. Zuurstof en koolstofdioxide transport mogelijk = diffusie
Problemen om zuurstof in het bloed te krijgen kunnen ontstaan door:
1. Alveolaire hypoventilatie (te weinig lucht komt in de alveolen)
2. Perfusiestoornissen (te weinig bloed komt langs de alveolen)
3. Diffusiestoornissen (zuurstof geraakt niet door de barrière tussen
alveolen en capillairen)
ALVEOLAIRE HYPOVENTILATIE
Problemen met de bezenuwing van de ademhalingsspieren (onderdrukking
ademhalingscentrum door medicatie of trauma)
o Onbewuste aantsuren van adelhaling in de hersenstam
Problemen met de doorgankelijkheid van de longen (astma en COPD, vreemd voorwerp)
Verminderde elasticiteit van de longen (emfyseem)
Restrictieve longziekten, waardoor er minder longvolume is (longfibrose, pneumothorax)
Atelactase= het onvolkomen openen ( dichtklappen) van een alveolus.
In pneumologie maken we onderscheid tussen obstructieve en restructieve longziektes
Obstructies = blokade
Restructieve = beperking van het weefsel
LUCHTWEGINFECTIES
Bovenste luchtweginfecties (BLWI)
o Verkoudheid(rhinitis)
o Sinusitis
o Pharyngitis/tonsillitis
Meestal viraal
Soms bacterieel (s. pyogenes)
o Laryngitis: heesheid
De bariere hiertussen is de stembanden
Onderste luchtweginfecties (OLWI)
o Acute bronchitis
o Pneumonie
PNEUMONIE= ONTSTEKING VAN HET LONGWEEFSEL
Inflammatie van de alveoli à vocht
o ↓ ventilatie
o Diffusie problemen
o Atelectase (“dichtklappen” van de alveolen)
2 vormen:
o Community-acquired
Klassieke pneumonie
Atypische pneumonie
, o Hospital-acquired
KLASSIEKE PNEUMONIE
Bacterieel
o S. pneumoniae
o S. aureus
o Andere
Uitlokkende factoren
o (Virale) luchtweg infectie!
o Pulmonaire pathologie
o Verminderde immuniteit
Symptomen
Malaise
o = algemen omgemak
Hoge koorts, rillen
Productieve hoest
Dyspnoe
o = hoesten
Cyanose als ernstig
Diagnose
Klinisch
Lab: leucocytose + links verschuiving
RX thorax -> witte verkleuring
Sputum cultuur
Behandeling
Supportief: O2, aerosol, ventilatie, …
Antibiotica (penicilline)
o Amoxoyciclline
Preventie: influenza & pneumokokken vaccinatie
o Welke trap 1/2/3 van preventie is deze preventie(-> primair/secundair/tertiair)
ATYPISCHE PNEUMONIE
Bacterieel
o Mycoplasma pneumoniae
o Chlamydia pneumoniae
Viraal
o Influenza
o mazelen
Weinig symptomen (viraal, droge hoest)
Weinig tekenen op ko(=klinisch onderzoek)
Geen leucocytose (->weinig verschuiving -
Weinig tekenen op RX
Serologische diagnose
Resistent aan penicilline
COPD & ASTHMA -> OBSTRUCTIEVE ZIEKTE
3 voorwarden voor goede
1. Ventilatie is mogelijk
2. Bloedvoorziening voldoende= perfussie
3. Zuurstof en koolstofdioxide transport mogelijk = diffusie
Problemen om zuurstof in het bloed te krijgen kunnen ontstaan door:
1. Alveolaire hypoventilatie (te weinig lucht komt in de alveolen)
2. Perfusiestoornissen (te weinig bloed komt langs de alveolen)
3. Diffusiestoornissen (zuurstof geraakt niet door de barrière tussen
alveolen en capillairen)
ALVEOLAIRE HYPOVENTILATIE
Problemen met de bezenuwing van de ademhalingsspieren (onderdrukking
ademhalingscentrum door medicatie of trauma)
o Onbewuste aantsuren van adelhaling in de hersenstam
Problemen met de doorgankelijkheid van de longen (astma en COPD, vreemd voorwerp)
Verminderde elasticiteit van de longen (emfyseem)
Restrictieve longziekten, waardoor er minder longvolume is (longfibrose, pneumothorax)
Atelactase= het onvolkomen openen ( dichtklappen) van een alveolus.
In pneumologie maken we onderscheid tussen obstructieve en restructieve longziektes
Obstructies = blokade
Restructieve = beperking van het weefsel
LUCHTWEGINFECTIES
Bovenste luchtweginfecties (BLWI)
o Verkoudheid(rhinitis)
o Sinusitis
o Pharyngitis/tonsillitis
Meestal viraal
Soms bacterieel (s. pyogenes)
o Laryngitis: heesheid
De bariere hiertussen is de stembanden
Onderste luchtweginfecties (OLWI)
o Acute bronchitis
o Pneumonie
PNEUMONIE= ONTSTEKING VAN HET LONGWEEFSEL
Inflammatie van de alveoli à vocht
o ↓ ventilatie
o Diffusie problemen
o Atelectase (“dichtklappen” van de alveolen)
2 vormen:
o Community-acquired
Klassieke pneumonie
Atypische pneumonie
, o Hospital-acquired
KLASSIEKE PNEUMONIE
Bacterieel
o S. pneumoniae
o S. aureus
o Andere
Uitlokkende factoren
o (Virale) luchtweg infectie!
o Pulmonaire pathologie
o Verminderde immuniteit
Symptomen
Malaise
o = algemen omgemak
Hoge koorts, rillen
Productieve hoest
Dyspnoe
o = hoesten
Cyanose als ernstig
Diagnose
Klinisch
Lab: leucocytose + links verschuiving
RX thorax -> witte verkleuring
Sputum cultuur
Behandeling
Supportief: O2, aerosol, ventilatie, …
Antibiotica (penicilline)
o Amoxoyciclline
Preventie: influenza & pneumokokken vaccinatie
o Welke trap 1/2/3 van preventie is deze preventie(-> primair/secundair/tertiair)
ATYPISCHE PNEUMONIE
Bacterieel
o Mycoplasma pneumoniae
o Chlamydia pneumoniae
Viraal
o Influenza
o mazelen
Weinig symptomen (viraal, droge hoest)
Weinig tekenen op ko(=klinisch onderzoek)
Geen leucocytose (->weinig verschuiving -
Weinig tekenen op RX
Serologische diagnose
Resistent aan penicilline
COPD & ASTHMA -> OBSTRUCTIEVE ZIEKTE