Dennis Kuijpers
Studentnummer: 636591
30 mei 2025
,Inhoud
Inleiding..................................................................................................................................................2
1. Zorgplan van M...................................................................................................................................3
1.1 Casus en aanleiding......................................................................................................................3
1.2 Supra familiaire systeem...............................................................................................................4
1.3 Netwerk formeel...........................................................................................................................4
1.4 Netwerk informeel........................................................................................................................4
1.5 Veiligheid en analyse veiligheid....................................................................................................5
1.6 Doel en uitvoering........................................................................................................................7
1.6.1 Doel 1.....................................................................................................................................7
1.6.2 Doel 2....................................................................................................................................8
1.6.3 Doel 3....................................................................................................................................8
1.6.4 Doel 4....................................................................................................................................8
1.7 Afspraken betreffende evaluatie gezinsplan.................................................................................9
2 Verantwoording en reflectie...............................................................................................................9
2.1 Doel 1..........................................................................................................................................10
2.2 Doel 2..........................................................................................................................................11
2.3 Doel 3..........................................................................................................................................12
2.4 Doel 4..........................................................................................................................................13
2.5 Integrale verantwoording...........................................................................................................14
2.6 Reflectie op professionalisering..................................................................................................14
2.7 Doelen zijn passend binnen juridisch kader................................................................................15
2.8 Doelen zijn passend binnen organisatorisch kader.....................................................................15
2.9 Gedwongen of vrijwillige kader..................................................................................................16
2.10 Goed genoeg ouderschap.........................................................................................................17
2.11 Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling..................................................................18
2.12 Beroepscodes...........................................................................................................................18
2.13 Feedback op het gezinsplan......................................................................................................23
2.14 Reflectie op mijn handelen binnen complexe opvoedsituatie..................................................24
3. Ethisch vraagstuk..............................................................................................................................25
4. Reflectieverslag invloed eigen socialisatie opgroeien en opvoeden.................................................28
Bibliografie............................................................................................................................................31
1
,Inleiding
In dit verslag beschrijf ik de stappen vanuit het gezinsplan volgens de uitwerkingen en leerdoelen van
de module. In dit verslag heb ik gebruik gemaakt van dezelfde casus als in 7.2.5 Richtlijnen Jeugdhulp.
In onderdeel één werk ik het gezinsplan uit betreffende aanleiding, doelen en netwerk en voeg ik het
onderdeel veiligheid toe.
In deel twee worden de richtlijnen en beroepscode uitgewerkt. Tevens worden de onderdelen
juridische kaders, de meldcode, goed genoeg ouderschap en wel of niet vrijwillige jeugdhulp
behandeld. Ook zal ik reflecteren op mijn eigen handelen.
In deel drie zal ik een ethisch vraagstuk betreffende de casus uitwerken en in deel vier is mijn
reflectieverslag invloed eigen socialisatie uitgewerkt.
2
, 1. Zorgplan van M.
1.1 Casus en aanleiding
M. is een jongen van 10 die met zijn moeder, stiefvader, halfbroer (21) en hond samenwoont. Zijn
biologische vader is niet in beeld; M. beschouwt zijn stiefvader als zijn vader. Hij heeft ADHD en
vertoont kenmerken van autisme, maar kreeg hiervoor geen officiële diagnose. Thuis is zijn gedrag
onvoorspelbaar en soms agressief, ondanks medicatie.
Op school functioneert M. beter. Hij kan zich goed concentreren bij interessante lesstof en
compenseert zijn gebrekkige focus met inzet. Hij heeft goede sociale vaardigheden en volgt de
klassenregels. Korte beweegmomenten helpen hem optimaal te functioneren. Ook op de
groepsopvang speelt hij sociaal met andere kinderen, luistert naar begeleiders en brengt creatieve
oplossingen in.
Thuis is de situatie gespannen door opvoedingsverschillen: moeder hanteert een zachte aanpak,
stiefvader een strenge. Ouders hebben vaak ruzie in M. zijn bijzijn en kampen beide met een burn-
out.
Moeder heeft moeite met het verwerken van een eerdere miskraam, wat spanningen vergroot.
Tijdens begeleiding is zij gaan praten met een rouwverwerkingstherapeut, later sloot stiefvader zich
hierbij aan. Dit hielp om frustraties te verminderen en toekomstgericht te denken.
M. zijn gedrag thuis kenmerkt zich door boosheid, frustratie en agressie. Hij schreeuwt, scheldt en
gooit met voorwerpen, soms dreigend met slaan of schoppen. Dit gebeurt ongeveer 2 tot 3 keer per
week. Hij heeft moeite met gehoorzamen en reageert met weerstand op verzoeken en grenzen.
Hierdoor mag M. bijvoorbeeld niet bij vriendjes spelen of op een sport. Stiefvader vreest escalaties
en dreigt met uithuisplaatsing.
Door M. zijn gedrag voelen ouders zich voortdurend gespannen en geven aan ‘op eieren te lopen’.
Stiefvader uitte aanvankelijk dreigementen met een corrigerende tik, wat vooral voortkwam uit
frustraties rondom de miskraam.
De halfbroer werkt veel en vermijdt vanwege de situatie thuis zo vaak mogelijk het gezin. Het gezin
beschikt over voldoende financiële middelen maar woont in een klein, verouderd huis zonder
mogelijkheden voor renovatie.
Moeder geeft aan er echt doorheen te zitten en vader heeft al meerdere keren gedreigd met een
scheiding.
Als ambulant begeleider bied ik ondersteuning aan dit gezin. Ik ga met gezin samen opzoek naar waar
er verbeterslagen kunnen worden gemaakt in de situatie thuis. Tevens begeleidt ik M. ook op de
zaterdagopvanggroep.
3