100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.2 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Burgerlijk procesrecht

Rating
4.0
(1)
Sold
7
Pages
40
Uploaded on
24-11-2020
Written in
2020/2021

Samenvatting voor Burgerlijk Procesrecht. Zelf had ik een 8 voor mijn tentamen. Ik hoop dat ik jullie hiermee verder kan helpen.

Institution
Course











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
November 24, 2020
Number of pages
40
Written in
2020/2021
Type
Summary

Subjects

Content preview

Samenvatting
Hoofdstuk 1: Kennismaking
1.1 Materieel en formeel burgerlijk recht
Publiekrecht = rechtsverhouding tussen overheid en burger

Privaatrecht (civiele recht / burgerlijk recht) = verhouding tussen burgers onderling

Rechtsgebieden  strafrecht, bestuursrecht

 Verbintenissenrecht, arbeidsrecht, ondernemingsrecht

Materieel burgerlijk recht  inhoudelijke rechten en plichten: rechtsregels om situaties,
rechtsverhoudingen en handelingen juridisch te definiëren en kwalificeren

Formeel burgerlijk recht  geeft antwoord op de vraag: welke procedureregels deze rechten en
plichten kunnen worden geëffectueerd.

- Gaat over de manier waarop de procedure moet worden gevoerd

Burgerlijk procesrecht  omvat vormvoorschriften en procedureregels waarmee een persoon in een
civiele procedure zijn materiële rechten en plichten kan effectueren, vast laten stellen, tot stand
laten brengen, wijzigen of beëindigen.



1.2 Functies van burgerlijk procesrecht
Handhaven en beïnvloeden van materiële burgerlijke rechten en plichten
Het burgerlijk procesrecht verschaft een persoon bepaalde middelen om zijn burgerlijke rechten en
plichten te realiseren en te beïnvloeden.

- Effectueren van rechten en plichten
- Vaststellen van rechten en plichten
- Tot stand brengen van rechten en plichten
- Wijzigen van rechten en plichten
- Beëindigen van rechten en plichten



Voorkomen van een gerechtelijke procedure
- Preventiefunctie
o Middelen die het burgerlijk procesrecht biedt, zoals het instellen van een vordering,
kunnen een preventieve werking hebben.
o Onder dreiging zijn van een gerechtelijke procedure zijn de mensen vaak nog bereid
om hun verplichtingen vrijwillig na te komen.
o Onder deze dreiging komen de partijen soms tot een oplossing buiten de rechter om,
want ze willen de kosten en tijd besparen.

,Voorkomen van eigenrichting
- Eigenrichting
o Houdt in dat een persoon zelf en met eigen middelen zijn recht gaat halen zonder
hulp van de overheid en zonder dat hem daartoe een wettelijke bevoegdheid is
gegeven.
o Wordt zoveel mogelijk voorkomen, want het burgerlijk procesrecht stelt middelen
tot handhaving van de civiele rechtsorde ter beschikking.



1.3 Bronnen van burgerlijk procesrecht
Rechtsregels zijn terug te vinden in:

1. Wetten
2. Internationale verdragen
3. Verordeningen
4. Jurisprudentie
5. Gewoonte
6. Algemene rechtsbeginselen
- Rechtsbron = vindplaats van een bepaalde rechtsregel



- Belangrijkste wetten voor burgerlijk procesrecht:
o Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv)
o Wet op de rechterlijke organisatie (Wet RO)
Verdragen spelen vooral een rol bij de tenuitvoerlegging van rechterlijke uitspraken in het
buitenland en het betekenen van processtukken aan een partij die in het buitenland woont.
- Verder speelt art. 6 Europees Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens en de
fundamentele vrijheden (EVRM) (fair trial)  ook een belangrijke rol.



1.3.1 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
- Bevat concrete regels voor het voeren van een procedure bij burgerlijke rechter.
- Geeft het wettelijke kader voor:
o Procederen bij de rechtbank, het gerechtshof en de Hoge Raad evenals voor de
tenuitvoerlegging van gerechtelijke uitspraken.
- Landelijke procesreglementen:
o Civiele dagvaardings-, verzoekschrift-, en kortgedingprocedures.
o Belangrijke nadere invullingen en praktische toepassingen van bepaalde regels uit
het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.

1.3.2 Wet op de rechterlijke organisatie
- Staat hoe de rechterlijke macht in Nederland is georganiseerd
- Zijn de organisatie, taken en bevoegdheden van de rechtbanken, gerechtshoven en Hoge
Raad in vastgelegd.



1.3.3 Internationale regelgeving
1. EEX-Verordening (herschikking) / Brussel l-bis

, - Verordening Europese Unie
o Is een besluit van de Europese Unie, dat rechtstreeks van toepassing is binnen alle
lidstaten en dat algemeen verbindende kracht heeft.
- Wordt bepaald welke rechter in burgerlijke en handelszaken in een Europees conflict
bevoegd is en op welke manier uitspraken van buitenlandse rechters in andere lidstaten
erkend en uitgevoerd worden.
- Op toepassing op procedures die na 10 januari 2015 zijn ingesteld.
- De oude EEX-Verordening zijn op toepassing van de procedures die voor 10 januari 2015 zijn
ingesteld.



2. EG-Bewijsverordening
- Beoogt de samenwerking tussen de gerechten van de lidstaten op het gebied van
bewijsverkrijging te verbeteren, te vereenvoudigen en te bespoedigen.
- Verordening Europese Unie



3. EG-Betekenisverordening
- Ziet op vergemakkelijken van de betekening en kennisgeving van stukken tussen de
verschillende lidstaten
- Is van kracht binnen de EU



4. Europees Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens en de fundamentele
vrijheden (EVRM)
- Tot stand gekomen binnen de Raad van Europa
- Doel: bereiken van een grotere eenheid tussen de lidstaten door het handhaven en verder
verwezenlijken van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden
- Uitgangspunt: de Universele verklaring van de Rechten van de Mens
- Nederlands burgerlijk procesrecht  vooral art. 6 EVRM van belang
o Fair trial



1.3.4 Jurisprudentie
- Veel wettelijke bepalingen eisen nadere invulling of aanvullen  gebeurt doordat de rechter
de wettelijke bepalingen aan vult in gerechtelijke uitspraken.
o Zo kan de rechter ook bepaalde rechtsregels interpreteren op een wijze die past bij
rechtsontwikkelingen die hebben plaatsgevonden.



1.4 Algemene uitgangspunten
Terug te vinden:

- Boek 1, titel 1, afdeling 3 Rv (art. 19 t/m 30 Rv: algemene voorschriften voor procedures)
- Art. 6 EVRM (recht op eerlijk proces)
- Grondwet
- Wet algemene bepalingen

, Recht op rechtspraak en rechtsbijstand
- Houdt in: door iedereen moet een geschil kunnen worden voorgelegd aan een
overheidsrechter en dat eenieder recht heeft op juridische bijstand in een procedure (art. 17,
18 en 112 Gw)
- Belangrijk gevolg: toegangsprincipe: iedereen moet toegang hebben tot de rechter en een
rechtsbijstandverlener, zoals een advocaat
- Gevolg hiervan: minder draagkrachtigen in beginsel recht op gesubsidieerde rechtsbijstand:
van overheidswege wordt hen een advocaat toegevoegd die hen zal bijstaan.
- Minder draagkrachtige burger hoeft slechts een eigen bijdrage te betalen  de Staat betaalt
een vergoeding aan de advocaat



Onafhankelijke en onpartijdige rechter
- Onafhankelijkheid  de rechter is geen verantwoording verschuldigd aan de overheid of aan
collega-rechters.
- Onpartijdigheid  de rechter oordeelt zonder zich te laten leiden door personen van de
procespartijen.
- Rechter moet objectief en onbevooroordeeld oordelen  als het ware ‘blind’ te werk gaan
o Symbool  blinddoek van Vrouwe Justitia
- Partij twijfelt aan onpartijdigheid ?  verzoek tot wraking van die rechter (art. 36 Rv)
- Verschoning: wanneer een rechter zelf van mening is hij in deze zaak niet onpartijdig kan zijn
en dan kan hij verzoeken zich laten vervangen door een andere rechter (art. 40 Rv)



Hoor en wederhoor
- Gelijkheidsbeginsel
- Houdt in: beide partijen moeten in de gelegenheid zijn hun standpunt naar voren te brengen
(art. 19 Rv)
- Houdt ook in dat de partijen de gelegenheid moeten krijgen om een reactie te geven op alle
informatie die de rechter gebruikt om tot een oordeel te komen  blijkt uit ‘googelende
rechter-arrest’ (zie bladzijde 22)



Behandeling en beslissing binnen redelijke termijn
- De rechter en partijen waken tegen onredelijke vertraging van de procedure (art. 20 lid 1 en
2 Rv)
- Bijvoorbeeld: duidelijke termijnen voor het indienen van processtukken



Openbaarheid van zitting en uitspraak
- Zittingen moeten in beginsel openbaar plaatsvinden (art. 27 lid 1 Rv)
- Uitzondering: wanneer de goede zeden, de openbare orde, de nationale veiligheid, de
belangen van minderjarigen, de bescherming van het privéleven van procespartijen of het
belang van een goede rechtspleging besloten behandeling noodzakelijk maken. (art. 27 lid 1
aanhef en sub a tot en met d Rv)
- Uitspraak moet ook in het openbaar (art. 29 lid 1 Rv)
o Geen uitzondering

Reviews from verified buyers

Showing all reviews
4 year ago

4.0

1 reviews

5
0
4
1
3
0
2
0
1
0
Trustworthy reviews on Stuvia

All reviews are made by real Stuvia users after verified purchases.

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
ScholierRechten Saxion Hogeschool
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
112
Member since
5 year
Number of followers
80
Documents
32
Last sold
6 months ago

3.2

9 reviews

5
1
4
2
3
4
2
2
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions