Inhoud
1. Wat is refereren? ............................................................................................... 2
1.1 Parafraseren............................................................................................... 2
1.2 Citeren ...................................................................................................... 2
2. Hoe refereren?...................................................................................................... 3
2.1. Geprefereerde referentiesystemen .................................................................. 3
2.1.1 APA .......................................................................................................... 3
2.1.1.1 Algemene principes – referentielijst ...................................................... 3
2.1.1.2 Algemene principes – tekstreferenties .................................................. 4
2.1.1 3 Algemene principes – referenties bij illustraties ..................................... 4
2.1.1.4 Vormgeving en referenties ................................................................... 4
2.1.2 V&A .......................................................................................................... 5
2.1.2.1 Algemene principes ............................................................................ 5
2.1.2.2 Algemene principes – referentielijst ................................................... 5
2.1.2.3 Algemene principes - voetnoten ........................................................... 5
2.1.2.4 Overkoepelende principes wetgeving en rechtspraak ............................ 6
2.1.2.5 Wetgeving .......................................................................................... 6
2.1.2.6 Voorbereidende werken ....................................................................... 6
2.1.2.7 Schriftelijke vragen en antwoorden ....................................................... 6
2.1.2.8 Rechtspraak ....................................................................................... 6
2.1.2.9 Overkoepelende principes rechtsleer ................................................... 7
2.2. Gecombineerd referentiesysteem ................................................................... 7
3. Waarom refereren? ............................................................................................... 8
3.1 Plagiaat........................................................................................................... 8
, 1. Wat is refereren?
2 manieren om bronnenmateriaal te verwerken:
1.1 Parafraseren
= woorden van andere auteur niet letterlijk overnemen, maar ideeën in eigen woorden weergeven
Duidelijk maken welke ideeën je hebt overgenomen en welke je zelf geformuleerd hebt
Bronvermelding:
> naar gehele bron
> naar 1 bepaald onderdeel: steeds specifieke paginanummers weergeven (Bv. bepaalde passage of hoofdstuk in boek)
Indirecte verwijzing:
duidelijk gemaakt dat je enkel de secundaire bron geraadpleegd hebt en dat deze
secundaire bron gebaseerd is op de vernoemde primaire bronnen
GOETHALS ET AL. P 10
APA-HANDLEIDING PP. 25-26
1.2 Citeren
Algemene regel = parafraseren, tenzij er een goede reden is om te citeren:
1) Omdat de oorspronkelijke uitdrukking veel betekenis zou verliezen door verwerking
2) Om nadruk te leggen op de zienswijze van auteur
3) Om eigen argumentatie te ondersteunen
Regels:
- Letterlijke overname
- Overname taal- en tikfouten
- Citaat in voor lezer toegankelijke andere taal: letterlijk overnemen
- Citaat in voor lezer niet toegankelijke andere taal: vertalen en regels van parafraseren
- Duidelijk maken in verwijzing/lay-out: dubbele aanhalingstekens OF aparte paragraaf
- Inkorten van citaat: … (APA) en (…) (V&A) of info toevoegen: […]
- Geen clichés of algemeen bekende waarheden
- Citaten niet uit context halen zodat betekenis verandert
- Relevantie moet duidelijk zijn
GOETHALS ET AL. P 11
KORT CITAAT < 40 woorden BLOKCITAAT >= 40 woorden
- W tss dubbele aanhalingstekens geplaatst. Referentie w - Volledig links inspringen op de volgende lijn en baken
na aanhalingstekens, maar voor leesteken geplaatst citaat af met dubbele aanhalingstekens. Behoud dezelfde
- Aangeraden om voor citaat verwijzing naar bron te interlinie als andere onderdelen van de tekst en voeg geen
plaatsen extra witruimte toe voor of na het citaat. De referentie
wordt na het leesteken geplaatst