100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Complete samenvatting BGZ blok 1 (Leven in evenwicht)

Rating
-
Sold
-
Pages
80
Uploaded on
28-09-2025
Written in
2024/2025

Dit is een complete samenvatting van blok 1 van BGZ. Door mij vorig jaar gemaakt. Ik heb de lectures en leertaken uitgewerkt en hiervan een samenvatting gemaakt. De stof is compleet.

Institution
Course











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
September 28, 2025
Number of pages
80
Written in
2024/2025
Type
Summary

Subjects

Content preview

Thema 1: inleiding homeostase, cel, zenuwstelsel en
endocrien systeem
Taak 1: De basis van bestaan
Celorganellen en hun functies.

Celmembraan; Vormt een fysieke barrière die de cel omgeeft, waardoor de binnenkant van de
cel wordt gescheiden van de buitenkant. Het regelt de doorlaatbaarheid van stoffen in en uit
de cel en speelt een rol in cel communicatie en signaaltransductie.

Celkern (nucleus); Bevat het genetische materiaal (DNA) van de cel. De kern is het
controlecentrum van de cel en reguleert genexpressie en de celcyclus. Het DNA bevat
instructies voor eiwitsynthese.

Endoplasmatisch reticulum (ER)

- Ruw endoplasmatisch reticulum (RER): Bevat
ribosomen en is betrokken bij de synthese en vouwing
van eiwitten, vooral die bestemd zijn voor export of het
plasmamembraan.
- Glad endoplasmatisch reticulum (SER): Geen
ribosomen. Synthetiseert lipiden en concentreert en slaat
in sommige cellen calciumionen op.

Ribosomen; Kleine structuren die verantwoordelijk zijn voor de synthese van eiwitten door
het vertalen van mRNA. Ze kunnen vrij in het cytoplasma zijn of gebonden aan het ruwe ER.

Golgi-apparaat; Verwerkt, sorteert en verpakt eiwitten en lipiden die door het ER zijn
gesynthetiseerd. Het vormt blaasjes om deze moleculen naar hun bestemming binnen of
buiten de cel te transporteren.

Mitochondriën; Energiecentrales van de cel. Ze genereren ATP
in de intermembranaire ruimte. Mitochondriën bevatten hun
eigen DNA en kunnen zichzelf delen.

,Lysosomen; Bevatten enzymen voor de afbraak van biomoleculen zoals eiwitten,
nucleïnezuren, lipiden en koolhydraten. Ze spelen een rol in de vertering van schadelijke
stoffen en afvalproducten.

Peroxisomen; In deze organellen vinden oxidatieve reacties plaats die vetzuren afbreken en
toxische stoffen zoals waterstofperoxide neutraliseren.

Centriolen; Spelen een belangrijke rol in de organisatie van microtubuli en bij het vormen van
de spoelfiguur tijdens celdeling. Ze helpen ook bij de vorming van cilia en flagella.

Cilia en flagella; Zorgt voor de beweging van de cel of het verplaatsen van vloeistoffen langs
het oppervlak van de cel. Cilia zijn kort en talrijk, terwijl flagella langer en meestal solitair
zijn (bijv. de spermacel).

Cytoskelet; een flexibel, veranderlijk driedimensionaal skelet vouwing van actine-
microfilamenten, intermediaire filamenten en microtubuli die zich door het hele cytoplasma
uitstrekken. Verschillende functies van het cytoskelet:

- Cell shape (cel vorm); Het bepaald de vorm van de cel.

- Internal organisation (interne organisatie); Het stabiliseert de positie van de organellen in de
cel.

- Intracellulair transport (intracellulaire transport); deze functie is vooral belangrijk voor de
zenuwcellen, waarbij soms een meter lang een stofje getransporteerd moet worden.

- Assembly of cells into tissues (Samenvoeging van cellen tot weefsels); Eiwitvezels van het
cytoskelet verbindt zich met eiwitvezels in de extracellulaire ruimte, het verbinden van cellen
met elkaar en het ondersteunend materiaal buiten de cellen.

- Movement (beweging).

Overige informatie

De verhouding tussen eiwitten en lipiden varieert sterk, afhankelijk van de omgeving bron van het
membraan. Over het algemeen geldt: hoe meer metabolisch actief is een membraan, hoe meer eiwitten
het bevat. Voor bijvoorbeeld het binnenmembraan van een mitochondrion, dat bevat enzymen voor de
productie van ATP, bestaat voor driekwart uit eiwit.

Organellen met een celmembraan:

- Mitochondriën

, - Endoplasmatisch reticulum

- Golgi-systeem

Eiwitsynthese.

1. mRNA wordt
gemaakt uit DNA in de
celkern.
2. mRNA gaat de
celkern uit en komt in
het cytoplasma, waar
het zich hecht aan
ribosomen om eiwitten
te maken.
3. Sommige eiwitten
worden in de cel
vrijgelaten of naar
andere delen in de cel
gestuurd.
4. Eiwitten die aan het
RER zijn verbonden,
worden ingepakt voor
verdere verwerking.
5. De eiwitten worden
verder aangepast
terwijl ze door het ER
gaan.
6. Kleine blaasjes
vervoeren de eiwitten
van het ER naar het Golgi-apparaat.
7. Het Golgi-apparaat verplaatst de eiwitten naar de buitenkant van de cel.
8. Sommige blaasjes keren terug naar het ER om opnieuw gebruikt te worden.
9. Sommige blaasjes worden omgezet in lysosomen of opslagplekjes in de cel.
10. Andere blaasjes smelten samen met het celmembraan en geven hun inhoud buiten de
cel vrij.

, 1. Transcriptie

DNA naar mRNA; in de celkern wordt de
genetische code in het DNA afgelezen en
gekopieerd naar mRNA. Dit gebeurd door een
enzym genaamd RNA-polymerase. Dit bindt
zich aan een promotor (een specifieke plek op
het DNA).

Het mRNA-molecuul is complementair
(omgekeerd) aan de DNA-streng en bevat
instructies voor de eiwitproductie.




2. mRNA processing
mRNA-verwerking is de volgende stap in
eiwitsynthese en kan op twee manieren
gebeuren. Bij RNA-interferentie wordt
nieuwgemaakt mRNA geïnactiveerd of
vernietigd voordat het kan worden omgezet
in eiwitten. Bij alternatieve splicing knippen
enzymen stukken uit het midden of de
uiteinden van het mRNA-strand. Vervolgens
worden de resterende delen weer aan elkaar
gezet.


3. Translatie

Het mRNA wordt doorgegeven aan een ribosoom. Dit is een organel die het mRNA afleest. In het
ribosoom wordt elk codon (een sequentie van drie basen in het mRNA) vertaald naar een specifiek
aminozuur met behulp van het transfer RNA (tRNA). Elk tRNA-molecuul heeft een anticodon dat
complementair is aan het mRNA-codon en transporteert het juiste aminozuur.

Aminozuren worden vervolgens aan elkaar gekoppeld in een specifieke volgorde om een
polypeptideketen te vormen. Deze keten vouwt zich uiteindelijk op tot een functioneel eiwit.
$17.54
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
elindb
1.0
(1)

Get to know the seller

Seller avatar
elindb Maastricht University
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
2
Member since
1 year
Number of followers
0
Documents
6
Last sold
3 months ago

1.0

1 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
1

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions