Ondernemingsrecht
College 1:
Alles in boek 2 is een rechtspersoon
Rechtspersonen én personenvennootschappen
Handelsregisterwet -> gebaseerd op het handelsregisterbesluit.
Welke rechtsvormen zijn er?
Waar vind je dat in de wet?
Hoe ziet de organisatie van die verschillende rechtsvormen eruit?
Drie hoofdthema’s:
1. Intern: structuur van organisaties, organen en onderlinge bevoegdheden
2. Extern: wie mogen voor de onderneming transacties sluiten? Rechtsverhoudingen met
derden.
3. Hoe zijn de verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid van de onderneming en belangrijke
functionarissen voor de gang van zaken in de onderneming uitgewerkt?
Rechtsvormen
Er is onderscheid tussen:
1. Rechtsvormen zonder rechtspersoonlijkheid:
- Eenmanszaak
- Personenvennootschappen (=contractueel verband). Dit is een maatschap (art. 7a: 1655
– 1688 BW), VOF (art. 15-34 WvK) en CV (art. 19 – 21 WvK).
2. Rechtsvormen met rechtspersoonlijkheid, ook welk rechtspersonen genoemd. Denk hierbij
aan een BV, NV, Vereniging, Stichting, coöperatie en onderlinge waarborgmaatschappij.
Rechtspersonen
Er zijn drie verschillende soorten rechtspersonen:
- Art. 2:1 BW – Staat, provincies, gemeenten, waterschappen
- Art. 2:2 BW – kerkgenootschappen
- Art. 2:3 BW – BV, NV, Vereniging, Stichting, coöperatie en onderlinge
waarborgmaatschappij.
Rechtspersoon wordt beheerst door:
- Incorporatieleer: land van oprichting
- Werkelijke zetelleer: land waar activiteiten plaatsvinden of waar feitelijke
hoofdzetel/bestuurscentrum gevestigd is.
Rechtspersoon is gelijkgesteld aan een natuurlijk persoon (tenzij de wet anders bepaalt, art. 2:5 BW) –
drager van rechten en plichten:
Kan een overeenkomst aangaan
Kan procederen en gedaagd worden
Kan strafbaar feit plegen (art. 51 Sr)
Boek 2 BW dwingend recht (tenzij wet anders bepaalt). Art. 2:8 BW redelijkheid en billijkheid:
- Gedragsnorm: rechtspersoon en degenen die krachtens wet of statuten bij zijn organisatie
zijn betrokken
- Kan bepaalde regels wet/statuten buiten toepassing laten zijn
Verschillen tussen rechtspersoon en personenvennootschap
- Aansprakelijkheid
- Opmaken, vaststellen en publiceren jaarrekening
, - Continuïteit van de onderneming
- Organen
BV/NV
- In overdraagbare aandelen verdeeld kapitaal
- Kapitaal (maatschappelijk, geplaatst, gestort, opgevraagd kapitaal)
NV: 45.000 euro
BV: geen minimumkapitaal
- Drie functies aandeel
- Aandelen: BV op naam (art. 2:175 BW) en NV: aandelen op naam en aan toonder (art.
2:82 BW). Aandelen aan toonder in de vorm van verzamelbewijs uitgegeven aan centraal
instituut of intermediair.
- Aandeelhouder niet aansprakelijk voor acties NV/BV (art. 2:64/2:175 BW): hoeft niet
boven nominale waarde aandeel te storten/hoeft niet in de verliezen BV/NV bij te dragen.
- BV/NV één aandeelhouder/meerdere aandeelhouders
- BV/NV: onderneming gelijk of meer dan 50 werknemers OR (art. 2 lid 1 WOR)
- Groep: een of meer BV/NV’s die samenwerken in economisch organisatorisch verband
(art. 2:24b BW).
- BV/NV structuurvennootschap (art. 2:263/153 BW): geplaatst kapitaal + reserves boven
de 16 miljoen, 100 werknemers bij BV/NV, OR krachtens wettelijke verplichting bij BV/NV.
- Beurs NV (Wft, corporate Governance Code, Noteringsovereenkomst en bijbehorende
beursregels).
Oprichting middels een notariële akte (art. 2:64/175 BW). Zie ook art. 2:4 BW). Statuten bevatten in
ieder geval de naam, zetel, doel vennootschap (art. 2:66/177 BW). Daarnaast sinds 1 januari 2024
mogelijkheid tot oprichting BV Online (art. 2:175a BW).
Vereniging
- Gericht op een bepaald doel
- Heeft minimaal twee leden
- Mag geen winst onder leden verdelen en doel mag niet zijn om uitkeringen aan oprichters
te doen (art. 2:26 BW)
- Lidmaatschap persoonlijk (tenzij statuten anders)
- Oprichting door vormvrije, meerzijdige rechtshandeling (art. 2:26 lid 2 BW)
- Kan geen registergoederen verkrijgen en kan geen erfgenaam zijn (art. 2:30 lid 1 BW)
- Bijzondere bestuurdersaansprakelijkheid (art. 2:30 lid 2 BW)
- Mogelijk: inschrijving handelsregister (art. 2:30 lid 3 BW)
- Oprichting bij notariële akte (art. 2:27 BW)
Coöperatie
- Bijzondere vorm van vereniging
- Doel: voorzien in stoffelijke behoefte leden
Aansprakelijkheid leden tenzij statuten anders:
- W.A. (Wettelijke aansprakelijkheid)
- U.A. (Uitgesloten aansprakelijkheid)
- B.A. (Beperkte aansprakelijkheid)
- Oprichting bij notariële akte (art. 2:53 lid 1 en 2:54 lid 1 BW)
- Oprichting door twee personen
- Meeste bepalingen inzake verenging ook van toepassing behalve winstuitkering verbod
(art. 2:53a BW)
Stichting
- Beoogt bepaald statutair doel te verwezenlijken
- Doel is niet een uitkering aan oprichters/leden organen/anderen (tenzij ideële of sociale
strekking)
- Geen leden
- Oprichting bij notariële akte of uiterste wilsbeschikking (art. 2:286 BW)
,Inschrijving handelsregister
- Handelsregisterwet/Handelsregisterbesluit
- Inschrijving ondernemingen (art. 2 Hrgb) en rechtspersonen (art. 6 Hrw).
- Verplichting van bestuurders of degene aan wie de onderneming toebehoort (Art. 18 Hrw)
- Inschrijving handelsregister geen oprichtingsvereiste. Gevolg bij niet inschrijving van
rechtspersoon: bestuurders hoofdelijk aansprakelijk (art. 2:29 lid 2 BW (jo 2:53a BW), art.
2:69/2:180 lid 2 BW en 2:289 lid 2 BW).
Hoofdelijke aansprakelijkheid NV/BV
- Bestuurders hoofdelijk aansprakelijk naast BV/NV voor rechtshandelingen in tijdvak vóór
eerste inschrijving in het handelsregister (Art. 2:69 lid 2 en 2:180 BW).
- Bij NV ook aansprakelijkheid indien: a. gestort kapitaal kleiner is dan het minimum
kapitaal. B. niet minimaal ¼ geplaatst kapitaal is gestort.
- HR 28 januari 2011, NJ 2011, 167 (Staalbankiers/Elko management)
Inschrijving handelsregister
- Derde mag vertrouwen op het handelsregister
- Onjuiste gegevens mogen niet aan derden worden tegengeworpen die van feiten
onkundig is: geen werking tegenover derden (Art. 25 Hrw).
Oprichtingsgebrek
- Geen deelname in kapitaal
- Statuten niet in overeenstemming met de wet
- Bankverklaring ontbreekt (2:93a BW, bij NV)
- Niet voldaan aan minimumkapitaalvereiste (art. 2:67 BW, bij NV)
- Gevolg: voor ontbinding vatbaar (art. 2:21 lid 1 sub a BW)
Rechtspersoon niet opgericht
- Niet bestaande rechtspersoon bij ontbreken (geldige) notariële akte (Art. 2:4 BW). Gevolg:
rechtspersoon bestaat niet. Bestuurder is hoofdelijk aansprakelijk in de periode dat de
rechtspersoon niet bestond (art. 2:4 lid 4 BW)
, College 2:
Rechtsvormen zonder rechtspersoonlijkheid:
- Eenmanszaak
- Personenvennootschappen (=contractueel verband)
Maatschap – art. 7A: 1655 – 1688 BW
VOF – art. 15-34 WvK
CV – art. 19 – 21 WvK
De contracten vallen onder BW 6: verbintenissenrecht
Eenmanszaak:
- Geen onderscheid privé en zakelijk vermogen
- Geen oprichtingsvereisten
- Wel inschrijving onderneming in handelsregister (art. 5 sub b Hrw)
Maatschap:
- Overeenkomst, waarbij twee of meer personen zich verbinden om iets in gemeenschap te
brengen, met het oogmerk om daaruit ontstaande voordeel met elkander te delen (art. 7A:
1655 BW)
- Beroepsuitoefening
- Grondslag in boek 7A BW
VOF:
- De vennootschap onder firma is de maatschap, tot de uitoefening van een bedrijf onder
gemeenschappelijke naam aangegaan (art. 17 WvK)
- Grondslag in boek 7A en WvK
- Bedrijfsuitoefening
Commanditair vennootschap:
- Een bijzondere vorm van een VOF
- Een of meer beherende vennoten en een of meer commanditaire vennoten (stille
vennoten, geldschieters) art. 19 WvK
- Alleen bedrijfsuitoefening
Oprichting personenvennootschappen:
- Oprichting door obligatoire, wederkerige overeenkomsten (art. 7A: 1655 BW, art. 16 WvK
en art. 19 lid 2 WvK)
- Overeenkomstenrecht van toepassing op de oprichting
- Vormvrij
- Bewijsvereiste bij VOF en CV (art. 22 WvK)
- Samenwerkingsvereiste
- Duurovereenkomst
Vermogen personenvennootschappen:
1. Inbreng:
Verplichting om iets in gemeenschap te brengen (Art 7A: 1655 BW en 7A: 1662 BW):
geld, goederen, genot, arbeid. Commanditair vennoot: geld, goederen: niet slechts arbeid.
2. Gebonden gemeenschap (Art. 3:166-188 BW)
3. Verhoging/verlaging inbreng vennoten?
Winst- en verliesverdeling:
- Afspraken in overeenkomst
- Geen afspraak in overeenkomst (art. 7A: 1670 BW):
Naar evenredigheid inbreng
Degene die alleen arbeid heeft ingebracht wordt gelijkgesteld met degene die het minste heeft
ingebracht.
- Geen uitsluiting van winst mogelijk, wel van verlies (art. 7A: 1672 BW)
College 1:
Alles in boek 2 is een rechtspersoon
Rechtspersonen én personenvennootschappen
Handelsregisterwet -> gebaseerd op het handelsregisterbesluit.
Welke rechtsvormen zijn er?
Waar vind je dat in de wet?
Hoe ziet de organisatie van die verschillende rechtsvormen eruit?
Drie hoofdthema’s:
1. Intern: structuur van organisaties, organen en onderlinge bevoegdheden
2. Extern: wie mogen voor de onderneming transacties sluiten? Rechtsverhoudingen met
derden.
3. Hoe zijn de verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid van de onderneming en belangrijke
functionarissen voor de gang van zaken in de onderneming uitgewerkt?
Rechtsvormen
Er is onderscheid tussen:
1. Rechtsvormen zonder rechtspersoonlijkheid:
- Eenmanszaak
- Personenvennootschappen (=contractueel verband). Dit is een maatschap (art. 7a: 1655
– 1688 BW), VOF (art. 15-34 WvK) en CV (art. 19 – 21 WvK).
2. Rechtsvormen met rechtspersoonlijkheid, ook welk rechtspersonen genoemd. Denk hierbij
aan een BV, NV, Vereniging, Stichting, coöperatie en onderlinge waarborgmaatschappij.
Rechtspersonen
Er zijn drie verschillende soorten rechtspersonen:
- Art. 2:1 BW – Staat, provincies, gemeenten, waterschappen
- Art. 2:2 BW – kerkgenootschappen
- Art. 2:3 BW – BV, NV, Vereniging, Stichting, coöperatie en onderlinge
waarborgmaatschappij.
Rechtspersoon wordt beheerst door:
- Incorporatieleer: land van oprichting
- Werkelijke zetelleer: land waar activiteiten plaatsvinden of waar feitelijke
hoofdzetel/bestuurscentrum gevestigd is.
Rechtspersoon is gelijkgesteld aan een natuurlijk persoon (tenzij de wet anders bepaalt, art. 2:5 BW) –
drager van rechten en plichten:
Kan een overeenkomst aangaan
Kan procederen en gedaagd worden
Kan strafbaar feit plegen (art. 51 Sr)
Boek 2 BW dwingend recht (tenzij wet anders bepaalt). Art. 2:8 BW redelijkheid en billijkheid:
- Gedragsnorm: rechtspersoon en degenen die krachtens wet of statuten bij zijn organisatie
zijn betrokken
- Kan bepaalde regels wet/statuten buiten toepassing laten zijn
Verschillen tussen rechtspersoon en personenvennootschap
- Aansprakelijkheid
- Opmaken, vaststellen en publiceren jaarrekening
, - Continuïteit van de onderneming
- Organen
BV/NV
- In overdraagbare aandelen verdeeld kapitaal
- Kapitaal (maatschappelijk, geplaatst, gestort, opgevraagd kapitaal)
NV: 45.000 euro
BV: geen minimumkapitaal
- Drie functies aandeel
- Aandelen: BV op naam (art. 2:175 BW) en NV: aandelen op naam en aan toonder (art.
2:82 BW). Aandelen aan toonder in de vorm van verzamelbewijs uitgegeven aan centraal
instituut of intermediair.
- Aandeelhouder niet aansprakelijk voor acties NV/BV (art. 2:64/2:175 BW): hoeft niet
boven nominale waarde aandeel te storten/hoeft niet in de verliezen BV/NV bij te dragen.
- BV/NV één aandeelhouder/meerdere aandeelhouders
- BV/NV: onderneming gelijk of meer dan 50 werknemers OR (art. 2 lid 1 WOR)
- Groep: een of meer BV/NV’s die samenwerken in economisch organisatorisch verband
(art. 2:24b BW).
- BV/NV structuurvennootschap (art. 2:263/153 BW): geplaatst kapitaal + reserves boven
de 16 miljoen, 100 werknemers bij BV/NV, OR krachtens wettelijke verplichting bij BV/NV.
- Beurs NV (Wft, corporate Governance Code, Noteringsovereenkomst en bijbehorende
beursregels).
Oprichting middels een notariële akte (art. 2:64/175 BW). Zie ook art. 2:4 BW). Statuten bevatten in
ieder geval de naam, zetel, doel vennootschap (art. 2:66/177 BW). Daarnaast sinds 1 januari 2024
mogelijkheid tot oprichting BV Online (art. 2:175a BW).
Vereniging
- Gericht op een bepaald doel
- Heeft minimaal twee leden
- Mag geen winst onder leden verdelen en doel mag niet zijn om uitkeringen aan oprichters
te doen (art. 2:26 BW)
- Lidmaatschap persoonlijk (tenzij statuten anders)
- Oprichting door vormvrije, meerzijdige rechtshandeling (art. 2:26 lid 2 BW)
- Kan geen registergoederen verkrijgen en kan geen erfgenaam zijn (art. 2:30 lid 1 BW)
- Bijzondere bestuurdersaansprakelijkheid (art. 2:30 lid 2 BW)
- Mogelijk: inschrijving handelsregister (art. 2:30 lid 3 BW)
- Oprichting bij notariële akte (art. 2:27 BW)
Coöperatie
- Bijzondere vorm van vereniging
- Doel: voorzien in stoffelijke behoefte leden
Aansprakelijkheid leden tenzij statuten anders:
- W.A. (Wettelijke aansprakelijkheid)
- U.A. (Uitgesloten aansprakelijkheid)
- B.A. (Beperkte aansprakelijkheid)
- Oprichting bij notariële akte (art. 2:53 lid 1 en 2:54 lid 1 BW)
- Oprichting door twee personen
- Meeste bepalingen inzake verenging ook van toepassing behalve winstuitkering verbod
(art. 2:53a BW)
Stichting
- Beoogt bepaald statutair doel te verwezenlijken
- Doel is niet een uitkering aan oprichters/leden organen/anderen (tenzij ideële of sociale
strekking)
- Geen leden
- Oprichting bij notariële akte of uiterste wilsbeschikking (art. 2:286 BW)
,Inschrijving handelsregister
- Handelsregisterwet/Handelsregisterbesluit
- Inschrijving ondernemingen (art. 2 Hrgb) en rechtspersonen (art. 6 Hrw).
- Verplichting van bestuurders of degene aan wie de onderneming toebehoort (Art. 18 Hrw)
- Inschrijving handelsregister geen oprichtingsvereiste. Gevolg bij niet inschrijving van
rechtspersoon: bestuurders hoofdelijk aansprakelijk (art. 2:29 lid 2 BW (jo 2:53a BW), art.
2:69/2:180 lid 2 BW en 2:289 lid 2 BW).
Hoofdelijke aansprakelijkheid NV/BV
- Bestuurders hoofdelijk aansprakelijk naast BV/NV voor rechtshandelingen in tijdvak vóór
eerste inschrijving in het handelsregister (Art. 2:69 lid 2 en 2:180 BW).
- Bij NV ook aansprakelijkheid indien: a. gestort kapitaal kleiner is dan het minimum
kapitaal. B. niet minimaal ¼ geplaatst kapitaal is gestort.
- HR 28 januari 2011, NJ 2011, 167 (Staalbankiers/Elko management)
Inschrijving handelsregister
- Derde mag vertrouwen op het handelsregister
- Onjuiste gegevens mogen niet aan derden worden tegengeworpen die van feiten
onkundig is: geen werking tegenover derden (Art. 25 Hrw).
Oprichtingsgebrek
- Geen deelname in kapitaal
- Statuten niet in overeenstemming met de wet
- Bankverklaring ontbreekt (2:93a BW, bij NV)
- Niet voldaan aan minimumkapitaalvereiste (art. 2:67 BW, bij NV)
- Gevolg: voor ontbinding vatbaar (art. 2:21 lid 1 sub a BW)
Rechtspersoon niet opgericht
- Niet bestaande rechtspersoon bij ontbreken (geldige) notariële akte (Art. 2:4 BW). Gevolg:
rechtspersoon bestaat niet. Bestuurder is hoofdelijk aansprakelijk in de periode dat de
rechtspersoon niet bestond (art. 2:4 lid 4 BW)
, College 2:
Rechtsvormen zonder rechtspersoonlijkheid:
- Eenmanszaak
- Personenvennootschappen (=contractueel verband)
Maatschap – art. 7A: 1655 – 1688 BW
VOF – art. 15-34 WvK
CV – art. 19 – 21 WvK
De contracten vallen onder BW 6: verbintenissenrecht
Eenmanszaak:
- Geen onderscheid privé en zakelijk vermogen
- Geen oprichtingsvereisten
- Wel inschrijving onderneming in handelsregister (art. 5 sub b Hrw)
Maatschap:
- Overeenkomst, waarbij twee of meer personen zich verbinden om iets in gemeenschap te
brengen, met het oogmerk om daaruit ontstaande voordeel met elkander te delen (art. 7A:
1655 BW)
- Beroepsuitoefening
- Grondslag in boek 7A BW
VOF:
- De vennootschap onder firma is de maatschap, tot de uitoefening van een bedrijf onder
gemeenschappelijke naam aangegaan (art. 17 WvK)
- Grondslag in boek 7A en WvK
- Bedrijfsuitoefening
Commanditair vennootschap:
- Een bijzondere vorm van een VOF
- Een of meer beherende vennoten en een of meer commanditaire vennoten (stille
vennoten, geldschieters) art. 19 WvK
- Alleen bedrijfsuitoefening
Oprichting personenvennootschappen:
- Oprichting door obligatoire, wederkerige overeenkomsten (art. 7A: 1655 BW, art. 16 WvK
en art. 19 lid 2 WvK)
- Overeenkomstenrecht van toepassing op de oprichting
- Vormvrij
- Bewijsvereiste bij VOF en CV (art. 22 WvK)
- Samenwerkingsvereiste
- Duurovereenkomst
Vermogen personenvennootschappen:
1. Inbreng:
Verplichting om iets in gemeenschap te brengen (Art 7A: 1655 BW en 7A: 1662 BW):
geld, goederen, genot, arbeid. Commanditair vennoot: geld, goederen: niet slechts arbeid.
2. Gebonden gemeenschap (Art. 3:166-188 BW)
3. Verhoging/verlaging inbreng vennoten?
Winst- en verliesverdeling:
- Afspraken in overeenkomst
- Geen afspraak in overeenkomst (art. 7A: 1670 BW):
Naar evenredigheid inbreng
Degene die alleen arbeid heeft ingebracht wordt gelijkgesteld met degene die het minste heeft
ingebracht.
- Geen uitsluiting van winst mogelijk, wel van verlies (art. 7A: 1672 BW)