Kleine Gedichten voor Kinderen
Schrijver
Hieronymus van Alphen (1746-1803) was een advocaat met een grote belangstelling voor juridische
zaken, theologie, kunst en literatuur. Hij beheerste meerdere talen, waaronder Latijn, oud-Grieks en
Frans. Zijn jeugd werd overschaduwd door verlies: hij verloor op jonge leeftijd zijn vader en beide
broers. Zijn stiefvader bood echter steun en zorgde voor een goede band.
Op zestienjarige leeftijd begon Van Alphen zijn rechtenstudie in Utrecht en vervolgde deze in Leiden.
Hij was een harde werker en hield zich afzijdig van het studentenleven. Na zijn studie vestigde hij zich
als advocaat in Utrecht, maar zijn praktijk kende weinig succes.
Zijn leven veranderde toen hij Johanna Maria van Goens ontmoette, met wie hij trouwde en drie
kinderen kreeg. Helaas overleed zij bij de geboorte van hun derde kind. Van Alphen verwerkte zijn
verdriet in een lang gedicht, dat veel aandacht trok. Hij besloot zijn kinderen zelf op te voeden,
omdat hij weinig vertrouwen had in het onderwijs van die tijd.
Omdat er nauwelijks geschikte kinderboeken bestonden, schreef Van Alphen zelf gedichten voor
kinderen. Deze eenvoudige versjes over dagelijkse moraal en situaties, zoals Jantje die geen pruimen
jat en de onverstandige mug, werden enorm populair en meerdere keren herdrukt.
Op latere leeftijd trouwde Van Alphen opnieuw en kreeg hij nog twee kinderen. Hij overleed in 1803
na twee beroertes. Hoewel zijn literaire werk als advocaat niet bekend is gebleven, zijn zijn
kindergedichten nog lang populair geweest en worden sommige tot op de dag van vandaag
herinnerd.
Samenvatting
Voorbericht
De schrijver zegt dat er te weinig literatuur is die kinderen opvoedt. Door deze verzen te lezen
kunnen kinderen door herhalend te lezen regels leren. Hij heeft de verzen geschreven voor zijn eigen
kinderen, maar brengt ze ook graag uit voor anderen. De stukjes zijn voor kinderen tussen de vijf en
tien, maar ook kinderen van onder de vijf kunnen al dingen meekrijgen. Ook kunnen vragen gesteld
worden aan ouderen door kinderen over de verzen. Benoemt dat hij geen roem gaat behalen met dit
boekje, aanleiding is zijn eigen kinderen en er is gebrek aan zulke stukjes taal (kindergedichten). Het
doet geen kwaad als een kind in aanraking komt met een kleine zwarigheid.
Aan twee lieve jongens
Zegt dat dit boekje voor hen is om zich te vermaken, maar eerst ter beloning een kusje of twee. Als
ze meer willen moeten ze daarom vragen.
Het kinderlijk geluk
Ik ben een kind geschapen en bemind door God. Alles is nog goed, ik heb een bed, eten en geen
zorgen. Ik zal hem prijzen.
De perzik.
Beloning van vader voor het leren en smaakt naar meer. Je wordt vrolijk als je goed leert.
De kinderliefde
Mijn vader is mijn beste vriend en als ik iets verkeerd doe, doe ik hem pijn.
Alexis
Heeft zusje lief, behalve als ze iets doet wat hij niet leuk vindt, dus is dat wel echte liefde?
De Ware rijkdom
Geld en eer boeit niet, wijsheid en Gods vriend zijn wel. Volg je God dan kom je in
de hemel.
, Het vrolijk leren
Leren is spelen en spelen is leren, ik ruil mijn priktol in voor boeken.
Het medelijden
Help iemand als die iets ondergaat als dat kan, als je erom lacht doe je het verkeerd. Je moet
medelijden tonen en de ander zijn last dragen.
De naarstigheid
Je moet niet te veel slapen en lui zijn, je kan je tijd beter besteden.
De spiegel
Je moet niet ijdel zijn en elke keer in de spiegel kijken. Kijk in de spiegel van God, die laat je hart zien.
Klacht van de kleine Willem op de dood van zijn zusje: Mensen kunnen zomaar sterven, ook jijzelf.
Het geschenk
Kijk uit naar het geven van een cadeau aan moeder voor haar verjaardag. Ook al is het niet zoveel als
andere, zijn broer in dit geval, geven, toch heeft hij haar evenveel lief.
Welkomstgroet van Klaartje voor haar kleine zusje
Welkom lieve zusje, ik zal met je spelen en ik zal je helpen. Moeder is zo goed want die geeft alles om
haar kinderen tevreden te houden.
De ledigheid
Niet lui zijn want het leven is al zo kort.
Het hondje
Mijn hondje is zo dankbaar, zo moet ik ook zijn. Het gebroken glas, een vertelling: Cornelis brak een
glas, maar wilde niet liegen. Hij biecht het op en de moeder wordt niet boos.
De godsdienstigheid
Ik pluk bloemen en draag er kransjes van om God te prijzen. Ik zing: Hemelkoning, laat mij niet
vergeten dat U dit heeft laten groeien!
De haas
Je moet dankbaar zijn met wat je hebt en niet alleen willen wat anderen hebben. Dan zul je hetgeen
dat je hebt ook verliezen.
De bedelaar
De bedelaar is evengoed als ik, God gaf mij alleen wat meer geld.
Een vertelling van Dorisje
Welk seizoen is het beste? Ze zeggen allemaal wat anders, maar je moet in alle seizoenen Gods
goedheid loven en tevreden zijn.
Jezus, een zangstukje
Jezus is een kindervriend, was hij nog maar op aarde. Vergeef onze fouten!
De drijftol
Ik moet mijn drijftol slaan voordat hij het doet, dus ik vraag om ander speelgoed. Als
ik nooit om slaag zou vrezen zou ik zelden
Schrijver
Hieronymus van Alphen (1746-1803) was een advocaat met een grote belangstelling voor juridische
zaken, theologie, kunst en literatuur. Hij beheerste meerdere talen, waaronder Latijn, oud-Grieks en
Frans. Zijn jeugd werd overschaduwd door verlies: hij verloor op jonge leeftijd zijn vader en beide
broers. Zijn stiefvader bood echter steun en zorgde voor een goede band.
Op zestienjarige leeftijd begon Van Alphen zijn rechtenstudie in Utrecht en vervolgde deze in Leiden.
Hij was een harde werker en hield zich afzijdig van het studentenleven. Na zijn studie vestigde hij zich
als advocaat in Utrecht, maar zijn praktijk kende weinig succes.
Zijn leven veranderde toen hij Johanna Maria van Goens ontmoette, met wie hij trouwde en drie
kinderen kreeg. Helaas overleed zij bij de geboorte van hun derde kind. Van Alphen verwerkte zijn
verdriet in een lang gedicht, dat veel aandacht trok. Hij besloot zijn kinderen zelf op te voeden,
omdat hij weinig vertrouwen had in het onderwijs van die tijd.
Omdat er nauwelijks geschikte kinderboeken bestonden, schreef Van Alphen zelf gedichten voor
kinderen. Deze eenvoudige versjes over dagelijkse moraal en situaties, zoals Jantje die geen pruimen
jat en de onverstandige mug, werden enorm populair en meerdere keren herdrukt.
Op latere leeftijd trouwde Van Alphen opnieuw en kreeg hij nog twee kinderen. Hij overleed in 1803
na twee beroertes. Hoewel zijn literaire werk als advocaat niet bekend is gebleven, zijn zijn
kindergedichten nog lang populair geweest en worden sommige tot op de dag van vandaag
herinnerd.
Samenvatting
Voorbericht
De schrijver zegt dat er te weinig literatuur is die kinderen opvoedt. Door deze verzen te lezen
kunnen kinderen door herhalend te lezen regels leren. Hij heeft de verzen geschreven voor zijn eigen
kinderen, maar brengt ze ook graag uit voor anderen. De stukjes zijn voor kinderen tussen de vijf en
tien, maar ook kinderen van onder de vijf kunnen al dingen meekrijgen. Ook kunnen vragen gesteld
worden aan ouderen door kinderen over de verzen. Benoemt dat hij geen roem gaat behalen met dit
boekje, aanleiding is zijn eigen kinderen en er is gebrek aan zulke stukjes taal (kindergedichten). Het
doet geen kwaad als een kind in aanraking komt met een kleine zwarigheid.
Aan twee lieve jongens
Zegt dat dit boekje voor hen is om zich te vermaken, maar eerst ter beloning een kusje of twee. Als
ze meer willen moeten ze daarom vragen.
Het kinderlijk geluk
Ik ben een kind geschapen en bemind door God. Alles is nog goed, ik heb een bed, eten en geen
zorgen. Ik zal hem prijzen.
De perzik.
Beloning van vader voor het leren en smaakt naar meer. Je wordt vrolijk als je goed leert.
De kinderliefde
Mijn vader is mijn beste vriend en als ik iets verkeerd doe, doe ik hem pijn.
Alexis
Heeft zusje lief, behalve als ze iets doet wat hij niet leuk vindt, dus is dat wel echte liefde?
De Ware rijkdom
Geld en eer boeit niet, wijsheid en Gods vriend zijn wel. Volg je God dan kom je in
de hemel.
, Het vrolijk leren
Leren is spelen en spelen is leren, ik ruil mijn priktol in voor boeken.
Het medelijden
Help iemand als die iets ondergaat als dat kan, als je erom lacht doe je het verkeerd. Je moet
medelijden tonen en de ander zijn last dragen.
De naarstigheid
Je moet niet te veel slapen en lui zijn, je kan je tijd beter besteden.
De spiegel
Je moet niet ijdel zijn en elke keer in de spiegel kijken. Kijk in de spiegel van God, die laat je hart zien.
Klacht van de kleine Willem op de dood van zijn zusje: Mensen kunnen zomaar sterven, ook jijzelf.
Het geschenk
Kijk uit naar het geven van een cadeau aan moeder voor haar verjaardag. Ook al is het niet zoveel als
andere, zijn broer in dit geval, geven, toch heeft hij haar evenveel lief.
Welkomstgroet van Klaartje voor haar kleine zusje
Welkom lieve zusje, ik zal met je spelen en ik zal je helpen. Moeder is zo goed want die geeft alles om
haar kinderen tevreden te houden.
De ledigheid
Niet lui zijn want het leven is al zo kort.
Het hondje
Mijn hondje is zo dankbaar, zo moet ik ook zijn. Het gebroken glas, een vertelling: Cornelis brak een
glas, maar wilde niet liegen. Hij biecht het op en de moeder wordt niet boos.
De godsdienstigheid
Ik pluk bloemen en draag er kransjes van om God te prijzen. Ik zing: Hemelkoning, laat mij niet
vergeten dat U dit heeft laten groeien!
De haas
Je moet dankbaar zijn met wat je hebt en niet alleen willen wat anderen hebben. Dan zul je hetgeen
dat je hebt ook verliezen.
De bedelaar
De bedelaar is evengoed als ik, God gaf mij alleen wat meer geld.
Een vertelling van Dorisje
Welk seizoen is het beste? Ze zeggen allemaal wat anders, maar je moet in alle seizoenen Gods
goedheid loven en tevreden zijn.
Jezus, een zangstukje
Jezus is een kindervriend, was hij nog maar op aarde. Vergeef onze fouten!
De drijftol
Ik moet mijn drijftol slaan voordat hij het doet, dus ik vraag om ander speelgoed. Als
ik nooit om slaag zou vrezen zou ik zelden