Examen: BOEK EN SLIDES!
Geen data kennen, tenzij uitdrukkelijk gezegd
I. Begrip, kenmerken en soorten mensenrechten
A. Begrip mensenrechten
Mensenrechten volgens VN, Office of the United Nations High Commissioner for Human Rights:
- Mensenrechten moeten door iedereen kunnen worden uitgeoefend, op een gelijke wijze =
Toekennen van basisrechten
o Vb. Toekennen van basisrechten aan natuur; Dit kan in zijn geheel of op een bepaald
geval (Bepaalde rivier)
o Mensen = Natuurlijke personen
MAAR ook meer abstracte entiteiten mensenrechten kunnen hebben en
uitoefenen bv: Politieke partijen, bedrijven, religieuze instellingen, …
Filosofische betekenis:
- Mensenrechten als morele claims die door alle mensen kunnen worden ingeroepen.
Juridische betekenis:
- Mensenrechten als rechten vastgelegd in bronnen van het recht (positief recht).
Definitie van mensenrechten in de juridische betekenis:
- Inherente en universele rechten die de voorwaarden creëren en garanderen zodat individuen op een
vrije en waardige manier kunnen leven, ongeacht:
o Geslacht, nationaliteit, kleur, religie, taal, etnische afkomst, economische achtergrond, of
enige andere status.
Mensenrechten als overkoepelende term:
- Andere gelijkaardige termen:
o Internationale mensenrechten vs. nationale mensenrechten.
o Grondrechten of fundamentele rechten (in nationale grondwetten).
o Mensenrechten (voor individuen) vs. rechten van burgers (alleen voor burgers).
o Mensenrechten (individuele rechten) vs. volkenrechten (collectieve rechten).
Theorieën over mensenrechten:
1) Vrijheidstheorie:
o Ontstaan in common law-landen.
o Focus op vrijheid van individuen tegenover de staat; de staat moet zich
onthouden van inmenging.
2) Rechten-gebaseerde theorie:
o Personen hebben inherente rechten die de staat moet respecteren en
beschermen.
Beperkingen mensenrechten:
- Mensenrechten kunnen niet alles oplossen, vele mensen denken dat wel
B. Kenmerken van de mensenrechten
,Drie essentiële kenmerken van mensenrechten (Hunt):
1. Inherent karakter.
2. Gelijkheid.
3. Universaliteit.
1. Inherent karakter:
o Mensenrechten zijn eigen aan het mens-zijn; iedereen heeft ze ongeacht de politieke situatie
in een staat.
o Ze kunnen niet worden toegekend, maar alleen worden erkend en bevestigd.
o Mensenrechten zijn onvervreemdbaar:
Ze kunnen niet verloren gaan, er kan geen afstand van worden gedaan, en ze kunnen
niet worden afgenomen.
Niet alle mensenrechten zijn absoluut; ze kunnen onder bepaalde voorwaarden
worden beperkt.
o Dieren, natuur? Voorstanders: bv argentinie, equador, bolivie
Via de grondwet: Doormiddel van deze rechtspersoonlijkheid te geven (via
vertegenwoordiging)
1. New zeeland
Via de rechter
1. Colombia
Via de wet doet men dat ook
1. Spanje
o Kritiek: inflatie aan mensenrechten, te veel
Maar je moet meegaan in de tijd met de evoluties
2. Gelijkheid: (vloeit voort uit inherent karakter)
o Aangezien mensenrechten inherent zijn aan de mens, moeten ze voor iedereen gelijk
worden gegarandeerd, ongeacht:
Ras, kleur, geslacht, taal, religie, politieke overtuiging, afkomst, eigendom, of
andere status.
o Het gelijkheidsbeginsel vormt een van de belangrijkste basisprincipes van mensenrechten.
o Specifieke rechten voor kwetsbare groepen (bv. kinderen, vrouwen, inheemse volkeren) zijn
mogelijk binnen dit beginsel.
Het is niet zo omdat iedereen gelijk behoort te zijn dat er geen extra rechten vr
kwetsbare groepen mogelijk zijn.
3. Universeel karakter: (vloeit ook voort uit inherent karakter)
o Mensenrechten gelden voor iedereen, overal en altijd.
o Vaak gezegd dat het niet universeel is maar europees
C. Basisbeginselen als grondslag van mensenrechten
1. Gelijkheid
Belang van gelijkheid:
o Gelijkheid is een fundamenteel beginsel dat ten grondslag ligt aan de mensenrechten.
o Dit beginsel is opgenomen in verschillende mensenrechteninstrumenten, zoals de
Universele Verklaring van de Rechten van de Mens.
Functies van gelijkheid:
o Grondbeginsel: Gelijkheid wordt vaak in de preambule van internationale verdragen en
nationale grondwetten genoemd als een basisprincipe van het recht.
o Afzonderlijk recht: Naast de functie als basisprincipe is gelijkheid vaak opgenomen als een
zelfstandig recht, bijvoorbeeld het recht op gelijke behandeling en non-discriminatie.
,2. Menselijke waardigheid
Definitie van menselijke waardigheid:
o Dit beginsel verwijst naar de inherente waarde van elk individu, ongeacht afkomst, status of
overtuigingen.
o Derden hebben de plicht om de waarde van deze personen te respecteren.
Herkomst van het concept:
o Het idee van menselijke waardigheid is voortgekomen uit diverse juridische en culturele
tradities.
Functies van menselijke waardigheid:
o Grondbeginsel: Menselijke waardigheid vormt de basis van veel mensenrechten en komt
terug in belangrijke verdragen zoals de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens.
o Interpretatiebeginsel: Menselijke waardigheid wordt vaak gebruikt als leidraad bij de
interpretatie van specifieke rechten, bijvoorbeeld:
Verbod op foltering.
Verbod op onmenselijke en vernederende behandeling.
D. Soorten mensenrechten
1. Categorieën van mensenrechten
1.1. Burgerlijke rechten
Definitie:
- Rechten die de burger beschermen tegen onrechtmatig handelen van de overheid.
- Ook wel ‘afweerrechten’ genoemd.
- Oorsprong: Franse en Amerikaanse Revolutie (18e eeuw).
Voorbeelden:
- Recht op persoonlijke vrijheid, Recht op leven,Verbod op foltering, Recht op privacy
Voorbeeld ‘Recht op persoonlijke vrijheid’
- Tijd van FR Revolutie NA val van absolutisme
o TIJDENS Absolutisme had vorst bevoegdheid om Lettres de Cachet uit te vaardigen
Op eigen initiatief (van koning) bevoegdheden in eigen handen neemt zonder dat er
een wettelijk proces plaatsvindt
Vb. Koninklijke Gevangenis
Vrijheid werd op arbitraire wijze weggenomen
1.2. Politieke rechten
Definitie:
- Rechten die de burger in staat stellen deel te nemen aan het staatsgezag.
- Oorsprong: Franse en Amerikaanse Revolutie.
Voorbeelden:
- Recht op vrije en geheime verkiezingen, Recht op vrije meningsuiting, Recht op vereniging en
vergadering
1.3. Economische, sociale en culturele rechten
Definitie:
- Rechten die de overheid verplichten voorwaarden te creëren zodat burgers in waardigheid kunnen
leven. (dus zowel positief als negatief recht)
- Oorsprong: Mexicaanse, Russische en Ierse Revoluties (begin 20e eeuw).
Voorbeelden:
- Recht op behoorlijke huisvesting, Vrijheid van handel, Recht op culturele zelfexpressie
, 1.4. Solidariteitsrechten
Als er mondiale problemen zijn moeten die mondiaal kunnen worden opgelost via solidariteitsrechten
komt ook voort uit het kritiek van het zuiden dat mensenrechten te veel een individualistisch karakter
hebben
Definitie:
- Rechten met een collectief karakter, uitgeoefend door groepen om een bepaalde situatie in stand te
houden
- Deze rechten vereisen de medewerking van de internationale gemeenschap.
- Oorsprong: recent, voorgesteld in 1977.
Voorbeelden:
- Recht op vrede, Recht op ontwikkeling, Recht op een gezond leefmilieu
2. Generaties van mensenrechten
2.1. Eerste generatie-rechten
Burgerlijke en politieke rechten, ontstaan als reactie op vorstelijk absolutisme.
Oorsprong: Franse en Amerikaanse Revolutie.
beschermen van het indivedu tegen de OV, negatieve rechten, vrijheid
Problemen mbt rechten en verlichting: slavernij, racisme, discriminatie tege vrouwen klassiesme
Reactie tav eerste generatie-rechten
- Sos: tegen burgerlijke rechten van niet-inmenging van OV in basisrechten
• Dus pleiten vr actief optreden OV
• Marx
tweede generatie rechten: eco-soc rechten
2.2. Tweede generatie-rechten
Economische, sociale en culturele rechten.
Oorsprong: revoluties in Mexico, Rusland, Weimarrepubliek, en dekolonisatie.
positieve rechten
2.3. Derde generatie-rechten
Solidariteitsrechten, gericht op collectieve emancipatie en mondiale problemen.
- Ten aanzien van bepaalde groepen van personen een bepaalde globale toestand te waarborgen en
hebben een collectief karakter
Oorsprong: drang naar emancipatie van derdewereldlanden.
2.4. Vierde generatie-rechten
Rechten gerelateerd aan informatietechnologie, biotechnologie en de rechten van toekomstige generaties.
- Voorbeelden: recht op internettoegang, verbod op klonen, intergenerationele rechtvaardigheid.
nog niet algemeen aanvaardt
je kan mensenrechten onder verschillende generaties plaatsen bv eigendom: eerste: beschermen tegen
OV, geen inmenging, onteigening op rechtvaardige manier/ tweede: recht op een huis/ derde …
Recht op gezond leefmilieu: derde ja, globaal probleem, in afrika ja: justiciable (= inroepbaar bij
nationale rechtbanken), het recht op een gezond leefmilieu, in EU neen, maar wel tendenzen/ tweede: ja:
justiciable (via recht op eigendom, recht op leven, …)